9 oktober 2010

Peiling De Standaard/VRT: Marktleiderschap N-VA bevestigd (Hoegin)

De resultaten van de peiling die De Standaard en de VRT gisterenavond publiceerden bevestigen de resultaten van de laatste verkiezingen en de twee peilingen van concurrent La Libre Belgique eerder deze herfst: de N-VA blijft de onbetwiste marktleider in partijpolitiek Vlaanderen. Tegelijkertijd zijn er enkele opvallende verschillen met de peilingen van de concurrent. In het bijzonder over de evolutie van Vlaams Belang en de sp.a zijn de twee peilers het duidelijk niet eens.

Deze peiling werd afgenomen in een politiek zeer instabiele periode, en moet dus met het nodige voorbehoud benaderd worden. Zo trok de N-VA de stekker uit de preformatie toen ongeveer een derde van de peiling nog uitgevoerd moest worden, en van zulke gebeurtenis mag toch verwacht worden dat ze haar sporen nalaat bij de kiesintenties. Volgens het peilingsbureau TNS Dimarso was er echter geen verschil te zien in de kiesintenties van de Vlamingen voor en na, maar ik zou daar toch tegenover willen plaatsen dat daarvoor misschien enkele dagen bezinningstijd nodig zouden geweest zijn. Koning Albert II trok per slot van rekening toch ook enkele dagen uit, en heeft uiteindelijk zelfs een «verduidelijker» moeten aanstellen omdat hij kop noch staart aan de situatie kan krijgen.

Dat neemt niet weg dat de resultaten van deze peiling eigenlijk voor niet veel verrassingen zorgen, ook al doet men bij de twee media die de peiling betaalden hard zijn best om het tegendeel te bewijzen. Dat N-VA afgetekend aan de kop staat in partijpolitiek Vlaanderen, en er zelfs nog een beetje winst bijdoet sedert de verkiezingen van 13 juni wisten we reeds uit de twee peilingen van La Libre Belgique. CD&V blijft min of meer status quo, al betekende dat bij La Libre Belgique eerder licht verlies dan lichte winst. Het verschil bij de twee peilers zorgt er echter voor dat in een simulatie voor de zetelverdeling in het Vlaams Parlement het oude kartel van N-VA en CD&V nu een comfortabele meerderheid van 67 zetels zou halen. Zelfs in procenten halen de twee partijen samen nu een meerderheid, met 51,7% van de stemmen. Ander opmerkelijk feit: de N-VA scoort vandaag bijna een procent hoger dan het maximum dat het kartel CD&VN-VA ooit behaalde (32,7% op 25 november 2006 in een peiling van De Standaard en de VRT). Wie had het toen kunnen vermoeden?

Kijken we naar de andere partijen, dan blijkt dat De Standaard en VRT enerzijds en La Libre Belgique het eens zijn over de evoluties voor Open Vld (licht verlies), Groen! (status quo) en Lijst Dedecker (status quo ver onder de kiesdrempel), maar niet voor sp.a en Vlaams Belang. La Libre Belgique peilde voor sp.a eerst een behoorlijk verlies, vervolgens een licht verlies, terwijl De Standaard en de VRT de partij op een lichte winst zetten. Het verschil tussen de twee resultaten bedraagt ongeveer een foutenmarge. Voor het Vlaams Belang bedraagt het verschil een ruime foutenmarge: La Libre Belgique ziet voor de partij een status quo, terwijl De Standaard en de VRT een significant verlies meten. Wat moeten we daar als kijker/lezer van denken?

Ik denk dat voor beide partijen – en eigenlijk geldt de volgende conclusie al evenzeer voor CD&V en Open Vld – de resultaten van de peilingen bevestigen dat ze het op dit ogenblik absoluut niet goed doen, en dat er voor hen nog veel werk aan de winkel is. Partijvoorzitter Bruno Valkeniers van het Vlaams Belang bijvoorbeeld mag in zijn commentaar dan nog zeggen dat een kiescampagne al snel een paar procenten verschil zou kunnen maken, een zekerheid is dat absoluut niet. Andere partijvoorzitters troosten zich ongetwijfeld met dezelfde gedachte. Maar fundamenteler: het is duidelijk dat de N-VA er tijdens deze regeringsonderhandelingen goed in geslaagd is alle media-aandacht naar zich toe te trekken, en daarvoor ook beloond wordt in de peilingen. Een affaire zoals die rond Kim Geybels doet de partij trouwens geen averij oplopen. Voorlopig spelen de andere partijen alleen maar een bijrol in het hele verhaal, en zolang dat blijft duren en de N-VA geen grote flaters maakt, denk ik dat daar weinig verandering in zal komen.

Bovendien: het initiatief, dat in Vlaanderen al bij de N-VA lag, wordt nog eens nadrukkelijker bij die partij gelegd. Want kan en moet men zelfs de resultaten van deze peiling relativeren, het belang van de publicatie ervan mag niet onderschat worden, niet in het minst op de regeringsonderhandelingen. Er gaat immers een wereld van verschil tussen de publicatie van een peiling die de N-VA een derde van de stemmen geeft, en een andere die zegt dat de partij zelfs geen kwart meer zou halen. Wat dat betreft is het toch wel een bijzonder gelukkig toeval dat voor haar de resultaten in deze peiling gelijklopend zijn met die van La Libre Belgique. Het is daarmee alvast één zaak waarrond de koninklijke verduidelijker Bart de Wever voorlopig geen verdere duidelijkheid hoeft te scheppen.

Bijlage: Overzicht van alle peilingen in Vlaanderen sedert 2004 (PDF).

Labels: , , , , , , ,

Read more...

It's a MAD world.

Het volgende artikel is een reactie op een commentaar geplaatst op mijn voorgaande artikel op IFF. Een onbekende onder de bijnaam 'stopmilitarisering' kloeg dat ik geen moeite deed om iets te vertellen over het "waarom van dit [binnendringen v/d luchtmachtbasis Kleine Brogel] soort geweldloze acties". Iemand anders merkte terecht op dat 'stopmilitarisering' zelf niet eens de moeite deed om erover uit te weiden.
Tijd om het eens nader te bekijken, hiervoor hanteer ik twee berichten van vredesactie: de technische evaluatie van hun acties en het eigenlijke persbericht dat zij op 6 Oktober 2010 lanceerden.

1. Het waarom van de 'vredesacties' tegen Kleine Brogel, volgens vredesactie.

Het 'waarom' is gemakkelijk te identificeren aan de hand van de relevante persberichten rond dit laatste 'incident': "Met hun acties vragen de Bomspotters al lang dat de Belgische regering wat realiteitszin in de NAVO-discussie brengt en de onmiddellijke en onvoorwaardelijke terugtrekking van deze kernwapens realiseert.". (Persbericht Vredesactie, 6/10/2010). Om dit te bewerkstellingen dringen ze de luchtmachtbasis van Kleine Brogel binnen om te wijzen op de veiligheidsrisico's en de tekortkomingen van de beveiliging van KiBi.

Ze schuiven twee stellingen met diverse argumenten naar voor:

- Kernwapens: nutteloos.

Hierbij argumenteren ze dat "Amerikaanse tactische kernwapens in Europa geen enkel militair belang" meer hebben en vooral een kostelijke bedoening zijn. Zo ook voor Europese krijgsmachten die mensen & middelen moeten blijven investeren om de nucleaire capaciteit inzetbaar te houden.

Voorts argumenteren zij dat sommige NAVO-lidstaten deze kernwapens wensen te behouden omdat "...zij ontlenen prestige aan die wapens en hun machtsposities zou verkleinen met de terugtrekking van die kernwapens." (Persbericht Vredesactie, 6/10/2010). De blijvende aanwezigheid van deze kernwapens dient als symbool voor de concretisering van de transatlantische band.

- Kernwapens: gevaarlijk.

Onder deze titel ontwikkelt men een argumentatie dat Kernwapens enkel fungeren als machtssymbool en dat militairen verder niet willen investeren in de beveiliging van deze wapens, daarom bestaat er een gevaar. "Nog meer geld besteden aan veiligheid en bewaking van die kernwapens betekent nog meer geld verspillen om een nutteloze politiek voort te zetten. Het echte veiligheidsprobleem vormen de kernwapens zelf en ze terugtrekken is een veel goedkopere oplossing." (Persbericht Vredesactie, 6/10/2010).

Deze tactische kernwapens dienen ook te worden teruggetrokken om de Europese geloofwaardigheid rond Nucleaire Non-proliferatie en 'ontwapeningsverplichting' op te krikken.

2. Het waarom van de 'vredesacties' tegen Kleine Brogel, bedenkingen.

De motivering en gehanteerde argumentatie zijn niets nieuws noch verwonderlijk. Het past helemaal bij hun imago van Linkse Idealistische Wereldverbeteraars wellicht - in België - gevoed door een sterk Antiamerikanisme en Anti-transantlantisme gezien de gehanteerde argumentering. Het is duidelijk dat hun acties vooral gericht zijn tegen Amerikaanse Kernwapens in Europa, over de Europese strategische en tactische kernwapens zwijgt men zedig. In hun 'Wie zijn wij' verduidelijkt men nogmaals dat men zich gericht tegen Amerikaanse kernwapens en Amerikaanse oorlogsvoering. Het aantal acties tegen Britse en Franse kernwapens zijn nogal beperkt en komt vooral niet voor in hun argumentering of hun redenen van bestaan. Dit zijn de enige artikelen die ik terugvond op hun website rond Europes kernwapens: een 'eerste bomspotting' in Frankrijk anno 2006; een actie in het Verenigd Koninkrijk. Voorts lijken zij acties te ondernemen gericht tegen Israël (Brussels vakantiesalon - actie, actie tegen Dexia & Israëlische kolonisten.).

Het perverse aan hun acties is dat ze de Staat veel geld kosten omdat bij iedere grootschalige actie politie-agenten en andere versterkingen moeten aangerukt worden. Ze drijven hiermee zelf mee de kost op van de beveiliging van een site met kernwapens zonder dat deze kosten een structurele investering betekenen, daarnaast vormen ze hiermee een bedreiging voor de beveiliging van deze kernwapens. Hiermee wil ik niet gezegd hebben dat ze totaal nutteloos zijn...ze hebben bewezen dat er iets schort met de beveiliging van Belgische militaire basissen en dat zou gehanteerd mogen worden als een reden om het Defensiebudget te verhogen.

