15 december 2013

Op de foto met Barack Obama (Hoegin)

Verleden week ontstond er nogal wat heisa in de internationale media naar aanleiding van een «selfie» van de Deense eerste minister Helle Thorning-Schmidt. Die selfie werd tijdens de herdenkingsceremonie voor Nelson Mandela vereeuwigd door een fotograaf van AFP, en liet duidelijk zien hoe Helle Thorning-Schmidt als een overjaarse bakvis zat te flirten met de Amerikaanse president Barack Obama. First Lady Michele Obama leek ondertussen iets minder opgezet met wat zich aan haar rechterzijde voltrok.

Het voorval deed zich voor tijdens de urenlange herdenkingsplechtigheid van de pas overleden Nelson Mandela. In een onbewaakt ogenblik kwam bij de Deense eerste minister Helle Thorning-Schmidt plots het idee op om een selfie te nemen van haarzelf en haar buur Barack Obama. De Britse eerste minister David Cameron beweert dat ook hij mee op de foto mocht, maar wie de beelden bekijkt blijft toch eerder met de indruk achter dat hij zichzelf mee op de selfie opdrong dan dat Helle Thorning-Schmidt hem er mee op wou.

Mandela 2.0

De foto's van het kwartet –een duidelijk kirrende Helle Thorning-Schmidt, een lachende Barack Obama, een zich opdringende David Cameron en een nogal sip kijkende Michele Obama– gingen via Twitter in sneltempo de wereld rond. De media pikten het uiteraard op als een grappige gimmick in de marge van de plechtigheden in Zuid-Afrika, maar bij hen sloeg de toon nogal snel om. Zo flatterend was de scène immers niet, noch voor Barack Obama, noch voor Michele Obama, noch voor Helle Thorning-Schmidt. Voor David Cameron was de hele affaire reeds van in het begin ronduit gênant, maar om een conservatief die zich belachelijk maakt malen de media nu eenmaal niet. Of liever: daar zouden ze zelfs met veel plezier aan meewerken. Dat ligt natuurlijk iets anders voor Barack «Mandela 2.0» Obama, Michele Obama, en de sociaaldemocrate Helle Thorning-Schmidt.

Borgen

Wie is overigens Helle Thorning-Schmidt? De 47-jarige Deense politica is sedert 2005 leider van de Deense sociaaldemocratische partij, en sinds 2011 de eerste vrouwelijke premier van Denemarken. De Deense TV-serie Borgen, die het verhaal vertelt van een fictieve politica Birgitte Nyborg die eveneens de eerste vrouwelijke premier van Denemarken wordt, is minstens gedeeltelijk geïnspireerd op de figuur van Helle Thorning-Schmidt, maar er zijn ook duidelijke verschillen. Zo hoort Birgitte Nyborg bijvoorbeeld duidelijk tot het centrum, terwijl Helle Thorning-Schmidt wel degelijk volbloed links is.

Business Lounges

Met haar blitse verschijning was ze aan het begin van haar mandaat trouwens dé grote hoop van Europees links om de sociaaldemocratie eindelijk weer uit het slop te halen, samen met de Franse president François Hollande en onze eigenste nationale Elio di Rupo. Ondertussen weten we dat François Hollande één grote miskleun is die in de peilingen qua populariteit het ene nieuwe laagterecord na het andere voor een zittend Frans president neerzet. Elio di Rupo werd en wordt alleen door onze nationale pers ernstig genomen. En Helle Thorning-Schmidt heeft al evenveel met een gewone arbeider gemeen als pakweg een Freya van den Bossche: afkomstig uit een beschermd milieu, vaker in de business lounges op de luchthavens te vinden dan de lokale supermarkt, en nooit een andere job gehad dan de politiek. Bouw daar maar eens een socialistische campagne mee op.

Klein detail: Helle Thorning-Schmidt is getrouwd met Stephen Kinnock, zoon van de beruchte oud-leider van het Britse Labour Neil Kinnock. Dat is ook de reden waarom David Cameron in het Britse Lagerhuis het grapje kon vertellen dat Nelson Mandela zelfs na zijn dood nog mensen bij mekaar brengt. Want inderdaad, dat een leider van de Britse Conservatieven zomaar op de foto gaat met een (aangetrouwd) lid van de Kinnock-familie is niet bepaald een dagdagelijkse gebeurtenis. Een jaar of twintig–dertig geleden zou niemand het durven vermoeden hebben.

Selfie

Maar terug naar de gebeurtenissen in Zuid-Afrika. Volgens de media heette het dat we achter de selfie van Helle Thorning-Schmidt vooral niet teveel mochten zoeken. De ceremonie bleef uren duren, en dan is het niet verwonderlijk dat zelfs wereldleiders al eens hun maskers laten zakken en zich even als gewone mensen gedragen. Tijdens een rouwceremonie even flirten met je buur en een selfie maken hoort daar volgens ons kwaliteitspersdom blijkbaar bij.

Dat het precies zulke ogenblikken zijn die veel zeggen over de werkelijke politieke meningen en voorkeuren van de betrokkenen, dat wil men in de «serieuze» media natuurlijk niet geweten hebben. Maar het is echt geen toeval dat Helle Thorning-Schmidt van zichzelf vond dat ze werkelijk met haar achterste in de boter gevallen was aan de zijde van Barack Obama. Probeer gewoon even dezelfde scène in te beelden met George W. Bush in plaats van Barack Obama, en het is duidelijk dat dit geen neutraal tafereel was. Helle Thorning-Schmidt zou het in geen honderd jaar in haar hoofd gehaald hebben om zich met George W. Bush op een selfie te vereeuwigen. Meer zelfs, we vermoeden dat als ze naast hem had moeten zitten, ze daar urenlang met een zuur gezicht zou gezeten hebben omwille van zoveel onrecht aangedaan aan haar progressief persoontje.

Hip

De Deense premier is overigens niet de enige die in het Obama-idolatriebedje ziek is. De manier waarop bijvoorbeeld de VRT-journaliste Greet de Keyser vanuit de VS over Barack Obama rapporteerde was vaak ronduit gênant. En ook Gwendolyn Rutten liet zich tijdens de presidentsverkiezingen van 2008 opmerken als onvoorwaardelijke aanbidster van Zijne Hippe en Goddelijke Gekleurdheid Barack Obama, ook al leunt de Open Vld traditioneel dichter bij de Republikeinen aan dan de Democraten. Toen reeds was voor Gwendolyn Rutten schijn en show oneindig veel belangrijker dan inhoud en sérieux. De manier waarop ze zich kandidaat stelde voor het voorzitterschap van de Open Vld, of waarop de Toekomstverklaring onlangs nog aan de pers voorgesteld werd, ligt in dezelfde lijn.

Nobelprijs

Maar ook politici waarvan men zou verwachten dat ze zich wat bedaarder en serieuzer zouden gedragen laten zich graag vangen door de show van Barack Obama. Voor de sociaaldemocraat en voorzitter van het Noorse Nobelcomité Thorbjørn Jagland was het in 2009 al ruim voldoende dat Barack Obama verkozen was geraakt en beloofd had dat hij de wereld zou verbeteren om hem meteen al de Nobelprijs voor de Vrede toe te kennen. Aan zijn uiterst afgemeten reactie viel duidelijk te merken dat Barack Obama de hele zaak maar een pijnlijke miskleun vond. Zijn desinteresse voor die Nobelprijs (en Europa in het algemeen) kon trouwens niet passender geïllustreerd worden dan door het bliksembezoek in december om de prijs te komen afhalen. Geen minuut langer dan het absolute minimum bleef hij in Noorwegen. Dan gebruikt hij liever zijn tijd in het Midden-Oosten om er zoete broodjes met moslims te gaan bakken. Thorbjørn Jagland kon het echter niet deren, want hij had op de foto met Barack Obama gestaan, en hem zelfs de hand mogen schudden. Het zou ons niet verwonderen moest hij die sindsdien niet meer gewassen hebben.

Labels: , , , , , , , , ,

Read more...

19 september 2013

Diplomatiek brokkenparcours van Obama (Hoegin)

«Now let me be clear: I suffer no illusions about Saddam Hussein. He is a brutal man. A ruthless man. A man who butchers his own people to secure his own power… The world, and the Iraqi people, would be better off without him.» Deze woorden werden in oktober 2002 uitgesproken in een hevige anti-oorlogstoespraak op het Federal Plaza in Chicago. Redenaar van dienst: een jonge, beloftevolle Democratische senator uit Illinois, die luisterde naar de naam… Barack Obama. Vandaag, elf jaar later, zou hij dezelfde woorden kunnen gebruiken om deze keer wél ten oorlog te trekken, tegen Bashar al-Assad.

Laat er geen twijfel over bestaan: we gaan geen traan laten voor Bashar al-Assad moest hij morgen omkomen door een goedgemikte raket op één van zijn paleizen. Maar we hebben toch ook enkele vragen over wat het post-Assad-tijdperk voor Syrië en het Midden-Oosten zal brengen. In tegenstelling tot de psychiatrische patiënt Guy V. en konsoorten geloven we namelijk niet dat de Syrische oppositie vrijwel uitsluitend uit goedmenende democraten bestaat, en daarom onze onvoorwaardelijke steun verdient.

