12 september 2009

De kolonisering van de huiskamer

In de Standaard van 12 september verdedigt de televisie-journalist die met een undercover-leugen en een verborgen camera een onthaalmoeder met nazi-sympathieën in haar huiskamer "pakte" zijn praktijken met een argument dat toch tot enige reflectie aanleiding mag geven. De apologie geschiedt bovendien anoniem, en daar heb ik ernstige bedenkingen bij, maar daar wil ik het nu even niet over hebben. Op de vraag "Zijn we nog veilig in onze eigen huiskamer" antwoordt hij:
"als bepaalde activiteiten in uw huiskamer gecontroleerd mogen en moeten worden door een derde partij, dan komen we stilaan in een ander verhaal terecht. (...) Van het moment dat het private en het publieke in elkaar overlopen, en de controlerende instantie het laat afweten, lijkt het me de plicht en de verantwoordelijkheid van de media om de gordijnen open te trekken".


De journalist in kwestie zegt impliciet dat de politieke overtuiging van een onthaalmoeder een element bij de erkenning van die onthaalmoeder moet zijn, of anders gezegd dat onthaalmoeders mogen worden gediscrimineerd op basis van politieke overtuiging. Waar die erkenning voor moet dienen, is namelijk de fiscale aftrekbaarheid van de aan die onthaalmoeder betaalde bijdragen. Het gaat dus om de vraag welke onthaalcontracten door de overheid al dan niet (indirect) gesubsidieerd worden. En die (indirecte) subsidiëring is het excuus waarmee de overheid zich dus zou mogen en moeten moeien met hetgeen in de huiskamer te zien is en gezegd wordt en in de plaats van de ouders zou mogen en moeten beslissen of de politieke overtuiging van de onthaalmoeder een bezwaar is tegen de opvang van hun peuter. Nog anders gezegd: ouders en onthaalmoeders die bij de peuteropvang een andere persoonlijke keuze maken dan diegene die de overheid goedkeurt, worden gesanctioneerd. Het perverse hieraan is dat door middel van reglementering van fiscale aftrekbaarheid stilaan alle aspecten van het private leven "publiek" worden, wat dan als excuus wordt gebruikt om "de gordijnen open te trekken" en de verborgen camera in die huiskamer te installeren.

Let wel: het is goed dat er een controlerende instantie is zoals Kind en gezin om na te gaan of die aspecten van het onthaal die de ouders legitiem verwachten ook in orde zijn. Ouders hebben inderdaad recht op informatie over de wijze waarop hun ukjes worden opgevangen. Maar wanneer zij geen bezwaar hebben tegen een Hitlerportret in de woonkamer, is het niet de taak van de overheid om dat financieel af te straffen en vormt dat geen excuus voor de media om de huiskamer te koloniseren onder het mom dat het hier niet meer om een private maar om een publieke aangelegenheid zou gaan.

Er zijn overigens vele ouders die de aanwezigheid van een bloedende Christus aan een kruis voor hun kinderen nog veel erger vinden (2). Met de hierboven bekritiseerde redenering kan men in een volgende stap onthaalmoeders weren in wiens woonkamer een kruis hangt en/of privaat getuigenis afleggen van een geloof dat voor onze verlichte journalisten allicht ook van gruwelijke achterlijkheid getuigt. Of onthaalmoeders in wiens huiskamer een Hebreeuwse Bijbel of een Koraan ligt, waarin ook wel massa's wreedheden worden verheerlijkt (let wel, beste lezer, de opvattingen die de dame in kwestie voor de verborgen camera ventileerde zijn overgeeflijk en ik wil ze niet zomaar reduceren tot een ander geloof, maar ik kan niet inzien dat dit voor de hier behandelde vraag een verschil maakt).

De kolonisering is natuurlijk nog een heel stuk groter inzake onderwijs. Daar worden de scholen immers rechtstreeks door de overheid gesubsidieerd en is alles tot in de details gereglementeerd. De essentie van de vrijheid van onderwijs bestaat evenwel daarin dat scholen en ouders dit onder elkaar dienen te beslissen. Die vrijheid kan maar hersteld worden door de rechtstreekse subsidiëring af te schaffen en de "schoolcheque" in te voeren. Dan is het aan de ouders om te bepalen welke scholen ze willen subsidiëren. Zoals het ook aan de ouders toekomt om te bepalen of een Hitlerportret in de huiskamer een reden is om een peuter daar weg te houden. En ja, voor mij zou het een reden zijn. Maar daarom is dat nog geen publieke aangelegenheid en dus ook geen excuus om de "gordijnen" open te trekken voor de verborgen camera.

(1) http://www.standaard.be/Krant/Tekst/Artikel.aspx?artikelId=O62F30A9
(2) Zie onder meer de actie van de antroposofische familie Seler tegen kruisbeelden in Beierse scholen, http://www.bfg-bayern.de/ethik/download/Kruzifixstreit_in_Bayern.doc, en een verdere actie van Duitse atheïsten op http://www.humanist.de/religion/kruzifix.html
Read more...

11 september 2009

Hoofddoekenverbod dreef Franse moslims naar katholieke scholen

Hieronder volgt een interessant artikel uit de NY Times van een jaar geleden dat de gevolgen van het algemeen hoofddoekenverbod in Frankrijk beschrijft. De titel is "French Muslims Find Haven in Catholic Schools".

Onbedoelde gevolgen, iemand?

Los van de juridische mogelijkheid: Wat is eigenlijk het probleem met een regel waarbij elke gemeenschapsschool op basis van de lokale situatie zelf uitmaakt of er sprake is van sociale druk en wat het beste is?

De vrijheid van onderwijs is strikt genomen in strijd met het bestaan van overheidsonderwijs, maar een gedecentraliseerde organisatie van overheidsonderwijs is duidelijk te verkiezen boven een centrale keizer-koster die allerlei dictaten - qua kleding en andere - oplegt.

Een essentieel argument van de Moslim-ouders in deze discussie is natuurlijk dat zij belastingen betalen voor onderwijs en zelf willen beslissen hoe ze hun kinderen opvoeden. Het opvoeden van de eigen kinderen volgens de eigen inzichten is een fundamenteel mensenrecht.

Wie zijn kinderen dus niet naar het overheids- of gesubsidieerd onderwijs wil sturen, zou dus navenant ook een korting op zijn belastingsfactuur moeten krijgen.

Zie ook hier en hier
---
French Muslims Find Haven in Catholic Schools

September 29, 2008 - NY Times

MARSEILLE, France — The bright cafeteria of St. Mauront Catholic School is conspicuously quiet: It is Ramadan, and 80 percent of the students are Muslim. When the lunch bell rings, girls and boys stream out past the crucifixes and the large wooden cross in the corridor, heading for Muslim midday prayer.

“There is respect for our religion here,” said Nadia Oualane, 14, a student of Algerian descent who wears her hair hidden under a black head scarf. “In the public school,” she added, gesturing at nearby buildings, “I would not be allowed to wear a veil.”

In France, which has only four Muslim schools, some of the country’s 8,847 Roman Catholic schools have become refuges for Muslims seeking what an overburdened, secularist public sector often lacks: spirituality, an environment in which good manners count alongside mathematics, and higher academic standards.

No national statistics are kept, but Muslim and Catholic educators estimate that Muslim students now make up more than 10 percent of the two million students in Catholic schools. In ethnically mixed neighborhoods in Marseille and the industrial north, the proportion can be more than half.

The quiet migration of Muslims to private Catholic schools highlights how hard it has become for state schools, long France’s tool for integration, to keep their promise of equal opportunity.

Traditionally, the republican school, born of the French Revolution, was the breeding ground for citizens. The shift from these schools is another indication of the challenge facing the strict form of secularism known as “laïcité.”

Following centuries of religious wars and a long period of conflict between the nascent Republic and an assertive clergy, a 1905 law granted religious freedom in predominantly Roman Catholic France and withdrew financial support and formal recognition from all faiths. Religious education and symbols were banned from public schools.

France is now home to around five million Muslims, Western Europe’s largest such community, and new fault lines have emerged. In 2004, a ban on the head scarf in state schools prompted outcry and debate about loosening the interpretation of the 1905 law.

“Laïcité has become the state’s religion, and the republican school is its temple,” said Imam Soheib Bencheikh, a former grand mufti in Marseille and founder of its Higher Institute of Islamic Studies. Imam Bencheikh’s oldest daughter attends Catholic school.

“It’s ironic,” he said, “but today the Catholic Church is more tolerant of — and knowledgeable about — Islam than the French state.”

For some, economics argue for Catholic schools, which tend to be smaller than public ones and much less expensive than private schools in other countries. In return for the schools’ teaching the national curriculum and being open to students of all faiths, the government pays teachers’ salaries and a per-student subsidy. Annual costs for parents average 1,400 euros (less than $2,050) for junior high school and 1,800 euros (about $2,630) for high school, according to the Roman Catholic educational authority.

In France’s highly centralized education system, the national curriculum proscribes religious instruction beyond general examination of religious tenets and faiths as it occurs in history lessons. Religious instruction, like Catholic catechism, is voluntary.

And Catholic schools take steps to accommodate different faiths. One school in Dijon allows Muslim students to use the chapel for Ramadan prayers.

Catholic schools are also free to allow girls to wear head scarves. Many honor the state ban, but several, like St. Mauront, tolerate a discreet covering.