- Kernwapens: nutteloos.

Amerikaanse kernwapens in Europa zijn vooral ten koste van de Amerikaanse Staat. Zij zijn eigenaars van deze kernwapens, ze staan zelf in voor het onderhoud en de beveiliging van deze kernwapens. Belgische piloten zijn met F-16's - in geval van nood - wel inzetbaar met deze kernwapens.Voor hen is het gewoon het aanleren van extra procedures gerelateerd met het inzetten van dit soort wapen. Het is duidelijk dat de beveiliging op Kleine Brogel onvoldoende is en dat kost geld...geld dat er steeds minder is onder impuls van vooral de linkse partijen in België die telkens weer knippen in het Defensiebudget.

Ik betwijfel ten stelligste dat in België Kernwapens aanzien worden als een statussymbool of machtssymbool. Dat het herbergen van kernwapens een zekere machtspositie geeft geef ik gerust toe, en dat kan ook een positief gevolg hebben. Belgische F-16's kunnen enkel ingezet worden mits toestemming van de Belgische regering, de dag dat de Belgische regering toestemming geeft om Belgische F-16's in te zetten met Amerikaanse kernwapens is de dag dat de wereld echt vergaat.. Bovendien zou de inzet van Amerikaanse kernwapens vanuit België ons blootstellen aan mogelijke represailles, we hebben er dus alle baat bij om erop toe te zien wat er gebeurt met die tactische kernwapens op Belgisch grondgebied en desnoods hun inzet dwarsboomt.

Het terugtrekken van Amerikaanse tactische kernwapens verplaatst enkel het 'veiligheidsprobleem' die ze zelf aangeven en de kostvermindering voor de Belgische schatkist zal maar beperkt zijn. Het effect van een gedwongen terugtrekking van deze kernwapens zou daartegen een grotere negatieve financiële impact kunnen hebben dan de besparing dat deze zal opleveren. Een terugtrekking van deze kernwapens onder Belgische politieke dwang zal het signaal verzenden dat men minder om minder een trouwe NAVO-bondgenoot wenst te zijn, dat zal zijn economisch diplomatieke effecten hebben. We leveren nu al een minimale dienstverlening en investeren al minimaal volgens NAVO-normen.

Het politieke nut van kernwapens in het kader van een veiligheidsbeleid bestaat nog steeds, anders zou men zulke dure wapensystemen niet blijven handhaven. Zeker niet als er voldoende conventionele alternatieven zouden zijn die de defensieve macht en offensieve capaciteit van tactische kernwapens zou vervangen. Het is wel zo dat Kernwapens het soort wapensysteem vormt dat men het minst van al wenst in te zetten en waarvan men werkelijk hoopt dat men ze NOOIT zal moeten inzetten. We kunnen het type kernwapens indelen in twee groepen: Strategische kernwapens en Tactische kernwapens.

Strategische kernwapens zijn het minst van al politiek inzetbaar omdat zij ontwikkeld werden om op grote schaal hele gebieden te vernietigen, veelal om gehanteerd te worden in salvovuren...beter bekend als het Mutually Assured Destruction-doctrine (M.A.D.).

Tactische kernwapens hebben een beperktere nucleaire capaciteit en zijn vooral bedoeld om ingezet te worden tegen militaire installaties en grote vijandige militaire formaties, desnoods binnen het kader van Area Denial tactieken binnen een oude Koude Oorlog-doctrine.

Quasi niemand staat te springen om nucleaire wapens in te zetten, behalve goed doorgedraaide gekken, doorgaans zal men maximaal gebruik maken van conventionele wapensystemen om een vijand uit te schakelen voordat men grijpt naar kernwapens. Mocht men er niet in slagen de Iraanse nucleaire installaties te vernietigen met conventionele wapens - in geval van een luchtaanval - dan rest er enkel een nieuwe poging met nog meer conventionele wapens of in extremis een tactisch kernwapen als het werkelijk niet wil lukken... maar laat ons hopen dat het nooit zo ver komt.

Kernwapens hebben nog steeds hun nut als afschrikkingsmiddel maar men mag deze niet aanzien als een verzekering tegen alle soorten van gewapende conflicten. Kernwapens voorkomen vooral het potentieel aan wereldwijd & grootschalige oorlogsvoering tussen grootmachten en regionale machten, zij voorkomen grootschalige expansionistische strategieën.

Landen zoals China zouden in een kernwapenvrije wereld niets te vrezen hebben van een land zoals Rusland, met haar dunbevolkte grondstofrijke gebieden ten Noorden van China, gezien de beperkte Russische conventionele militaire capaciteit door het verval van de Sovjet-Unie. India en Pakistan zullen minder terughoudend zijn om met elkaar op grootschalige wijze in de clinch te gaan. Kernwapens hebben vooral een defensieve nut, behalve tactische kernwapens die een zeer beperkte offensief nut hebben.

Maar, zoals eerder aangegeven, kernwapens voorkomen kleinere conflicten niet. Georgië kon verwachten dat Rusland manu militari zou ingrijpen mocht haar intern conflict escaleren of re-activeren. Het Russische kernwapenarsenaal voorkwam de Georgiërs niet om alsnog de strijd aan te binden met haar opstandige gebieden dewelke bescherming genoten van Rusland. Het Amerikaanse kernwapenarsenaal had geen enkel nut noch afschrikkingsmacht op Communistisch Noord-Vietnam tijdens de Vietnamoorlog. Het had ook geen effect op Saddam Hoessein om terug te trekken uit Koeweit.

- Kernwapens: gevaarlijk.

Kernwapens zijn inderdaad wapens, aldus per definitie gevaarlijk. Alleen al daarom is het belangrijk te investeren in verschillende soorten van beveiliging om te voorkomen dat deze wapens instabiel zouden worden of dat men misbruik maakt van deze wapensystemen. Investeren in de beveiliging zou een natuurlijk gegeven moeten zijn ingegeven door een vorm van collectief zelfbehoud. Daarom dat ik ook akkoord ga met pogingen om het aantal strategische kernwapens te reduceren maar niet geloof in een kernwapenvrije wereld.

De verplaatsing van Amerikaanse tactische kernwapens gestockeerd in België wijzigt niets aan het beveiligingsdilemma rond kernwapens, net zoals het utopisch te geloven dat een kernwapenvrije wereld een veiligere wereld is. Het is zo dat Defensie gedwongen wordt te besparen onder duidelijke politieke impulsen waardoor men ook moet besparen op de beveiliging van militaire basissen waardoor men terugvalt op nucleus bewaking waardoor Bomspotters KiBi succesvol kunnen binnendringen. Ik zie daar een algemeen veiligheidsprobleem in dat vooral verbonden is aan het risico op terreuraanslagen, minder aan een veiligheidsrisico rond de kernwapens want ik ben er zeker van dat deze streng bewaakt worden.

Een verder probleem met hun Europese argumentering is net dat de Europese geloofwaardigheid rondom nucleaire ontwapening ongeloofwaardig is...Europa beschikt niet over een groots nucleaire arsenaal. Het Verenigd Koninrijk en Frankrijk beschikken soeverein over een beperkte nucleaire capaciteit, deze afbouwen is belachelijk en draagt in niets bij tot de wereldveiligheid. De Europese politiek rond nucleaire ontwapening is gericht op een reductie van de grote stocks aan kernwapens...van vooral Niet-EU landen.

De Europese geloofwaardigheid rond Non-proliferatie is niet verbonden met de aanwezigheid van Europese en Amerikaanse kernwapens op het Europese continent, het NPT is gericht tegen het verder uitbreiden van het aantal landen met een militair kernarsenaal...het is niet gericht tegen het bestaan van nucleaire wapens. De landen van het NPT-verdrag gaan ermee akkoord dat zij zelf geen militair nucleair onderzoek zullen verrichten noch hieromtrent hulp zullen bieden aan derden. Het zelf bezitten van kernwapens tast de geloofwaardigheid van het NPT niet aan, dat is een drogreden.

De auteur en kernwapens.

Ik zie nog steeds een nut voor het voortbestaan van Kernwapens. Ik geloof niet in een kernwapenvrije wereld omdat dit in mijn ogen de stabiliteit van de 'wereldvrede' grondig zal verstoren. Ik begrijp waarom grootmachten nog steeds kernwapens hanteren en waarom andere landen interesse hebben in de ontwikkeling van kernwapens. Het is vooral daarop dat men zich moet richten, tegen de militaire nucleaire proliferatie. Dat weerhoudt mij er niet van om te pleiten voor een reductie van het aantal strategische kernwapens en matiging rond het aantal gehanteerde tactische kernwapens.

Labels: , , , , ,

Read more...

7 oktober 2010

Kleine Brogel opnieuw binnengedrongen?

Gisteren werd een artikel in DS gepubliceerd rond de kernwapens in Kleine Brogel. De Bomspotters van Vredesactie beweren dat ze 15 van de 26 Hardened Aircraft Shelters (HAS) hebben bezocht. In het filmpje zijn beelden van Januari terug te vinden naast beelden van een andere 'tocht' toen er geen sneeuw meer lag. Als hun verhaal klopt dan verduidelijkt het filmpje dat er dringend nood is aan een verdere versteviging van de beveiliging op Kleine Brogel en mogelijk andere militaire basissen.





Interessant is dat ze gebruik maken van Amerikaanse documenten die meer informatie verschaffen over het gebruik van sommige HAS-installaties, hieruit leerden ze dat sommige HAS uitgerust zijn met speciale installaties voor de ondergrondse opslag van kernwapens [2:20 i/h filmpje]. Dit betekent niet dat zij binnendrongen in bunkers waarin actieve tactische kernwapens opgeslagen liggen, ook hun foto's bewijzen dit niet. Het zou niet verwonderlijk mogen zijn dat een groot aandeel van deze HAS-installaties een gelijkaardige 'nucleaire' installatie hebben als vorm van redudancy in het kader van een Koude Oorlog-beleid. Wat men voorts nog leert uit het filmpje is dat ze niet alle HAS-zones geïnspecteerd hebben.

Een onderwerp voor Parlementaire Vragen.