Twee van de redenen waarom Barack Obama in 2002 de interventie in Irak verwierp, was precies dat er geen strategie voor het post-Hoessein-tijdperk voorhanden was, en dat er geen sterke internationale steun voor de interventie bestond. Op die twee punten doet Barack Obama het vandaag zeker niet beter dan George W. Bush toen. Rusland en China zijn tegen een interventie in Syrië, en zelfs het Britse Lagerhuis houdt de boot liever af. Vandaag zijn het de Fransen die nog het meest zin in een oorlog in Syrië lijken te hebben. De tijd van de zogenaamde Freedom Fries ligt dan ook al een paar jaar achter ons.

Coalition of the Willing

Maar met Rusland en China zo duidelijk gekant tegen een interventie in Syrië, en Groot-Brittannië aan de kant, zal het nog afwachten worden of Obama's Coalition of the Willing zoveel groter zal zijn dan die van George W. Bush. In april 2003 stond voor die laatste de teller op 48 landen, weliswaar met enkele militaire «grootmachten» als de Marshalleilanden, Micronesië, Palau en de Solomoneilanden, maar toch. Ondanks de steun van die 48 landen lieten de westerse media niet na herhaaldelijk te benadrukken hoe geïsoleerd George W. Bush wel niet stond. Benieuwd of ze dat met Barack Obama ook zullen doen.

En het is zelfs niet zeker of Barack Obama wel over voldoende nationale steun beschikt om tussen te komen in Syrië. Aan Republikeinse zijde is men er bepaald niet happig op om na Libië nu al voor de tweede keer op korte tijd door de Fransen in een oorlog betrokken te worden. Als stank voor dank voor de hulp om Moammar al-Qadhafi omver te werpen werd trouwens een paar maanden later de Amerikaanse ambassadeur J. Christoffer Stevens in Benghazi vermoord. Het voorstel van Sarah Palin om heel het zaakje aan Allah over te laten komt dan ook niet bepaald uit de lucht gevallen. Trouwens, iemand vrijwilliger om over enkele maanden Amerikaans ambassadeur in Aleppo te worden?

Binnenlands politiek spelletje

Het is dus lang niet zeker dat Barack Obama in het Huis van Afgevaardigden, waar de Republikeinen over een meerderheid beschikken, wel voldoende steun zal krijgen voor een interventie in Syrië. Daarom ook dat Barack Obama een achterpoortje openliet in zijn toespraak van afgelopen zaterdag. Hij vroeg immers niet de toestemming van het Congres, maar vond alleen maar dat met de steun van het Congres de Verenigde Staten sterker zouden staan.

In het geval van een herhaling van het Britse scenario in Washington D.C. meent Barack Obama toch over de bevoegdheid te beschikken om op eigen houtje een interventie te bevelen. Bij de top van de administratie klinkt het dan ook dat er wel degelijk een aanval in Syrië zal komen, ongeacht de uitslag van de stemming in het Congres. Barack Obama's vraag om steun van het Congres is dan ook niet meer dan een politiek spelletje om de Republikeinse oppositie mee in het bad te trekken.

Aangekondigde verrassingsaanval?

Nogal wat waarnemers stellen dan ook vragen bij het tactische inzicht van president Barack Obama wat betreft militaire vraagstukken. Een jaar geleden trok hij immers al een rode lijn, waardoor hij nu gevangen zit in zijn eigen logica om tussen te komen na de aanval met gifgas in Ghouta. Een blunder van formaat, want als er toch geen tussenkomst in Syrië volgt, ligt zijn geloofwaardigheid volledig aan diggelen.

Vervolgens gaf Barack Obama enkele oorlogsschepen het bevel op te rukken naar het oostelijk gedeelte van de Middellandse Zee. Daardoor ontstond de indruk dat een raketaanval elk ogenblik kon beginnen. Veel meer dan een voorbereiding bleek dat ondertussen niet te zijn, want in zijn toespraak stelde hij een tussenkomst immers uit tot minstens na 9 september, de datum voor het debat in het Congres. Daardoor geeft hij Bashar al-Assad en zijn kliek uitgebreid de kans om zich goed voor te bereiden op een nakende aanval. Inclusief het in veiligheid brengen van familie, geld en alles van waarde dat versleept kan worden naar buurland Libanon. Van een verrassingsaanval is dus al lang geen sprake meer. Vooral de arme drommels die niet over de juiste connecties en de middelen beschikken om op tijd naar het buitenland te vluchten riskeren dus onder Amerikaanse raketten terecht te komen.

Wie heeft het gedaan?

Blijft nog de vraag wie achter de aanval met gifgas zat, want die is nog steeds niet afdoende beantwoord. Volgens de Amerikanen bestaat er vrijwel –vrijwel– geen twijfel over dat het de troepen van Bashar al-Assad waren. De Russen beweren ondertussen stellig het tegendeel, terwijl de Chinezen lijken voor te doen van niets te weten en de resultaten van een onafhankelijk onderzoek willen afwachten.

Nu willen we intuïtief wel meer geloof hechten aan wat een Amerikaanse inlichtingendienst ons komt te vertellen dan een Russische, en al zeker een Chinese, maar het blijft woord tegen woord. En een inlichtingendienst dient toch in de eerste plaats de belangen van haar land, en dus niet noodzakelijk de waarheid. Onze stelling van vorige week dat vooral de Syrische oppositie belang had bij een aanval met gifgas blijft overeind, maar Bashar al-Assad zou de eerste dictator niet zijn die zijn ondergang bezegelde met net die ene arrogante provocatie te veel.

Dit artikel verscheen op 4 september 2013 in 't Pallieterke.

Labels: , , , , , ,

Read more...

13 september 2013

Gifgas in Damascus: in wiens belang? (Hoegin)

Op 21 augustus werden er ten oosten van Damascus enkele aanvallen met gifgas uitgevoerd. Er zouden honderden tot misschien wel tweeduizend doden gevallen zijn, en wel negenduizend gewonden. De aanval zorgde voor een golf van verontwaardiging over de hele wereld. Wie de aanval precies uitvoerde is op het ogenblik dat dit stukje geschreven wordt verre van duidelijk, maar hoofdverdachte is Bashar al-Assad en het officiële Syrische leger. Maar welk belang had hij bij zo'n aanval, op een steenworp van het hotel van enkele net neergestreken VN-inspecteurs?

De aanvallen met gifgas zouden rond drie uur in de ochtend plaatsgevonden hebben in Ghouta, een agrarische streek ten oosten van Damascus. Een achttal plaatsen werden getroffen, plus een voorstad van Damascus zelf, allemaal onder controle van de Syrische rebellen en traditioneel soennitisch van strekking. De schattingen van het aantal doden gaan van 322 volgens lokale ziekenhuizen, oplopend tot 1.729 volgens het Vrije Syrische Leger (FSA). Op het internet en elders in de media zijn er genoeg foto's en video's van de slachtoffers te vinden, maar hun authenticiteit valt zoals gewoonlijk moeilijk te controleren.

Uit het beeldmateriaal valt trouwens moeilijk op te maken wat er precies gebeurd is. Zo zijn er wel beelden van tijdens de aanvallen zelf, maar daaruit valt niet af te leiden welk gas er precies gebruikt werd. Sommige analisten menen zelfs dat er misschien geen sprake was van een aanval met gifgas, maar dat conventionele wapens een voorraad gifgas –van de regering of de rebellen– geraakt zou hebben. De meeste analisten houden het echter op een aanval met sarin, zich baserend op de symptomen van de slachtoffers op het beeldmateriaal. De samenstelling van de slachtoffers klopt alvast met een typische aanval met zenuwgas: een doorsnede van hoe de bevolking er in de getroffen gebieden uitziet, en dus niet alleen mannen maar ook vrouwen en kinderen in alle leeftijden.

Hoofdverdachte #1: Bashar al-Assad

Na de aanval werd meteen met de vinger richting Bashar al-Assad gewezen. Daar zijn ook goede redenen voor. Ten eerste bestaat er weinig twijfel over dat het Syrische leger beschikt over chemische wapens. Ten tweede twijfelt niemand eraan dat Bashar al-Assad er niet voor zou terugschrikken zijn chemische wapens ook daadwerkelijk te gebruiken, ook tegen zijn eigen bevolking. Maar verder dan dat hij het zou kunnen doen, dat hij het zou durven doen en dat rebellen de slachtoffers waren reikt de bewijsvoering op dit ogenblik niet. In een gemiddelde detectiveroman zou hij als hoofdverdachte nummer 1 door de lokale politie opgesloten worden, waarna de detectiveheld stapje voor stapje de échte boef begint te ontmaskeren.

