16 november 2015

Handleiding voor het islamdebat (10): Wat te doen


 






 

 

 


 
(’t Pallieterke, 11 november 2015)


“Ken de waarheid, en de waarheid zal u vrij maken.” Op het eerste gezicht is dat vanzelfsprekend, in de praktijk zijn er echter wat bezwaren. In waarheid leven, dat brengt je in botsing met gevestigde machten. Daarom hoort men beweren dat de waarheid soms onnodig kwetsend is, en dat een passend leugentje meer welslagen oplevert.

 

Spotliedjes

De meeste mensen bepalen hun standpunt niet naar zijn waarheidsgehalte maar naar het resulterende gezelschap. Wie over de islam de ware toedracht verkondigt, wordt met de verwerpelijke islamofobie geassocieerd, terwijl wie daarover liegt, nog steeds welkom is in de betere kringen. Niets brengt mensen zozeer samen als een gemeenschappelijke vijand, dus gezamenlijk spotten met en schimpen op de islamofoben, dat geeft een lekker warm gevoel van erbij te horen.

Maar politici zeggen dat “we nu eenmaal met de moslims moeten leven” (in plaats van te eisen dat zij met ons leren leven). Om diplomatieke redenen zou dat leugentjes om bestwil vergen.

Zelf geloof ik daar niets van. De katholieken hebben leren leven met spotliedjes en kritieken doordat die een onontkoombaar deel van onze leefomgeving werden. Laat de moslimse kruidjes-roer-mij-niet ook maar tegen een stootje leren kunnen. In het begin zal dat veel tegenstand wekken, maar de aanhouder wint. Hadden de verenigde media na de Deense Mohammed-cartoons pal front gevormd en hun Deense collega’s door dik en dus gesteund, dan zou de islam in Europa al een stuk minder arrogant geworden zijn dan vandaag het geval is. Dan zou men nu al de grote voordelen op lange termijn van onverschrokken waarheidsliefde beginnen plukken, ondanks de kleine nadelen op korte termijn.

Anderzijds, ik wil politici niet voorschrijven hoe ze hun métier moeten beoefenen. Geleerden die smoesjes uitkramen, verdienen om veracht te worden. Maar mogelijk gelden voor politici, wier beleidsdaden allerlei concrete gevolgen hebben, wel andere normen. Goed, als zij dan toch vinden dat zij moeten liegen, dan wil ik hun wel gratis raad geven over welke soort leugens de voorkeur verdient.

   

Leren van Verhofstadt

Toen de collectivisering de Chinese landbouw ontwrichtte, ging de maoïstische propaganda in een hogere versnelling. Hoe groter de concrete mislukking, hoe nijpender de nood aan een compensatie op politiek en propagandistisch niveau. Dus lanceerde men een campagne onder het motto: “Inzake landbouw: leer van Dazhai”, een voorbeeldige landbouwcommune (1963-76). Nu we steeds meer in revolutionaire omstandigheden komen te verkeren, kunnen we best ons licht opsteken bij de Grote Roerganger. We focusen dus op een alleszeggend inspirerend voorbeeld.   

Voor de meningvorming over de islam nemen politici best de leuze in acht: “Inzake liegen: leer van Guy Verhofstadt.” Die man heeft zich een ferme reputatie van opperleugenaar verworven, maar hij liegt wel op een gezonde manier.

De meeste leugenaars schamen zich wanneer ze een leugen over hun eigen lippen horen rollen. Ze gaan zichzelf datgene inprenten wat ze ook zouden bezweren aan een gesprekspartner die hun leugentje betwist. Ze gaan argumenten verzinnen waarom hun leugenversie wél waar is, en op de duur gaan ze hun eigen leugen geloven.

Niets daarvan bij Verhofstadt: hij lacht je uit waar je bij staat terwijl hij je met een leugen afscheept. Hij spuit geen mist over de tegenstelling tussen zijn eigen woorden en de waarheid. Terwijl hij liegt, houdt hij van binnen helder de ware toedracht voor ogen. In hem is er ruimte genoeg voor de tegenstelling tussen de geuite leugen en de besefte waarheid.

Wel, als je echt meent te moeten liegen over de islam, doe het dan op die manier. Neem gerust alle protocol in acht terwijl je het staatsbezoek van de Turkse premier regisseert, maar besef op elk ogenblik dat hij het boegbeeld is van een kwaadaardige en in de kern onzinnige levensbeschouwing. Je beleid wordt immers niet bepaald door wat je bij gelegenheid zegt, maar door wat je denkt.

Het probleem met de islamvriendelijke uitspraken van bv. ministers Geert Bourgeois en Liesbeth Homans (die in “meer islam” de oplossing van de radicalisering zien) is minder de uitspraak zelf, want die zou in bv. een interreligieus dialoogforum “nodig” kunnen zijn, dan hun eigen oprecht geloof in die uitspraak. Ik heb er begrip voor dat politici een bepaalde onderhandeling tot een goed einde willen brengen en daarom hun uitspraken stroomlijnen in functie van die doelstelling. Maar ook dan moeten zij ten volle beseffen wat de échte situatie is, en afstand bewaren tegenover de diplomatieke fictie.

Wie het doel klaar voor ogen heeft, namelijk het terugdringen en uiteindelijk doen oplossen van de islam, kan naargelang de situatie al eens de wortel danwel de stok gebruiken. Voorbeeld bij uitstek zijn de westerse invallen in Midden-Oosterse landen: politici die de islam prijzen en zich verre houden van islamkritiek, en die blijkbaar hun eigen smoesjes geloven, hebben honderdduizenden moslims gedood en de samenleving van tientallen miljoenen ontwricht. Hun verwarring omtrent de islam brengt hen ertoe, onnodig naar de stok te grijpen. (Tony Blair heeft zopas zijn fout toegegeven.) Islamcritici daarentegen wassen hun handen in onschuld. Islamkritiek is erop gericht dat moslims de islam ontgroeien, en dat kan beter in een situatie van détente en welvaart. Het is een veel vreedzamer en moslimvriendelijker optie dan islamvleierij.

 

Medina

 

Wie de islam bekritiseert, zal zeker de vraag krijgen welke oplossing hij voorstelt. Goed dan, de uiteindelijke oplossing is dat kinderen het geloof in Sinterklaas ontgroeien en dat moslims hun Mohammed met zijn islam overboord gooien. Als je ontdekt dat een collega nog echt gelooft in de ooievaar als oorsprong van de kleine kinderen, zou je je dan niet verplicht voelen, hem van de ware toedracht op de hoogte te brengen – juist uit vriendschap? Je kan niet wensen dat mensen in zulke flutverhaaltjes als de koranische openbaring verstrikt blijven. Wij “islamofoben” doen dus wat menselijk normaal is, terwijl de dominante islamvrienden een bij het haar getrokken obscurantisme in leven houden.

 

Ooit zal dat allemaal vanzelf gebeuren. What goes up, must come down. De islam is spectaculair ontstaan en over een groot gebied verspreid, en hij zal zeker imploderen, waarschijnlijk even spectaculair. Maar voor het zover is, zal hij nog wat problemen veroorzaken die onze aandacht vergen.

 

Daarom willen velen hun doel wat lager stellen: laat die moslims in hun onzin blijven geloven, zolang ze maar niet zo onverdraagzaam zijn. Zoals Ayaan Hirsi Ali het pas nog geformuleerd heeft, als pragmatische tussenoplossing: weg met de Medina-moslims, leve de Mekka-moslims. In Mekka was Mohammed nog een machteloze sekteleider en moest hij zich wel wat aanpassen, pas na zijn migratie naar Medina werd hij veldheer en dictator. Volgens Ayaan moeten moslims vooral het Medinese fanatisme afgooien, terwijl het Mekkaanse geloof gewoon één van de rare opvattingen is die we nu eenmaal laten bestaan, kwestie van godsdienstvrijheid.

 

Nou, ik wens haar daarmee veel geluk, maar ik geloof er niet in: een echte moslim zal nooit de Medinese fase van Mohammeds loopbaan willen afstoten, terwijl wie dat wél wil doen, de islam in zijn geheel aan het ontgroeien is. Maar ik geef toe dat er soms pragmatische compromissen nodig zijn. Zij zijn aanvaardbaar als ongemakkelijke voorlopige regelingen, die men met veel wantrouwen in het oog moet houden. Maar als men ze echt als een “oplossing” gaat behandelen, zullen zij spoedig opnieuw dezelfde aloude problemen doen ontstaan. Men kan dus beter steeds weer aan het einddoel herinneren: de islam tegen het licht van de psychologische en de geschiedkundige kennis houden, zodat hij voorgoed oplost.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Labels: , , , , ,

Read more...

23 augustus 2014

Blauwdrukken voor een openbare omroep (Hoegin)

De Open Vld wil de hakbijl in de openbare omroep zetten, zo heette het in de pers na het interview van Bart Tommelein in De Standaard van vorige donderdag. Dat uitgerekend de Open Vld de VRT zou willen kortwieken is anders toch wel ironisch. Alhoewel van oudsher een rode burcht kan immers niet ontkend worden dat precies de Open Vld de laatste jaren in één van de bovenste laden lag van de VRT-nieuwsdienst.