Het blijft opmerkelijk hoe ze erin slagen om telkens Kleine Brogel binnen te dringen, misschien moet Staatsveiligheid, al dan niet in samenwerking met militaire inlichtingen, eens meer middelen investeren in het infiltreren van deze geledingen en tijdig zulke acties trachten te dwarsbomen. Uiteindelijk gaat het hier om een bedreiging van onze nationale veiligheid. Het is ook eens tijd dat men vragen stelt over de Belgische inlichtingencapaciteit, in hoeverre is er hier sprake van een falen van de inlichtingendiensten?

Na de eerste indringing in Januari ging Defensie maatregelen nemen door verdere investeringen in veiligheidsinstallaties, terecht. In hoeverre hebben deze aanpassingen al plaatsgevonden? Is er effectief sprake van een nieuwe indringing na deze van Januari 2010? Zo ja, kan men er een datum op plakken? In het recente verleden waren er problemen rond de getalsterkte van het bewakingsdetachement van KiBi, werd dit al opgelost? Het zijn allemaal interessante vragen om in het Parlement te stellen.

Ik was bezig met dit dossier, de laatste maal dat ik rond deze materie werkte was op 5 Maart 2010 toen ik een schriftelijke vraag indiende rond het binnendringen van militaire basissen, beantwoord op 12/13 April 2010. Tien dagen later viel de regering...op 6 Mei werd de Kamer ontbonden. Vraag is nu wie de Minister van Landsverdediging hierover gaat 'aanpakken'. Vorige keer werd al verduidelijkt dat zulke acties onaanvaardbaar zijn, misschien moet men verduidelijken dat er iets meer budgettaire ruimte moet bijkomen.

Vredesactivisten en Terrorisme.

Hun filmpje is semi-professioneel gemaakt en ook het 'propaganda aspect' lijkt mij heel goed voorbereid doch iets te voorspelbaar. 'Proof of concept' dat terroristen een militaire basis zouden kunnen binnendringen en tactische kernwapens zouden kunnen misbruiken, gericht tegen onze eigen bevolking. Hadden ze nu ook foto's getrokken van een B-61 met hen allemaal zittend op het wapentuig dan zouden ze hun 'proof of concept' bewezen hebben.

Wat ze wel bewezen hebben is dat men de luchtmachtbasis van Kleine Brogel kan binnendringen en in de HAS-installaties kan geraken, dat baart mij zorgen. Een terroristische organisatie zou - succesvol - hetzelfde kunnen proberen gericht tegen de F-16's en de militaire centra op de luchtmachtbasis. Laat ons niet vergeten dat militairen van deze luchtmachtbasis ingezet worden/werden in Afghanistan. Terugslaan op hun thuisbasis, al dan niet in Mumbai-stijl aanvallen, zou een serieuze stunt betekenen & moreelbooster eerste klas.

Als inderdaad zou blijken dat men opnieuw is binnengedrongen op KiBi dan vrees ik dat men niet anders kan doen dan extra veiligheidsmaatregelen te nemen.

Extra beveiligingsmaatregelen, van Google Earth naar UGV's tot AP-mijnen.

Het filmpje en het voorval bewijst nogmaals het potentieel aan misbruik van programma's zoals Google Earth (en Maps). In sommige landen hanteert men digitale camouflagetechnieken om gevoelige installaties weg te vegen uit de satellietfoto's van Google Earth. Persoonlijk denk ik dat er een dringende nood is om militaire en andere installaties digitaal te bewerken op de beelden gehanteerd door programma's zoals Google Earth (e.a.). In België is hier al discussie rond geweest dat voornamelijk gericht was op de hoge resoluties van beschikbare beelden, indien ik mij niet vergis was dit een onderwerp van toenmalig Kamerlid Patrick De Groote (N-VA). Defensie had geen problemen met hoge resolutie beelden, ze waren van mening dat er nog geen dreiging uitging met de huidige beeldscherpte. Als men in België zou beslissen om GE te 'censureren' laat ons hopen dat we dit op een verstandige manier zullen doen door elementen weg te schilderen. De Luchtmachtbasis Kleine Brogel zou dan veranderen in een landelijke omgeving, in andere faciliteiten zou men elementen of sommige gebouwen kunnen camoufleren. ...niet zoals in het onderstaande voorbeeld waardoor je weet waar je moet gaan kijken:



Het nadeel van zo'n censurering van Google Earth is dat fractiemedewerkers niet langer de lay-outs van militaire basissen kunnen bekijken en de route van de Bomspotters op Kleine Brogel niet langer kunnen reconstrueren...zoals ik vorige keer deed.

Veiligheidsmaatregelen op het terrein zelf: De enige manier, zonder het gevoelig opdrijven van de getalsterkte van het bewakingsdetachement, is het bouwen van een bijkomstige bufferzone net achter de buitenste perimeter met een pak meer obstakels (prikkeldraad, enz). Alleen vormen obstakels en bufferszones vooral vertragingsmechanismen, zij stoppen een gedreven tegenstander niet. Het is net dat vertragende dat ervoor zou moeten zorgen dat een patrouille hen tijdig kan bemerken & onderscheppen. De inzet van Unmanned Ground Vehicles, zoals de Guardium UGV, zou een extra mobiele patrouilleversterking kunnen bieden dat ingezet zou worden in combinatie met een bemande mobiele interventieploeg.



Een extremere en wellicht meest afschrikwekkende oplossing is het aanleggen van bufferzones met obstakels aangevuld met antipersoonsmijnen, zoals toegelaten binnen Protocol II van het VN Convention on Certain Conventional Weapons (CCW). Alleen kan dit niet want België heeft het Ottawaverdrag, inzake de verbanning van gebruik & productie van antipersoonsmijnen, ondertekend en geratificeerd. Een 10-tal landen hebben Protocol II van het CCW geratificeerd en gebruiken AP-mijnen - zover geweten - louter voor defensieve doeleinden, om mensen uit bepaalde gevoelige zones te houden. Had België het Ottawaverdrag niet geratificeerd en had men in afgebakende zones bordjes met 'Achtung Minen' geplaatst dan had dit misschien voldoende afschrikwekkend geweest, hoewel men de gedrevenheid van de bomspotters niet mag onderschatten. Net als het onderschatten van het politieke effect mocht een bomspotter op een antipersoonsmijn springen...alleen zou het principe van zelfbehoud moeten voorkomen dat ze dan nog pogingen ondernemen om een militaire basis binnen te dringen.

Labels: , , , , , , ,

Read more...

5 oktober 2010

Joëlle en de Fehlleistung (vpmc)

.
Het Frans heeft zijn eigenaardigheden. De dubbele negatie is er een van.
De Romeinen zegden eenvoudigweg NON, als zij wilden zeggen dat iets niet waar was, of niet plaats had gehad en zo meer. Ze stonden bekend om hun brevitas. Ook vandaag ontmoeten wij nog geregeld de uitdrukking “quod non” in geschriften van kwaliteitsjournalisten. Zij bedoelen dan eveneens te zeggen dat iets niet het geval is, of nooit is geweest. Quod non komt tegenwoordig zelfs meer voor dan de kreet “pacta sunt servanda”, die je tot voor kort nog vaak zag staan. Die pacten hebben aan populariteit ingeboet is mijn indruk.
In het Frans, als Latijnse taal, volstaat het eenvoudige “non” ook vaak, bijvoorbeeld als antwoord op een vraag. Beetje brutaal klinkt dat, maar grammaticaal is er niets aan de hand. Toch zul je in een gewone zin altijd “ne …pas”, “non …pas”, “ne …rien”, “non …point” , “non …plus” en varianten hiervan ontmoeten.
Point n’est besoin d’espérer pour entreprendre, ni de réussir pour persévérer, zei zoals iedereen weet de Zwijger, waarbij we ook “ni” ontmoeten, als herbevestiging van zijn eerste “ne …point”.
Het woordje “ne” is te klein als negatie, en zou makkelijk verloren kunnen gaan, zodat er voor een goed begrip nog een tweede kleinigheid aan toegevoegd wordt, een stipje, een stapje of iets dergelijks.
Als je bijvoorbeeld niet graag broccoli eet, en je bent Fransman, dan zeg je: “Je n’aime pas les brocolis!”, terwijl bijvoorbeeld Bush jr.  –in een helder moment van hem–  kon volstaan met: and I don’t like broccoli!”.

Een minder helder moment had vanmorgen Joëlle Milquet, invitée de Matin Première bij de RTBf-radio, want daar riep zij de Franstaligen op tot capitulatie. Zij moesten het hoofd niet laten zakken, maar het zelfs verliezen! Dat moet een Freudiaanse verspreking zijn geweest, maar op zulke momenten ben ik geneigd om toch weer iets te zien in die oude Weense theorie.
Haar laatste dubbele negatie was wel correct, ne ...pas, maar misschien beheerst Joëlle toch beter de enkele negatie?



…ce qui se passe est grave. Ça c'est ...ça je pourrais pas faire autre chose que le reconnaître. Mais c’est pas pour autant que nous ne devons pas, nous, perdre notre sang-froid, notre calme, notre ténacité et surtout notre volonté de sortir les Belges de la crise.


.

Labels: ,

Read more...

4 oktober 2010

Le regard politique de Pierre Manent (vpmc)


Snel getranscribeerd, deze ochtend van France Culture, Répliques ...voor de belangstellenden. Alain Finkielkraut heeft een filosoof te gast, die onder meer benadrukt dat territoriale afbakening onontbeerlijk is.
En, misschien om onze simpele minister van onderwijs ter wille te zijn, geef ik ook een vertaling van het gesprek ...niet in zijn simpel Engels weliswaar (zoals deze simpele ministerziel het wellicht zou wensen) maar simpelweg in het Nederlands. Ook de eenvoudigen dienen wij immers te eren, zegt Matteüs 5; 3.

.

(12’55”)


Alain Finkielkraut: Nous voulons vivre aujourd’hui, notre humeur en tout cas est post-nationale, et vous l’avez décrite, donc je n’y reviens pas, mais est-ce que cela ne veut pas dire précisément que ce passé, ces anciennes propositions d’humanité sont oubliées, éclipsées, absentes? Dans la nation il y avait quelque chose de la cité grecque
Pierre Manent: Bien sûrbien sûr.