Argumenten à décharge

Want inderdaad, er pleiten ook argumenten tegen hem als dader van deze gifgasaanval. Het Syrische leger was de laatste tijd eerder aan de winnende hand, onder meer dankzij de steun van de Hezbollah uit Libanon. Er waren geruchten over een nakende aanval van de rebellen op Damascus, maar het lijkt er niet op dat Bashar al-Assad op dit ogenblik behoefte aan gifgas had om vooruitgang te boeken op het terrein. Gifgas is iets wat je gebruikt als je in het nauw zit, niet wanneer je aan de winnende hand bent.

Maar ook de tijd en de plaats kloppen niet. President Bashar al-Assad zou wel gek zijn als hij uitgerekend een paar dagen nadat enkele VN-inspecteurs in Damascus neerstreken een grootschalige gifgasaanval in gang zou zetten, bovendien op amper een paar kilometer van hun hotel. De nacht van de aanval stond er trouwens redelijk veel wind in de streek rond Damascus. Het risico was daarom reëel dat het gifgas niet alleen de hoofdstad in zou vliegen, maar zelfs de VN-inspecteurs had kunnen treffen.

VN-inspecteurs

Anderzijds is het dan weer merkwaardig dat Bashar al-Assad de VN-inspecteurs niet onmiddellijk toeliet tot het getroffen gebied. Is hij niet helemaal zeker van de controle over zijn eigen leger, en vreest hij dat één van zijn generaals op eigen houtje gifgas gebruikt heeft? Of, vertrouwt hij de VN-inspecteurs niet, en verdenkt hij hen er zelfs van enkel maar bewijsmateriaal tégen hem te zullen verzamelen, zelfs al werd de aanval door rebellen uitgevoerd en zouden daarvoor op het terrein voldoende bewijsstukken te vinden zijn?

Hoofdverdachte #2: de rebellen

En daarmee zijn we beland bij de tweede hoofdverdachte: de rebellen. Zij hebben groot belang bij een gifgasaanval die in de schoenen van Bashar al-Assad geschoven kan worden. Ondanks enkele lokale succesjes in de buurt van Damascus delven zij op dit ogenblik het onderspit. In de westerse media kunnen zij op veel sympathie rekenen, maar ondanks de pleidooien van bijvoorbeeld een Guy Verhofstadt schrikt men er in het Westen voorlopig nog van terug om hen rechtstreeks van wapens te voorzien.

We weten ook dat zij er niet bepaald voor terugschrikken de eigen bevolking en eigen soldaten op te offeren, zoals al bleek bij eerdere gifgasincidenten. Bepaalde delen van het Syrische verzet lijken er zelfs een beetje tuk op om ook aan de eigen zijde een paar martelaren extra bij te maken, kinderen en vrouwen inbegrepen.

Toevallige toevalligheden

Bovendien zijn er een pak toevalligheden die wel heel gunstig uitspelen voor de rebellen. De aanval gebeurde enkele dagen nadat enkele VN-inspecteurs in Damascus aangekomen waren, en dan nog wel recht onder hun neus. Bovendien valt de aanval bijna dag op dag een jaar na de befaamde «red line»-toespraak van Barack Obama. In die toespraak zei hij dat het gebruik van gifgas voor hem een rode lijn is. Begrijp: een daad die een Amerikaans militair ingrijpen om de Syrische burgerbevolking te beschermen zou rechtvaardigen. Of die rode lijn ook voor de rebellen geldt, en wat een eventueel overschrijden voor hen zou betekenen, blijft onduidelijk. Ook Guy Verhofstadt is nogal vaag op dat vlak.

Speak loudly and carry no stick

Die toespraak van Barack Obama was trouwens een tactische blunder van formaat. Sindsdien zitten bepaalde westerse media immers op vinkenslag voor elk berichtje over een mogelijk gebruik van gifgas in Syrië. Barack Obama blinkt voorlopig echter vooral uit in immobilisme, en zijn buitenlands beleid kan op dit ogenblik nog het best samengevat worden als «speak loudly and carry no stick».

Overigens al opgevallen dat dezelfde media die tien jaar geleden nog alle registers opentrokken tegen George W. Bush en de ingreep in Irak, nu bijna dagelijks aan de mouw van Barack Obama trekken om in Syrië toch maar in gang te schieten? Het kan verkeren…

Wie heeft het gedaan?

Hebben de rebellen het gedaan? Ook daarvoor zijn er op dit ogenblik weinig directe bewijzen. Net zoals de VS beweren dat ze bewijzen van activiteit rond de depots met chemische wapens van het Syrische leger hebben vlak voor de aanval, beweert Rusland beelden te hebben van twee raketten afgeschoten vanuit gebied onder controle van de rebellen.

Volgens sommigen is de schaal van de aanval te groot om uitgevoerd te kunnen zijn door de rebellen. Anderen werpen op dat de aanval lang op voorhand gepland kan geweest zijn, en dat ze gewoon hun kruit opgespaard hebben tot het «juiste» ogenblik. Nog anderen verdenken de rebellen dan weer van opgezet spel, en The Voice of Russia meent zelfs dat sommige foto's van de slachtoffers al een dag op voorhand klaar waren en verspreid werden.

Een filmpje op YouTube van een stervend kind draagt de datum 20 augustus 2013, maar de verkeerde datum kan ook verklaard worden door het tijdsverschil tussen Syrië en de servers van YouTube in de VS. Sommigen vinden de overvloed aan beeldmateriaal op zich al verdacht, en ook de professionaliteit ervan. Anderzijds blijven de beelden te wazig om vast te kunnen stellen wat er nu precies gebeurd is. En zo heeft iedereen wel zijn waarheid over deze gasaanval.

Oplossing voor Syrië

Waar niemand het ondertussen over heeft: wat zou nu eigenlijk de beste oplossing voor Syrië zijn? Persoonlijk vertrouwen we noch Bashar al-Assad, noch de rebellen, en al zeker de islamisten van Al-Nusra niet.

Je zal het niet lezen in de kwaliteitspers, maar de waarheid is dat Syrië geen land is, en nooit geweest is. Syrië is een staat, met grenzen die nooit meer waren dan lijnen op een kaart. Dat laatste overigens met dank aan de ex-koloniale machten Frankrijk en Groot-Brittannië, die een verpletterende verantwoordelijkheid dragen.

Wat we vandaag meemaken is de desintegratie van de kunstmatige staat Syrië. De frontlijnen waar de vechtende partijen zich vastgereden hebben vallen niet zomaar toevallig min of meer samen met de grenzen van de historische componenten van Syrië. In het noorden zijn dat, naast enkele Koerdische gebieden, de historische Ottomaanse provincies Zor en Aleppo, met een overwegend soennitische bevolking. In het zuiden is dat de provincie van Damascus, die trouwens meer samenhangt met de oude provincies Berg Libanon en Beiroet.

Er zit dus meer dan alleen maar religie achter dat precies de Hezbollah uit Libanon het Syrische leger ter hulp snelde, net zoals het geen toeval is dat Aleppo tegenwoordig zo een beetje als hoofdstad voor de rebellen fungeert. Een vergelijking met de probleemstaat Libië (Tripoli/Benghazi zoals Damascus/Aleppo) valt trouwens moeilijk te onderdrukken.

De situatie zou al een pak gemakkelijker worden als Bashar al-Assad zich tevreden zou kunnen stellen met een staat Damascus, de rebellen met een staat Aleppo-Zor, en de internationale gemeenschap met een tweedeling van Syrië. Dat laatste zal echter een taboe te ver zijn, zeker voor Frankrijk dat zich nochtans graag op de borst klopt dat het zich zorgen maakt over de Syrische burgerbevolking. We laten het aan de fantasie van de lezer over wat Guy Verhofstadt of Elio di Rupo van zo'n oplossing zouden denken.

Dit artikel verscheen op 28 augustus 2013 in 't Pallieterke.

Labels: , , , ,

Read more...

12 september 2013

Een gure Koptische herfst (Hoegin)

De afgelopen week gingen er in Egypte enkele tientallen Koptische kerken in vlammen op. Niet veel over gelezen in onze kwaliteitsmedia? Dat klopt, want die hadden het te druk om het politiegeweld tegen de demonstranten van de Moslimbroeders in beeld te brengen, en scherp te veroordelen. Maar wat ooit omschreven werd als een Arabische lente lijkt meer en meer uit te draaien op een hete islamistische zomer. Voor de Koptische christenen, en bij uitbreiding eigenlijk alle christenen in het Midden-Oosten, wordt het vooral een gure herfst..