Wie enkele jaren geleden nog de aanbidding van Guy Verhofstadt door Ivan de Vadder in De Zevende Dag zag, of de andere op televisie uitgezonden gesprekken onder blauwe vrienden waarvan de kijker geacht werd te denken dat het interviews waren, weet het al langer: de de VRT is geen exclusieve rode of rood-groene burcht meer. Er waait inderdaad al een tijdje af en toe een nadrukkelijk blauwe wind door de gangen van de Reyerslaan. Het is dan ook met enige Schadenfreude dat we vandaag vaststellen dat de Open Vld wil besparen op de openbare omroep, en speeltjes zoals MNM en het derde televisienet zo snel mogelijk van de hand wil doen.

Kerktorenmentaliteit

Alleen stellen we ons vragen bij de manier waarop de Open Vld zich een «visie» heeft gevormd over hoe een openbare omroep eruit zou moeten zien. We kunnen ons namelijk niet van de indruk ontdoen dat het niet meer is dan een bijzonder kortzichtige en puur ideologische kramptrekking waarop het woord visie amper van toepassing is. Om maar één voorbeeld te nemen: de Open Vld gaat er prat op een partij van Europeeërs en kosmopolieten te zijn die over in de wereld thuis zijn. Als het erop aankomt raakt de «media-expert» van de partij Bart Tommelein echter niet verder dan een vergelijking met de zieltogende openbare omroep aan de andere kant van de Belgische taalgrens. Waarbij Bart Tommelein ofwel verzwijgt ofwel niet weet dat één van de grote redenen waarom de RTBf zo'n laag marktaandeel heeft niet is dat de Waalse commerciële zenders er zouden floreren, maar wel dat de Walen gewoon geen behoefte hebben om te kijken naar tweederangse Belgisch-Franstalige programma's of zenders. Zij kijken gewoon in de eerste plaats naar de Franse openbare en commerciële zenders.

Laten we echter niet in de val trappen te vergelijken met Nederland. Het stelsel van Nederlandse omroepen is gewoon te specifiek om over te plaatsen naar Vlaanderen. De situatie is er zelfs zo merkwaardig dat naast de Nederlanders zelf vermoedelijk alleen Vlamingen ouder dan pakweg veertig jaar in staat zijn er ook maar iets van te snappen. Dan is het misschien beter te kijken naar de Scandinavische landen, landen die ongeveer even groot zijn als Vlaanderen en tot op zekere hoogte een gelijkaardige culturele achtergrond hebben.

Drie, vier of zelfs zes TV-kanalen?

Neem nu dat fameuze derde net. De Open Vld maakt er een punt van dat derde net zo snel mogelijk te willen sluiten, al was het maar omdat het een «speeltje» van de vorige minister van Media Ingrid Lieten zou zijn. We gaan er geen gewoonte van maken om Ingrid Lieten te verdedigen, maar hoe uitzonderlijk is eigenlijk zo'n derde net?

De Noorse NRK bijvoorbeeld heeft er ook drie, onderverdeeld op ongeveer dezelfde manier als de VRT: een eerste kanaal dat zeer vergelijkbaar is met één, een tweede kanaal voor sport, cultuur en iets diepergaande actualiteitsprogramma's, en vervolgens een derde kanaal voor kinderprogramma's en 's avonds programma's die wat rustiger zijn of meer op vrouwen gericht. Ter referentie: Noorwegen telt zo'n vijf miljoen inwoners, en niemand stelt dat derde net in vraag.

Ook het Finse Yle heeft drie TV-kanalen, of zelfs vier als men er het Zweedse Yle Fem bijtelt. Toeval of niet: de rolverdeling in Finland is gelijklopend met die in Noorwegen en Vlaanderen. En ook hier, met een kleine vijf en een half miljoen inwoners stelt niemand het derde net in vraag.

Nog maar eens zelfde situatie in Zweden (9,5 miljoen inwoners): naast de twee basiskanalen SVT 1 en SVT 2 hebben de kinderen er in de namiddag en vooravond een eigen TV-kanaal dat in de avond overschakelt naar cultuur en nieuws. Als er al sprake is van verandering, dan eerder of het niet tijd wordt om een vierde kanaal op te richten.

Borgen

Denemarken met een kleine zes miljoen inwoners ziet het echter grootser. Naast de basiskanalen DR 1 en DR 2 hebben jongeren en jongvolwassenen er een eigen DR 3, jonge kinderen DR Ramasjang, 7- tot 12-jarigen DR Ultra, en de cultuurliefhebbers DR K. Dat zijn dus zes TV-kanalen, maar alleen omdat men in 2013 besloot het zevende kanaal, DR Update dat om de tien minuten nieuws herhaalde, te sluiten wegens te weinig interesse.

Dat Denemarken het iets grootser ziet werpt trouwens zijn vruchten af. Er mag kwaliteit geproduceerd worden, en dat doen ze ook. Met als resultaat: exportproducten zoals Forbrydelsen (The Killing in het Nederlands) en Broen/Bron (The Bridge), en het bij politici zeker niet onbekende Borgen (had dat in het Nederlands niet The Capitol moeten heten?).

Anderzijds, ook in Denemarken slagen culturo's erin er af en toe eens ferm naast te zitten. Google maar eens de term «Blachman», maar best niet als er kinderen in de buurt zijn…

Kerntaken

Ook in Scandinavië duikt de discussie over wat de kerntaken van de openbare omroep zouden moeten zijn geregeld op. Als een openbare omroep rommel produceert, geldt dat al snel als het bewijs dat openbare omroepen nu eenmaal niet werken. Produceert ze –buiten dramaseries of actualiteitsprogramma's– iets succesvols, dan komt de vraag of daaraan wel belastinggeld besteed dient te worden. Of hoe het eigenlijk nooit goed kan zijn.

Hét grote verschil is misschien dat in Scandinavië openbare omroepen niet onmiddellijk gezien worden als een strijdmiddel om de bevolking in een links en Belgische gareel te houden. Zeker, de tendens is ook hier, zoals trouwens overal elders, eerder links, maar niet op die chagrijnige doctrinaire wijze die we op de VRT wel eens te zien krijgen. Het zou niet slecht zijn als de nieuwe minister van Media en Cultuur Sven Gatz daar eens wat aan zou sleutelen. Of zou dat uitdrukkelijk niet de bedoeling zijn van Open Vld?

Dit artikel verscheen op 13 augustus 2014 in 't Pallieterke.

Labels: , , , , , , , , ,

Read more...

2 augustus 2014

Misplaatste euforie bij Open Vld (Hoegin)

Sedert de verkiezingen van 25 mei heerst er een zekere vorm van euforie bij de Open Vld. Aan de top schijnt men immers te denken de verkiezingen gewonnen te hebben, zelfs in die mate dat men zich incontournable waant voor de vorming van een federale regering. Bovendien wist de partij door een handigheidje het postje van Kamervoorzitter binnen te halen voor ouwe rot Patrick Dewael. Onder de oppervlakte dreigt echter een zwart gat van vijf jaar als de blufpoker van voorzitster Gwendolyn Rutten op niets uitdraait.

Halen we er even de jongste verkiezingsresultaten bij. Voor de Kamer haalde de Open Vld een dikke maand geleden 15,6% van de stemmen, een vooruitgang van 1,6% vergeleken met 13 juni 2010. Voor het Vlaams Parlement strandde de partij echter op een score van 14,1%, een achteruitgang van 0,9% tegenover 7 juni 2009. Voor het Europees Parlement haalde de partij 20,4%, maar ook dat was een achteruitgang vergeleken met 2009. Toen haalde de partij voor het Europees Parlement immers nog 20,7%. Het ego van Guy Verhofstadt is er de laatste vijf jaren ontegensprekelijk een pak groter op geworden, zijn aanhang daarentegen niet.

Deze resultaten dienen meteen al in negatieve zin genuanceerd te worden. In 2010 haalde concurrent LDD nog 3,7% van de stemmen voor de Kamer, en in 2009 zat die zelfs nog aan 7,6%. Op 25 mei diende LDD alleen in West-Vlaanderen nog een lijst in, en dan nog alleen voor de Kamerverkiezingen. De partij schrompelde in mekaar tot amper nog 0,7% van de kiezers, een achteruitgang van 3,0%. Plaatst men dat tegenover de winst van 1,6% van de Open Vld, dan kan de conclusie toch niets anders zijn dan dat de Open Vld op 25 mei een barslecht verkiezingsresultaat behaalde? Tegenover 2009 gaat de partij er zelfs nominaal op achteruit, en dat terwijl LDD er sedertdien ook met een kleine zeven –7!– procent op achteruit ging.

Terug naar de jaren '60

Ook bekeken over een langer perspectief gaat het duidelijk niet goed met de Open Vld. De verkiezingen van 2010 voor de Senaat waren met een score van 13,3% het absolute dieptepunt van de laatste veertig jaar. Maar ook voor een score lager dan 14,1% moeten we terug naar de jaren '60 van de vorige eeuw, met uitzondering van de tegenvallende verkiezingen van 17 april 1977, toen de partij een dip had van 14,5%. En zelfs dat is nog beter dan 14,1%. Bij alle andere verkiezingen sedert 23 mei 1965 haalde de partij steeds 16% of meer, met als absoluut toppunt de 24,4% van 18 mei 2003.