The school, tucked under an overpass in the city’s northern housing projects, embodies tectonic shifts in French society over the past century.

Founded in 1905 in a former soap factory, the school initially served mainly Catholic students whose parents were French, said the headmaster, Jean Chamoux. Before World War II, Italian and some Portuguese immigrants arrived; since the 1960s, Africans from former French colonies. Today there is barely a white face among the 117 students.

Mr. Chamoux, a slow-moving, jovial man, has been here 20 years and seems to know each student by name. Under a crucifix in his cramped office, he extolled the virtues of Catholic schools. “We practice religious freedom; the public schools don’t,” he said. “We teach the national curriculum. Religious activities are entirely optional.”

“If I banned the head scarf, half the girls wouldn’t go to school at all,” he added. “I prefer to have them here, talk to them and tell them that they have a choice. Many actually take it off after a while. My goal is that by the time they graduate they have made a conscious choice, one way or the other.”

Defenders of secularism retort that such leniency could encourage other special requests, and anti-Western values like the oppression of women.

“The head scarf is a sexist sign, and discrimination between the sexes has no place in the republican school,” France’s minister of national education, Xavier Darcos, said in a telephone interview. “That is the fundamental reason why we are against it.”

Mr. Chamoux said he suspects that some pupils (“a small minority,” he said) wear the scarf because of pressure from family. He acknowledged that parents routinely demand exemptions from swimming lessons for daughters who, when denied, present a medical certificate and miss class anyway. Recently, he said, he put his foot down when students asked to remove the crucifix in a classroom they wanted for communal prayers during Ramadan, which in France ends on Tuesday.

The biology teacher at St. Mauront has been challenged on Darwin’s theory of evolution, and history class can get heated during discussions of the Crusades or the Israeli-Palestinian conflict. In 2001, after the Sept. 11 attacks, some Muslim students shocked the staff by showing glee, Mr. Chamoux recalled.

The school deals swiftly with offensive comments, he said, but also tries to respect Islam. It takes Muslim holidays into account for parent-teacher meetings. For two years now, it has offered optional Arabic-language instruction — in part to steer students away from Koran classes in neighborhood mosques believed to preach radical Islam.

When Zohra Hanane, the parent of a Muslim student, was asked why she chose Catholic school for her daughter, Sabrina, her answer was swift. “We share the same God,” she said.

But faith is not the only argument. Even though Ms. Hanane, who is a single mother and currently unemployed, struggles to meet the annual fee at St. Mauront of 249 euros ($364) — unusually low, because the school receives additional state subsidies and has spartan facilities — she said it was worth it because she did not want her children with “the wrong crowd” in the projects.

“It’s expensive and sometimes it’s hard, but I want my children to have a better life,” Ms. Hanane said. “Today this seems to be their best shot.”

Across town, in the gleaming compound housing the Sainte-Trinité high school in the wealthy neighborhood of Mazargues, the rules and conditions are different, but the arguments are similar. Muslim girls there do not wear head scarves.

But Imene Sahraoui, 17, a practicing Muslim and the daughter of an Algerian businessman and former diplomat, attends the school, above all to get top grades and move on to business school, preferably abroad.

“Public schools just don’t prepare you in the same way,” she said.

Fifteen of the top 20 high schools in France are Catholic schools, according to a recent ranking in the magazine L’Express. Catholic schools remain popular among Muslims even in cities where Muslim schools have sprung up: Paris, Lyon and Lille.

Muslim schools have been hampered in part by the relative poverty of the Muslim community. And only one Muslim school, the Averroës high school on one floor of the Lille mosque, has qualified for state subsidies. To survive, the other three charge significantly higher fees.

Also, as M’hamed Ed-Dyouri, headmaster of a new Muslim school just outside Paris, said, “We have to prove ourselves first.” For now, he plans to enroll his son in Catholic school.

Read more...

10 september 2009

Therapeutisch parlementarisme

Op het eerste gezicht banale zinnetjes kunnen in de politiek toch veel verraden over hoe onze politiek in zijn werk gaat of althans hoe politici erover denken. Dat was nog niet zo lang geleden zo met de uitspraak van Dirk van Mechelen over de Lange Wapper " In China stond ze er al" (1). En vandaag was het zo met de commentaar van CD&V-fractieleider Ludwig Caluwé bij de poging tot herwaardering van het Vlaams Parlement door de nieuwe voorzitter Jan Peumans:

'Maar ik ga niet ontkennen dat ik Peumans heb gewaarschuwd om niet alle interpellaties meteen in die speciale commissie te brengen. Toen de datum over een debat over het Vlaams Huis werd vastgelegd, had Peeters niet eens een beslissing genomen over het lot van de directeur. Dan kan zo'n debat wel eens te vroeg vallen.'(geciteerd in de Standaard van 10 september 2009 (2))

Met andere woorden: het parlement mag maar debatteren over een zaak NADAT de beslissing al is genomen door de regering. Beeld je eens in dat de parlementsleden zouden proberen de beslissing vooraf te beïnvloeden in plaats van enkel maar een therapeutische sessie stoom afblazen te organiseren ;) ... Dat moet toch absoluut vermeden worden in onze "democratie"!

Peumans zal nog veel werk hebben om het parlement te herwaarderen.

Mag ik al een eerste voorstel doen ? Omzeggens alle resoluties of soortgelijke moties afschaffen c.q. onontvankelijk verklaren (3). Een parlement dient niet om moties te stemmen maar om wetten te maken en de uitvoering daarvan door de regering en ambtenarij te controleren.

(1) Zie mijn "De Chinese methode", http://vlaamseconservatieven.blogspot.com/2009/04/de-chinese-methode.html
(2) http://www.standaard.be/Krant/Tekst/Artikel.aspx?artikelId=8K2F0BBU
(3) Zie eerder mijn blog "De onzin van de resolutie over de stralingsnorm", http://vlaamseconservatieven.blogspot.com/2009/01/de-onzin-van-de-resolutie-over-de.html
Read more...

Zomaar een lapje stof?

Johan Sanctorum

In de hectische discussie rond het hoofddoekenverbod in de Antwerpse athenea is het misschien interessant om ons te bezinnen waar dit echt allemaal om gaat. Laten we nu eens even achteruit gaan staan en de totaliteit onder ogen zien.
De houding van directrice Karin Heremans is moedig, temeer omdat ze tot een links-progressieve gezindheid behoort die het probleem steeds maar weer onder de multiculturele mat poogde te vegen. Zij verbindt het hoofddoekendebat namelijk opnieuw met het principe van democratisch pluralisme, de lekenstaat, gelijkheid van man en vrouw, en het intact houden van de publieke sfeer. Dat is een zeer belangrijke verwijzing naar een Europees cultureel erfgoed dat ons overgeleverd werd vanuit het oude Athene, de renaissance, het humanisme, en de 18de-eeuwse verlichtingsfilosofie. Goed dat iemand ons daaraan herinnert: dit gaat over cultuur en beschaving, niet over textiel of alternatieve tienermode.