In 2005 bestond de Deense krant Jyllands-Posten het twaalf Mohammed-cartoons te publiceren. Binnen de kortste keren stond heel het Midden-Oosten in rep en roer, door moslims die zich tot in het diepst van hun ziel gekrenkt voelden door die cartoons. Hoogstwaarschijnlijk zou het merendeel van hen nog niet bij benadering Denemarken op de wereldbol hebben kunnen situeren, zelfs al hing hun leven ervan af. Het aandeel Jyllands-Posten-lezers onder de betogers hoeft dus niet al te hoog ingeschat te worden. In Damascus werd niet alleen de Deense ambassade (en de Zweedse en de Chileense in hetzelfde gebouw) in de as gelegd, maar voor alle zekerheid ook de Noorse in een ander deel van de stad. Of met andere woorden, wanneer moslims boos worden steekt het zo nauw niet met de vergeldingsacties: proportionaliteit is geen voorwaarde, en al evenmin of het doelwit betrokken partij is of niet.

Spoelen we even door naar 2013. Bij de afzetting van de Egyptische president Mohamed Morsi was de Koptische paus Theodorus II zo vermetel geweest zich aan de kant van generaal Abdul Fatah al-Sisi te scharen. Gevolg: niet alleen belagen de aanhangers van de Moslimbroeders het Egyptische leger en de politie, maar laten ze zich ook voluit gaan tegenover al wat van ver of dichtbij naar Kopten of christenen ruikt in Egypte. Op 5 juli al, amper twee dagen na de machtswissel, hielden de Moslimbroeders al lelijk huis in het christelijke dorpje Nagaa Hassan. Tientallen huizen werd platgebrand, winkels geplunderd, en minstens vier mensen werden afgemaakt. Sindsdien is het alleen maar van kwaad naar erger gegaan, en gingen niet alleen kerken maar ook christelijke scholen en weeshuizen in vlammen op. In sommige steden krijgen winkels van christenen zelfs af te rekenen met speciale graffiti, zodat bij de eerstvolgende betoging vooral de «juiste» winkels geplunderd kunnen worden.

Wat een verschil in reactie op de twee gebeurtenissen. Twaalf spotprenten in een lokale krant van een klein Europees landje volstaan blijkbaar al om heel het Midden-Oosten in rep en roer te zetten, en enkele ambassades af te branden. Europese politici én journalisten konden zich niet snel genoeg distantiëren van de cartoons, en bij de weinigen die toch de verdediging van Jyllands-Posten op zich namen lag het er vingerdik op dat het toch niet helemaal van harte was. Want ja, was dat nu echt zo nodig geweest om die brave aanhangers van de godsdienst van de vrede zo doelbewust en kwaadaardig op hun gevoelige tenen te trappen?

Wanneer echter kerken met tientallen tegelijk in brand gestoken worden, winkels van christenen systematisch gemarkeerd en er niet bepaald op een christelijk lijk meer of minder gekeken wordt, dan liggen de zaken natuurlijk helemaal anders. Dan verneem je er in de Westerse media amper iets over, of je moet al uitwijken naar «subversieve» media zoals dit blaadje, of bijvoorbeeld de Nederlandse internetsites Geen Stijl of Dagelijkse Standaard. De vierde macht als vijfde colonne van de islam, echt nieuws zal het voor de lezer natuurlijk niet zijn.

Maar ook de Europese politici gaven nadrukkelijk niet thuis. De christen-democraten, waaronder «onze» Europese «president» Herman van Rompuy al zeker niet. Ja, in januari zat hij nog in Caïro naast opper-Moslimbroeder president Mohamed Morsi mooi te blinken om er een vette cheque van vijf miljard euro te gaan afleveren. Dat van het miljard euro dat Egypte tussen 2007 en 2013 aan Europees belastinggeld mocht ontvangen eigenlijk weinig of geen spoor meer terug te vinden is, daar doet alleen een kniesoor moeilijk over. Misschien is het wel van dat geld dat dezer dagen de jerrycans volgetankt worden om Koptische kerken in brand te steken?

Over paljassen als een Koert Debeuf willen we het dan nog niet eens gehad hebben. Die praatjesmaker zou nog geen moslimgeweld tegen christenen herkennen al brandde hij zelf mee op in een Koptische kerk.

Waar die Europese politici dan wel wakker van liggen? Dat de politie teveel geweld zou gebruiken tegen protesterende Moslimbroeders. Ook premier Elio di Rupo, die op 15 augustus op Twitter «Egypte: ik veroordeel met klem de repressie en het geweld. Mijn oprechte deelneming aan de families van alle slachtoffers» afscheidde. Een Belgische premier die de repressie veroordeelt, dat we dat nog mochten meemaken! Maar je moet wel al heel welwillend zijn om in zijn tweet ook een veroordeling van het geweld tegenover de Kopten te willen zien.

Zo ook Herman van Rompuy, wanneer hij dan toch een persmededeling schrijft: «Het geweld van de voorbije dagen kan niet gerechtvaardigd of genegeerd worden. De mensenrechten moeten worden gerespecteerd, en politieke gevangen moeten worden vrijgelaten.» Dat de Moslimbroeders ook mogen ophouden Kopten over de kling te jagen kreeg hij echter niet uit zijn toetsenbord gewrongen. Of spaart hij die vermaning misschien voor zijn volgende haiku?

De Amerikaanse president Barack Obama is trouwens in hetzelfde bedje ziek, en ziet in Egypte alleen maar geweld tegen moslims. Hoe verklaart hij de tientallen dode politieagenten? Slachtoffers van de hitte? Acute opstoot van West-Nijlziekte? De schotwonden vertellen een ander verhaal, de YouTube-video die toont hoe een gepantserde politiebus van een brug gesmeten wordt ook.

Bij het liberaal-democratische segment van de Egyptische bevolking heeft Barack Obama het trouwens meer dan waarschijnlijk voorgoed verkorven. Een mens zou nochtans denken dat een land als de Verenigde Staten vooral de belangen van dat gedeelte van de bevolking zou willen ondersteunen. Maar neen hoor, niet met deze Amerikaanse president. Barck Obama steunde maar al te graag president Mohamed Morsi, en bleef hem ook steunen toen al lang duidelijk was wat voor een ramp die man voor Egypte was.

Helemaal inconsistent was dat natuurlijk niet van Barack Obama. Tijdens zijn verkiezingscampagne had hij immers beloofd dat hij in de loop van de eerste maanden van zijn presidentschap de moslims vanuit een grote moslimhoofdstad zou toespreken. Op 4 juni 2009 stond hij dan ook in, inderdaad, Caïro, om er met zijn toespraak «A New Beginning» zoete broodjes te bakken voor de moslims. Het praatje dat het Westen toch zoveel te danken heeft aan de islam, inclusief de algebra natuurlijk, ontbrak uiteraard niet. Over democratie zei hij dat «de VS niet aannemen te weten wat het beste is voor iedereen». Anderzijds erkende hij wel dat mensen verlangen naar de vrijheid van meningsuiting, eerlijke rechtspraak en een transparante overheid. Over de onderdrukking van minderheden, laat staan christelijke minderheden, had hij het zeer «diplomatisch» niet. Maar je vraagt je natuurlijk wel af hoe het toch komt dat hardnekkige geruchten als zou hij heimelijk een moslim zijn de ronde blijven doen.

Tot slot nog een waarschuwing voor de lezer. Hebt u dit artikel instemmend zitten gelezen, dan zit u in de gevarenzone. Als het van Senator Bert Anciaux –«al-Bert» voor de vrienden– afhangt wordt het binnenkort immers strafbaar om erop te wijzen of het ermee eens te zijn dat er aan de islam ook enkele donkere kantjes zitten. Dan lijdt u immers aan islamofobie, en zoals gekend is die ziekte het allergrootste probleem waar de wereld op dit ogenblik mee te maken heeft. De lezer weet dan meteen ook waarom Bert Anciaux nog geen tijd heeft gehad zich het lot van de christenen in het Midden-Oosten aan te trekken, en voor hen een traan te plengen. Hij heeft het immers veel te druk met de uitwerking van zijn wetsvoorstel, en is bovendien ook naarstig aan het schrijven aan zijn doctoraat. In het leven moet men nu eenmaal prioriteiten kunnen stellen…

Dit artikel verscheen op 21 augustus 2013 in 't Pallieterke.

Labels: , , , , , , ,

Read more...

15 augustus 2013

Een Texaans cowboyverhaal (Hoegin)

In een openhartig interview met Knack deed topeconoom Ivan van de Cloot van de denktank Itinera er verleden week zijn beklag over dat hij bedreigd zou worden. Hij diste daarbij een nogal plastisch verhaal op van hoe een «topminister» tijdens de recentelijke exportmissie naar Houston zou gezegd hebben dat iedereen die kritiek op het ACW had gegeven aangepakt zou worden. In bepaalde kringen werd onmiddellijk moord en brand geschreeuwd, maar is het in de Belgisch/Vlaamse modelstaat wel zo uitzonderlijk dat iemand bedreigd of zelfs gebroodroofd wordt omwille van zijn mening?