Men kan dus gerust stellen dat de Open Vld de liberale aanhang van de PVV, die over een periode van ongeveer dertig jaar stelselmatig opgebouwd werd, op amper één decennium volledig verkwanselde. Tekenen daarvoor verantwoordelijk: een Europees fractieleider, een Europees commissaris, en een Belgisch Kamervoorzitter die nog steeds de dienst uitmaken op het partijhoofdkwartier. Geef ze nog een decennium de tijd, en misschien verdwijnt dan ook de rest van de Open Vld.

Eén en ondeelbaar

Het triomfalisme dat vandaag heerst bij de Open Vld is dus hoogst ongepast, en staat in schril contrast met de (terechte) crisissfeer bij de socialistische tegenpool sp.a. Meer zelfs, bij de Open Vld waant men zich incontournable voor de vorming van een federale regering. Een andere rationele verklaring voor de eis dat men niet in een federale regering zal stappen als men ook niet in de Vlaamse regering opgenomen wordt valt er niet te verzinnen.

Want wat moeten we nu denken van dat één en ondeelbare partijprogramma van de Open Vld? Zo één en ondeelbaar was dat programma in Brussel blijkbaar niet, want daar stapt de Open Vld gezwind in een regionale regering. Nu ja, de partij bevindt zich daar in goed gezelschap, met naast CD&V ook sp.a, cdH, PS en zelfs FDF, maar dus geen N-VA of MR. Een betere garantie op een liberaal beleid kan men zich amper inbeelden, of het zou moeten zijn met Groen en Ecolo er nog bij. Maar ook: als dat programma van de Open Vld zo één en ondeelbaar is, is er dan wel ruimte voor compromissen? De vermeende onwil van de N-VA om compromissen te sluiten was zowat hét kroonargument van de Open Vld om in 2011 in een tripartite met de PS te stappen. Of kunnen compromissen er voor de Open Vld alleen maar komen als de partij zowel op federaal als regionaal vlak toegevingen kan doen?

Dewael eerste minister?

Intellectueel valt er dus geen touw vast te knopen aan de argumentatie van de Open Vld, maar ook strategisch zit het goed fout. Of zou het er werkelijk alleen maar om te doen zijn de prijs zo hoog mogelijk op te drijven? Op het ogenblik dat we dit schrijven doet bijvoorbeeld het gerucht de ronde dat de N-VA de 16 aan Patrick Dewael aangeboden zou hebben om de Open Vld toch maar over de streep te trekken. Bij Open Vld zou men er echter goed aan doen het oude Vlaamse spreekwoord «de kruik gaat zolang te water tot ze barst» in gedachte te houden. Als Charles Michel één keer teveel met lege handen naar Laken moet trekken is het immers gedaan met de centrum-rechtse coalitie, en is de PS aan zet.

Want inderdaad, als de Open Vld blijft volharden in haar één en ondeelbare boosheid, fungeert ze in de praktijk, samen met de cdH, als een kruiwagen voor de PS. En het is maar de vraag hoeveel Open Vld-kiezers daarop zaten te wachten. Bovendien: als de Open Vld de jarenoude droom van de MR om eindelijk eens zonder de PS te kunnen regeren finaal dwarsboomt, vragen we ons af of Gwendolyn Rutten volgend jaar op 1 mei nog wel welkom zal zijn in Geldenaken. Vroeg of laat zal de Open Vld de rekening gepresenteerd krijgen voor haar onbetrouwbaar gedrag.

Zwart gat wenkt

Postjes zijn voorlopig nog geen probleem voor de Open Vld. Naast de aftredende ministers in de federale regering beschikt de partij met Karel de Gucht nog een tijdje over een Europees commissaris, en wist ze zoals reeds vermeld het postje van Kamervoorzitter uit de brand te slepen. Tijdens de laatste aflevering van De Zevende Dag bleek dat Philippe de Backer zelfs de illusie koestert dat Karel de Gucht enige kans maakt om opnieuw voorgedragen te worden als Europees commissaris. Probleem is echter dat men niet, zoals Patrick Dewael Kamervoorzitter werd, een soort van «voorlopig» Europees commissaris kan worden in afwachting van een definitieve verdeling van al de Belgische federale postjes.

Het lijkt dan ook weinig waarschijnlijk dat zoals de zaken er nu voorstaan, er uitgerekend een Open Vld'er zal voordragen worden terwijl precies de Open Vld halsstarrig dwars blijft liggen om in een federale regering te stappen. En Patrick Dewael zal in de Kamer snel zijn biezen moeten pakken eens een federale regering gevormd is zonder de Open Vld. De stemming binnen de partij zou dan wel eens heel snel kunnen omslaan zodra ook Alexander de Croo, Annemie Turtelboom en Maggie de Block hun respectievelijke portefeuilles hebben ingeleverd. Met als prangende vraag: zou het echt allemaal de schuld van die dekselse N-VA en CD&V zijn, of zou het ook een beetje aan de kaduke strategie van de partijtop kunnen gelegen hebben?

Tripartite zonder Open Vld

Want inderdaad, wat als de cdH de komende weken toch door de knieën gaat, onder druk van de ARCO-zaak? Bij CD&V is men nu al bereid om tot eender welke federale regering toe te treden, als ze maar de minister van Financiën kunnen leveren en zaakjes kunnen regelen voor het ACW, pardon, beweging.net. De blufpoker van Gwendolyn Rutten werkt immers maar zolang ook cdH niet in een federale regering wil.

En wat dan met een tripartite? Vergeet niet dat PS, sp.a, CD&V, cdH en MR samen ook al aan een federale meerderheid komen, zonder de Open Vld. Als de Open Vld vandaag een centrum-rechtse coalitie waarin ze noodzakelijk is dwarsboomt, hoe gaat ze dan uitleggen dat haar programma dan toch niet één en ondeelbaar is als sp.a en PS mee in de federale regering zitten? Of denkt ze op die manier wel in de Vlaamse regering te kunnen binnenbreken? En hoe gaat ze oppositie voeren tegen een te links federaal beleid, maar mét MR in de coalitie, en dat nadat ze zelf een centrum-rechts beleid onmogelijk maakte? De Open Vld is de laatste tien jaar veel kiezers kwijtgespeeld, en lijkt vandaag goed op weg om eindelijk ook haar postjes kwijt te spelen.

Dit artikel verscheen op 16 juli 2014 in 't Pallieterke.

Labels: , , , , , , , ,

Read more...

6 oktober 2013

Wouter Beke legt de lat op 20 procent (Hoegin)

Naar aanleiding van zijn herverkiezing als partijvoorzitter was Wouter Beke zo boud om de lat voor de CD&V in 2014 op 20 procent te leggen. Als je kijkt naar de historische trend van de laatste zestig jaar, de peilingen van de laatste jaren, of de uitslag van de laatste federale verkiezingen, dan is het duidelijk dat dit een bijzonder ambitieus doel is voor de CD&V. Wouter Beke zelf trekt zich echter op aan het resultaat van de provincieraadsverkiezingen in 2012. Of legt hij gewoon de lat zo hoog dat het ongevaarlijk wordt eronderdoor te gaan?

Beginnen we met de historische trend. In 1946 startte de partij met een score van 56,2% in Vlaanderen, en steeg in 1960 met 60,4% zelfs even boven de kaap van de zestig procent uit. Sindsdien gaat het gestaag bergaf met de christen-democratie in Vlaanderen, met als voorlopig dieptepunt de verkiezingen van 2010. De partij haalde toen voor de Kamer 17,6% van de stemmen, en zakte voor de Senaat zelfs verder door tot 16,1%. Al naargelang je op de verkiezingsresultaten van de CVP/CD&V een lineaire of een logaritmische regressie toepast kom je uit op een achteruitgang van gemiddeld 0,63% per jaar of een halvering eens om de veertig jaar.

Wat betekent dit, in mensentaal, voor de verkiezingen van 2014? Dat, tenzij er zich een trendbreuk zou voordoen, de CD&V op 25 mei 2014 ergens tussen de 10 en de 22 procent zal scoren, met als meest waarschijnlijke uitslag 15–16 procent. Een score van 20 procent of meer is dus zeker niet uitgesloten, maar niet erg waarschijnlijk. En een trend die al meer dan zestig jaar stand houdt ombuigen is geen sinecure, zeker niet als men ze in positieve zin wil ombuigen. De laatste jaren hebben slechts twee politici een historische trend weten om te buigen: Guy Verhofstadt in negatieve zin voor het liberalisme, en Bart de Wever in positieve zin voor het Vlaams-nationalisme.

Over naar de peilingen. Daar moeten we al terug naar de peiling van De Standaard en VRT van 2 april 2010 voor een score van 20 procent of meer. Sindsdien kwam de partij zelfs niet meer boven de 19 procent uit, behalve dan in die ene peiling van 7 oktober 2011 bij diezelfde peiler. De laatste maanden zien we echter een lichtjes positieve trend voor de CD&V in de peilingen. In de twee peilingen van verleden maand scoorde de CD&V bij Le Soir 17,2%, en bij La Libre Belgique 17,3%. Zonder rekening te houden met eventuele systematische scheeftrekkingen of andere methodologische problemen levert dat een kans op van ongeveer 0,2% om boven de 20 procent uit te komen. Of nog, op basis van deze twee peilingen is het een veiligere gok om op 25 mei 2014 met drie dobbelstenen in één keer drie zessen te smijten dan erop te wedden dat de CD&V boven de lat van Wouter Beke springt.