Want om die vaststelling kan niemand heen: we hebben, op zijn Belgisch, decennia lang getreuzeld en onszelf wijsgemaakt dat het allemaal wel in orde komt als we de bloedneuzen stilletjes stelpen. Een eerlijke analyse leidt echter tot de onontkoombare vaststelling dat de hoofddoek, behalve een bescherming tegen de eerste herfstkou en een fetisj van pubers “op zoek naar hun identiteit”, vooral een tactisch wapen is in een poging om onze publieke sfeer te infiltreren met symbolen die pas achteraf hun volle inhoud zullen prijsgeven. Het beste bewijs is, dat de moslims er niét voor kiezen om zelf onderwijs in te richten (een grondwettelijk recht), maar de symbolen liever exporteren naar andere ruimtes die in hun vizier liggen. Zoals een gemeenschapsschool. “Iedere hoofddoek is een vlag, geplant in het hart van het westen”, zo luidt het in die middens. Elke believer van de Europese verlichtingstraditie moet dit met argusogen volgen
Hetzelfde doet zich voor met het bouwen van moskeeën: vrijheid van religie is een recht, en godsdienstbeleving heeft een architectuur nodig, zo dicteert ons het pluralistisch geweten. Voor de rest soll jeder nach seiner Fasson selig werden. Maar de agenda van de Europese islam ziet er helemaal anders uit. Wie daaraan twijfelt, moet maar eens wat websites uit die kringen gaan bezoeken. De bouw van een moskee is een door Allah bevolen acte met een onomkeerbaar karakter. Het is een plek die aan onze Westerse invloedssfeer definitief wordt ontrukt –we zeggen niét dat alle moskeeën oproepen tot terrorisme- en dus een bruggenhoofd vormt in een mondiaal veroveringsproject. Dat is gewoon de aard van het beestje: de islam is expansief, totalitair, onverdraagzaam, monothetisch en anti-modern. Hoe integreer je zo’n “levensvisie” in ons westers pluralisme?
Tijd dus om terug te keren naar het cultureel perspectief. Waarom gunt men overigens in dit levensbelangrijke debat het Vlaams Belang zijn rol niet van klokkenluider? Eerlijk is eerlijk, zij hebben ooit in tempore non suspecto het probleem op de politieke agenda gezet, en het is tot op vandaag een kernthema van hun programma, of men dat nu graag hoort of niet. Waarom mocht Bart Dewever op Canvas de studiostoel innemen van Bruno Valkeniers, die in zijn achtertuin werd geïnterpelleerd over een kindercrèche met nazi-symbolen? Dit geheel terzijde.
De argumentatie van het NVA-boegbeeld in Terzake (8/9) was overigens zwak en halfslachtig: de zoveelste politicus die zich verschuilt achter de vrijheid van onderwijs om geen verantwoordelijkheid te hoeven nemen. Dewever beweert dat dit een zaak is van de inrichtende macht, zijnde het Gemeenschapsonderwijs (optredend onder de hippe naam GO!), die de hete aardappel weer doorschuift naar de school in kwestie. Waarvan de directie wanhopig de politici om duidelijkheid vraagt. Zo kunnen we nog lang doorgaan.
Wat hier op het spel staat, is nochtans niet de vrijheid van onderwijs of het recht om met een lapje stof op het hoofd rond te lopen, zoals professor Vermeersch het ooit eens omschreef.
Het gaat hier om een zwaar intercultureel conflict (om niet te zeggen: een kortsluiting) tussen een totalitaire theocratie die absolute onderdanigheid eist (waar het woord “islam” trouwens naar verwijst), die tegelijk zijn impact op de publieke sfeer voortdurend probeert te vergroten, en een gelaïciseerde samenleving die zich formeel op de principes van de verlichting beroept, maar daarbij elk externe bedreiging miskent.
De politiek kijkt als verlamd toe, gegijzeld als ze is door haar eigen principeloosheid,- en misschien ook wel door de cordonlogica die haar nu parten speelt, volgens dewelke je de thema’s van een geëxcommuniceerde partij zo min mogelijk aanraakt. Dat kan partijtactisch wel kloppen, maar voor het open publiek debat is het zonder meer nefast: hier moet duidelijk de vraag gesteld worden of de islam wel verenigbaar is met onze democratische grondprincipes.
Nochtans zijn er precedenten: het negationisme –om even bij onze fascistische onthaalmoeder terug te keren- is wél uit het pakket van de vrijemenigsuiting gelicht, omdat de achterliggende ideologie als bedreigend wordt beschouwt voor onze democratische rechtstaat. Wel, dat men dan ook maar eens de islam onder loep neemt en de koran tegen het licht houdt. Doorstaan die teksten de lakmoesproef van de democratische grondrechten, de mensenrechten, de verlichtingsfilosofie waarop onze pluralistische samenleving gegrondvest is? Kunnen de imams ons dat eens komen uitleggen? De paradox van de multiculturaliteit, door weldenkend links gecultiveerd, bestaat erin dat zij geen grenzen en geen scheidingslijnen meer kan trekken. Ze is normenloos en formalistisch. Tolerantie tegenover de islam is even onzinnig als tolerantie tegenover het fascisme. De hoofddoek – of godbetert, de boerka- toelaten in het straatbeeld, is even naïef als de swastika gedogen. Maar het Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding ziet dat helemaal anders, en is nog eerder geneigd om mevrouw Heremans aan te klagen, die even ons collectief geheugen opfrist, dan de intimidatiepraktijken binnen de moslimgemeenschap zelf.
Het is dat soort mensenrechtenformalisme dat ook mevrouw Eva Brems parten schijnt te spelen: door geen symbolen te willen lezen, een inhoudelijke discussie te vermijden en alle “levenbeschouwingen” gewoon op één lange rij te plaatsen, holt ze het wezen van de diversiteit zelf uit.
De opzettelijk geënsceneerde verwarring tussen de bezorgdheid van Karin Heremans, en de stigma’s “islamofobie” en “racisme”, verschuift het debat semantisch, en maakt van de agressors slachtoffers. Dat is al decennia lang aan de gang, en daar trappen wij niet meer in. Op de erfenis van Rousseau, Voltaire en Montesquieu valt niets, maar dan ook niets af te dingen. Het intact houden van de publieke sfeer –en daar hoort ook een gemeenschapsschool bij- is de conditio sine qua non om een pluralistische ontmoetingsruimte te vrijwaren. De lekenstaat is de enige waarborg voor onze vrijheid, voor ons mag het gerust naar Frans model. Als we in dit dominospel één stukje prijsgeven, valt al de rest. Dat de “fanatieke laiciteit” het moslimfundamentalisme zou aanwakkeren, zoals die brave cultuurwetenschapper Jakob De Roover beweert, is zelfs misschien niet onjuist. Maar het is niet dom om essentiële tegenstellingen onder ogen te zien en keuzes te maken. Het is vooral dom om ze niet te willen zien en te denken dat we het allemaal wel weer met wat pragmatistisch lapwerk zullen kunnen repareren.
We staan voor een enorme uitdaging, trek het debat open, ga naar de grond van de zaak, het is tijd om nagels met koppen te slaan. Dat is de inconvenient truth waar onze politici vandaag mee te maken krijgen. Graag een antwoord, en liefst een duidelijk. En liefst ook een duidelijk signaal vanuit de academische en culturele wereld, om Karin Heremans enige ruggensteun te geven.


Johan Sanctorum
In verkorte vorm gepubliceerd in De Standaard van 10/9/09
Mede ondertekend door Benno Barnard en Wim Van Rooy


Read more...

4 september 2009

Hoe ALARM en het CGKR «racisme» construeren (Hoegin)

ALARM«Bijna drie op tien Brusselse verhuurders discrimineren,» kopten eerder deze week zowel De Standaard als De Morgen. Aanleiding voor de dramatische titel waren de resultaten van een onderzoek dat ALARM uitvoerde met de steun van het CGKR. Maar hoe definieert ALARM eigenlijk discriminatie en racisme, en valt hun onderzoek überhaupt wel ernstig te nemen?

Laten we beginnen bij het begin, en even nagaan wat voor beestje ALARM eigenlijk is. Voluit luidt de naam Action pour le Logement Accessible aux Réfugiés à Molenbeek, en de actiegroep werd in 2001 opgericht in het buurthuis Bonnevie. De actiegroep werd sindsdien uitgebreid naar niet-vluchtelingen, en uit een artikel van Indymedia van eind verleden jaar leren we dat de hele groep op dat ogenblik een twintigtal leden telde. De foto's bij het artikel spreken daarbij boekdelen, want op zowat elke foto duiken hetzelfde handjevol mensen op. De foto's leren ook wat precies verstaan dient te worden onder het begrip «nieuwkomers van Afrikaanse origine»: voornamelijk mensen uit Zwart-Afrika, maar bijvoorbeeld ook een Jemeniet.

Tussen 15 april en 3 augustus van dit jaar voerde deze actiegroep dus een onderzoek uit, dat uiteindelijk 101 tests omvatte. In 28 gevallen was er volgens de groep sprake van discriminatie, omdat de opgebelde verhuurder aan iemand met een duidelijk allochtone achtergrond te kennen gaf dat zijn appartement reeds verhuurd was, terwijl een potentiële huurder met een autochtone achtergrond een half uurtje later te horen kreeg dat het appartement wel nog vrij was. Besluit van ALARM: bijna drie op de tien verhuurders op de Brusselse markt discrimineren.

Bij dit onderzoek kunnen echter toch heel wat vraagtekens geplaatst worden, vraagtekens die trouwens opvallend afwezig waren in de «kwaliteitsmedia». Zo zijn 101 tests niet bepaald een indrukwekkend groot aantal te noemen, en vraag ik me af of er in het onderzochte segment van de Brussels huurmarkt werkelijk niet meer dan één appartement per dag vrijkomt. Een steekproefgrootte van 101 tests levert bij een betrouwbaarheidsinterval overigens een foutenmarge van zo'n 10% op, voor zover die 101 tests dan nog op een betrouwbare wijze uitgevoerd werden. En op dat laatste punt zit het ook al behoorlijk fout, afgaande op de berichtgeving in, alweer, onze «kwaliteitsmedia».

Want staan we toch even stil bij de methodiek die gevolgd werd. Eerst werd de verhuurder opgebeld door een lid van ALARM, die zich voorstelde met zijn naam. Een half uur later werd de verhuurder opnieuw opgebeld, maar deze keer door een testpersoon met een Belgische naam en zonder accent. Betekent dit bijvoorbeeld dat onder de testpersonen geen Antwerpenaren, Limburgers of West-Vlamingen zaten, of wat moeten we ons precies voorstellen bij het begrip «accent» dat ALARM hanteert? Wanneer werd de verhuurder trouwens opgebeld: na een dag of twee wachten, of nog voor de inkt van de advertentie droog was? In het laatste geval zou ik zelf ook wel weten wat ik zou doen als een allochtoon met een onverstaanbaar accent informeert of mijn huurappartement nog beschikbaar is.