AF: Dans notre état, ou notre illusion post-nationale, que reste-t-il de la grande dynamique de l’Occident, que vous décrivez précisément, Pierre Manent?
PM: C’est il est très difficile d’être juste, parce que, d’abord nous sommes à la pointe extrême du présent, [oui] et, et la direction du mouvement est visible, mais, quelle issue trouvera-t-il? C’est très difficile de le dire. Ce qui me frappe aujourd’hui en Europe, c’est que il y a une sorte de perte de confiance radicale des Européens dans ...dans toute action commune en réalité, et on se plaint qu’il n y ait pas d’Europe politique, mais si j’ose dire, l’Europe est organisée pour qu’il n’y en ait pas, parce que les conditions de formation d’une action commune ont été systématiquement démantelées dans la dernière période. Les cadres dans lesquels une action commune aurait sens ont été progressivement démantelés, au profit, au profit d’une, comment dire, de l’abandon à un processus, ou à des processus qui devraient, par des mécanismes irrésistibles, produire une civilisation qui en quelque sorte préserverait les règles d’une vie commune, sans que les hommes soient obligés en quelque sorte de se gouverner eux-mêmes.
Il y a une confiance qui me parait démesurée et destinée à être très cruellement déçue, dans ce qu’on peut appeler une civilisation démocratique, où le progrès des mœurs démocratiques nous dispenserait de la nécessité de constituer des associations humaines, capables de se gouverner eux-elles-mêmes, et d’abord capables de se défendre elles-même. Donc je crois, si vous voulez, que nous sommes véritablement à la crête d’une grande illusion, mais qui est une illusion propre à l’Europe: les Etats-Unis ne la partagent pas, la Chine ne la partage pas, personne ne la partage dans le monde musulman, c’est une illusion très spécifiquement Européenne, une illusion d’une civilisation apolitique, et dont on peut d’ailleurs très aisément rappeler les conditions politiques. C’est dû à certaines conditions politiques très particulières à l’Europe, que l’Europe a l’illusion de pouvoir vivre hors des contraintes, grandeurs et misères du politique.

AF: Et donc de cette illusion, elle sortira à la faveur ou à la défaveur de l’Histoire semble-t-il. C’est l’Histoire qui risque un jour ou l’autre, et peut-être même un jour prochain de réveiller l’Europe. C’est ça qu’on peut penser, Pierre Manent?
PM: Ce qui me frappe c’est que l’Europe se construit comme si il n’y avait rien en dehors d’elle.

AF: Oui c’est sûr.
PM: Comme s’il n y avait pas d’extérieur, et toute sa tâche est une sorte de transformation intérieure, les progrès de la gouvernance Européenne. Nous, nous cultivons nos vertus. Nous cultivons nos vertus en supposant que l’exemple de nos vertus convertira bientôt le reste de l’humanité. Mais nous oublions que nos vertus sont à la merci du reste de l’humanité, et que nous n’assurons pas nous-mêmes la protection du cadre dans lequel nous les exerçons donc nous avons reculé, nous reculons indéfiniment le moment de prendre des décisions concernant notre relation avec le reste du monde. Et le signe le plus, si j’ose dire le plus étonnant, qui révèle en quelque sorte ce refus méthodique de prendre la moindre décision politique importante, c’est le refus de décider des limites de l’Union Européenne.

AF: …de l’Europe, oui.
PM: Le fait même que nous nous étendions indéfiniment c’est l’aveu –dont nous faisons gloire– que nous sommes incapables de nous définir comme corps politique. Et donc, nous, les limites, puisque ce n’est pas nous qui fixons nos limites, ce sont les autres qui se chargeront de les fixer, et peut-être dans des conditions qui ne nous plairont pas. Mais ce sera un peu tard.

AF: C’est la religion d’Humanité qui nous empêche de fixer ces limites, ou qui condamne de la manière la plus vive, ceux qui osent encore parler en termes de limites. Y aurait-t-il quelque chose comme une civilisation Européenne? et, disent-ils, délimiter c’est discriminer! Délimiter c’est exclure, donc l’unité de l’espèce humaine refuse toute séparation. Et là justement, je voudrais vous poser une question plus précise. Dans «La Raison des Nations» vous analysez, de manière je crois très juste, très pertinente, la signification profonde des attentats du onze septembre. Vous dites que l’information la plus troublante, apportée par l’événement, n’est pas tant la révélation paroxystique du terrorisme, mais plutôt ceci: l’humanité présente est marquée par des séparations bien plus profondes, bien plus intraitables que nous ne le pensions. On a abo... on a détruit le mur de Berlin, et puis tout d’un coup, le onze septembre, un autre mur s’est élevé. La question que je me pose c’est justement: comment penser ces séparations? Et je vous la pose à vous, parce que notamment dans «La Cité de l’Homme», vous critiquez la définition de l’Homme, comme Être de culture. Et votre fidélité à Leo Strauss, elle tient beaucoup dans cette très courageuse, très belle réhabilitation de l’idée d’une Nature humaine. Mais précisément, n’assiste-t-on pas à un choc des cultures, ou, pour reprendre la formule d’Huntington –qu’il a payé cher d’ailleurs– un choc des civilisations, et le politiquement correcte que vous décrivez très bien, ne constitue-t-il pas lui, précisément, à dire que: Non, il n y a rien de tel, et ce qui existe c’est l’Humanité. Et donc nous, comme vous le dites d’ailleurs, nous ne sommes pas libres de voir ce que nous voyons, parce que nous voyons ce choc des civilisations, et la religion de l’Humanité nous interdit de le voir, Pierre Manent.
PM: Une chose qui est très surprenante aujourd’hui, qui me surprend beaucoup, c’est l’horreur sacrée, il n’y a pas d’autre mot, l’horreur sacrée des frontières que beaucoup de nos concitoyens éprouvent. Les frontières leur paraissent un scandale. Moi au contraire, j’aime beaucoup les frontières…

AF: …moi aussi.
PM: Je trouve que passer une frontière, était il y a vingt ans, trente ans un des grands plaisirs du voyage. Et je dois dire aujourd’hui en Europe, je suis un peu frustré, même si c’est plus commode, je suis frustré que l’on ne passe plus de frontières. Pourquoi tracer une frontière entre une population et une autre, serait-il une offense pour l’une ou l’autre de ces populations? L’idée que chacun s’organise à sa manière et reconnait à l’autre, de l’autre côté de la frontière le droit de s’organiser à sa manière, ça me parait plutôt une des grandes inventions de la civilisation. Bien tracer une frontière, et chacun reste bien de son côté de la frontière, ça me parait un progrès de la civilisation.
Celui qui fait la guerre, ce n’est pas celui qui trace la frontière, c’est lui qui franchit la frontière. Donc il y a là quelque chose de très étrange, c’est complètement déraisonnable, donc il est clair qu’il y a un motif d’un autre ordre, à cette horreur de la frontière, et en effet, et en effet il y a cette idée que l’Humanité devrait être une. Mais il y a aussi autre chose, qui est plus …qui est très spécifique à l’Europe je crois, et c’est que –un sentiment étrange n’est-ce pas?– c’est que nous sommes tellement supérieurs aux autres que, n’est-ce pas, que si nous traçons une frontière qui les sépare de nous, et bien, nous leur faisons offense. Ça, c’est vraiment garder, si j'ose dire, le préjugé colonial, mais transformé dans un, dans le langage de la religion de l’Humanité. Or, si nous nous séparons des autres, les autres se séparent également de nous, et nous sommes égaux de part et d’autre de la frontière. Donc, c’était le premier point…

AF: Mais comment concilier, si vous voulez, l’idée d’une Nature humaine, ce n’est plus la religion de l’Humanité, c’est l’idée de Nature humaine, et, non seulement l’existence des frontières, mais surtout la différence, peut-être insurmontable, des civilisations, des cultures. Voilà la question que je vous pose parce que, bien entendu, je me la pose. Je trouve que c’est un grand progrès que d’être revenu en arrière, et d’avoir réhabilité cette notion de Nature, abandonnée d’une manière très cavalière par les sciences sociales, Pierre Manent.
PM: Je disais, «réaliser la nature humaine», mais précisément la nature humaine a une telle amplitude, a une telle amplitude que, elle ne se réalise pas comme un corps d’animal se développe, n’est-ce pas? Le signe de l’amplitude de la nature humaine c’est que l’homme ne peut pas s’abandonner à sa nature, il doit se gouverner lui-même. Il doit se gouverner lui-même, et donc il y a un grand nombre de modalités de gouvernement de soi, un grand nombre de régimes politiques, de régimes de l’humanité et donc déjà il y a ce principe de diversité, qu’il y a différents régimes politiques au sens large du terme ou au sens stricte du terme, et donc cela ouvre une grande diversité et donc différences, objections, et y compris guerres.
On sait bien que entre les régimes démocratiques et les régimes qui ne l’étaient pas, il y a eu des guerres. Les guerres en Grèce c’étaient pour une bonne part entre cités démocratiques et cités aristocratiques, donc voilà un principe de différence. Autre principe de différence, lié lui aussi à l’immense amplitude de la nature humaine: la nature humaine vise quelque chose de plus grand qu’elle, qu’elle appelle le divin, les dieux, le dieu, dieu que sais-je. Et dans son rapport à cette chose, qui existe ou qui n’existe pas, mais auquel l’humanité se rapporte –en un certain sens naturellement, car il y a toujours eu des religions, et je crois qu'il y en aura toujours– et bien, dans ce rapport au divin, les groupes humains prennent une certaine forme. Prennent une certaine forme, il y a donc des religions diverses. Et si vous ajoutez, on pourrait multiplier d’autres facteurs, les ressources économiques, la démographie, toutes sortes de choses dont s’occupent les différentes sciences, il n’est pas difficile si vous voulez, je crois il n’est pas si difficile que cela, de réconcilier l’idée d’une humanité commune, se réalisant, se concrétisant dans une grande diversité de formes. Mais, la conséquence est inévitable, ce qu’il faut immédiatement ajouter, c’est que ces formes sont fortes. C’est-à-dire que ces formes ne sont pas la forme que prend la pâte à modeler dans la main de l’enfant. Une fois que les cités, les églises, les civilisations ont pris une certaine forme, bien pour l’essentiel elles la gardent, n’est-ce pas? Elles la gardent, et donc les civilisations des sociétés qui ont pris des formes diverses, et bien, se rapportent à l’humanité, à elles-mêmes de façon différente, et donc cela crée des séparations, cela crée des malentendus, cela crée des conflits, cela peut créer des guerres. C’est dans l’ordre des choses, et, si j’ose dire, il faut évidemment en pratique s’efforcer au maximum de limiter les conflits, mais si j’ose dire, on ne peut pas, on ne peut pas supprimer la racine des conflits, parce que supprimer la racine des conflits, c’est supprimer la racine de l’humanité, puisque ça supposerait que les hommes cessent de se réaliser eux-mêmes dans des formes particulières.