Wat dan met die provincieraadsverkiezingen? De CD&V haalde op 14 oktober 2012 inderdaad 21,4% van de stemmen voor de provincieraden. Sommigen menen dat dit in verband staat met de gemeenteraadsverkiezingen: lokaal populaire CD&V-burgemeesters zouden voor CD&V-stemmen in de provincieraden zorgen. Ik betwijfel echter of kiezers die in 2010 nog voor de N-VA stemden in 2012 «per ongeluk» opnieuw voor de CD&V zouden stemmen. Mijn vermoeden is dat enkele N-VA-kiezers uit 2010 teruggevloeid zijn naar de CD&V, omdat zij niet helemaal tevreden waren met de gang van zaken rond de regeringsvorming. Maar meer nog, dat voor een aantal kiezers de provincieraden zo onbekend en zo onbelangrijk zijn, dat zij vinden dat daar geen «kracht van verandering» nodig was. Het is dan maar de vraag of Wouter Beke volgend jaar opnieuw op die groep kiezers zal kunnen rekenen, wanneer het over de federale en de regionale verkiezingen gaat – met bijhorende verkiezingscampagne.

Op dit punt moeten we toch zeggen dat 20 procent al bij al een beetje een merkwaardig doel is. Als Wouter Beke echt de provincieraadsverkiezingen als referentiepunt wil gebruiken, waarom legt hij de lat dan niet op die uitslag – 21,4%? Zo zeker is hij blijkbaar dan toch niet van zijn stuk, want hij stelt zich in 2014 al tevreden als de achteruitgang voor zijn partij niet meer dan 1,4% bedraagt. Ter vergelijking: zoals het er nu naar uitziet zal de N-VA de verkiezingen van 2014 in de media verliezen als ze er niet minstens een procent of drie–vier bij doet.

Zoals altijd, en dan zeker bij de CD&V, geldt ook hier dat er een «voor» en een «na» de verkiezingen is. De 20 procent zijn immers niet meer dan een pose vóór de verkiezingen, die moeten dienen om de partij te onderscheiden van de sp.a en de Open Vld. Van zodra echter op 25 mei 2014 de eerste resultaten zullen binnenkomen, zullen de provincieraadsverkiezingen van 2012 geruisloos uit de CD&V-communicatie verdwijnen. Haalt de partij bijvoorbeeld 19,8% van de stemmen, dan zal er alle nadruk op gelegd worden dat de partij erop vooruitgaat tegenover 2010, niet dat ze erop achteruitgaat tegenover 2012. Of hoe «christen»-democraat Wouter Beke vandaag al de leugen van 25 mei 2014 voorbereidt…

Labels: , , ,

Read more...

13 september 2013

Gifgas in Damascus: in wiens belang? (Hoegin)

Op 21 augustus werden er ten oosten van Damascus enkele aanvallen met gifgas uitgevoerd. Er zouden honderden tot misschien wel tweeduizend doden gevallen zijn, en wel negenduizend gewonden. De aanval zorgde voor een golf van verontwaardiging over de hele wereld. Wie de aanval precies uitvoerde is op het ogenblik dat dit stukje geschreven wordt verre van duidelijk, maar hoofdverdachte is Bashar al-Assad en het officiële Syrische leger. Maar welk belang had hij bij zo'n aanval, op een steenworp van het hotel van enkele net neergestreken VN-inspecteurs?

De aanvallen met gifgas zouden rond drie uur in de ochtend plaatsgevonden hebben in Ghouta, een agrarische streek ten oosten van Damascus. Een achttal plaatsen werden getroffen, plus een voorstad van Damascus zelf, allemaal onder controle van de Syrische rebellen en traditioneel soennitisch van strekking. De schattingen van het aantal doden gaan van 322 volgens lokale ziekenhuizen, oplopend tot 1.729 volgens het Vrije Syrische Leger (FSA). Op het internet en elders in de media zijn er genoeg foto's en video's van de slachtoffers te vinden, maar hun authenticiteit valt zoals gewoonlijk moeilijk te controleren.

Uit het beeldmateriaal valt trouwens moeilijk op te maken wat er precies gebeurd is. Zo zijn er wel beelden van tijdens de aanvallen zelf, maar daaruit valt niet af te leiden welk gas er precies gebruikt werd. Sommige analisten menen zelfs dat er misschien geen sprake was van een aanval met gifgas, maar dat conventionele wapens een voorraad gifgas –van de regering of de rebellen– geraakt zou hebben. De meeste analisten houden het echter op een aanval met sarin, zich baserend op de symptomen van de slachtoffers op het beeldmateriaal. De samenstelling van de slachtoffers klopt alvast met een typische aanval met zenuwgas: een doorsnede van hoe de bevolking er in de getroffen gebieden uitziet, en dus niet alleen mannen maar ook vrouwen en kinderen in alle leeftijden.

Hoofdverdachte #1: Bashar al-Assad

Na de aanval werd meteen met de vinger richting Bashar al-Assad gewezen. Daar zijn ook goede redenen voor. Ten eerste bestaat er weinig twijfel over dat het Syrische leger beschikt over chemische wapens. Ten tweede twijfelt niemand eraan dat Bashar al-Assad er niet voor zou terugschrikken zijn chemische wapens ook daadwerkelijk te gebruiken, ook tegen zijn eigen bevolking. Maar verder dan dat hij het zou kunnen doen, dat hij het zou durven doen en dat rebellen de slachtoffers waren reikt de bewijsvoering op dit ogenblik niet. In een gemiddelde detectiveroman zou hij als hoofdverdachte nummer 1 door de lokale politie opgesloten worden, waarna de detectiveheld stapje voor stapje de échte boef begint te ontmaskeren.

Argumenten à décharge

Want inderdaad, er pleiten ook argumenten tegen hem als dader van deze gifgasaanval. Het Syrische leger was de laatste tijd eerder aan de winnende hand, onder meer dankzij de steun van de Hezbollah uit Libanon. Er waren geruchten over een nakende aanval van de rebellen op Damascus, maar het lijkt er niet op dat Bashar al-Assad op dit ogenblik behoefte aan gifgas had om vooruitgang te boeken op het terrein. Gifgas is iets wat je gebruikt als je in het nauw zit, niet wanneer je aan de winnende hand bent.

Maar ook de tijd en de plaats kloppen niet. President Bashar al-Assad zou wel gek zijn als hij uitgerekend een paar dagen nadat enkele VN-inspecteurs in Damascus neerstreken een grootschalige gifgasaanval in gang zou zetten, bovendien op amper een paar kilometer van hun hotel. De nacht van de aanval stond er trouwens redelijk veel wind in de streek rond Damascus. Het risico was daarom reëel dat het gifgas niet alleen de hoofdstad in zou vliegen, maar zelfs de VN-inspecteurs had kunnen treffen.

VN-inspecteurs

Anderzijds is het dan weer merkwaardig dat Bashar al-Assad de VN-inspecteurs niet onmiddellijk toeliet tot het getroffen gebied. Is hij niet helemaal zeker van de controle over zijn eigen leger, en vreest hij dat één van zijn generaals op eigen houtje gifgas gebruikt heeft? Of, vertrouwt hij de VN-inspecteurs niet, en verdenkt hij hen er zelfs van enkel maar bewijsmateriaal tégen hem te zullen verzamelen, zelfs al werd de aanval door rebellen uitgevoerd en zouden daarvoor op het terrein voldoende bewijsstukken te vinden zijn?

Hoofdverdachte #2: de rebellen

En daarmee zijn we beland bij de tweede hoofdverdachte: de rebellen. Zij hebben groot belang bij een gifgasaanval die in de schoenen van Bashar al-Assad geschoven kan worden. Ondanks enkele lokale succesjes in de buurt van Damascus delven zij op dit ogenblik het onderspit. In de westerse media kunnen zij op veel sympathie rekenen, maar ondanks de pleidooien van bijvoorbeeld een Guy Verhofstadt schrikt men er in het Westen voorlopig nog van terug om hen rechtstreeks van wapens te voorzien.

We weten ook dat zij er niet bepaald voor terugschrikken de eigen bevolking en eigen soldaten op te offeren, zoals al bleek bij eerdere gifgasincidenten. Bepaalde delen van het Syrische verzet lijken er zelfs een beetje tuk op om ook aan de eigen zijde een paar martelaren extra bij te maken, kinderen en vrouwen inbegrepen.

Toevallige toevalligheden

Bovendien zijn er een pak toevalligheden die wel heel gunstig uitspelen voor de rebellen. De aanval gebeurde enkele dagen nadat enkele VN-inspecteurs in Damascus aangekomen waren, en dan nog wel recht onder hun neus. Bovendien valt de aanval bijna dag op dag een jaar na de befaamde «red line»-toespraak van Barack Obama. In die toespraak zei hij dat het gebruik van gifgas voor hem een rode lijn is. Begrijp: een daad die een Amerikaans militair ingrijpen om de Syrische burgerbevolking te beschermen zou rechtvaardigen. Of die rode lijn ook voor de rebellen geldt, en wat een eventueel overschrijden voor hen zou betekenen, blijft onduidelijk. Ook Guy Verhofstadt is nogal vaag op dat vlak.