Wat is dat trouwens, een allochtoon in Brussel? Hoeveel verhuurders discrimineerden wanneer ze eerst opgebeld werden door een Joop Pannekoek met een accent dat er weinig twijfel over liet bestaan dat hij recht uit de Jordaan komt, of voor de Franstalige verhuurders, Fransmannen met een duidelijk Provençaals –ik schrijf maar wat– accent? Wat met allochtonen met exotische achternamen als Schmidt, Jones, O'Brien, McLeod, Ericsson, Moretti of Gonzalez? Een Kowalski of een Ivanov? Hoxha? Of Goldwasser? Zou het kunnen dat een naam als Sekkaki, Johri of Erdal iets meer scepsis teweeg brengt bij een verhuurder dan Takahashi, Wang of Kim? We weten het niet, alleen maar dat ALARM meent dat 28 van de 101 verhuurders racist zijn…

Welke verhuurder wil daar eigenlijk mee zitten, racist of niet, met een huurder die amper Nederlands en Frans begrijpt, en die je dus aan de telefoon niet eens aan de wijs kan brengen dat het appartement niet op het gelijkvloers is, maar vlak onder het dak? Wie wil daar mee zitten, in deze ramadantijden, met een huurder die niet begrijpt dat een badkuip niet gemaakt is om schapen in te slachten? Wie wil daar mee zitten, een huurder die als kandidaat asielzoeker elk ogenblik uitgewezen kan worden en dus met de Noorderzon kan verdwijnen (uiteraard niet omdat hij gerepatrieerd wordt, maar omdat hij onderduikt tot de volgende eenmalige regularisatiegolf)? Of wie wil daar mee zitten, een geregulariseerde sans-papiers die in het kader van de familiehereniging zijn volledige familie laat overvliegen, inclusief neven en magen, om vervolgens met vijftig man te resideren in een appartementje dat eigenlijk maar berekend is op een gezinnetje van vier–vijf personen? En als je dan leest dat de werkloosheid in Brussel ondertussen al de kaap van 20% gerond heeft, kan je het een verhuurder dan echt kwalijk nemen dat hij toch maar liever voor een Jan Janssens of Jean Legrand kiest dan een allochtoon die hoe dan ook aan geen werk geraakt? Dat laatste uiteraard enkel en alleen maar omdat niet alleen verhuurders, maar ook werkgevers racisten zijn, of wat dacht u?

Labels: , ,

Read more...

De Vrijheidsparade van 26 September 2009

Op 26 september organiseren een hele resem liberale, conservatieve en libertarische organisaties een mars in Den Haag. Iedereen is van harte uitgenodigd om de organisatoren daar te komen vervoegen. Deze "Vrijheidsparade" is de eerste in haar soort in de Lage Landen en als het concept zou aanslaan, wat wij helemaal niet betwijfelen, dan zouden zulke manifestaties in de nabije toekomst ook nog in andere steden georganiseerd worden. De mars zal ludiek en amusant opgevat worden en er zal geen plaats zijn voor partijpolitieke boodschappen. De organisatoren hebben verschillende achtergronden en staan verschillende ideologieën voor, velen zijn ook aangesloten bij verschillende politieke partijen, maar op 26 september laten zij hun partijpolitieke voorkeuren varen en kiezen ze tezamen voor minder overheid, minder belastingen en - vooral - meer vrijheid!

Wat is de Vrijheidsparade?

De vrijheidsparade is de dag waar mensen opkomen voor hun vrijheid. Deze dag is nodig omdat onze vrijheden bedreigd worden.

Waarom?

De overheid breekt persoonlijke vrijheid, privacy en burgerrechten in steeds sneller tempo af. De afgelopen jaren is dit stapsgewijs gedaan, zonder uw instemming te vragen. Enkele voorbeelden:

- Uitbreiding van het persoonsbewijs (met biometrische data).
- De omgekeerde bewijslast (U moet uw onschuld bewijzen).
- EU-politiemacht en EU-grondwet (Zeiden de burgers niet nee?).
- Exponentieel toegenomen centrale gegevensregistratie.
- Afbraak privacy door cameratoezicht en neutraal internet.
- Afbraak democratie, arbeidsrechten, zorgstelsel, nutsvoorziening.
- Beperking van vrije meningsuiting en politieke vrijheden.

Wij vinden dat de macht over het persoonlijke maatschappelijke leven thuis hoort bij het individu. De Vrijheidsparade is een gezamenlijk signaal van ongenoegen over het gevoerde beleid; een aanklacht tegen verdeeldheid; een promotie voor eenheid!

Door wie en voor wie?

De Vrijheidsparade is initiatief van diverse organisaties en individuen uit allerlei hoeken van de samenleving. Een kleurrijke parade van mensen die met elkaar gemeenschappelijk hebben dat zij zich ernstig zorgen maken over de vrijheid van het bestaan. Iedereen is van harte welkom en doet mee op basis van persoonlijke titel.

Wat is de Vrijheidsparade niet?

De vrijheid van het individu houdt op daar waar hij of zij de vrijheid van anderen inperkt. Daarom is de Vrijheidsparade niet bedoeld voor individuen en groeperingen die geweld propageren, racistisch van aard zijn of misbruikende uitingen voorstaan.

De Vrijheidsparade; de manier waarop!

Zaterdag 26 September om 12.00 uur verzamelen wij op het Malieveld in Den Haag. Vanaf daar vertrekken we richting Het Binnenhof, en vervolgen onze weg langs de meest spraakmakende plekken van Den Haag. Het geheel heeft een ongedwongen karakter en wordt niet beperkt door een strak programma.

Laat uw stem gelden; kom naar de vrijheidsparade!
Vincent De Roeck en vele anderen zullen daar ook zijn!


Read more...

3 september 2009

Donkerrood

Hugo Camps' diepgewortelde afkeer voor Geert Bourgeois moet stilaan beschouwd worden als zijn pacemaker: zonder kan hij niet. Op zich mag dat niet bevreemden, ongeveer iedereen kent wel iemand die hem/haar enige vorm van braakneigingen bezorgt. Dat politici oververtegenwoordigd zijn in die groep van misselijkmakende personen, hoeft evenmin te verbazen. De column van Camps over de ontstane Clouseau-hetze is in dat opzicht dan ook allerminst bijzonder.

Alhoewel. Iemand verbaal neersabelen kan op twee manieren. Door argumenten tot op het bot af te kraken, of door de botten zelf te kraken. Oftewel het verschil tussen op de man en op de bal spelen. Ik kan me uiteraard vergissen, maar een oproep om de jacht te openen op een bloed- en bodemneuzelend gedroogd skelet dan wel een tot meel gedoemde spelonk, lijkt nog weinig te maken te hebben met de bal. Onder het mom van de vrijheid van meningsuiting moet een column zoals deze van Camps evenwel kunnen. Alleen stelt Camps zich beter eens de vraag wat hij precies bereikt met een dergelijk wild in het rond trappend opiniestuk. Mocht Camps voetbalschoenen aangehad hebben, stond hij nu al lang in de douche. Snikkend in de tribune, dát zou dan weer iets te veel gevraagd zijn.

Labels: ,

Read more...

Turken staan afkerig tegenover andersdenkenden en andere levensstijlen (Vincent De Roeck)

Deze maand publiceerde de Bahcesehir-universiteit van Istanbul een onderzoek naar de sociale wensen van de Turkse burgers. Naar eigen zeggen diende deze studie om “extremistische uitwassen in Turkije te bestrijden”, maar de studie lijkt eerder net de vinger op de wonde te leggen. Politiek wetenschapper Yilmaz Esmer baseerde zijn onderzoek op 2,000 interviews in een veertigtal steden en gemeenten verspreid over gans Turkije. Ik vind de uitslag gewoon beangstigend. “Religie en secularisme blijven de belangrijkste twistpunten in Turkije,” aldus Esmer, “maar het extreme nationalisme en religieuze fundamentalisme is de laatste jaren niet meer toegenomen.” Mooie woorden die de lading maar amper lijken te dekken. Het antisemitisme is in Turkije wel al jaren aan een ferme opmars bezig en dat de graad van moslimextremisme in Turkije constant blijft, is op zich eigenlijk ook maar een magere troost. Het tiert daar immers al decennia weelderig.

De onderzoeksresultaten liegen er niet om. 64% van de ondervraagden willen niet naast een joodse buur wonen. 76% niet naast een ongelovige. 74% niet naast een buur die alcohol drinkt. 52% niet naast een christen. 43% niet naast een Amerikaan. 27% niet naast een Westerling. 67% niet naast een ongehuwd koppel. 44% niet naast een familieloze alleenstaande. 75% is van oordeel dat de EU te seculier is en zich te hard moeit met de Turkse manier van leven. 62% vindt zijn godsdienst zijn belangrijkste karaktertrek. 81% vreest dat de EU Turkije wil christianiseren. Amper 17% kan zich vandaag nog vinden in de kemalistische scheiding van kerk en staat. Slechts 15% verkiest een democratisch bestel! De top-3 van minst populaire landen bestaat uit Israël, de Verenigde Staten en … de Europese Unie. Esmer is duidelijk: “Turken kunnen in het algemeen weinig tolerantie aan de dag leggen voor andere levensstijlen.” Dat is gelet op de uitkomst van zijn eigen studie wel een understatement.

Nochtans is Turkije geen ver-van-ons-bedverhaal. Turkije is al tien jaar officieel erkend als kandidaat-lidstaat van de Europese Unie. En ook al heeft het land nog maar één van de 35 toetredingsstappen uitgevoerd, toch blijft mogelijk Turks EU-lidmaatschap de gemoederen verhitten, zowel binnen de EU als in Turkije zelf. Ondanks de weinig verhulde haat tegenover de Europese Unie en haar bondgenoten wil een meerderheid van de Turken toch graag dat zijn of haar land in de nabije toekomst EU-lid wordt. Een vreemde uitslag van deze studie naast al de rest, zou je denken... Althans tot je de hoofdbeweegreden in beschouwing neemt. Twee op de drie ondervraagde Turken vinden eventuele financiële voordelen het belangrijkste argument pro-toetreding. Boer, let dus op uw kippen! De Turken komen, en ze komen voor ons geld… Turkije in de EU? Lange tijd was ik een voorstander omdat de EU na Turkse toetreding nooit meer een politiek project zou kunnen worden, maar nu denk ik er toch anders over. Turkije in de EU? Thanks, but no thanks!