____________________________________________

Alain Finkielkraut: Onze ingesteldheid is post-nationaal, of daar willen wij tegenwoordig in ieder geval naar leven. U hebt dit beschreven, ik kom er dus niet meer op terug, maar betekent dit precies niet dat dit verleden, de oude begrippen over de menselijke Natuur vergeten zijn, stilletjes verdwenen, afwezig? In het begrip natie zat iets van de Griekse stadsstaat…
Pierre Manent: Zeker …zeker.

AF: Wat blijft er nog over van de grote dynamiek van het Westen, in deze postnationale gesteldheid, of illusie, die u beschrijft, Pierre Manent?
PM: Moeilijk om hier een juist oordeel te geven, want dit zijn bijzonder recente ontwikkelingen en de richting van de beweging mag dan zichtbaar zijn, waar zal ze tenslotte op uitmonden? Dat valt moeilijk te zeggen. Wat mij vandaag in Europa treft, is dat er bij werkelijk elke gemeenschappelijke onderneming een radicale vertrouwensbreuk is bij de Europeanen, en dan klaagt men dat er geen Europese politiek bestaat, maar laat mij toe te zeggen dat Europa juist zo is ingericht om die tegen te gaan, want de voorwaarden om tot zulke gemeenschappelijke actie te komen, zijn de laatste tijd systematisch ontmanteld. Het kader waarbinnen een dergelijke actie zinvol zou zijn is geleidelijk aan ontmanteld, ten voordele van, hoe zal ik het zeggen, ten voordele van een of meerdere processen die onontkoombaar moesten leiden tot het ontstaan van een samenleving die min of meer gemeenschappelijke regels zou hebben, evenwel zonder dat de mensen verplicht zouden zijn om in enige mate zichzelf te besturen. Er lijkt mij een zeer bittere ontgoocheling te zullen volgen na het mateloze vertrouwen dat men stelt, in wat je een democratische beschaving zou kunnen noemen, waarin de voortschrijdende democratische zeden ons zouden ontslaan van de noodzaak om menselijke groepsverbanden te smeden, die zichzelf kunnen besturen en allereerst in staat zijn zichzelf te verdedigen. Ik geloof dus, als u me toestaat, dat wij werkelijk op de bergkam van een grote begoocheling staan, en wel een begoocheling die eigen is aan Europa: De VS delen die niet, China deelt die niet, niemand in de muzelmaanse wereld deelt die. Het is een zeer specifiek Europese illusie, deze illusie van een apolitieke beschaving, en het is trouwens heel eenvoudig om de politieke randvoorwaarden ervan aan te wijzen. Dat Europa de illusie koestert te kunnen bestaan los van de knelpunten, of de hoogten en laagten van de politiek, gaat terug op heel specifieke, politieke omstandigheden in Europa.

AF: En uit deze illusie zal het dus ook ontwaken, in gunstige of ongunstige omstandigheden, al naargelang het verloop van de Geschiedenis, zo lijkt het. De Geschiedenis zou van de ene dag op de andere, misschien wel een dichtbije dag, Europa kunnen wekken? Begrijpen we dat goed, Pierre Manent?
PM: Wat mij opvalt, is dat er aan Europa gebouwd wordt, alsof er daarbuiten niets bestond.

AF: Zoveel is zeker.
PM: Wij doen alsof er geen buitenwereld was, en alsof de volledige taak uit een soort inwendige omvorming bestond, namelijk de vooruitgang van het Europees bestuur, en wij gaan maar door met het cultiveren van onze deugden. Wij cultiveren onze deugden, in de veronderstelling dat het voorbeeld van onze deugdzaamheid binnenkort de rest van de mensheid tot inkeer zal brengen. Wat wij vergeten is dat onze deugden overgeleverd zijn aan de goede wil van de rest van de mensheid, en dat wijzelf geen bescherming bieden aan het kader waarbinnen wij de deugd beoefenen.
Bijgevolg hebben wij het moment uitgesteld, en blijven wij het uitstellen, om beslissingen te nemen over onze relatie met de rest van de wereld. Het opvallendste teken van deze weigering om ook maar de geringste politieke beslissing te treffen met toch enig gewicht, is, als ik dat zeggen mag, de weigering om een beslissing te nemen over de grenzen van de Europese Unie.

AF: …van Europa, ja.
PM: Het feit zelf dat wij maar blijven uitdeinen, zonder dat er een eind in zicht komt, houdt de bekentenis in –waar wij prat op gaan– dat wij niet in staat zijn onszelf als een politieke entiteit te definiëren. En bijgevolg, als wij het niet zijn die onze limieten vastleggen, zullen ànderen het op zich nemen om ze vast te leggen, misschien onder voorwaarden die ons niet zullen bevallen. Maar dan komen we iets te laat.

AF: Het is de Humaniteitsreligie die ons belet om deze grenzen vast te leggen, of die ten strengste hén veroordeelt die het nog aandurven om in termen van limieten te spreken. "Zou er zoiets bestaan als een Europese beschaving?" en, zeggen zij nog: "afbakenen is discrimineren!"
Afbakenen is uitsluiten, en de eenheid van de menselijke soort verzet zich tegen gelijk welke afscheiding. Net in dit verband zou ik u een meer precieze vraag willen stellen. U analyseert in “La Raison des Nations”, zeer correct en pertinent wat mij betreft, de diepere betekenis van de aanslagen van elf september. U zegt dat de meest verontrustende boodschap die deze gebeurtenis ons bracht, niet zozeer de paroxismale onthulling van het terrorisme was, maar eerder deze: de Mensheid vandaag is door scheidslijnen getekend die veel dieper en onverzettelijker zijn dan wij dachten. Men heeft de Berlijnse muur neergehaald en plots, als bij donderslag rees er op elf september een nieuwe muur op.
De vraag die ik mij nu stel is: wat te denken van deze scheidslijnen? En ik stel aan u de vraag omdat u, meer bepaald in “La Cité de l’Homme”, de kritiek maakt van de definitie van de mens, als zijnde een cultureel wezen. Uw gehechtheid aan de denkbeelden van Leo Strauss speelt hier een rol, bij dit zeer moedige en zeer mooie eerherstel voor het begrip menselijke Natuur.
Maar niettemin, maken wij hier niet een botsing van de culturen mee? om de uitdrukking van Huntington te hernemen –uitdrukking die hij trouwens zwaar heeft moeten bekopen– een botsing van beschavingen? En de politiek correctheid, die u zeer goed beschrijft, bestaat die er precies niet in te zeggen: “Nee, zo is het niet, het enige wat bestaat is de Mensheid”. En dan staat het ons niet meer vrij, zoals u trouwens opmerkt, om te zien wat wij zien, want wat wij zien is de botsing der beschavingen, en het is de Mensheidsreligie die ons verbiedt dit te zien, Pierre Manent.
PM: Zeer merkwaardig in onze tijd, ik vind het behoorlijk merkwaardig, is de heilige afschuw, er is geen ander woord, de heilige afschuw voor grenzen, die veel van onze medeburgers voelen. Grenzen zijn een schande lijken zij te vinden. Ik integendeel, ben zeer gesteld op grenzen…

AF: …ik ook.
PM: Voor mij was, twintig, dertig jaar geleden, het passeren van een grens één van de grote genoegens van het reizen. En ik moet bekennen dat ik mij in Europa tegenwoordig een beetje gefrustreerd voel, zelfs al brengt het een zeker comfort mee, gefrustreerd omdat je geen grenzen meer hebt om over te steken.
En waarom zou het een vergrijp zijn tegen deze of gene bevolking, als er een grens getrokken wordt tussen een bevolking en een andere? De idee dat elkeen zijn boontjes dopt op zijn eigen manier, en het recht erkent van de andere, aan de overkant van de grens, om hetzelfde te doen, lijkt me net een van de grote verworvenheden van de beschaving. Een goede scheidslijn trekken, waarbij elk netjes aan zijn eigen kant blijft: dat lijkt mij een stap vooruit voor de beschaving.
De oorlogsstoker is niet diegene die de scheidslijn trekt, het is diegene die de lijn overschrijdt. We hebben hier dus te maken met iets heel eigenaardigs, iets volslagen onredelijks. Klaarblijkelijk spelen hier beweegredenen van een andere orde, bij deze afschuw voor grenzen, en inderdaad, inderdaad is er de idee dat de Mensheid één geheel moet vormen. Maar er speelt nog iets anders, dat meer …dat meen ik zeer specifiek Europees is, en dat is –hoe vreemd ook, nietwaar?– dat wij zodanig superieur zijn aan alle anderen, nietwaar, dat wij door een grens te trekken die deze anderen van ons scheidt, wij hen beledigen. En dat, sta mij toe, komt neer op de instandhouding van koloniale vooroordelen in een ander gedaante, vertaald in termen uit de Mensheidreligie. Terwijl, als wij ons afscheiden van de anderen, die anderen zich ook van ons afscheiden, en wij aan beide kanten van de grens als gelijken zijn. Dat was dus mijn eerste punt…