Voor de lezers die het interview niet gelezen hebben citeren we even de passage in het Knack-interview waarin Ivan van de Cloot beschrijft wat er zich in Houston zou hebben afgespeeld:
Onlangs reisde er een belangrijke Vlaamse handelsmissie naar de Verenigde Staten. Ik was er niet bij, maar achteraf kreeg ik volgend bericht van wat er gezegd is. (neemt een papier en schraapt de keel): “Op de exportmissie in Houston vertelde een topminister aan de journalisten dat iedereen die kritiek had gegeven op het ACW, één voor één zouden worden aangepakt. En terwijl hij dat vertelde, maakte hij van zijn hand een revolver en schoot hij.”
De George Clooney uit Puurs

Zoals Knack zelf opmerkt namen Vlaams minister-president Kris Peeters en minister Hilde Crevits deel aan die handelsmissie. Wij zouden verder willen opmerken dat Ivan van de Cloot toch het mannelijk persoonlijk voornaamwoord «hij» gebruikt, en niet het vrouwelijke «zij», al kan «hij» in deze context natuurlijk ook geslachtsneutraal gebruikt zijn. Maar zelfs los daarvan hoeven we in tegenstelling tot Doorbraak.be geen vijf journalisten off the record op te bellen om ons net iets levendigers een Kris Peeters voor te stellen die met zijn wijsvinger pief-poef-paf doet dan een Hilde Crevits. Dat Kris Peeters net iets beter op George Clooney lijkt dan Hilde Crevits speelt daarbij natuurlijk niet in zijn voordeel. Anderzijds weet je natuurlijk nooit waartoe Hilde Crevits in staat is na het nuttigen van een sherry of twee–drie in een lokale saloon…

Eén voor één aanpakken

Maar laten we eerlijk zijn: een politicus die dissidente stemmen het zwijgen wil opleggen, sinds wanneer is dat nieuws in België? Laat staan een «politieke bom»? Was het soms niet precies met dat doel voor ogen dat eind vorige eeuw een bepaald centrum werd opgericht, en zelfs de wetgeving werd aangepast? «Eén voor één aangepakt», het had zelfs in de oprichtingsakte kunnen staan.

Waar was trouwens de verontwaardiging van Ivan van de Cloot toen enkele weken geleden de vakbonden nog eens de kieslijsten van het Vlaams Belang tegen hun ledenbestanden hielden, kwestie van ze te kunnen zuiveren van onreinen?

We kunnen Ivan van de Cloot trouwens aanraden nog eens na te lezen hoe het Roger van Houtte bij Gazet van Antwerpen verging toen de socialisten daar eindelijk de macht volledig in handen hadden. Of eens af te spreken voor een goed gesprek met Frank Thevissen. Die is immers ervaringsdeskundige over hoe «vrij» die Vrije Universiteit van Brussel wel was toen de Open Vld niet langer voldoende hoog scoorde in De Stemmenkampioen.

En sommige lezers zullen zich misschien nog Herman de Bode herinneren, al iets dichter bij het werkveld van Ivan van de Cloot. In 2005 werd Herman de Bode bij McKinsey Benelux zachtjes naar de uitgang begeleid wegens zijn ondertekening van het zogenaamde Warandemanifest Manifest voor een zelfstandig Vlaanderen in Europa. Ja, McKinsey Benelux had ook Franstalige klanten, en dus lag enig Vlaams cijferwerk nogal gevoelig. O ja, Herman de Bode zit vandaag in de Raad van Advies van Itinera. Dat kan dus niet moeilijk zijn om één en ander eens intern door te praten…

Belastinginspecties

Overigens kan een eventuele Kaltstellung op meer dan één manier uitgevoerd worden. Iemand als een Barack Obama, winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede in 2009 en als een ware Mandela 2.0 reeds lang vóór zijn nominatie uitgeroepen tot een levendige heilige, weet het subtieler aan te pakken. Een paar gerichte belastinginspecties bijvoorbeeld, zoals een aantal denktanks en andere organisaties gelieerd aan de Republikeinse partij mochten ondervinden, kan ook al wonderen doen. Maar we willen minister van Fraudebestrijding John Crombez niet op gedachten brengen…

«Potentiële politieke bom»

Het Texaanse cowboyverhaal dat Ivan van de Cloot in Knack liet optekenen is dus niet zo heel bijzonder, maar het spreekt natuurlijk wel enigszins tot de verbeelding. Interessanter zijn echter de reacties erop.

Zo verwonderen we ons toch wel een beetje over de verbazing die bij de redactie van Doorbraak.be heerste. Zij vonden het immers merkwaardig dat «deze potentiële politieke bom» om half negen 's ochtends nog steeds niet opgepikt was door de nieuwssites van de VRT, De Standaard of De Morgen. De volgende dag was men er nog eens verbaasd, omdat het verhaal in de «grote media» uiteindelijk niet meer aandacht gekregen had dan hier en daar een klein stukje, en een bijzonder smalend cursiefje in De Standaard. Tja.

Ivan van de Cloot fungeert in het Dexia-dossier zo een beetje als een luis in de pels van het establishment. In het bijzonder het ACW wil dit potje zoveel mogelijk gedekt houden, en is dus niet gediend met een topeconoom die steeds weer de puntjes op de i komt zetten. Daar probeert men hem dan ook weg te zetten als een moderne Cassandra, maar net zoals bij Cassandra hebben de onheilsvoorspellingen van Ivan van de Cloot nogal eens de neiging uiteindelijk toch uit te komen.

Di Rupo II

Zoomen we nu even uit. Met zijn onheilsvoorspellingen doorprikt Ivan van de Cloot de geruststellende praatjes van onder meer minister van Financiën Koen Geens over Dexia. Daarmee ondergraaft hij de geloofwaardigheid van de CD&V, en we hoeven er geen tekening bij te maken welke partij daarvan het meest zal kunnen profiteren: de N-VA. De huidige federale regering zal Ivan van de Cloot wel nooit echt in gevaar kunnen brengen, maar een gedestabiliseerde CD&V is geen goed nieuws voor wie na de verkiezingen van 2014 liefst van al Elio di Rupo en zijn «institutionele» coalitie een bisnummer wil zien opvoeren.

We hebben zo een vermoeden dat het gros van de journalisten bij De Morgen, De Standaard en de VRT vooral in dat laatste kamp te vinden is, en Ivan van de Cloot ook maar een beetje vervelend vindt. En dat dus niet alleen omdat hij telkens weer met allerlei moeilijk begrippen en rode cijfertje komt zwaaien. Niet dat men bij De Morgen, De Standaard of de VRT ooit veel sympathie heeft gekoesterd voor de CD&V, maar toch maar liever die partij om Elio di Rupo ook na 25 mei 2014 in het zadel te houden dan, stel je voor, de N-VA.

B/V-breuklijn

En dus hoeft het ook niet verwonderen dat geen enkele journalist zich de episode uit Houston kan herinneren. De opwinding over de hele zaak–Van de Cloot volgt gewoon netjes de V/B-breuklijn, zowel in de traditionele media (kranten, TV, radio) als op sociale media zoals Twitter en Facebook.

Bij de traditionele B-journalisten is de kwestie vermoedelijk niet eens dat men zich de Texaanse episode niet dúrft te herinneren, uit vrees voor de toorn van Kris Peeters, Hilde Crevits of de rest van de CD&V of ACW. Daar lacht men gewoon in zijn vuistje, ongeacht of het verhaal nu waar is of niet. Dat bleek ook duidelijk uit het venijnige stukje in De Standaard, waar men het maar net goed vindt dat Ivan van de Cloot niet alleen de boodschap heeft ontvangen, maar zich ook op een belachelijk gemakkelijke manier te kijk heeft gezet als een hopeloos paranoïde man. En dus ook erg geloofwaardig als hij nog eens de ondergang van heel België voorspelt omwille van Dexia.

Dit artikel verscheen op 7 augustus 2013 in 't Pallieterke.

Aanvulling: Terzake nodigde deze maandag dan toch Ivan van de Cloot uit voor een gesprek, met als tegenpartij Yves Leterme. Zoals Doorbraak.be terecht opmerkt zorgde die laatste er voor de perfecte bliksemafleider, door er zich te laten ontvallen dat hij «geen goesting» had om mee te doen aan de verkiezingen van 2014. Over de inhoud van het debat werd sindsdien maar bitter weinig meer vernomen in de traditionele media. Wat de «goesting» van Yves Leterme betreft laten we het aan de lezer over om te oordelen of dat iets is waar hij zelf is opgekomen, dan wel dat Wouter Beke of iemand anders uit de CD&V-top hem dat eindelijk dan toch in zijn hoofd heeft kunnen prenten. We merken wel op dat, voor iemand die alleen nog maar internationale «verantwoordelijkheden» nastreeft en liever niets meer te maken heeft met lokale, Belgische politiek, hij amper enkele weken geleden nog toch wel bijzonder snel vanuit Parijs naar diezelfde Terzake-studio's wist te sporen de dag dat koning Albert II zijn abdicatie afkondigde. Maar misschien had Yves Leterme die dag toevallig vrij en was hij daarom eens voor een enkele keer in de buurt van Brussel?

Labels: , , , , , , , , , , , ,

Read more...