Meer over deze Turkse studie op www.joodsactueel.be.
Meer teksten van Vincent De Roeck op www.libertarian.be.


Read more...

Antizionisme en antisemitisme gaan hand in hand

Naar aanleiding van een debat over de situatie in het Midden-Oosten in het kader van de laatste Gentse feesten schreef Benno Barnard een kwade brief naar Etienne Vermeersch die zijn medewerking aan dat discussiepanel gegeven had. Het debat belichtte enkel de Palestijnse kant van het conflict. Pro-Israëlsprekers werden aanvankelijk van het podium in Gent geweerd. Uiteindelijk mocht Ronny Naftaniel van het CIDI de pro-Israëlische kleuren komen verdedigen als enige in een zee van linkse Palestinaverheerlijkers. Hij bracht het er naar verluidt zelfs écht uitstekend van af, tot nog grotere scha en schande van de organisatoren. Het volgende fragment uit de zéér terechte klaagbrief van Benno Barnard wil ik jullie hier zeker niet onthouden.

Hoe pijnlijk dat je je voor deze ongein leende. Met acht tegen één dan nog. Dit zijn leden van bedenkelijk links, die zich als krankzinnigen opwinden over Israël, de enige voorpost van de beschaving te midden van woestijnen vol islamitische verschrikkingen. Als heel Europa tegen België was en wij zouden de overige Europeanen binnen onze landsgrenzen behandelen zoals Israël zijn Arabieren, zou ik onze regering voor moreel hoogstaand en politiek naïef verslijten. Israël verdient onze onvoorwaardelijke steun. Ieder ander standpunt bevestigt de uitspraak van Martin Luther King. “Ze hebben het over Zionisten maar ze bedoelen Joden.”

Read more...

2 september 2009

Geen discriminatieverbod zonder staatswaarborg

In de Beginselen van Europees contractenrecht staat een mooie rechtsregel, die bepaalt dat eenieder bij het onderhandelen over een overeenkomst te goeder trouw moet handelen, en dat het meer bepaald strijdig is met de goede trouw om te onderhandelen wanneer men op voorhand de bedoeling heeft géén overeenkomst te sluiten (natuurlijk tenzij men open kaart speelt, bv. door de mededeling dat men verschillende offertes aanvraagt). Zolang men de wederpartij niet op kosten jaagt, heeft die kwade trouw geen rechtsgevolgen, maar kosten moeten in beginsel vergoed worden. In België worden dergelijke praktijken te kwader trouw uitgevoerd met geld van de belastingbetaler. De federale Inquisitie, officieel CGKR, organiseerde en organiseert valse sollicitaties, bv. op de arbeidsmarkt.

Onlangs organiseerde ze dat mee op de huurmarkt van appartementen. 164 eigenaars in het Brusselse die een verhuuradvertentie hadden geplaatst werden opgebeld door een lid van een groep Afrikaanse nieuwkomers en nadien door iemand van een Belgische "controlegroep", die allebei om een bezoek van het te verhuren appartement vroegen. De "kandidaten" beweerden telkens dat het ging om een koppel met één kind en een vast inkomen van 1500 Euro (of die bewering telkens ook duidelijk werd overgebracht kan ik niet nagaan) (1).

Op die manier probeerde man alvast 164 mensen twee maal te kwader trouw op kosten te jagen. Als men weet dat bovendien de wetgever onlangs nog een verbod heeft ingevoerd om makelaarskosten aan te rekenen aan de huurder, kan dat wel oplopen. Misschien moeten eigenaars gewoon een vergoeding per huisbezoek beginnen vragen, aftrekbaar van de huur wanneer de kandidaat effectief huurt.

Wanneer de eerste beller te horen kreeg dat de woning verhuurd was of dat het niet mogelijk was ze te bezoeken, en de tweede beller daarentegen wel een afspraak kreeg om de woning te bezoeken, was er volgens Alarm sprake van discriminatie op basis van ras. Dat zou gebeurd zijn in 28 % van de gevallen.

Volgens de werkgroep Alarm zelf ervaren hun leden vaak dat sommige verhuurders er echt van overtuigd zijn dat ze bij huurders met een andere huidkleur meer risico lopen op wanbetaling of slecht onderhoud.

Bij dit alles heb ik drie bedenkingen

1. Nog los van de vraag of een discriminatieverbod bij het contracteren in andere gevallen legitiem kan zijn, is het alvast fundamenteel fout in gevallen waarin het om een individueel contract gaat. Er is een immens verschuil tussen een situatie waarin ik één contract te begeven heb (één woning te verhuren, één goed te verkopen, enz ...) en dus noodzakelijk slechts één persoon daarop een recht kan verwerven, en de situatie van Massengeschäfte (er is een vrij onbeperkt aantal contracten van dezelfde aard mogelijk, en wanneer ik een contract sluit, betekent dat dus niet noodzakelijk dat alle anderen het niet kunnen krijgen). Rechtsstelsels met iets meer verstand dan het onze (of landen iets minder vergiftigd door het socialisme), zoals het Duitse, kennen in beginsel enkel voor Massengeschäfte discriminatieverboden. Bij ons goochelt men met rechten die getuigen van een louter virtueel verstand, zoals het recht om niet gediscrimineerd te worden zonder meer. Bij een Massenegschäft kan dit iets betekenen: nl. dat men recht heeft het product te verwerven, wanneer er nog een onbepaald aantal van aanwezig zijn en de verkoper dus geen keuze moet maken tussen kandidaat-kopers. Daar kan men spreken van een verbod van contractsweigering. Bij contracten betreffend een uniek goed (een onroerend goed bv.) is dat onzin.

2. Sociaal handelen is noodzakelijk gebaseerd op de reductie van complexiteit. Beslissingen in het maatschappelijk leven moeten noodzakelijk uitgaan van een simplificatie van de werkelijkheid. In een markt waarin kandidaat-huurders niet zeldzaam zijn, is het evident dat de verhuurder aan preselectie doet op basis van aanwijzingen voor contractsrelevante elementen. Relevant is de kans dat er effectief betaald wordt, dat de huur lang genoeg wordt volgehouden en dat de woning behoorlijk wordt onderhouden. De mogelijkheid van een huurwaarborg te vragen is on ons recht zo schandelijk ingeperkt dat daarvan geen soelaas kan verwacht worden (2). Wie op basis van dergelijke elementen een onderscheid maakt en preselecteert, discrimineert helemaal niet. Er is een redelijk verband met het contract. Maar het is economisch totaal inefficiënt om van een veelheid aan kandidaat-huurders die zaken te onderzoeken, en bovendien verbiedt de privacywetgeving het een kandidaat-verhuurder zelfs om dat te doen. Vermits de wet het hem omzeggens onmogelijk maakt om aan de reëel relevante informatie te geraken, moet de verhuurder werken met simplificaties en reducties. Nu is er geen rechtstreeks verband tussen de genoemde relevante factoren en elementen als ras, huidskleur e.d.m. Maar dat sluit niet uit dat er in concrete omstandigheden wel een statistisch relevante correlatie kan zijn. In casu ging het om "nieuwkomers" van een ander continent en bij nieuwkomers uit dat continent in onze streken is die correlatie er vandaag heel vaak wel. Dat kan op een andere plaats of tijd misschien anders zijn. Verhuurders zullen dus preselecteren op basis van dergelijke elementen en dat is perfect rationeel gedrag (bovendien is het omwille van de antidiscriminatiewetgeving geraden om dat zo in een zo vroeg mogelijk stadium te doen, want hoe meer contact men heeft met leden van "minderheden", hoe groter het risico beschuldigd te worden van discriminatie).

3. Als de federale inquisitie van oordeel is dat die negatieve preselectie ten onrechte gebeurt, enkel op een vooroordeel berust, bestaat er een heel eenvoudige oplossing voor: laat het CGKR de nakoming van de huurverbintenissen door de volgens haar gediscrimineerde kandidaat waarborgen. Indien het risico op wanbetaling inderdaad niet groter is, zal het CGKR er nauwelijks nadeel door lijden. Indien het risico wel degelijk groter is, is het niet legitiem om het op de verhuurder te leggen.

Kortom: geen discriminatieverbod voor verhuurders tenzij daar een staatswaarborg tegenover staat !

(1) Zie de berichtgeving op http://www.brusselnieuws.be/artikels/stadsnieuws/minstens-kwart-van-verhuurders-discrimineert of http://www.standaard.be/Artikel/Detail.aspx?artikelId=DMF20090901_043
(2) Een evenwichtige regel inzake huurwaarborg zou inhouden dat de huurwaarborg de periode moet dekken die daadwerkelijk nodig is om een wanbetalende huurder uit de woning te zetten, rekening houdend met de gerechtelijke achterstand en de vele formaliteiten en uitstellen die daarmee gepaard gaan. 2 of 3 maanden is daartoe manifest onvoldoende.
Read more...