AF: Maar hoe kun je, als u het goedvindt, de idee van een menselijke Natuur, niet langer de Mensheidsreligie, maar de idee van een menselijke Natuur, in overeenstemming brengen, niet enkel met het bestaan van grenzen, maar vooral met de misschien onoverbrugbare verschillen tussen beschavingen en culturen? Dat is de vraag die ik u wil stellen, omdat ik ze vanzelfsprekend aan mijzelf ook stel. Ik vind het een sterke vooruitgang om een pas terug te zetten, en de notie Natuur te rehabiliteren, die door de humane wetenschappen op een erg ongegeneerde manier opzij was gezet, Pierre Manent.
PM: Mijn uitdrukking was “de menselijke natuur ontwikkelen”, maar u begrijpt dat die menselijke natuur een zo groot veld beslaat, zulke amplitude bezit dat zij zich niet ontwikkelt zoals een dierlijk lichaam tot wasdom komt. Het kenmerk van deze amplitude van de menselijke natuur, bestaat er net in dat de mens zich niet zomaar kan overgeven aan zijn natuur. Hij moet zichzelf besturen. Hij kan er niet buiten zichzelf te besturen, en dus bestaat er ook een waaier van vormen van zelfbestuur, een groot aantal politieke regimes, door de mensheid voortgebracht. Het principe van de diversiteit is dus meteen gegeven. Er zullen verschillende politieke regimes voorkomen, term in brede of enge zin genomen, en dus is er een grote diversiteit, en bijgevolg ook aanleiding voor geschillen, tegenwerpingen, oorlogen inbegrepen.
We weten allemaal dat er tussen democratische regimes en andersgezinde regimes oorlogen voorkwamen. De Griekse oorlogen gingen grotendeels tussen democratische steden en aristocratische steden, dus daar hebben we al één punt van onderscheid. Een ander punt, dat ook weer verband houdt met de menselijke natuur: de menselijke natuur mikt altijd op iets hogers dan zijzelf, en dat andere heet dan het goddelijke, de goden, de god, god weet ik veel. En in hun verhouding tot dat andere, dat bestaat of niet bestaat, maar waar de mensheid zich toe verhoudt –in zekere zin van nature toe verhoudt, want religies zijn er altijd geweest en zullen er altijd zijn meen ik– welnu, in hun verhouding tot de godheid, gaan mensengroepen een bepaalde vorm aannemen. Ze nemen een bepaalde vorm aan, en dus zijn er ook verscheiden religies. En het gaat verder, je zou andere factoren kunnen toevoegen, economische rijkdommen, de demografie, allerhande zaken waar de verschillende wetenschappen zich over buigen. Ziet u, het is geen probleem, helemaal niet zo moeilijk dunkt me, om zich te verzoenen met de idee van een gemeenschappelijke mensheid die zich ontwikkelt, concretiseert in een grote veelheid van vormen. Maar dan komt onvermijdelijk de gevolgtrekking: je moet onmiddellijk er ook bij zeggen dat die vormen stevig zijn. Die vormen laten zich niet boetseren zoals de kneedpasta waar kinderen mee werken. Zodra hun steden, kerken, beschavingen een bepaalde vorm hebben aangenomen, behouden ze die vorm in essentie ook, zo is het toch?
Ze behouden hem, en de samenlevingsverbanden van die gemeenschappen, die verschillende vormen hebben aangenomen, verhouden zich tot de mensheid als geheel, en ook tot zichzelf op een verschillende manier, en dat brengt onderscheiden mee, dat zorgt voor misverstanden, dat creëert conflicten, dat kan oorlogen creëren. Zo is het eenmaal en in de alledaagse praktijk moet men zich natuurlijk tot het uiterste inspannen om de conflicten binnen de perken te houden, maar als ik dat mag zeggen, wat je niet kunt bereiken is het uitroeien van de wortel van deze conflicten, want met het vernietigen van de wortel van deze conflicten, zou je ook de wortel van het mens-zijn zelf aantasten, want dat zou inhouden dat de mensen ermee ophouden om zichzelf te zijn, in hun onderscheiden vormen.
.



Labels: , , , , ,

Read more...

1 oktober 2010

Hoe meet je een redelijk compromis ?

Werd U ook om de oren geslagen met de mantra dat de N-VA niet tot compromissen bereid en zelfs niet in staat is, en dat de Franstalige partijen al zo verschrikkelijk veel hebben toegegeven en de Vlaamse partijen, of althans N-VA en CD&V nauwelijks iets ? In het bestek van een opiniestuk kan ik U, beste lezer, natuurlijk geen gedetailleerde analyse geven van die zogenaamde toegevingen of gebrek eraan, of liever een weerlegging van die onzin. Maar misschien kan ik wel even de kromme redenering blootleggen die wordt gebruikt.

De meest voor de hand liggende methode om compromisbereidheid en toegevingen te meten is om uit te gaan van de partijprogramma's waarmee de partijen naar de kiezer zijn gegaan en te meten hoeveel daarvan ze opgeven in de onderhandelingen.
Tussen de programma's van de N-Va en de PS gaapt een kloof waarbij andere scheidslijnen in het niet verzinken: aan de ene kant een onafhankelijk Vlaanderen met opslorping van het Brussels gewest, aan de andere kant een verhoging van de geldstromen naar het Zuiden, een uitbreiding van Brussel en een Wallo-Brux-constructie waaruit de Vlaamse gemeenschap wordt weggezuiverd. En toch is het niet zo moeilijk om te bepalen wat er zich halfweg bevindt: een halvering van de federale bevoegdheden, een halvering van de transferten en een status-quo voor Brussel. En het is niet de N-VA die die 'redelijkheid' niet wil aan de dag leggen, dat is overduidelijk.

Ja maar, zal U mij zeggen, je mag dat zo niet meten: de N-VA vraagt immers vooral dingen die Vlaanderen niet heeft en de PS wil vooral behouden wat er is. Moeten we voor een redelijk compromis niet de "winst" meten die elke partij maakt ? Wel, ook dit is een legitieme oefening, op voorwaarde dat men ze correct maakt. En dat houdt twee dingen in. Primo is een bevoegdheidsoverdracht die in beide richtingen bijkomende bevoegdheden geeft bij zo'n berekening een nuloperatie. Beide partijen krijgen immers exact hetzelfde, en dit kan in dit perspectief dus niet als een toegeving van de ene aan de andere worden gerekend. En de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde dan, zal U zeggen, is dat geen 'winst' voor de Vlamingen waar een compensatie tegenover moet staan ? Hola, weer een perverse rekenfout. Als men wil nagaan wie iets 'krijgt', moet men vanzelfsprekend uitgaan van de wettige toestand en mag men het verlies van een onrechtmatige feitelijke toestand natuurlijk niet meetellen. De kieskring BHV is onwettig omdat hij discriminerend is, en het opheffen daarvan kan in dit tweede rekenperspectief dus al evenmin als een franstalige toegeving worden aangerekend.

Wat onze N-VA-bashers aan francobelgische of flandrobelgische kant evenwel doen, is beide methodes voor de berekening van toegevingen door elkaar gebruiken om zo tot de conclusie te komen dat enkel de Franstaligen toegevingen doen, terwijl een correcte berekening precies het tegenovergestelde toont. Die redenering met de Franse slag komt uiteindelijk op hetzelfde neer als de eeuwige discutant die aan zijn gesprekspartner voorstelde om 'het gelijk eerlijk te verdelen': 'als we het eens zijn, heb jij gelijk, en als we het oneens zijn heb ik gelijk'.

(deze tekst verscheen onder een andere titel in Doorbraak oktober 2010)
Read more...

29 september 2010

Het verdriet van Vlaanderen

Als antwoord op onderstaande post. Sorry, kan wegens uitgebreidheid hier niet volledig gepubliceerd worden:

Over collaboratie, repressie, en de noodzaak tot wedersamenstelling van een collectief geheugen
(Johan Sanctorum)

De nieuwe diffamatiecampagne vanuit de francofone hoek tegen Bart De Wever, over wiens familiale stamboom een bruinzwarte geur zou hangen, brengt, tussen het uitzichtloze gehakketak van de preformatie, nog eens het collaboratiethema onder de aandacht.
En dan lopen de emoties hoog op, wat goed is voor de politieke temperatuur in een klimaat waar doorgaans alleen nog over punten en komma’s wordt gediscussieerd....
Read more...

26 september 2010

Collabo...

Bij de Franstalige politieke partijen ontstond er enige wrevel naar aanleiding van een column geschreven door Bart De Wever waarin het collaboratieverleden ter sprake kwam. Eigenlijk ging de essentie van zijn column erom dat men moest ophouden de Vlaamse ontvoogding steeds weer te willen koppelen aan het collaboratieverleden, dat men beter - langs Franstalige zijde - eens in eigen boezem zou kijken en meer zou investeren in hun eigen collaboratieverleden. Bovendien werd aan de vooravond van de formatiegesprekken het amnestiedebat op tafel gegooid door Barones Kieboom. Het oorlogsverleden en specifiek de amnestiekwestie blijven gevoelige politieke elementen.

Sinds de uitspraken van Barones Kieboom heb ik meermaals nagedacht over een mogelijke 'politieke oplossing' voor het amnestiedebat mocht dat politiek gewenst blijken, een compromis. De column van Bart De Wever vormt voor mij een aanknopingspunt om het onderstaande artikel uit te schrijven. Er is volgens mij een noodzaak om voor eens en altijd het amnestiedebat tot een einde te brengen. Het amnestiedebat vormt volgens mij het laatste hoofdstuk om komaf te maken met het foute Vlaamse oorlogsverleden dat tegelijk de Franstaligen ertoe zou dwingen hun eigen fout oorlogsverleden onder ogen te zien.

Het collaboratieverleden, een politieke haarfijne breuklijn.


Het collaboratieverleden blijft tot op heden een moeilijk & gevoelig onderwerp, vooral dan het aspect 'amnestie'. Het blijft een politieke splijtzwam, een haarfijne politieke breuklijn dat openbarstte in 1951 met de Koningskwestie. Simpel gesteld, het gros van de Franstaligen stemden tegen de terugkeer van Koning Leopold III op de troon omwille van zijn collaboratieverleden, tegen een meerderheid Vlamingen voorstanders van de terugkeer van Leopold III op de troon. Het is tijdens deze crisis dat - volgens mij - vooral het beeld ontstond van de Vlaamse collaborateur en de Franstalige verzetsheld. De Vlamingen steunden de collaborateur Leopold III terwijl de Franstalige in het eeuwige verzet bleef.

Sommigen verklaren de demarche van Barones Kieboom als een poging om die communautaire breuklijn te dichten ten einde meer eenheid te brengen tussen de gemeenschappen. De verzoening rond het oorlogsverleden zou de motor moeten worden voor verdere communautaire verzoeningen. Alleen geloof ik niet dat het oplossen van de amnestiekwestie ineens aanleiding zou geven tot een 'totale communautaire verzoening'.

Tot op heden blijft er bij sommige Franstalige politici en media een noodzaak om alles wat Vlaams is in verband te brengen met de collaboratie. Het laatste voorbeeld hiervan was de RTBF-reportage waarvan Bart De Wever gewag maakte in zijn column, bij het graf van zijn vader werd hij gelinkt aan het VNV-verleden van zijn grootvader. De enige manier waardoor dit zou kunnen ophouden is door de Franstaligen zelf te confronteren met hun eigen oorlogsverleden, door middel van het 'amnestiedebat' kan men hen hiertoe dwingen.