30 maart 2009

Kunnen alleen blanke rechtse politici racist zijn? (Hoegin)

Luiz Inácio Lula da Silva and Gordon BrownVerleden week schoof de Braziliaanse president Luiz Inácio Lula da Silva tijdens een persconferentie de schuld voor de huidige financiële crisis in de schoenen van «blanke blauwogige» mensen. Merkwaardig genoeg heeft de wereldpers hem voor deze platte racistische opmerking nog niet aangevallen, en de Britse regering probeerde zelfs de opmerking te vergoelijken. Het contrast met wat de Italiaanse eerste minister Silvio Berlusconi een paar maanden geleden overkwam toen hij een slechte grap maakte over de pas verkozen Amerikaanse president Barack Obama is enorm. Vanwaar dit verschil in behandeling?

Laten we even een paar maanden teruggaan in de tijd, meer bepaald naar de opmerking die Silvio Berlusconi dus gaf over Barack Obama: hij is «jong, knap, en zongebrand», aldus de Italiaanse eerste minister. De hele wereldpers viel natuurlijk over hem omwille van zo'n racistische uitlating, terwijl Silvio Berlusconi Barack Obama duidelijk alleen maar een compliment wou geven. En de zaak werd er niet bepaald beter op toen Silvio Berlusconi zich later liet ontvallen dat de journalisten die hem omwille van die opmerking van racisme beschuldigd hadden, «imbecielen» waren…

Vergelijk nu wat Silvio Berlusconi over Barack Obama zei met wat Lula zich liet ontvallen over die «blanke blauwogige» mensen die dus de schuld dragen voor de huidige financiële crisis, en niet Indianen, zwarten of armen. De Britse eerste minister Gordon Brown wist als reactie op Lulas uitval niets anders te zeggen dan dat de schuld voor de crisis niet aan individuen toegeschreven mag worden. De zaak is alleen dat Lula dat ook niet deed, maar uitdrukkelijk de schuld legde bij, tja, zullen we het maar een ras noemen? De Britse regering slaagde er vervolgens in de onzinnige opmerking van Gordon Brown te overtreffen door te verklaren dat de uitspraak van Lula waarschijnlijk niet voor het grote publiek bedoeld was, alsof ze daardoor minder racistisch zou zijn. Bovendien valt dat maar moeilijk te rijmen met het feit dat Lula maar al te graag verder uitwijdde over wat hij precies bedoelde met zijn uitspraak toen de journalisten hem daarom vroegen.

Stel je nu echter voor dat iemand als een Silvio Berlusconi iets gelijkaardigs zou gezegd hebben pakweg tien jaar geleden, vlak na de financiële crisis in Azië van 1997. Het kot zou waarschijnlijk veel te klein geweest zijn, en de mediastorm zou wekenlang aangehouden hebben om zoveel primair racisme aan te klagen. De uitlating van Lula daarentegen kreeg amper media-aandacht: De Morgen bracht ze enkel als financieel (!) nieuws, terwijl bij die andere kwaliteitskrant De Standaard van een artikel hierover voorlopig nog geen spoor te bekennen valt. Ook internationaal werd er amper over Lulas opmerking gerapporteerd.

Overigens zijn het de media alleen niet die massaal niet thuis geven. Waar is bijvoorbeeld Karel de Gucht om te verklaren dat hij niet begrijpt dat een verstandig man zoiets zou kunnen zeggen? Waar zijn de paars-groene partijen om in het parlement gezamenlijk een resolutie in te dienen om de Braziliaanse ambassadeur op het matje te roepen, bij hoogdringendheid wel te verstaan? En waar is André Flahaut om te eisen dat de Belgische ambassadeur uit Brazilië teruggeroepen zou worden? Blijkbaar zijn sommige mensen racist of schuldig aan misdaden tegen de menselijkheid, wat ze ook gezegd of bedoeld mogen hebben, en anderen nooit ofte nimmer…

Labels: , , , , ,

Read more...

10 november 2008

Wanneer is een grap racistisch? (Hoegin)

Silvio BerlusconiOf een grap racistisch is of niet heeft veel te maken met wie de grap vertelt. Wanneer Barack Obama een racistische grap vertelt, staan de journalisten te huilen van het lachen, maar wanneer Silvio Berlusconi een compliment probeert te maken (maar dan wel op zijn eigen bijzondere manier), moet barbertje hangen.

Gevraagd welke hond hij van plan was te kopen voor zijn dochtertjes wanneer hij in het Witte Huis intrekt, antwoordde Barack Obama op zijn eerste persconferentie na zijn verkiezing dat zijn voorkeur uitging naar een hond uit het asiel. En, voegde hij eraan toe, «honden uit het asiel zijn vaak kruisingen – net als ik». Volgens doorgaans onbetrouwbare bronnen zouden enkele stamboomjournalisten met die grap zo hard hebben moeten lachen dat ze achteraf verzorging nodig hadden.

Aan de andere kant hebben we Silvio Berlusconi, en die is beslist niet grappig. Zeker niet volgens diezelfde stamboomjournalisten van hierboven. Tijdens een bezoek aan Moskou noemde de Italiaanse Eerste Minister Barack Obama «jong, knap en zongebrand», een «racistische opmerking» die nogal wat ophef veroorzaakte in Italië. Een racistische opmerking? Hoe had Silvio Berlusconi, die ervoor bekend staat zijn eigen kleurtje steeds goed te verzorgen en verder geen klein beetje ijdel kan genoemd worden, een groter compliment kunnen geven aan Barack Obama dan door de pas verkozen president aan hem te willen relateren? En ophef in Italië? Ik durf wedden dat de hele zaak het gros van de bevolking geen ene moer kan schelen, maar de media maken er nu eenmaal graag een gewoonte van het selecte clubje van 0,1% van de bevolking dat niets beters om handen heeft dan elke uitspraak van Silvio Berlusconi tegen het licht te houden om er toch maar een draai aan te kunnen geven voor te stellen als representatief voor de rest van het land.

Men kan natuurlijk altijd stellen dat Silvio Berlusconi voor die ene keer eens zijn woorden een beetje beter had kunnen wikken, en zich dat «grapje» had kunnen besparen. Anderzijds kan ook niet ontkend worden dat wat Silvio Berlusconi ook zou gezegd hebben over Barack Obamas verkiezing, de persgilde zijn best zou gedaan hebben om er toch maar iets racistisch in te kunnen vinden. Had Silvio Berlusconi niets gezegd over de huidskleur van Barack Obama was het waarschijnlijk ook racistisch geweest, want dan zou hij er niets over gezegd hebben.

Silvio Berlusconi vergist zich echter wanneer hij diegenen die voorwenden het grapje niet te begrijpen «imbecielen» noemt, want dat zijn ze natuurlijk niet. Ze begrijpen maar al te best dat wat Berlusconi zei helemaal niet racistisch was, maar zoals altijd vindt wie een Italiaanse hond wil slaan licht een stok. Barack Obama daarentegen is evenmin bijzonder grappig, maar aangezien de journalisten op dit ogenblik voor hem een boon hebben, lachen ze er maar op los. En de rest van de wereld ook, toch volgens hen, zelfs al kan er ook een flinke portie racisme in Obamas opmerking gezocht worden. Want wat bedoelde Barack Obama precies toen hij het over een kruising had? Heeft hij soms liever geen rashond in huis, omdat die niet zoals hem is? Ruikt verdacht veel naar racisme, als ik in zijn uitspraak racisme wil zoeken natuurlijk. Barack Obama heeft geluk dat hij geen halve Berlusconi is.

Labels: ,

Read more...

6 november 2008

Racisme en de presidentsverkiezingen in de VS (Hoegin)

Barack ObamaMaandenlang hebben de media doorgeëmmerd over het Bradley-effect, omdat gevreesd werd dat het wel eens roet in het eten had kunnen gooien tijdens de presidentsverkiezingen van enkele dagen geleden. Grofweg kan men stellen dat het Bradley-effect erop neerkomt dat wanneer er twee kandidaten zijn voor een ambt, de ene blank en de andere zwart, er een significant aantal blanken bestaat dat echt van plan is voor de zwarte kandidaat te stemmen, en dat ook antwoordt wanneer een opiniepeiler hen ondervraagt, maar eens in het stemhokje zetten ze toch maar een kruisje achter de blanke kandidaat. Racisme! Maar waar is de mediastorm over het feit dat maar liefst 95% van de zwarten voor Barack Obama heeft gestemd, toch wel duidelijk een racistisch getinte uitslag?

Laten we het allemaal even narekenen om een schatting te kunnen maken. Historisch gezien hebben de zwarten altijd voor de Democratische presidentskandidaat gestemd. In 2000 behaalde Al Gore 85% van de zwarte stemmen, en in 2004 wist John Kerry zelfs 90% van de zwarte stemmen voor zich te winnen. Beiden deden het daarmee beter dan Bill Clinton, zowel voor de verkiezingen van 1992 als 1996. Nemen we nu de uitslag van John Kerry als basis, dan mogen voor elke vijf stemmen voor de Republikeinse kandidaat 45 stemmen voor de Democratische kandidaat verwacht worden. Of nog, op dinsdag gingen maar liefst 50% van de zwarte stemmen in de eerste plaats omwille van racistische motieven naar Barack Obama.