Speak loudly and carry no stick

Die toespraak van Barack Obama was trouwens een tactische blunder van formaat. Sindsdien zitten bepaalde westerse media immers op vinkenslag voor elk berichtje over een mogelijk gebruik van gifgas in Syrië. Barack Obama blinkt voorlopig echter vooral uit in immobilisme, en zijn buitenlands beleid kan op dit ogenblik nog het best samengevat worden als «speak loudly and carry no stick».

Overigens al opgevallen dat dezelfde media die tien jaar geleden nog alle registers opentrokken tegen George W. Bush en de ingreep in Irak, nu bijna dagelijks aan de mouw van Barack Obama trekken om in Syrië toch maar in gang te schieten? Het kan verkeren…

Wie heeft het gedaan?

Hebben de rebellen het gedaan? Ook daarvoor zijn er op dit ogenblik weinig directe bewijzen. Net zoals de VS beweren dat ze bewijzen van activiteit rond de depots met chemische wapens van het Syrische leger hebben vlak voor de aanval, beweert Rusland beelden te hebben van twee raketten afgeschoten vanuit gebied onder controle van de rebellen.

Volgens sommigen is de schaal van de aanval te groot om uitgevoerd te kunnen zijn door de rebellen. Anderen werpen op dat de aanval lang op voorhand gepland kan geweest zijn, en dat ze gewoon hun kruit opgespaard hebben tot het «juiste» ogenblik. Nog anderen verdenken de rebellen dan weer van opgezet spel, en The Voice of Russia meent zelfs dat sommige foto's van de slachtoffers al een dag op voorhand klaar waren en verspreid werden.

Een filmpje op YouTube van een stervend kind draagt de datum 20 augustus 2013, maar de verkeerde datum kan ook verklaard worden door het tijdsverschil tussen Syrië en de servers van YouTube in de VS. Sommigen vinden de overvloed aan beeldmateriaal op zich al verdacht, en ook de professionaliteit ervan. Anderzijds blijven de beelden te wazig om vast te kunnen stellen wat er nu precies gebeurd is. En zo heeft iedereen wel zijn waarheid over deze gasaanval.

Oplossing voor Syrië

Waar niemand het ondertussen over heeft: wat zou nu eigenlijk de beste oplossing voor Syrië zijn? Persoonlijk vertrouwen we noch Bashar al-Assad, noch de rebellen, en al zeker de islamisten van Al-Nusra niet.

Je zal het niet lezen in de kwaliteitspers, maar de waarheid is dat Syrië geen land is, en nooit geweest is. Syrië is een staat, met grenzen die nooit meer waren dan lijnen op een kaart. Dat laatste overigens met dank aan de ex-koloniale machten Frankrijk en Groot-Brittannië, die een verpletterende verantwoordelijkheid dragen.

Wat we vandaag meemaken is de desintegratie van de kunstmatige staat Syrië. De frontlijnen waar de vechtende partijen zich vastgereden hebben vallen niet zomaar toevallig min of meer samen met de grenzen van de historische componenten van Syrië. In het noorden zijn dat, naast enkele Koerdische gebieden, de historische Ottomaanse provincies Zor en Aleppo, met een overwegend soennitische bevolking. In het zuiden is dat de provincie van Damascus, die trouwens meer samenhangt met de oude provincies Berg Libanon en Beiroet.

Er zit dus meer dan alleen maar religie achter dat precies de Hezbollah uit Libanon het Syrische leger ter hulp snelde, net zoals het geen toeval is dat Aleppo tegenwoordig zo een beetje als hoofdstad voor de rebellen fungeert. Een vergelijking met de probleemstaat Libië (Tripoli/Benghazi zoals Damascus/Aleppo) valt trouwens moeilijk te onderdrukken.

De situatie zou al een pak gemakkelijker worden als Bashar al-Assad zich tevreden zou kunnen stellen met een staat Damascus, de rebellen met een staat Aleppo-Zor, en de internationale gemeenschap met een tweedeling van Syrië. Dat laatste zal echter een taboe te ver zijn, zeker voor Frankrijk dat zich nochtans graag op de borst klopt dat het zich zorgen maakt over de Syrische burgerbevolking. We laten het aan de fantasie van de lezer over wat Guy Verhofstadt of Elio di Rupo van zo'n oplossing zouden denken.

Dit artikel verscheen op 28 augustus 2013 in 't Pallieterke.

Labels: , , , ,

Read more...

24 oktober 2012

Banennationalisme in Genk (Hoegin)

De sluiting van Ford Genk is uiteraard een zware slag voor alle werknemers en hun familie, zowel voor hen die rechtstreeks tewerkgesteld zijn in de fabrieken van Ford Genk, als alle anderen bij de vele toeleveranciers die nu een onzekere toekomst tegemoet gaan. En men kan daarbij discussiëren over de manier waarop de directie van Ford het slechte nieuws bracht, maar met voorsprong de meest misselijkmakende vertoning van vandaag was ongetwijfeld de totentrekkerij die het hele zootje politici om de beurt ten beste gaf.

Het is natuurlijk niet niks wanneer een fabriek die rechtstreeks en onrechtstreeks voor tienduizend banen zorgt zijn deuren sluit. Je zal in de provincie Limburg dan ook lang moeten zoeken om iemand te vinden die niet zelf, in zijn gezin, zijn familie of vriendenkring getroffen wordt door de sluiting van Ford Genk. Maar de manier waarop enkele politici, die er anders als de kippen bij zijn om de auto met de vinger te wijzen als oorzaak van heel veel kwaad, vandaag hun verontwaardiging hebben geuit, die tart werkelijk elke verbeelding.

Neem nu Groen. Filip Watteeuw schreeuwt in een persmededeling dan wel zijn verontwaardiging uit, maar is het niet precies Groen dat in andere tijden de auto het liefst zoveel mogelijk verbiedt en belast? Neem bijvoorbeeld Antwerpen, waar Groen via allerlei groupuscules probeert te bekomen dat men met de auto amper nog de provincie, laat staan de stad binnen zou raken. En als het dan toch echt moet, liefst nog overkapt of diep onder de grond in een tunnelkoker, zelfs al moet men daar leningen met een Spaans afbetalingsplan voor aangaan. Ford heeft trouwens echt niet het monopolie op «subtiele en sluwe communicatie», zoals Filip Watteeuw het formuleert. Over CO2-taksen en wat weet ik nog allemaal hebben we het dan trouwens nog niet gehad. Persoonlijk had ik eerder uitbundige jubelkreten uit de hoek van Groen verwacht bij de sluiting van al bij al toch een productiecentrum van milieuvervuilende consumpiegoederen in handen van Amerikaans-imperialistische kapitalistische zwijnen. Of niet soms?

O ja, Groen zou natuurlijk Groen niet zijn als het niet de kans zag om bij zoveel menselijke miserie niet op te roepen om nog wat meer belastinggeld te spenderen aan groene hobby's, zoals «de ecologische reconversie van de industrie». Maar zou het kunnen dat precies het versmossen van belastinggeld aan allerlei groene hobby's, vaak gretig overgenomen door sp.a om in één moeite door enkele kameraden aan een vetbetaalde gesubsidieerde baan te helpen, mee voor de waanzinnig hoge belastingdruk heeft gezorgd waar Ford nu hartelijk voor bedankt? Een korte referentie naar het i-Cleantech Vlaanderen van Ingrid Lieten, «toevallig» niet zo heel ver weg van het Limburgse Genk gelegen, zal voor de lezer waarschijnlijk al ruimschoots volstaan.

Overigens, het was diezelfde Filip Watteeuw die twee jaar geleden ook al eens zijn verontwaardiging uitschreeuwde in een persmededeling, maar dan wel één van een heel andere aard. Stel je immers voor: de Vlaamse Regering had het toen in haar hoofd gehaald om in tijden van besparing de regels rond het zogenaamde Dina-abonnement aan te passen om wat geld uit te sparen. Voor wie niet weet wat een Dina-abonnement is: wie een Belgische nummerplaat schrapt of buiten zijn gezin overdraagt kan bij De Lijn een gratis jaarabonnement aanvragen. Niet echt iets dat de verkoop van auto's stimuleert, zou ik zo zeggen. Of zoals Filip Watteeuw het zelf schreef: in 2009 «9000 wagens minder op de weg, een toch niet te verwaarlozen resultaat». Ik kan me voorstellen dat de werknemers van Ford Genk er vandaag ook zo over denken. De alarmkreet dat het aantal Dina-abonnement in vrije val verkeert is trouwens nog maar een paar dagen oud.