Het probleem met amnestie voor collaborateurs uit WOII.


Het 'amnestiedossier' slaat - zoals ik het begrepen heb - op personen die blijvend gestraft werden, wegens collaboratie, door het ontnemen van politieke- & burgerrechten nadat ze hun gevangenisstraf uitzaten. Het probleem met een amnestieregeling is dat de straffen en veroordelingen van de betrokken personen zouden worden kwijtgescholden, alsof ze nooit iets verkeerd hebben gedaan. Het is verstaanbaar dat een amnestieregeling moeilijk ligt voor de Joodse gemeenschap en anderen die rechtstreeks getroffen werden.

Een amnestieregeling ontneemt voor de slachtoffers - uit dezelfde maatschappij - de voldoening van de bestraffing die de veroordeelden opliepen. Er is een noodzaak aan een element van bestraffing maar ook aan een element van rehabilitatie van de veroordeelden. Sommigen hebben tot op heden nog steeds geen politieke rechten of vinden dat ze te zwaar gestraft werden, soms zijn het de nazaten die van mening zijn dat hun ouders te zwaar gestraft werden. Een politieke geste vanwege de maatschappij zou hen moeten rehabiliteren of nazaten voldoening moeten geven om een einde te stellen aan hun misnoegdheid.

Eigenlijk is een bestraffing gevolgd door een verzoening een normaal fenomeen dat men kan terugvinden bij andere maatschappijen in conflictsituaties. In Colombia kunnen rebellen die zich vrijwillig overgeven gerehabiliteerd worden in de Colombiaanse maatschappij nadat ze hun straf uitzaten, tijdens hun strafperiode kunnen ze een opleiding volgen die hun re-integratie zou moeten vergemakkelijken. Hun rebellenverleden wordt hen vergeven waarna ze volledig kunnen deel uitmaken van de Colombiaanse maatschappij. Na bestraffing, verzoening.

De enige manier - die ik kan bedenken - om sommige van deze mensen (psychologisch) te kunnen rehabiliteren binnen onze maatschappij is door middel van een gratieverlening. Bij een gratieverlening schort men de lopende strafuitvoering op en schenkt de maatschappij vergiffenis aan de veroordeelden, zonder dat hun veroordelingen of uitgezeten straffen helemaal uitgewist worden.

Mocht men gratieverlening overwegen voor de personen die veroordeeld werden voor collaboratie tijdens WOII dan lijkt het logisch dat men dit zou doen op individuele basis, dossier per dossier, behandelt in het parlement net als naturalisaties. Het lijkt ook logisch dat personen die handelingen hebben gesteld die neerkomen op misdaden tegen de menselijkheid geen gratie verleent kunnen worden, daarbij denk ik o.a. aan jodenvervolgers. Sommigen stellen dat de collaborateurs zelf stappen moeten zetten om vergeving & vergiffenis te vragen, als dit een essentieel politiek punt zou worden dan kan men als voorwaarde stellen dat de betrokken personen zelf of hun nazaten gratie moeten aanvragen.

Dit lijkt mij de beste manier om een einde te brengen aan de amnestiekwestie en tegelijk de Franstaligen ertoe aanzetten om zelf komaf te maken met hun collaboratieverleden doordat men ook de dossiers van de Franstalige collaborateurs zal moeten behandelen. Er blijft echter wel nog een amnestiekwestie over dat opgelost dient te worden dat dateert uit de periode van de Eerste Wereldoorlog.

Amnestie voor veroordelingen door de Krijgsraad in WOI...

Onlangs las ik het boek 'De dood met de Kogel. Elf arme drommels ten onrechte gefusilleerd?' geschreven door Siegfried Debaeke (2008). Zoals de titel het al doet vermoeden gaat het om de executie van 10 Belgische militairen nadat ze ter dood veroordeeld werden door de Krijgsraad in WOI, vooral de manier waarop men tot deze uitspraken kwam, de gehanteerde procedures, hoe men onterecht bepaalde juridische teksten hanteerde, in welke mate een verdediging mogelijk was...komt ter sprake in dit boek.

Kortom, het boek verduidelijkt dat een reeks van deze doodstraffen eigenlijk buiten proportie en onterecht waren, buiten de gevallen waarbij de verdachte anderen vermoorden - zoals bij Alfons Van Herreweghe (6-7-1915, Wulpen) & Aloïs Wulput (3-6-1918, Koksijde). Hoewel de procedure en rechten van verdediging wellicht ook bij hen geschonden werd.

Het gaat in het boek enkel om de effectieve ter dood veroordeelden die geëxecuteerd werden en geen gratie verkregen. Daarnaast zullen er nog talloze dossiers zijn waarbij Belgische militairen veroordeeld werden op een onrechtvaardige manier...een rechtstaat onwaardig. Deze dossiers zullen eveneens herzien moeten worden, daarbij dient te worden nagegaan of er geen onrecht werd aangedaan. Onterechte veroordelingen & opgelegde straffen moeten dan ook worden kwijtgescholden & uitgewist, dat kan enkel via een amnestiemaatregel.

Het boek schenkt ook aandacht aan politieke handelingen, na de eerste wereldoorlog, rond deze specifieke executiedossiers en die van anderen - door de krijgsraad - veroordeelden die na 1918 nog een straf uitzaten. Er kwam een beperkte amnestieregeling voor Belgische oudstrijders die veroordeeld werden voor misdrijven tegenover de vijand en die hun straf nog uitzaten na het einde van de eerste wereldoorlog, over hen praat men niet meer want ze werden 'gerehabiliteerd'. Voor de tien geëxecuteerden kwam er nooit een gratieverlening, geen amnestie en blijft eerherstel uitgesloten omdat de veroordeelden dat uiteraard zelf niet meer kunnen vragen.

Spirit-Kamerlid Lionel Vandenberghe was blijkbaar het laatste kamerlid die iets deed rond deze dossiers. Hij vroeg in 2007 aan Minister van Landsverdediging Flahaut of de regering een gratie overwoog, deze kwestie was "...momenteel niet aan de orde..." volgens de toenmalige minister van Landsverdediging (aldus Debaeke,2008: pp 158). Minister Onkelinx zou in 2003 - in antwoord op een vraag van VB-senator Buysse - geantwoord hebben dat er toen enkel sprake was van "rechtsgeldig vonnis of arrest, op grond van de wettelijke bepalingen die toen terzake en in de toenmalige stand van kracht waren." (Debaeke, 2008:pp.158).

Aan de vooravond van de 100ste herdenking van de Eerste Wereldoorlog kan het interessant zijn zich eerst te richten op de dossiers van de Belgische geëxecuteerden en de wantoestanden binnen het Belgische leger in 1914-18.

Labels: , , , , , , , ,

Read more...

Jacques Vergès te biecht bij de RTBf (vpmc)

.
De Franse strafpleiter Jacques Vergès werd in het koninkrijk Siam geboren, de 5de maart van 1925. Ofwel een jaar eerder, de 20ste april van 1924, want zijn jongere broer Paul werd ook geboren in maart 1925. De registers van het koninkrijk waren niet feilloos.
In ieder geval,Vergès is deze week voor vier dagen in Brussel en hij geeft er elke avond een Conférence.  De RTBf-radio profiteerde daar natuurlijk van om hem voor de microfoon te halen in hun middagmagazine Culture Club. Thema van het gesprek vrijdag, was de schaduwkant die volgens Vergès in elke mens zit, la part d’ombre.
Hieronder een fragmentje uit dat gesprek, en u zult merken dat de octogénaire Vergès nog heel grappig is, en bijgevolg heel ernstig. Ik vertaal hem ook, want zijn spreeksnelheid is even hoog als altijd, en dus een stuk hoger dan die van bv. onze eigen Vermassen, die met zijn gezeur over parachutes weer van de microfoons niet is weg te slaan.



Je ne suis pas parfait, ma part d’ombre je vous l’avouerai. C’est qu’il y a en moi un pouvoir de mépris très grand. Souvent quand les gens m’insultent, je ne me mets pas en colère, je pense en moi-même: «pauvre type». Et cela va assez loin.
Or en ce moment nous sommes envahis par des humanitaires, bon, ils ont perpétuellement le discours humanitaire à la bouche, et perpétuellement ils sont à la poursuite des gens. Je disais à un ami, membre de la Ligue des Droits de l’Homme, je disais « c’est curieux, votre ligue à été fondée pour défendre un accusé, et aujourd’hui c’est vous qui cherchez les accusés, qui les rabattez vers le procureur, et qui en même temps s’indigne que le procureur ne poursuit pas tout le monde. Et, je me rappelle un jour, un soir avoir fait une très mauvaise action, avoir dit à un de ces prétendus humanistes : «Ton humanitarisme, c’est une boutique, tu n’y crois pas toi-même. Ce que vous faites est ignoble. Vous prétendez défendre les Droits de l’Homme, et vous empêchez qu’on puisse penser différemment de vous.» Et je sais que depuis il est perpétuellement triste. Je l’ai découvert, je lui ai fait comprendre qu’il était un pauvre type, et je pense que de ma part [...c’était sa part d’ombre à lui, oui... –RTBf]] …que de ma part c’était une mauvaise action.


Ik ben niet volmaakt, en zal u bekennen wat mijn schaduwkant is. Het is zo dat er in mij een bijzonder groot vermogen tot misprijzen zit. Vaak als mensen mij beledigen, maak ik mij niet kwaad, ik denk bij mijzelf: “sukkel”. Dat gaat soms ver.
Kijk, tegenwoordig zijn wij vergeven van de “humanitairen”, bon, eeuwig hebben die de mond vol van humanitaire kletspraat, en eeuwig achtervolgen zij de mensen. Ik zei aan een vriend, lid van de Liga voor de Mensenrechten, ik zei hem: “Het is toch gek, uw liga is opgericht om een beschuldigde bij te staan, en de dag van vandaag zijn jullie het die de beschuldigden gaan zoeken, en hen naar de procureur drijven, en die tegelijk verontwaardigd zijn als de procureur niet iedereen vervolgt.
En ik herinner mij dat ik op een dag, op een avond iets heel lelijks heb gedaan, door aan één van die zogenaamde humanisten te zeggen: “Die humanitaire denkbeelden van je, dat is een rommeltje. Je gelooft er niet eens zelf in. Wat je doet is onwaardig. Je beweert dat je de Rechten van de Mens verdedigt, en je belet dat een ander anders zou denken dan jij.” En ik besef dat hij sindsdien voortdurend triestig is. Ik heb hem ontmaskerd, en hem doen inzien dat hij een sukkel was, en van mijn kant was dat [...dat was zijn schaduwkant, ja... –RTBf] denk ik iets lelijks.
.