Deze afschatting houdt natuurlijk geen rekening met een ander effect dat opgetreden kan zijn tijdens deze verkiezingen: zwarten die zich anders de moeite niet zouden genomen hebben om zich zelfs nog maar te laten registreren, maar dat deze keer wel gedaan hebben en ook effectief zijn gaan stemmen voor Barack Obama omwille van de hierboven aangehaalde racistische motieven. Een verhoging van het aandeel zwarte stemmen in het totaal aantal stemmen zou zo'n effect kunnen aantonen.

Heeft dit zwart racisme echter enig effect gehad op de uiteindelijke uitslag van de verkiezingen? Om dat te controleren, moeten de 50% racistische zwarte stemmen verdeeld worden volgens dezelfde sleutel als de andere 50%: 45% voor Barack Obama, en 5% voor John McCain. Verder, hoewel zwarten 13,4% uitmaken van de bevolking van de VS, beperkt hun aandeel in de verkiezingen zich gewoonlijk slechts tot zo'n 10%. De 5% extra die John McCain dus had moeten krijgen van de zwarten, vertaalt zich daarom naar 0,5% extra in het totale aantal stemmen. Naar mijn mening is dit aantal te klein om de uitslag van de verkiezingen te kunnen veranderen.

Dat neemt echter niet weg dat het duidelijk is dat een groot deel van de zwarten in de VS zijn stem heeft laten beïnvloeden door racistische motieven. Zelfs al gaat het niet om 50% van de zwarte stemmen, maar slechts 40% of 30%, het aantal blijft enorm. Het is daarom ook verwonderlijk dat hierover nog geen mediastorm is uitgebroken, met allerlei analyses over hoe racistisch sommige delen van de VS-bevolking wel geworden zijn, om over demonstraties en strenge veroordelingen uit de hoek van allerlei anti-racistische verenigingen nog maar te zwijgen. Of is het dat soms niet?

Labels: , , , ,

Read more...

Een overwinning voor pro-Amerikanen (cleppe.be)

Op het moment dat de economische fundamentals van de VS onder druk staan en anti-Amerikanisme aan opmars bezig was, bevestigt de verkiezing van Obama de culturele hegemonie van Amerika.

Vanuit het niets veroverde Obama in de afgelopen maanden de Democratische nominatie. Ik moet dus toegeven dat mijn voorspelling van de volgende Amerikaanse president fout was. Ik herinner me de woorden van de vorige Belgische premier, die mij zei dat "niemand een volgende Amerikaanse president kan voorspellen".

Guy Verhofstadt had het zeer juist. In Amerika is de sky nog altijd de limit. Het partij-establishment bij zowel Democraten als Republikeinen moest de duimen leggen. De effectieve verkiezing van Obama is belangrijk om redenen die niets maar dan ook niets te maken met wat hij beloofd heeft of wat hij zal doen. De verkiezing is belangrijk omdat ze aantoont dat de Amerikaanse cultuur een voorbeeld voor de wereld blijft en dat de Amerikaanse droom springlevend is. In de Amerikaanse samenleving kan de underdog het maken en staat het menselijk individu boven de zaken der natuur, zoals ras. Dit is een grote overwinning voor pro-Amerikanen.

Het is waar dat Obama een resem anti-liberale voorstellen heeft gedaan, maar zo erg was dat nu ook niet in vergelijking met andere Amerikaanse politici, integendeel. Eerder is het vrij onduidelijk wat zijn programma is. Hopelijk geeft Obama niet toe aan de lokroep van het protectionnisme, trekt hij de troepen op verstandige wijze terug uit het Iraakse moeras en bouwt hij de militair-securitaire monsterstaat en het overheidstekort af, zonder ervoor een log en ondernemingsdodend hangmatsysteem naar West-Europees model in plaats voor te stellen. Om ervoor te zorgen dat Obama dit allemaal doet, is het nu de taak van eenieder om die ideëen te propageren, want elke politicus zal uiteindelijk moeten doen wat de mainstream hem of haar opdraagt te doen.

Labels: ,

Read more...

1 november 2008

Europees links ideologisch compleet failliet (Hoegin)

SocialismeAls de huidige financiële crisis al iets aantoont, dan wel dat Europees links compleet aan de grond zit. Ideologisch stelt het in ieder geval niet veel meer voor dan een bizarre vorm van xenomanie, vooral dan een mengeling van anti-amerikanisme en dhimmitude, maar ook andere culturen mogen aan bod komen, als ze maar niet-Westers zijn. Nuchtere analyses en constructieve politieke voorstellen zijn echter een zeldzaam goed aan de Europese linkerzijde.

Eigenlijk duurde het nog redelijk lang eer Europees links in de gaten kreeg dat er over de grote plas een financiële en economische crisis in de maak was, maar eens die crisis zich ten volle ingezet had, kon het kapitalistische systeem, en dan in het bijzonder het Amerikaanse kapitalistische systeem niet snel genoeg dood genoeg verklaard worden. De frustratie over de val van de Berlijnse Muur zat blijkbaar nog steeds heel diep, en dat het kapitalistische systeem de vorige crisis aan het begin van de jaren 2000 dan toch overleefd had heeft die frustratie niet doen afnemen.

Wat links tijdens de vorige crisis blijkbaar wel geleerd heeft, is dat er haast bij is wanneer zich eindelijk nog eens de gelegenheid voor doet om zich eens goed te laten gaan in klassiek-collectivistische stijl. Het verklaart de ware tsoenami aan analyses die geproduceerd werden, waarbij men zich soms niet van de indruk kon ontdoen dat de auteur meer dan één keer met zijn vingers in het toestenbord vast moet gezeten hebben van ijver en plezier. Mooie liedjes duren echter niet lang, en eens duidelijk werd dat ook Europa niet zou ontsnappen aan de crisis, meer zelfs, dat de crisis in Europa harder zou blijken en langer zou duren dan in de VS, veranderden de analyses van toon, van openlijke geëtaleerde Schadenfreude naar grimmig tandengeknars doorspekt met verwijten aan het adres van de VS. Was het niet dat er volgende week misschien wel de linkse mulat Barack Obama tot president verkozen zou worden, zou de toon misschien nog vijandelijker geweest zijn dan ze nu al is (maar dat zou wel eens snel kunnen veranderen moest blijken dat John McCain het toch zou halen). Europees links constateert graag en tegelijkertijd bitter dat de crisis in de VS begonnen is, en vraagt zich niet af hoe het toch komt dat ze in Europa langer zal duren en harder zal toeslaan, omdat de schuld hiervoor moeilijk in de schoenen van de VS geschoven kan worden.

Een terugkerende thema in de eerste analyses van de crisis, was de uitgesproken verwachting dat deze crisis het einde van de economische dominantie van de VS zou betekenen, en dat China, India, Rusland en de Arabische Golfstaten via hun petroleumfondsen nu eindelijk op de voorgrond zouden kunnen treden. Men kan zich afvragen wat er zo inherent veel beter is aan een wereld economische gedomineerd door staten en machtscentra die qua democratisch gehalte, doorzichtigheid en eerbied voor de mensenrechten niet bepaald voorbeelden voor de rest van de wereld genoemd kunnen worden. En verder was er dan die merkwaardigheid dat Chinese banken en Arabische petroleumfondsen om één of andere duistere reden Europese banken die in het slop raakten niet kwamen opkopen voor een appel en een ei. Een taktiek om die banken morgen nóg goedkoper te kunnen overnemen?

Wie de Chinese financiële sector al langer dan sinds gisteren volgt, weet echter dat ze fundamenteel ziek is, en geplaagd zit met een graad aan rotte leningen die de Chinese regeringsleiders in Beijing niet bepaald helpt om 's nachts in slaap te raken. Het laatste wat Chinese banken nu nodig hebben, is de opkoop van andere banken die ook in slechte papieren zitten. Het mag trouwens al een wonder heten dat de Chinese financiële sector al niet lang geleden volledig in mekaar gestuikt is.

Arabische petroleumfondsen dan? Ook daar is men natuurlijk niet gek, en speelt men liever op veilig. Enkele maanden geleden stond de prijs voor een vat olie nog op een recordhoogte, maar het was niet moeilijk uit te rekenen dat dat niveau op termijn niet houdbaar was, zeker niet als de financiële crisis naar een economische crisis zou evolueren. De prijs van de olie werd trouwens sterk omhoog gestuwd door de opkomst van de «nieuwe ekonomiën», meteen ook die ekonomiën die nu het hardst getroffen zullen worden door de economische crisis. Waarom Arabische petroleumfondsen failliete Europese banken zouden opkopen is dus een compleet raadsel, en men kan die fondsen overigens van veel verdenken, maar niet dat ze vermomde instellingen van barmhartigheid zouden zijn.