Uiteraard is Groen vandaag de enige partij niet die behoorlijk hypocriet uit de hoek kwam. Wat bijvoorbeeld te denken van Kathleen van Brempt van de sp.a, die er anders geen probleem mee heeft om de schuld voor alle economische problemen in het zuiden van Europa af te schuiven op Duitsland? Waarom is zij als socialiste en Trans-Europeeër niet juist tevreden dat een bedrijf als Ford liever een fabriek in Genk sluit dan in het Valenciaanse Almussafes? Laten we immers eerlijk zijn: in Valencia zal men die banen veel meer nodig hebben dan in Limburg. En ja hoor, ze mogen daar in Almussafes nu best meeleven met Genk, maar de vraag is maar hoe lang die sympathie zal blijven duren als de Vlaamse regering een konijn uit haar hoed zou toveren waardoor de autoproductie alsnog in Genk zou kunnen blijven.

Als puntje bij paaltje komt blijkt dus ook voor Kathleen van Brempt het Vlaamse hemd nader dan de Valenciaanse rok. Of de Griekse, als het moet. En al zeker haar hemd alleen niet. Het is bijvoorbeeld maar de vraag of we eerstdaags een zekere Guy Verhofstadt aan de poorten van Ford Genk zullen mogen opmerken met gratis exemplaren van zijn schrijfsel «Voor Europa!», kwestie van de mensen iets interessants aan te bieden nu ze toch wat meer tijd zullen hebben om wat te lezen. Ik zou het hem in ieder geval eerder afraden. Maar als morgen Volvo Cars Gent sluit, sluit ik niet uit dat zelfs hij mee op de banennationalistische barricades zou kruipen. Auschwitz, dat zijn de anderen.

Labels: , , , , ,

Read more...

15 april 2012

Deense regering houdt ex-Stasi-agent hand boven het hoofd (Hoegin)

Verleden week ontdekte de Deense onderzoeker Thomas Wegener Friis bij toeval dat een vooraanstaande Deen jarenlang agent is geweest voor de Stasi. Het laatste stukje bewijs om zijn identiteit onomstotelijk vast te stellen ontbreekt echter, en moet via de Deense regering aangevraagd worden bij de VS. Je zou dan denken dat die regering maar een half woord nodig zou hebben om het nodige te doen, de eerste minister op kop. Niet zo echter met de linkse regering–Thorning-Schmidt, die het Stasi-potje liever gedekt houdt. Wat zou daar achter zitten?

Stel je voor dat plots zou blijken dat een vooraanstaande Hongaar zeventig jaar geleden Gestapo-agent was, maar dat zijn identiteit niet helemaal vastgesteld kan worden zonder het laatste bewijsstukje dat opgeborgen zit in een Amerikaans archief. Stel je dan bovendien nog eens voor dat de Hongaarse eerste minister Viktor Orbán liever niet een aanvraag zou willen indienen om dat bewijsstukje op te vragen, zodat de voormalige Gestapo-agent onbekend dreigt te blijven. Het spreekt voor zich dat de journalisten over het hele Europese continent over mekaars voeten zouden struikelen om hierover te berichten, en dat opiniemaker en commentatoren hun afschuw zouden uitschreeuwen over zoveel misdadig fascisme in het hart van de Hongaarse regering. Guy Verhofstadt zou zonder twijfel nog eens hard van leer gaan in het Europees Parlement, afsluitend met de retorische vraag of de gasovens soms al warm staan te draaien in Hongarije. Zijn adepten zouden de zaak daarna opvolgen met enkele opiniestukken, doorspekt met zwaarwichtige citaten van een hoop filosofen waar geen mens eigenlijk ooit van gehoord heeft, de auteurs inbegrepen. Een paar expliciete verwijten richting N-VA, voor de gentionalisten toch de incarnatie van het Kwaad in Vlaanderen, zouden daarbij uiteraard niet ontbreken.

Niets van dat alles echter nu de Deense sociaal-democratische eerste minister Helle Thorning-Schmidt een ex-Stasi-agent de hand boven het hoofd houdt. Op een persconferentie liet ze eerder deze week horen dat wat haar betreft deze zaak er één is voor de Deense inlichtingendienst PET, en dat ze er verder dus niets mee te maken wil hebben. Maar om uitsluitsel te krijgen over de identiteit van de ex-agent is het formeel de Deense regering die een aanvraag bij de VS zal moeten indienen om een kijkje te kunnen nemen in de zogenaamde Rosenholz-bestanden van de CIA. Ook minister van Justitie en partijgenoot van de eerste minister Morten Bødskov wast zijn handen in onschuld, en voelt zich niet betrokken. Hun excuus is dat Denemarken genoeg informatie heeft gekregen uit de Rosenholz-bestanden, en daar zullen de onderzoekers naar de periode van de Koude Oorlog het dus mee moeten doen. Bovendien zou een vraag naar meer informatie «de betrekkingen met de Verenigde Staten in het gedrang kunnen brengen», al is niet helemaal duidelijk hoe en waarom dat het geval zou kunnen zijn. Gevolg: volgende week riskeert de regering–Thorning-Schmidt een pijnlijke afgang in het parlement wanneer een wisselmeerderheid haar zal dwingen toch een verzoek bij de Amerikanen in te dienen.

Waarom zouden de Deense Socialdemokraterne zo weigerachtig staan tegenover de ontmaskering van een ex-Stasi-agent? De reden dient niet ver gezocht te worden. Als er inderdaad zo'n ex-Stasi-agent rondloopt die nogal wat invloed heeft gehad en daarmee een bijzonder schadelijke rol heeft kunnen spelen, dan zal die bijna zeker in de rangen van of kringen rond de sociaal-democratische partij gezocht dienen te worden. Verderop naar links werd van iedereen immers verwacht dat ze op z'n minst meelopers waren van de communistische régimes in het Oostblok, en was hun invloed dan ook navenant minder. Verder in het centrum of op rechts is het onwaarschijnlijk dat de Stasi ooit veel agenten heeft kunnen rekruteren, of het zou om een mol moeten gaan. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat men in de regering dit potje liever gedekt houdt, en dan maar naar enkele goedkope en weinig geloofwaardige excuses grijpt om de Rosenholz-bestanden voor onderzoeker Thomas Wegener Friis zo lang mogelijk gesloten te houden.

Onthou overigens de naam Helle Thorning-Schmidt, want van haar hebben we hoogstwaarschijnlijk nog een hype te goed. Op dit ogenblik kan het Europees socialisme immers maar met twee eerste ministers uitpakken: Helle Thorning-Schmidt en… Elio di Rupo. Die Belgische eerste minister Elio di Rupo heeft natuurlijk zijn achtergrond en zijn geaardheid mee om de lieveling van links (en dus zeker ook de pers) te worden, maar zijn geaardheid ligt er net als zijn make-up af en toe toch net iets te dik op om echt sympathiek over te komen bij de bredere bevolking. Qua ijdelheid lijkt hij trouwens Europees «president» Herman van Rompuy naar de kroon te willen steken, ook al een minpunt. Bovendien vertegenwoordigt hij een paleosocialisme dat buiten Wallonië waarschijnlijk alleen nog in Belarus nog iet of wat te betekenen heeft. En ten slotte weet je nooit of hij morgen niet in één of ander schandaal verwikkeld raakt – in het beste geval slechts een gewoon Waals corruptieschandaal.

Helle Thorning-Schmidt daarentegen is een veel frissere verschijning, en de hoofdfiguur in het Deense politieke televisiedrama Borgen (naar Christiansborg, het Deense equivalent van de Belgische Wetstraat) was overduidelijk op haar maat gesneden. Ze behoort echter wel tot het soort Europees elitesocialisme waar het Vlaamse loftsocialisme een zijtak van is. Zo gaat ze bijvoorbeeld volledig vrij van de smet ooit in de privé-sector gewerkt te hebben, maar kent ongetwijfeld wel haar weg in de lounges van de Europese luchthavens. En het is zeker niet omdat ze het volk «dient», dat ze er in schamele kleren zou willen bijlopen. In het Europees Parlement liep ze bijvoorbeeld een tijdje rond met een Gucci-handtas, vandaar ook haar bijnaam «Gucci-Helle» in de Deense roddelpers. Het is daarmee duidelijk dat ze perfect in het rijtje vlotte jongens en meisjes past zoals een Caroline Gennez, Freya van den Bossche of een Patrick Janssens. Als sociaal-democraten pretenderen ze wel de gewone werkmens te vertegenwoordigen, maar in feite komen ze er nog minder mee in aanraking en hebben ze er nog minder gemeen mee dan bijvoorbeeld Bekaert-baas Bert de Graeve. Die laatste komt immers tenminste nog af en toe een arbeider tegen als hij één van zijn fabriekshallen bezoekt.