Traditionele media waarin liberalen toch nog hun gading zouden kunnen vinden (Vincent De Roeck)

In mijn lange zoektocht naar een volwaardig liberaal alternatief binnen de gevestigde media voor de sociaal-liberale consensus in de berichtgeving van “De Morgen”, “Knack” of “De Standaard”, of hun internationale tegenhangers, heb ik al vele watertjes doorzwommen, zonder ook maar één mainstream-medium te vinden dat aan al mijn vereisten tegemoet wist te komen. “The Weekly Standard” en “The Daily Telegraph” zijn zeker degelijk, maar de eerste kiest de laatste maanden net iets té opvallend voor onvoorwaardelijke steun aan de GOP en haar “compassionate conservatism” op binnenlands en haar “hawkish” oorlogsbeleid op buitenlands vlak, en de Telegraph heeft sinds de recente overname door de Barclay-broers veel van haar pluimen verloren. Men spreekt in Engeland niet voor niets over de “Daily Mail-ization” van de Telegraph… De “Wall Street Journal” en “The Economist” hebben mij ook enige tijd kunnen bekoren maar hun categoriek afwijzen van de Oostenrijkse school in het duiden van de financiële crisis en het nog meer dan vroeger verdedigen van de “sociaal gecorrigeerde” markteconomie hebben hun ster in mijn ogen zwaar doen dalen. In deze blogpost zal ik aan de hand van enkele recente artikelen even stilstaan bij zes andere media die mij de laatste weken van hun intellectuele eerlijkheid en ideologische zuiverheid hebben weten te overtuigen. Tot zekere hoogte dan toch.

Naast de evergreens “The Freeman” en “The Free Market”, de maandbladen van respectievelijk de “Foundation for Economic Education” uit Irvington en het “Ludwig von Mises Institute” uit Auburn, ben ik ook het conservatieve magazine “Human Events” beginnen appreciëren. Ik had op de MPS-meeting in Stockholm immers het genoegen om met hun EU-correspondente kennis te maken, en zij heeft me toen enkele oude nummers meegegeven. Ik begin Ronald Reagan gelijk te geven toen die tijdens zijn presidentsschap te kennen gaf dat “Human Events” zijn meest favoriete conservatieve tijdschrift was. Ik wil hier trouwens ook even reclame maken voor het septembernummer van “The Freeman” dat integraal in het teken zal staan van de 60ste verjaardag van de publicatie van Mises’ magnum opus “Human Action”. Uit de laatste nummers van “The Free Market” kan ik dan weer de twee volgende artikelen warm aanbevelen. Lew Rockwell heeft het over de toekomst van het geld, en Jim Fedako stelt zich de terechte vraag of het überhaupt wel nut heeft om de rijken en productieven nog meer te pluimen. Bij de MPS in Stockholm kreeg uw dienaar eveneens de vraag om vanuit mijn Libertas-achtergrond in de toekomst enkele columns te schrijven over de wantoestanden binnen de instellingen van de Europese Unie voor zowel “Human Events” als voor dat andere liberaal-conservatieve medium “The American Conservative”. Ik houd jullie hier zeker op de hoogte van die columns zodra ze klaar en gepubliceerd zijn.

Traditionele rechtse media zoals “National Review”, “Chronicles” of de “Washington Times” blijven natuurlijk nog altijd de moeite, maar ook zij zijn de laatste tijd zwaar in mijn achting gedaald. Na het overlijden van Bill Buckley is “National Review” afgegleden naar een veel te gematigde mainstream-vorm van het conservatisme, net als “Chronicles” nadat Pat Buchanan daar een stap achteruit zette trouwens. De overdreven aandacht voor sociaal-conservatieve issues heeft in mijn ogen ook de Times overbodig en nutteloos gemaakt. Het eerder al aangehaalde maandblad “The American Conservative” is een gans ander verhaal. Zij hebben hun paleoconservatieve grondstroom niet aangevuld met sociaal- of neo-conservatieve elementen maar net met libertarische accenten. Ook het nieuwe maandblad “Young American Revolution”, dat hoofdzakelijk mikt op de libertariërs en traditionele conservatieven binnen de GOP en rond de “Campaign for Liberty” en de “Republican Liberty Caucus” graviteert, is zeker het lezen waard. Maar uiteindelijk ben ik sinds het aantreden van de Obama-administratie vooral tevreden over de editoriale lijn van “Forbes Magazine”. Dat Steve Forbes als sponsor van het jaarlijkse “FreedomFest”-festival in Las Vegas al jaren bekend staat als een vriend van het libertarisme is geweten, maar dat hij die overtuiging nu ook meer en meer laat doorschemeren in zijn columns is iets dat ik alleen maar kan toejuichen.

James McWilliams analyseert in Forbes "The Locavore Myth" de idiotie van "buy local" in de strijd tegen de opwarming van de aarde. Volgens hem is het om een velerlei aan redenen net beter voor het milieu om massaproducten uit verre oorden te kopen dan nicheproducten uit de buurt. Hij berekende dat de "carbon footprint" door de schaalvoordelen en door het milieuvriendelijker telen in arme landen lager ligt dan bij lokale producten. Ook maakt hij een mooie case voor het vegetarisme omdat vlees een veel grotere "carbon footprint" heeft dan groenten of fruit. Edward Green, ook al in Forbes, gelooft niet in condooms als beste AIDS-beletter in Afrika. In "A Jihad on the AIDS Maffia" toont hij met tal van voorbeelden en analyses aan dat condooms in Afrika hun doel voorbij schieten en dat enkel onthouding en echtelijke trouw échte oplossingen genereren. Green is géén conservatief, maar een progressieve liberaal, en tracht het taboe rond dat thema te doorbreken. Ook stelt hij (volgens mij terecht) dat de AIDS-condoomwereld een echte industrie en lobbygroep geworden is die meer aan de eigen fondsen denkt dan aan het écht oplossen van het probleem. Steve Forbes zelf verwerpt resoluut alle belastingplannen van Barack Obama en kant zich scherp tegen de invoering van universele gezondheidszorg in de Verenigde Staten. Volgens hem verkracht Obama de economie en ondermijnt hij échte ziekenzorg. Amity Shlaes trekt in Forbes steevast de “public choice”-kaart. En ook al ben ik zelf geen fan van de contractaire ideeën van James Buchanan (in "The Calculus of Consent" verdedigt hij het bestaan van een vrij grote overheid), toch moet ik toegeven dat Shlaes’ columns doorgaans zeer zinnig zijn en steek houden.

Rich Karlgaard, alweer in Forbes, staat nogal sceptisch tegenover de "groene energie"-plannen van Hussein Obama en consorten. In "Waxman-Markey Flunks Math" houdt hij een bevlogen pleidooi om de waanzin in het energiedebat te stoppen. Hij toont met cijfers en statistieken op meesterlijke wijze aan dat groene energie géén duurzame oplossing is voor de toekomst. Zelfs in de beste scenario's zouden amper 10-20 miljoen Amerikanen tegen 2020 hun energie uit hernieuwbare bronnen kunnen halen. De rest zal kou lijden en in het donker leven. In het maartnummer van "Young American Revolution" staan ook tal van interessante artikels. Tom Woods, de auteur van de bestseller "Meltdown", legt uit dat de vrije markt geen enkele schuld heeft aan de huidige economische crisis. Hij schuift de zwarte piet terecht door naar de overheid voor haar socialistisch beleid en naar de centrale bank voor de kredietexpansie. Dylan Hales vertelt over zijn tijd bij de "Buchanan Brigades" en doet een oproep aan alle paleoconservatieven om samen met de libertariërs Ron Paul te steunen. James Antle analyseert de erfenissen van Nixon, Ford en de twee Bushen, en komt tot de conclusie dat hun presidentschappen telkens de staat vergroot en de aanhang van de partij verkleind hebben. Daniel McCarthy tenslotte beschrijft op zijn beurt dat de Amerikaanse universiteiten een "tool of the state" geworden zijn en al lang niet meer begaan zijn met de overdracht van ware kennis.

Als laatste medium wil ik hier nog enkele artikelen uit het septembernummer van "The American Conservative" aanhalen. Ted Carpenter hekelt het Amerikaanse buitenlandse beleid en toont aan dat Amerikaanse hulpprogramma's, zowel militaire als bvb. voedsel, elders voor instabiliteit zorgen. John Laughland stelt dat Obama een wereld zonder grenzen voorstaat en trekt de parallel met de identieke visie van de islam daarop. Wilson Burman voorspelt de niet-herbenoeming van Ben Bernanke aan het hoofd van de FED omwille van diens barslecht beleid en Dennis Dale maakt komaf met zijn gedoodverfde opvolger, Larry Summers. Summers zou niet enkel de financiën van Harvard maar ook de post-communistische economie in Rusland verknoeid hebben. Stuart Reid stelt zich de vraag of de paus een kapitalist is maar moet die negatief beantwoorden. Sean Scallon lanceert een warme oproep aan de GOP om zich meer op Andrew Jackson en diens presidentsoverwinning te gaan focussen. TAC mag dan al wel algemeen beschouwd worden als de luis in de pels van de Republikeinse Partij, en daar is zeker reden toe, maar uiteindelijk is en blijft TAC toch een trouw conservatief opinieblad dat maar al te goed weet waar de echte vijanden zich uithouden. En alle libertarische kritiek ten spijt is dat niet aan de rechterzijde. The Right is right, the Left is wrong. Waren er maar meer traditionele media met zo'n duidelijke editoriale lijn om liberalen te boeien.


Meer libertarische artikels op www.thefreemanonline.org.
Meer teksten van Vincent De Roeck op www.libertarian.be.