Eén iemand die zich in ieder geval de kans om de VS eens goed door de mangel te halen niet wou laten ontglippen, is de Britse «politieke filosoof» John N. Gray. Dat zijn virulent anti-amerikaans artikel uit The Guardian door De Standaard overgenomen moest worden stond natuurlijk in de sterren geschreven. De man filosofeert en analyseert er lustig op los, duidelijk niet gehinderd door enige kennis van zaken –zo een beetje zoals een blogger van het zevende knoopsgat, als ik dat mag schrijven– en vindt zichzelf duidelijk heel slim. Zo slim zelfs dat hij amper kan begrijpen waarom alleen hij de ware Toengoeska-explosie opmerkt waar anderen blijkbaar niet meer dan wat geruis in de takken van de bomen schijnen op te merken: «‘Meltdowns’ van het formaat waarvan wij nu getuige zijn, voltrekken zich niet in slowmotion. Ze verlopen snel en chaotisch, met in hoog tempo om zich heen grijpende neveneffecten.» Maar: «Bijna zonder dat het wordt waargenomen, ontstaat er een wereld waarin Amerika slechts één van meerdere grote machten is.» Het is een gekende vraag: als niemand de boom die omviel in het bos opmerkt, is die boom dan werkelijk omgevallen? Maar als er alleen maar een tak is afgevallen, en de filosoof maakt gewag van een heel bos dat zowel spectaculair als «bijna zonder dat het wordt waargenomen» met de grond gelijk werd gemaakt, zou het dan kunnen dat de tak gewoon op het hoofd van de filosoof terechtkwam? Als het een troost mag wezen: er zijn er veel die vandaag met een pijnlijke buil op hun hoofd zitten.

Labels: , ,

Read more...

8 juli 2008

De mythe van Barack Obama (asrk)

Barack Obama is een opmerkelijk intelligent man. Niet omwille van zijn standpunten, als hij al ergens echt voor staat, maar wel om zijn enorme politieke talent. Tijdens de senaatsverkiezingen van 2004 was hij nog een nobele onbekende, vier jaar later dragen duizenden mensen hem in hun hart. Dit heeft hij vooral te danken aan zijn strategisch denken (samen met de adviseurs) en zijn charismatische persoonlijkheid, wat niet te ontkennen valt.

Al kan ik het moeilijk bewijzen, reeds bij zijn verkiezing tot de Amerikaanse Senaat was Barack Obama mij reeds opgevallen. De New York Times bejubelde toen al zijn overwinning en persoonlijkheid. Nog opmerkelijker was (en is) dat hij de enige Zwarte Amerikaanse senator is. Bij een toenmalig bezoek aan zijn campagnesite viel me ook meteen de charismatische persoonlijkheid van Obama op. De NYT voorspelde een beloftevolle toekomst.

Niet alleen de NYT was gecharmeerd door Obama. Ook het conservatieve blad National Review zag meteen een enorm politiek potentieel in Obama en volgde zijn politieke opgang met aandacht. Zo merkte ze op dat Obama reeds vroeg speelde met het idee om zich kandidaat voor president te stellen: in 2006 hield hij een speech waarin hij het belang van het geloof benadrukte, waarmee hij zich reeds als centrumfiguur trachtte neer te zetten.

Toen evenwel duidelijk werd dat Obama zich effectief kandidaat zou stellen voor president en vervolgens zijn campagne ontrolde (die zijn tegenstanders in de Democratische partij om ver walste), ontpopte Obama zich pas echt in een rasechte politicus. Zich realiserend dat hij in de Democratische “primaries” vooral zijn eigen linkse achterban voor hem moest winnen, nam hij een aantal (in Amerikaanse zin) linkse standpunten in, zoals de onmiddellijke terugtrekking van alle Amerikaanse troepen uit Irak, de invoering van een universele gezondheidszorg, een anti-wapendiscours, een pleidooi tegen globalisering en vrijhandelsverdragen (zoals NAFTA), enzovoort.

Om de centrum-kiezers, die zich soms laten verleiden om in Democratische primary te stemmen, niet af te schrikken, presenteerde hij zijn campagne onder de vlag “Unity” en hield hij grote speeches waar hij vooral de mensen oppepte maar beleidsmatig weinig losliet. Zijn voornaamste tegenstander Hillary Clinton reed zich daarentegen vast in “saaie” beleidsmatige speeches.

Keerpunt

Nu Obama de nominatie voor de Democratische Partij zo goed als binnen heeft, begint hij beleidsmatig te draaien richting centrum, wat zeer logisch is omdat een centrum-politicus veel meer kans heeft om de nationale verkiezingen te winnen dan een linkse of rechtse politicus.

Toch verbaast de snelheid waarop Obama van richting verandert iedereen. Recent schaarde hij zich achter de uitspraak van het Amerikaanse Hoge Gerechtshof om het verbod op handwapens in Washington D.C. als ongrondwettelijk neer te slagen, om kort voordien dat zelfde hof te bekritiseren omdat de rechters (met een nipte meerderheid) oordeelden dat de doodstraf geen proportionele straf is voor een verkrachting van een minderjarige zonder doodslag. Vooral die plotse steun voor de doodstraf verrast.

Daar bleef het evenwel niet bij: tijdens de Democratische voorverkiezingen had Obama bakken kritiek over voor Bush omdat die laatste in zijn “War on terror” een wet wilde doorduwen die de Amerikaanse telecommunicatiebedrijven immuniteit zou verlenen tegen vervolging voor hun medewerking aan het afluisteren van Amerikaanse onderdanen kort na 9/11. Nu Obama de nominatie binnen heeft, ziet hij evenwel er geen graten meer in om het wetsvoorstel van president Bush toch te steunen.

Hij geeft zelfs aan zijn visie op de oorlog in Irak mogelijks te zullen wijzigen, indien hij, zoals hij aangaf, na gesprekken met de bevelhebbers ter plaatse zijn beeld over de toestand in Irak zou dienen aan te passen. Snel bluste hij de paniek in de Democratische rangen dat hij zou terugkomen op het zo essentiële Democratisch agendapunt door te stellen dat zijn vorige opmerking slechts een nuancering was van zijn vorig pleidooi voor de terugtrekking van alle Amerikaanse troepen. De deadline van zestien maanden (na zijn verkiezing) zou nog steeds vooropgesteld worden. Evenwel zouden er nog wel Amerikaanse troepen achter blijven om de Iraakse politie te trainen en zo nodig te helpen.

Hoe verschilt dergelijke visie evenwel nog van die van de Republikeinse presidentskandidaat John McCain die ook stilaan toegeeft dat de Amerikaanse troepen niet eeuwig zullen blijven (in tegenstelling tot zijn “a hundred years” -opmerking) maar enkel nog ter ondersteuning van de Iraakse opbouw. Mijn inziens staan beide presidentskandidaten quasi voor hetzelfde: ze willen allebei de Amerikaanse troepen niet allemaal meteen terugtrekken omdat ze inzien dat dit desastreuze gevolgen zou hebben voor het fragiele evenwicht die nu in Irak bestaat.

Nuancering of regelrechte flip flops

Kortom, Obama bewijst met zijn “flip flops” of, zoals zijn campagne het zou stellen, nuancering van vroegere standpunten dat hij net zoals vele andere politici is: hij keert met de wind wanneer het hem goed uitkomt. De wijze waarop hij dat doet en zijn timing is wel perfect. Linkse kranten en bloggers mogen hem stilaan wel doorzien, hun kritiek blijft niet hangen. De kiezers blijven geloven in Obama, de onkreukbare, de nieuwe frisse wind in de politiek. Ze dragen hem in hun hart, net zoals ze dat vroeger deden met John F. Kennedy, Bill Clinton of, dichter bij huis, Tony Blair. Maar hoe langer Bill Clinton of Tony Blair aan de macht waren, hoe meer de kiezer besefte dat hun helden slechts mensen van vlees en bloed waren met al hun onvolkomenheden.

En de voornaamste onvolkomenheid van politici is dat zij aan de macht willen komen én, als ze die eenmaal hebben, willen behouden. Barack Obama is volkomen in zijn onvolkomenheid. Hij plant, overlegt, keert, draait, steunt zijn predikant, desavoueert zijn predikant, verwerpt Nafta en sust de Canadezen met Nafta… allemaal om dat ene doel te bereiken: president worden van de Verenigde Staten van Amerika.

Alhoewel dit niets af doet aan het feit dat Barack Obama een goede president kan blijken te zijn (zonder evenwel de hoge verwachtingen in te lossen), is het wel verbazingwekkend hoe telkens weer de kiezer, en vooral hier in Europa, de publieke opinie met vol lof en bewondering uitkijkt naar het presidentschap van Barack Obama. Om uiteindelijk toch weer teleurgesteld te worden in hun te hoge en utopische verwachtingen, zonder dat ooit toe te geven uiteraard. Het politieke circus verliest zijn kuren niet.

Labels:

Read more...

<<Oudere berichten