Labels: , , , ,

Read more...

22 september 2010

Hoe de N-VA zich deze week heeft laten rollen (Hoegin)

Minder dan 24 uur na het overleg tussen Bart de Wever en Elio di Rupo werd al duidelijk dat de partijvoorzitter van de N-VA zich meesterlijk heeft laten rollen. Het zijn immers Elio di Rupo, zijn PS en België die zich met de high-levelgroep een week tijd hebben gekocht, terwijl de N-VA eigenlijk niets meer te winnen had. De Franstaligen tonen daarmee aan dat ze hun les uit 2007 geleerd hebben, terwijl de N-VA blijkbaar nog steeds in Belgische sprookjes wil blijven geloven.

Gisteren ging de zogenaamde high-levelgroep die zich zal buigen over de financieringswet aan de slag in de Kamer met een eerste vergadering. Maar wat is eigenlijk het mandaat van die groep? Volgens De Standaard moet de groep «de discussie over de financieringswet […] aanvatten, ‘zowel over de inhoud van de principes, als de gevolgen van de opties die in aanmerking kunnen worden genomen’». Lees: er zal over vanalles en nog wat gepalaverd worden, en dat minstens – niet hoogstens – een week lang. Ziedaar de eerste fout van de N-VA: geen klaar en duidelijk afgelijnd mandaat.

Tweede fout: welk resultaat moet er volgende maandag (of dinsdag, of woensdag, …) op tafel liggen? We citeren opnieuw uit De Standaard: «In de loop van volgende week volgt een evaluatie van de vooruitgang binnen de high-levelgroep en van de informele contacten die de koninklijke bemiddelaars plannen om de standpunten over de andere institutionele thema's dichter bij mekaar te brengen.» Maar wat betekent een «evaluatie van de vooruitgang»? Als de Franstaligen bij elk van de twaalf principes een zin of twee–drie bijschrijven, zal dat dan al geen «vooruitgang» zijn? En zullen hun twee bijhuizen in Vlaanderen – Groen! en sp.a – niet met veel ijver verkondigen dat er alweer veel, zeer veel vooruitgang is geboekt, dat er nog nooit zoveel op tafel heeft gelegen, en dat het jammer zou zijn dat de regeringsonderhandeling zouden stranden op zo'n korte afstand van zo'n gunstig akkoord? Je zou denken dat de N-VA na honderd dagen onderhandelen en meta-onderhandelingen tenminste díe les dan toch zou geleerd hebben.

Maar er is meer, en daar zit eigenlijk de grootste fout van de N-VA. Alweer een week tijd geeft de Franstaligen en België de gelegenheid om nog meer druk te zetten op de CD&V, een CD&V die trouwens stilaan begint te wankelen. Laurette Onkelinx liet wat dat betreft gisterenochtend bij Bel RTL al eens diep in de Franstalige kaarten kijken: wie tussen de lijnen kan lezen snapt dat de PS hoopt verder een wig te kunnen drijven tussen N-VA en CD&V, en de komende zeven dagen in de eerste plaats dáár haar energie zal willen gebruiken. En als daarvoor wat gepalaver in een high-levelgroep nodig is, dan zij het zo. Overigens zagen sommigen in de uitlatingen van Laurette Onkelinx een nodeloze provocatie aan het adres van de N-VA, maar eigenlijk ging het om niet meer dan een uitschuiver, een beetje zoals de «c'est reporté» van Joëlle Milquet. Zo gaat dat nu eenmaal wanneer men zich al in een overwinningsroes bevindt, want inderdaad: zit men niet opnieuw met zeven aan tafel, zoals de PS wil, in plaats van maar met twee, zoals de N-VA wou? En met zeven kan er urenlang, dagenlang, oeverloos en eindeloos gepraat worden. Of zou de N-VA soms niet willen dat de financieringswet uitgebreid en tot in de details doorgepraat wordt, kwestie van geen ruimte voor interpretatie meer over te laten?

Ondertussen liet Mark Eyskens – niet dat we hem verdenken van bijster veel inzicht in wat dan ook, maar toch – in de kranten van Sud Presse optekenen dat de CD&V de bocht reeds ingezet heeft. Voor één keer willen we hem geen ongelijk geven. Dat is dan ook de enige les die de Franstaligen in 2007 geleerd hebben, maar waar men het bij de N-VA blijkbaar nog steeds een beetje moeilijk mee heeft: bij het begin van federale onderhandelingen wil de CD&V nog wel moeilijk doen, en zelfs al eens stoer de Vlaamse kaart trekken zoals met de financieringswet. Maar na pakweg een honderdtal dagen komen er barsten in het Vlaamse profiel van de CD&V, en neemt de raison d'état stilaan over. Men begint ongeduldig te worden. Men begint te geloven in het verhaaltje dat de N-VA hoe dan ook geen compromis zal aanvaarden. Men raakt stilaan murw door de druk vanuit Franstalige hoek, vanuit sp.a en Groen!, vanuit ACW, vanuit de eigen middens, en niet in het minst vanuit de Noord-Belgische media om toch maar het aangeboden Franstalige compromis te aanvaarden, ook al is dat verre van een eerbaar compromis. De Franstaligen weten dat, en zien dat de CD&V-tanker, vandaag eigenlijk maar een scheepje meer en na de volgende verkiezingen misschien zelfs maar een sloepje, stilaan begint te draaien. Nog een paar dagen palaveren in een high-levelgroep. Daarna nog een paar dagen discussiëren of er wel of niet vooruitgang werd geboekt. En daarna nog een weekje of die vooruitgang significant is of niet. Elke dag die zo gewonnen kan worden, is er eentje meer waarop de CD&V overstag kan gaan.

Kijk trouwens eens met hoeveel ijver, en vooral ook veel plezier, Yves Leterme zich ondertussen kwijt van zijn taak als eerste minister van een regering van lopende zaken. In New York de grote jan mogen gaan uithangen en een pleidooi houden om voorrang te geven aan de «menselijke ontwikkeling». Of ongrondwettelijke verkiezingen organiseren en grof kiezersbedrog plegen ook tot die «menselijke ontwikkeling» behoren, dat kwamen we niet te weten. Binnenkort mag hij trouwens nog enkele Europese toppen voorzitten. En af en toe slaagt hij er ook in om het nieuws te halen met alweer een meevaller op de begroting. Hoe lang zal het nog duren voor hij zélf naar Laken trekt om voor te stellen een regering-Leterme III op de been te brengen – enkel en alleen in het belang van België, of wat had je gedacht? Dat hij daarmee in één moeite door Kris Peeters een ferme peer zou kunnen stoven en terug op zijn plaats zou kunnen zetten – één trede lager dan hemzelf uiteraard - is altijd leuk meegenomen.

De tijd werkt dus in het nadeel van de N-VA, en in het voordeel van België en de Franstaligen. Misschien blijkt binnen enkele weken wel dat de N-VA dan toch contournable is, «aangezien ze geen compromissen kunnen besluiten», en er met haar dus geen rekening hoeft gehouden te worden. Dan doet het er ook niet zoveel meer toe of een regering van Nationale Eenheid aan Vlaamse zijde een meerderheid heeft of niet. Heeft ze geen meerderheid, dan zal dat toch uitsluitend de schuld van de N-VA zijn die maar had moeten toegeven. Het precedent werd daarvoor reeds geleverd met de regering-Leterme I, inclusief de lekke argumentatie die daarvoor ondertussen al vele malen maar met weinig overtuiging opgevoerd werd.

Labels: , , , , , ,

Read more...

19 september 2010

De mooiste Nederlandse zin van het jaar (vpmc)


.

‘Vijftien jaar had de badkamer met de caravanafmetingen probleemloos dienstgedaan, de sporadisch gekneusde knie niet te na gesproken van wie zich, zijn toilet makend of zich scherend voor het lavabootje, te bruusk omdraaide en aan den lijve moest ervaren hoe gering de speling was gebleven tussen rand en wand.’

Tja... als dàt voor de mooiste Nederlandse zin moet doorgaan, dan zullen we op den duur Marcel Reich-Ranicki nog gelijk moeten geven, met wat die ooit zei in Das Literarische Quartett op de ZDF ...over Hugo Claus nog wel: “...als dat het beste is van de Nederlandse literatuur, dan is dat voor ons Duitsers goed nieuws, want in dat geval hoeven we ons daar geen zorgen meer over te maken”. Dit belette Reich-Ranicki overigens niet om Nooteboom kort daarop miljonair te maken, met zijn lovende kritieken in het programma.


Bekijken we die winnende zin nog even. Het laatste verleden deelwoord in het rijtje, “gebleven” namelijk, had Lanoye voordelig weg kunnen laten. Dan had hij weliswaar één  minder verdiend, maar zijn zin had er bij gewonnen. Nu kun je niet uitsluiten dat Lanoye een heel sterke contextuele reden had om het woordje toch te laten staan, maar daar zou je het boek voor moeten lezen.

Helaas! zijn eerdere “sporadisch gekneusde knie” klonk al gezocht, en is grammaticaal met moeite verdedigbaar. Sporadisch hier als bijwoord? Een knie wordt niet sporadisch gekneusd, tenzij in een gewrongen stijl, al zal het sporadisch wel voorkomen dat iemand zijn knie kwetst of kneust aan rand of wand, of aan de scherpe kant van teil of tobbe, voor, tijdens of na het schrobben.
Kijk, grammaticaal had sporadische misschien net gekund, maar ook dan was de zin niet gered.

Gelukkig is er inhoudelijk weinig aan te merken op de periode van Lanoye, al zullen er ongetwijfeld hier en daar mannen zijn die onder “zijn toilet maken” weinig meer verstaan dan een snelle scheerbeurt. Zij zullen het apart vermelden ervan wellicht redundant vinden.  Ik ben het niet zeker, maar het was geloof ik bij de grote stilist Casanova dat ik een pracht van een badkamerzin las: “Le visage de l'homme se lave au rasoir”.
Die zin is maar 9  waard, en toch vind ik hem stukken sterker dan het gekunstelde geknutsel van Lanoye.


.


Labels: , ,

Read more...

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>