Read more...

Kunstmatige bouwgrondschaarste is de oorzaak
van de armoede in Vlaanderen (Paul Vreymans)

Trends publiceert op haar website de actuele prijzen van bouwgrond in België. Daarin blijkt dat Vlaamse bouwgrond méér dan drie maal (!) zo duur is als de Waalse. Dit is het rechtstreeks gevolg van het regionaliseren van het ruimtelijk beleid en het kunstmatig door de overheid georchestreerde bouwgrondtekort in Vlaanderen.

Die doelbewuste bouwgrondschaarste betekent een schandalige hold-up op de Vlaamse welvaart door de Vlaamse politieke kaste. Onze veel te dure bouwgrond veroordeelt jonge gezinnen tot het armtierig bestaan van twee voltijdse loopbanen en 25 of 30 jaar schulddelging. Vlaamse prijzen kunnen in één pennentrek tot het Waals niveau worden herleid. Het volstaat ook in Vlaanderen gewoon om voldoende verkavelingsvergunningen uit te schrijven. Wat Vlaamse politici zelf doen, doen ze dus heus NIET beter. Niet dat we dat nog niet wisten.


Lees ook "Tien jaar ruimtelijk structuurplan Vlaanderen" van Martin De Vlieghere op de website van "Work And Wealth For All."

Read more...

31 augustus 2009

Waarom wij vrijheid vrezen en etatisme dogen (Vincent De Roeck)

Het Vlaamse Parlement wordt gedomineerd door rechtse en centrumrechtse partijen. In het Belgische Parlement is dat niet anders. In Europa zouden de centrumrechtse fracties EVP en ECR met de rechtse fractie “Freedom and Democracy”, met rechts-liberale individuen van de ELDR en met rechtse niet-ingeschrevenen ook samen de plak kunnen zwaaien. Rechts is aan de winnende hand in de politiek, daar zijn alle analisten het doorgaans over eens. Links heeft afgedaan. Maar is dat eigenlijk wel zo? Oud-links is zogoed als verdwenen en de hoogdagen van nieuw-links (“Third Way”) lijken ook achter ons te liggen. Toch ben ik niet tevreden. Het beleid is immers nog steeds links. De “rechtse” partijen hebben zich op de linkse ideeën gestort en zijn deze beginnen overnemen. Links heeft de politieke strijd dan wel verloren, de ideeënoorlog heeft ze gewonnen. Tot spijt van wie het benijdt.

De liberale econoom Ludwig von Mises waarschuwde ons al decennia geleden voor deze evolutie, en ook Friedrich von Hayek wijdde aan deze mogelijkheid een boek. Mises was duidelijk in één van zijn belangrijkste essays: “Middenwegbeleid leidt uiteindelijk altijd tot socialisme!” Hayek sprak zelfs van de “weg naar de slavernij”. En beide heren hadden overschot van gelijk. Vandaag hebben de Angelsaksische conservatieven het “compassionate conservatism” omarmd en de continentale liberalen het “sociaal-liberalisme”, twee ideologieën met dezelfde wortels. Wortels in het Marxisme. Socialisme heeft nooit in haar pure vorm bestaan, en zou dat ook niet kunnen. Zelfs de USSR moest dat tot haar eigen schande ontdekken. In allerijl moest zij beroep doen op de imitatie van Westerse prijsmechanismen om haar eigen planeconomie min of meer draaiende te houden. Zonder kapitalistisch Westen was de Sovjet-economie immers al in de jaren 1950 in elkaar gestort.

Socialistische denkers zijn niet dom. Volgens mij hebben zij vaak goede intenties en baseren zij hun modellen doorgaans op degelijke empirie. Maar empirie introduceren in de sociale wetenschappen is per definitie naïef en verkeerd. Socialisten denken dat mensen reageren volgens hun vaste schema’s, dat alleen aggregaten tellen en dat civieke deugden door een centraal plan opgelegd kunnen worden. Socialisten begrijpen niets van praxeologie, gedragswetenschappen of incentiveschalen. Hun ideaal kan nooit werken. Toen zij dat na verloop van tijd uit de praktijk begonnen te beseffen, veranderden ze het geweer gewoon van schouder. Ze besloten prompt om de markteconomie te omarmen, in theorie dan, en deze “sociaal” te corrigeren. Alsof de markteconomie een monster is dat aan de leiband gehouden moest worden.

Hierin was verenigd links veel doeltreffender. Zij infiltreerden de politieke mainstream in kapitalistische landen en hun waanideeën werden vaker dan niet door de andere partijen overgenomen. Marx definieerde “socialisme” als “welvaart voor iedereen” en “kapitalisme” als “welvaart voor de kapitaalkrachtigen”. Met zo’n definitie kon het niet moeilijk zijn om de massa aan te spreken. Vandaag weten we dat kapitalisme, de onzichtbare hand die vraag en aanbod op elkaar afstemt, meer welvaart voor meer mensen genereert dan socialisme, maar de anti-kapitalistische vooroordelen bestaan nog steeds. Mensen zijn nog steeds bang van vrijheid. De milieuactivisten van vandaag - net zoals watermeloenen groen van buiten maar rood van binnen - hebben hun lesje wel geleerd. Zij zijn er andermaal in geslaagd om de woordenoorlog te winnen. “Schone energie” is hun credo. Alsof mensen die energie onttrekken uit kern- of steenkoolcentrales plots “vuil” zouden zijn.

De groene jongens geraakten zelfs weg met de recente re-branding van “global warming” tot “climate change”. Ze waren even vergeten dat Google bestond en dat iedereen zo kon ontdekken dat dezelfde ecofascisten in de jaren 1970 de problematiek van “global cooling” aankaartten, of dat de burgers niet achterlijk zijn en in de jaarlijkse statistieken ook zelf wel konden zien dat de warmste jaren in het verleden liggen. Tegenstanders van hun socialistisch programma worden steevast “climate change deniers” genoemd. Ik verkies andere begrippen, “eerlijke onderzoekers” of “kritische wetenschappers” bijvoorbeeld, maar ik sta daarin kennelijk alleen. Ook de financiële meltdown, nochtans louter het gevolg van socialistisch huisvestingsbeleid, socialistische monetaire expansie en socialistische overregulering, wordt in de schoenen van het vermaledijde kapitalisme geschoven. En geen kat die reageerde. Het werd de consensus. Niet enkel onder linksmensen maar overal.

Een ander domein waar links over de jaren gewonnen heeft, is het academische, en bij uitbreiding het ganse intellectuele, debat. De Amerikaanse economieprofessor Walter Block wist het onlangs nog treffend te verwoorden. “Today on our campuses, diversity only seems to mean having faculty that includes a black Marxist, a lesbian Marxist, a Latino Marxist, and a transgender Marxist.” De rechtse pundit Ann Coulter liet zelfs ooit optekenen dat Harvard elk jaar meer communisten uitspuwt dan er tijdens de Koude Oorlog in Oost-Berlijn woonden. Een verklaring voor de oververtegenwoordiging van linkse professoren aan de universiteiten heeft vooral te maken met de maatschappelijke waarde van die personen. De marktwaarde van liberalen ligt veel hoger in de private sector, waardoor er een “crowding-out” effect optreedt in de academische wereld. Linksmensen hebben minder slaagkansen in de “rat race” van de markteconomie en kiezen daarom vaker voor vaste betrekkingen die niet onderhevig zijn aan concurrentie.

Een andere reden heeft te maken met de aard van het academische métier. Professoren, en leerkrachten in het algemeen, hebben doorgaans meer de drang om anderen te bekeren en/of op te leiden dan de gemiddelde burger in de samenleving. Hetzelfde geldt voor linkse doctrinairen. Het mag dan ook niemand verbazen dat er tussen beide iets meer gaande is dan een accidentele correlatie, maar waarschijnlijk zelfs een heus causaal verband. Hetzelfde plaatje tekent zich af bij de “publieke intellectuelen”, de personen die onafhankelijk van vaste onderwijsbetrekkingen ook hun stempel op de maatschappij willen drukken. Zij dromen even hard van “social engineering” dan de pure academici, maar zij hebben andere kanalen gevonden om hun boodschap te verspreiden. Zij zijn veelal de “culturele” elite die de handen boven het hoofd gehouden wordt door de subsidiemolen vanuit de door links geïnfiltreerde politiek. In een vrijemarktomgeving zouden enkel uitingen van goede cultuur overleven i.p.v. oninteressante uitingen van naïef-linkse dogma’s.

Zelf ben ik momenteel op zoek naar een job. Ik ben er nog niet goed uit of ik verder wil gaan in de politiek dan wel in de privé. Het eerste zou beter beantwoorden aan mijn liberaal idealisme, het tweede aan mijn kapitalistische wereldbeeld. Het eerste zou van mij een “tax-eater” maken, het tweede een “tax-payer”. En ook al lees ik wel boeken, kan ik mij in hoogstaande discussies redden en heb ik meer en wereldsere algemene kennis dan de meeste anderen, toch beschouw ik mijzelf niet als intellectueel. Ik weet wel dat het Amerikaanse magazine “National Review” mij twee jaar geleden nog een “prominent intellectual” genoemd heeft en ik daaruit toen wel eer gehaald heb, of dat ik een graag geziene gast ben op tal van academische conferenties zoals recent nog de “Property and Freedom Society” en de “Mont Pélérin Society”, toch maakt dat van mij nog geen “denker” in de pure zin van het woord.