Een socialist zou echter geen socialist zijn als aan haar niet één of ander corruptie- of belastingsschandaal kleeft. Zo ook voor Helle Thorning-Schmidt. Zij is immers getrouwd met Stephen Kinnock (zoon van), die in 2007, 2008 en 2009 officieel in Zwitserland woonde en daar ook belastingen betaalde. Rara wat voordeliger is, want socialisten heffen wel graag belastingen, maar ontspringen nog liever zelf de dans als het even kan. De Deense arbeider die het zich niet kan veroorloven te doen of hij in Zwitserland woont zal van de hele zaak wel het zijne gedacht hebben. Tot bleek dat Helle Thorning-Schmidt van 2000 tot 2008 wel de belastingsaftrek van haar man voor zichzelf in rekening bracht «omdat hij al zijn weekends van vrijdag tot maandag, soms inclusief donderdag, in Denemarken doorbracht». De man bezit dus overduidelijk net als enkele heiligen de gave van de bilocatie, zodat hij per jaar zowel meer dan de helft in Denemarken als in Zwitserland kan vertoeven. En nog los van zijn creativiteit wat betreft de belastingen, is het toch opmerkelijk dat de man blijkbaar al genoeg heeft aan amper drie werkdagen per week, en soms zelfs maar twee, om er verder toch nog redelijk warmpjes in te zitten zodat zijn vrouwtje met een Gucci-handtas in het Europees Parlement kon ronddartelen. Het doet willekeurig denken aan een zekere Yves Leterme, die tegenwoordig bij de OESO ook niet bepaald gebukt lijkt te gaan onder een al te lange werkweek.

Zullen we ooit weten wie de ex-Stasi-agent is? Vermoedelijk wel. In principe kunnen de Verenigde Staten weigeren de Rosenholz-bestanden te openen, net zoals ze reeds drie maal het verzoek van de onderzoeker Thomas Wegener Friis hebben geweigerd om het laatste stukje bewijs naar de oppervlakte te brengen. Maar na deze politieke rel is dit misschien toch net een tikkeltje minder waarschijnlijk geworden. Men kan zich immers al de krantentitels voorstellen als de Amerikanen opnieuw zouden weigeren als een wisselmeerderheid de Deense regering toch dwingt een verzoek in te dienen. Maar zelfs als de VS inzage in de Rosenholz-bestanden weigeren, zit Thomas Wegener Friis wel degelijk met een concrete naam. Voorlopig heeft hij geweigerd die prijs te geven, precies omdat hij absoluut zeker wil zijn, maar het laat zich raden dat de druk op hem snel een pak groter zou kunnen worden als de Rosenholz-bestanden gesloten blijven. Het is dus vermoedelijk nog slechts een kwestie van enkele dagen of weken eer iemand in Denemarken zijn of haar Günter Grass-moment tegemoet gaat. Ondertussen is het masker van Helle Thorning-Schmidt in ieder geval al afgevallen.

Labels: , , , , , , , , , ,

Read more...

3 januari 2012

Terugblik op 2011 (Hoegin)

Wat zal mij bijblijven uit 2011? Het jaar is nog maar pas om, maar enkele gebeurtenissen zullen alvast niet snel uit mijn geheugen verdwijnen. Een kort en uiterst persoonlijk overzicht.

Man van het jaar: Roger van Houtte

Eerst word je op achterbakse wijze aan de deur gezet omdat je dacht dat de eerste opdracht van een journalist eruit bestond je lezers correct te informeren, en dan pas te duiden. En als je dan jaren later plots overlijdt, vindt de krant waar je het grootste deel van je leven voor gewerkt hebt het nog eens nodig na te trappen («verliet» in plaats van in het beste geval alleen maar «buitengewerkt»). En zeggen dat als je geen socialist bent, je geen hart hebt.

O ja, als toetje vond minus habens Tom Cochez het nodig zijn steentje bij te dragen bij de veroordeling van Gazet van Antwerpen. Mag hij natuurlijk altijd, maar dan liefst wel correct, zonder de desinformatie. Want wat schrijft Tom Cochez? «Het Vlaams Belang als een partij zoals alle andere te beschouwen – dat deden in die periode alle Vlaamse kranten, met uitzondering van De Morgen»! Dat was nu net niet het geval, en dat was meteen ook de essentie van het hele verhaal rond het ontslag van Roger van Houtte. Of hoe iemand schijnbaar iemands verdediging kan opnemen om uiteindelijk toch weer vooral zichzelf in de bloemetjes te zetten. Wansmakelijk!

Plaats van het jaar: Ciergnon

Een goed jaar geleden zou 99,99% van de Belgen om de lieve dood nog niet geweten hebben wie of wat Ciergnon was. Maar zijne doorluchtigheid koning Albert II vond het begin september nodig precies daar –in zijn bescheiden chaletje in de bossen, zullen we maar zeggen– te gaan herstellen van een operatie van een uit de hand gelopen puist op zijn neus. Ik wil niet denigrerend doen over de operatie zelf, maar de vaudeville die de koning daarrond zelf in het leven riep tart toch elke verbeelding. Kan die man nu werkelijk niet eens drie dagen na mekaar in Brussel verblijven? Moeten we nu werkelijk geloven dat je in Ciergnon beter tot rust kan komen en herstellen van een operatie dan in een immens paleis in Brussel waar iedereen toch precies doet wat je wil als je maar eens met je vingers knipt? Inclusief stil zijn? Ik hoop dan ook vanuit de grond van mijn hart dat iedere Vlaming goed heeft gezien in wat voor minimaal stulpje koning Albert II daar in de verre wouden zat te herstellen – zo minimaal zelfs dat de cameraploegen hun sterkste telelenzen moesten bovenhalen om er vanop straat nog een beeld van te kunnen schieten. Om maar te zeggen dat ook de koning duidelijk last heeft van de financiële crisis.

Ogenblik van het jaar: 22 juli 2011, 15h26

Ik woon letterlijk ongeveer halverwege tussen het regeringskwartaal in Oslo en het eiland Utøya, en heb op meer dan twintig kilometer afstand de explosie kunnen horen. Later in de avond vlogen de helikopters voorbij, op weg naar Utøya, en de volgende dagen werd ik, net als de meeste Noren, meegezogen in de nieuwsstroom rond de aanslagen. Ik ken geen van de slachtoffers of overlevenden persoonlijk, maar zit net als de meeste Noren niet verder van hen verwijderd dan één enkele schakel. Of van de dader, want bijvoorbeeld een collega van mij zat in dezelfde klas als Anders Behring Breivik. Als er me dus, buiten de geboorte van mijn tweede zoontje, iets zal bijblijven van 2011, dan wel 22 juli en de dagen die erop volgenden.

En o ja, dan was er nog die paljas die het nodig vond de gelegenheid te gebruiken om een poging te wagen me persoonlijk te broodroven of de mond te snoeren. Uiteraard volledig anoniem, of wat dacht je. Hoe laag kan een mens eigenlijk vallen?

Tijdsperiode van het jaar: twintig uur onderhandelen

Over wat voor supermensen beschikken wij toch die 20 –twintig– uren lang kunnen onderhandelen, het nachtje door en dan nog eens de hele voormiddag, om vervolgens dan nog eens de pers te woord te staan zonder omver te vallen van de slaap? Persoonlijk zou ik het al lastig beginnen krijgen na een uur of acht onderhandelen op het scherp van de snee, maar ik ben dan ook geen politicus. Strafst van al: de marathonzitting ging over… de postjes, nochtans zowat het minst belangrijke aspect aan een regeringsvorming. Of dat is het toch wat ze ons bij herhaling proberen te doen geloven.

Haalde het overigens net niet: de meer dan 18 uur een week eerder, om te onderhandelen over de begrotingen voor 2012, 2013 en 2014. Twee uur minder dus, maar zonder verdere commentaar, want we willen niet populistisch overkomen, laat staan cynisch of verzuurd.

Video van het jaar: Bunga bunga aan het Noordstation

Of toch ergens in de omgeving van Brussel. Vermoeden we. Want hoewel er veel over te doen was, lijkt het wel of niemand ooit die beruchte video met in de hoofdrol Steve Stevaert echt gezien te hebben. Er bestaat nochtans geen twijfel over dat de video ook echt bestaat, want de voormalige «GOD» heeft ze zeer doeltreffend bevestigd door algeheel ontslag te nemen. Of het zou moeten zijn dat hij als socialist vond dat hij al voldoende binnen was. Niet iedereen is ACW'er.

Haalde het overigens net niet: die andere video, van een burgemeester die hoopt later dit jaar een torenhoog resultaat neer te zetten, en daarvoor alvast eens duchtig oefende in een Zuiders land.

Uitspraak van het jaar: «Je bent de schaam van België»

Kon nog doeltreffender bewezen worden dat «les wallons c’est du caca»? En vooral, dat het onderwijs van het Nederlands in Wallonië, voor zover het natuurlijk al onderwezen wordt, ondermaats is? Zelfs in groep slagen ze er blijkbaar nog niet in een correcte Nederlandse zin van zes woorden op een spandoek te kliederen! «We drinken de staatsuitgaven terug» hoort trouwens in dezelfde categorie thuis.

Haalde het net niet, wat we de tweet van het jaar zouden kunnen noemen: «Gebruik vh woord ‘denktank’ moet gereglementeerd. Spontane gedachte na lezen domme onzin van VdCl». En dan zou Ghislain Londers niet mogen zeggen dat het vleesgeworden stuk chagrijn en rancune Yves Leterme geen groot staatsman is?

Wie we niet zullen missen in 2012, of waarvan we tenminste hopen niet veel meer van te moeten horen:
  • De regeringsonderhandelingen. Zonder twijfel.
  • Caroline Gennez. Omdat in de politiek de poppetjes en de postjes helemaal niet belangrijk zijn.
  • Yves Leterme. Ik heb echter zo'n vermoeden dat die topjob bij de OESO niet echt veel tijd van hem vergt (omdat hij zo'n buitengewone intellectuele capaciteiten bezit natuurlijk, en niet omdat het niet meer om het lijf zou hebben dan een bureautje en een appartement in Parijs, plus een secretaresse naar keuze die op tijd en stond eens gedekt dient te worden). Hij zal dan ook met de regelmaat van een irriterende klok in de Belgische media blijven opduiken met interviews en uitspraken waar de misplaatste zelfgenoegzaamheid van zal afdruipen.
  • Inge Vervotte. Kan me eigenlijk nu al amper herinneren wie of wat zij eigenlijk was.
  • Frank Vanhecke. Je kan ook een keer of vier–vijf te veel natrappen naar je voormalige partij. De N-VA verdient trouwens betere medestanders dan hem.
  • Guy Verhofstadt. Wordt het Europees Parlement niet stilaan wat te klein voor hem? Aan zijn ego te meten zou één of andere intergalactische raad, waar hij kan pleiten voor kosmo-obligaties en waar hij galactionalisme als bekrompen en crimineel kan bestempelen, al een heel stuk beter passen bij hem. Of anders de Gentse gemeenteraad natuurlijk.
  • Meyrem Almaci. Van fractieleider in de Kamer naar kandidaat-burgemeester in Antwerpen, maar waar ze met wat hulp van de media volgend jaar misschien wel de vierde viool in de gemeenteraad zal mogen spelen, ook al is dat nog steeds iets boven haar niveau, het is een promotie waartegen alleen Yves Leterme nog u zou zeggen. Maar hopelijk hoeven we haar plat links-populisme met nog minder inhoud dan de verzamelde toespraken van Caroline Gennez de eerste maanden niet meer te aanhoren.

Labels: , , , , , , , , , ,

Read more...

25 december 2011

PS en FGTB – wie is de hond, en wie de staart? (Hoegin)

De regering–Di Rupo I was nog niet goed uit de startblokken, of ze had al een eerste ernstig sociaal conflict aan het been. Er bestaat echter weinig twijfel over dat deze regering wel degelijk zal overleven tot 2014, dankzij de anti-N-VA-cement die de zes plus twee partijen sterk aan mekaar bindt. Van een leien dakje zal het echter niet lopen.

Als we de eerste «onthulling» uit de nieuwste kerstserie van De Standaard en Le Soir mogen geloven, dan fungeerde ook deze keer Guy Verhofstadt als vroedvrouw bij de geboorte van de federale regering. Een straffe onthulling, maar helemaal niet ongeloofwaardig. We merkten eerder zelf ook al op dat Elio di Rupo perfect werkt als komediant-intrigant, maar niet als een leider (noch als formateur of als eerste minister) die knopen moet kunnen doorhakken. Terloops, ook Guy Verhofstadt bewijst hiermee dat wat hem betreft het voortbestaan van België primeert op alles, want uit de schilderingen die gegeven worden komt duidelijk naar voren dat wat hem betreft elk compromis een goed compromis was, als er uiteindelijk maar een federale regering gevormd werd. Het interesseerde hem zelfs geen zier wat precies de breekpunten van de Open Vld waren, als hij ze maar naar zijn kameraad Elio di Rupo kon doorcommuniceren om «het spel» opgelost te krijgen. Wanneer zou deze man, in een ver verleden nog de auteur van een pak burgermanifesten, zich eindelijk baron of burggraaf mogen noemen?

Maar deze onthulling leert ook dat te verwachten valt dat deze regering–Di Rupo I sterk zal lijden onder een chronisch gebrek aan leiderschap, met alle chaotische toestanden tot gevolg. Een voorsmaakje van die chaos kregen we deze week al eens geserveerd, met de verwarring rond de hervorming van de pensioenen. De bevoegde minister Vincent van Quickenborne kan men inderdaad geen klein beetje gebrekkige communicatie verwijten –het leek wel de 2.0-versie van de beruchte «snel en efficiënt» van zijn leermeester Guy Verhofstadt–, maar dat neemt anderzijds toch ook niet weg dat eerste minister Elio di Rupo dagenlang in geen velden te bespeuren was. Had hij het te druk om het gepaste strikje of de juiste kleur van lippenstift te vinden voor zijn toespraak in de Kamer? Of liet hij zijn minister van Pensioenen bewust een paar dagen stoven in eigen nat, kwestie van hem meteen op zijn plaats te zetten en te leren wie echt de baas is in deze regering, en vooral, in dit land?

Wat dat laatste betreft zit er in het behang van deze regering een vraag verscholen waarover het tot nu toe in de media akelig stil is gebleven. Het is nochtans dé vraag die zal bepalen wat er de komende maanden te gebeuren staat in België: zakt het land verder weg in het sociaal-economisch moeras, of komen er alsnog echte hervormingen die het weer op het juiste spoor kan zetten? Maar blijkbaar is het in de «kwaliteitsmedia» nog steeds taboe om vragen te stellen over de échte fundamenten van dit land, en heeft men het liever over ongevaarlijke zaken als een koning Albert II die «zeer verheugd» is dat hij dit jaar niet gedwongen met pensioen gestuurd werd.

Waar het immers de volgende maanden echt om zal draaien, is of de PS niet meer is dan de kwispelende staart van de FGTB-hond, dan wel of de FGTB-staart in bedwang zal gehouden kunnen worden door de regeringshond PS. Sommigen zijn van mening dat de huidige sociale onrust niet meer is dan een opbod tussen de drie grote vakbonden met het oog op de sociale verkiezingen van volgend jaar. Ik zou zeggen, laten we hopen dat ze daarin nog gelijk hebben ook. Maar ik word soms toch nog met verbazing geslagen wanneer zelfs de Vlaamse vakbondslui niet schijnen begrepen te hebben dat ook in België de gebraden kippen niet in de lucht rondvliegen. Het valt nog te begrijpen dat de Waalse takken van de vakbonden het fundamenteel onrechtvaardig vinden dat sommigen van hun leden af en toe eens tegen hun zin vroeg moeten opstaan om te gaan werken als er toch genoeg Vlamingen zijn om alle uitkeringen te betalen, maar aan Vlaamse kant zou je toch iets meer realiteitszin verwachten.

Een paar maanden geleden zou ik echter nog geschreven hebben dat een eerste minister Elio di Rupo de Waalse vakbondstroepen met een knip van de vinger wel in het gareel zou kunnen houden als dat nodig zou zijn. De afgelopen week heeft aangetoond dat dit misschien toch niet helemaal het geval is. Dat men aan Waalse zijde gretiger aan een staking deelneemt dan aan Vlaamse zijde zal hoegenaamd geen nieuws zijn voor mijn lezers, maar dat men op dinsdagavond al spontaan het werk neer begint te leggen als «voorbereiding» op een algemene staking op donderdag is toch wel straffe kost. Het contrasteerde trouwens des te meer aangezien de staking op donderdag in Vlaanderen niets anders genoemd kan worden dan net geen mislukking, want de gemiddelde Vlaamse ambtenaar had netjes zijn voorzorgen genomen en zat lekker thuis te werken. Geen stakingspiketten die je moet trotseren, en zonder vergaderingen ben je al snel een pak productiever dan anders!

Maar als de FGTB haar stoottroepen niet helemaal onder controle heeft, en Elio di Rupo heeft via de PS de FGTB niet onder controle, dan zou het prille herwonnen geluk van de koning wel eens van heel korte duur kunnen zijn. Want inderdaad, als er één ding is waarvan men in Laken 's nachts onder het bed ligt te bibberen, dan wel Waals, socialistisch straatgeweld. Daar zijn gebalde vuistjes en een gespeeld boze toon in een televisietoespraak immers niet tegen opgewassen, zoals de familiegeschiedenis van de Saxen-Coburgers ons ook leert. Zoiets werkt misschien perfect op de quislingetjes van CD&V, sp.a en Open Vld om toch maar eindelijk braaf en zoals van oudsher hun bord linzensoep op te beginnen lepelen, maar Waalse metallo's raken van zoiets niet bepaald onder de indruk. Om niet te zeggen dat het louter zou provoceren.

2012 zou dus best wel eens een interessant jaar kunnen worden, maar een vroegtijdige val van de pasgevormde federale regering hoeven we nog niet onmiddellijk te verwachten. Zowel de korte- als de lange-termijnvoordelen van België voor het Waalse politiek-syndicaal complex zijn daarvoor nog steeds te groot. De pensioenhervorming waartegen vooral Wallonië storm lijkt te lopen is bovendien, en ironisch genoeg, precies op maat van Wallonië gesneden –met ArcelorMittal als dankbaar excuse du jour–, zodat het vooral de Vlamingen zullen zijn die binnenkort twee jaar langer zullen moeten gaan werken. Vergis je immers niet, beste lezer, met de heropleving van de Waalse economie is het net zoals met Elio di Rupos verbeterde kennis van het Nederlands: reeds vele malen aangekondigd, maar nog nooit werkelijk waargenomen. En meer is blijkbaar ook niet nodig om de Vlaamse onderdanen koest aan de Belgische ketting te houden.

Labels: , , ,

Read more...

<<Oudere berichten