Hoe langer ik actief ben binnen de beweging, hoe meer ik mij zelfs als anti-intellectueel of populist ben beginnen outen. Ook Hayek zag in zijn tijd al een onoverbrugbare link tussen intellectualisme en socialisme, en hetzelfde gaat vandaag op voor populisme. Linkse intellectuelen doen er alles aan om populisten te marginaliseren, niet omdat ze verwaarloosbaar zijn, maar net omdat ze een wezenlijk gevaar vormen voor hun overleven als elite. Populisme betekent luisteren naar de productieven in de samenleving, het gezond verstand en het menselijk kapitaal ondersteunen, en komaf maken met alles wat het linkse establishment de mensen nuanceloos voorhoudt. Als geloven in de zelfredzaamheid van het individu “populisme” is en paternalisme prediken “intellectualisme”, dan ben ik er trots op als populist of anti-intellectueel versleten te worden. Geuzennamen dus eigenlijk. Om in te kaderen.

De Amerikaanse columnist James Bovard wijdde onlangs nog een interessant artikel aan de échte hamvraag in de hedendaagse samenleving. Volgens hem moet het terug beginnen gaan over de echte vraagstukken, over de relatie tussen de Staat en het individu. Vrijheid moet terug het belangrijkste thema in de politiek worden. Ik geef hem daarin groot gelijk. Ron Paul probeerde die boodschap in de VS terug te introduceren, deels met succes, en ook in Europa gaan er meer stemmen op om de sociaal-democratische status-quo te doorbreken. Lijst Dedecker is er in Vlaanderen, en zij zijn er om te blijven. Geert Wilders is de grootste partij van Nederland geworden, binnen de Tories lijken de Thatcherites terug aan zet, in Duitsland is er een uitgesproken coalitie van CDU-CSU en FDP in de maak, in Zweden is centrumrechts eindelijk aan de afbraak van het Scandinavische model begonnen, en ook in Oost-Europa lijkt er iets te bewegen. Maar laat ons eens bij onszelf beginnen. Laat ons beginnen met opnieuw waakzaam te zijn als burgers. Laat ons beginnen met opnieuw kritisch te zijn tegenover onze overheid. Laat ons beginnen met opnieuw beleid te beoordelen op basis van de linkse inhoud in plaats van de rechtse verpakking. Misschien gaan we vrijheid ooit nog terug leuk vinden. Wie weet? Vrienden van Leviathan, u weze bij deze gewaarschuwd. Uw tijd is zogoed als voorbij.


Meer interessante teksten over de Waarheid op www.mises.org.
Meer teksten van Vincent De Roeck op www.libertarian.be.


Read more...

30 augustus 2009

Go for it, Laura!

Johan Sanctorum

Onze dolgedraaide samenleving van de kick schuwt het echte avontuur

Uitgerekend in het jaar van Charles Darwin –u weet wel, de man die zijn revolutionaire wetenschappelijke inzichten opdeed tijdens een wereldreis per boot- waagt een tienermeisje het om dat exploot over te doen. Zomaar, omdat ze er zelf de tijd rijp toe acht, niet omdat regels of programma’s dat voorschrijven of om records te breken.

Deze instinctieve Wanderlust is in onze moderne samenleving moeilijk te plaatsen. O jawel, we gaan jaarlijks op vacantie naar het zuiden, we slaan op de vlucht voor alles, vooral voor onszelf; we vergapen ons aan semi-fictieve Robinson-toestanden op TV; de woorden “uitdaging” en “avontuur” zijn dé clichés geworden van een hyperkinetische prestatiemaatschappij. Maar momenten waarop een eigenzinnige tiener echt wil doorzetten en een eigen marsrichting kiest, het weze intellectueel, cultureel, of gewoonweg de boot op en het zeegat in, dan komen ineens de wetten, practische bezwaren en veiligheidsprotocollen naar boven die onze samenleving zo complex maken.
Is men echt zo bezorgd om dat meisje, of voelt het systeem zich gepasseerd? Ik denk veeleer het laatste. De actuele veiligheidsobsessie en de overbescherming van tieners in het post-Dutroux-tijdperk lijkt vooral in dienst te staan van een postmodern, betuttelend conformisme (“het gevaar loert overal, dus blijf op de rechte weg”), daaraan gekoppeld natuurlijk de mogelijkheden van een commerciële strategie gericht op een belangrijke, zeer beïnvloedbare markt, door de amusementsindustrie (vooral de popmuziek) aangestuurd. De jeugd is een cruciale doelgroep voor marketeers, die laat je niet zomaar vertrekken.

Het element “vrijheid” is daarin zeer problematisch en hypothetisch. Onder het mom van totale willekeur en normenloosheid wordt het jonge individu permanent gekneed, gemodelleerd en gebrainwashd, waardoor er überhaupt zoiets als een jongerencultuur mogelijk is. In zo’n constellatie besluit dan iemand om alleen de wereld over te zeilen in plaats van naar Pukkelpop te gaan. Intrinsiek getuigt dat van een subversiviteit die, om nog eens Darwin in herinnering te brengen, aantoont dat de menselijke geest het best sprongsgewijs functioneert in plaats van gezapig het vaste spoor te volgen. Er is geen enkele reden om de eigenzinnigheid van grote geleerden of kunstenaars los te koppelen van de hormonale processen die zich in Laura’s interne keuken afspelen. Dat wat de filosoof Nietzsche zag als een aan de mens inherente boosaardigheid om te tarten, te negeren en te verbreken, is dezelfde drift die tieners doet weglopen, mensen hun job doet opzeggen of Einstein naar de relativiteitstheorie voerde. De afwijking is het enige dat ons kan redden. Via heel veel mislukkingen, uiteraard,- het instinct is geen toverpad.

De mythe van de puberteit


13 jaar, het is een sleuteljaar in iemands leven. Toen ik twaalf was pakte ik zonder veel na te denken mijn fiets en reed van Antwerpen naar Oostende, mijn geboortestad. Mijn ouders hielden me niet tegen, ze hadden toch niet gekund. Uiteraard niet te vergelijken met de wereldreis van Laura, want misschien nog veel gevaarlijker: achter elke boom kon er wel een Dutroux staan, en ik gebruikte de toenmalige steenweg van Antwerpen naar Gent, berucht als de “dodenweg”.
Toch is 12 de leeftijd waarop kinderen klaar zijn om met gevaar om te gaan, hetgeen in traditionele culturen zoals die van de Masai bezegeld wordt met een jachtproef (op zijn beurt met de sexuele inwijding verbonden). Doordat de moderne samenleving echter de puberteit verlengt tot 18 jaar, ontstaat er een vacuüm inzake psychosociale ontwikkeling tot zelfstandigheid Er bestaat een sexuele gedoog-vrijheid die niet existentieel kan ingevuld worden,- het is een pure prutserij van geslachtsdelen bij tieners die voor de rest als baby’s gepamperd blijven. De neurotische situatie van de adolescent is het gevolg van een decalage tussen fysieke maturiteit en gedwongen psychische immaturiteit die in de school wordt gecultiveerd. De vrijheid van de tiener is leeg en risicoloos, hij maakt deel uit van het post-’68-syndroom. Ze mogen alles, omdat niets ertoe doet. Daarom vervelen jongeren zich ontzettend, hangen rond, worden baldadig. Er is geen eigenlijke initiatie, geen verlokking van het avontuur, enkel een planmatig “leerproces” met examens en diploma’s, en daar tussendoor een hedonistische leegte. De verlengde leerplicht en het verbod tot zelfstandigheid creëren als vanzelf Oedipale spanningen die weerom moeten afgeleid worden naar de roescultuur van popmuziek en drugs.
Het feit dat ouders sterk ontmoedigd worden om hun kinderen zelf op te voeden, als alternatief voor het publieke onderwijssysteem, maakt duidelijk dat de familie op zich, als oer-tribaal substraat, niet meer gerechtigd is om in te grijpen in dit bureaucratisch systeem van verlengde adolescentie zoals het publiek onderwijs dat cultiveert, zie bij voorbeeld het tijdschrift “Klasse”.
Ook zelfstudie en autodidactisme horen eigenlijk niet thuis in een veralgemeende bureaucratie die voor iedereen “trajecten uitstippelt” en elke burger pedagogisch wil “begeleiden”.
Laura wil in haar bootje tijdens de kalme uren nochtans wel degelijk studeren en achteraf een soort middenjury-examen afleggen, maar daar willen de Nederlandse leerplichtambtenaar (het woord alleen al), staatssecretaris Van Bijsterveld van Onderwijs en de Kinderbescherming niet van horen. Laura moet schoolgaan en de middelmatigheid ondergaan. Laura moet socialiseren en zich aanpassen. Het is een dwang die niets te maken heeft met bezorgdheid om haar fysieke of mentale integriteit, maar alles met de ijver van een systeem om jongeren klaar te stomen voor een gepreprogrammeerd leventje waar alles gebeurt zoals het te verwachten is. De school is zo saai en abstract als het leven van Jan Modaal zelf. De kennis, gecompileerd in dikke leerpakketten, is voor de meesten nooit een vertrekpunt voor een autonoom traject maar integendeel een doelloos weten, iets dat je uitspuugt op een examen.
Wat heeft de school ons dan te bieden dat de moeite waard is? Niets. Ik heb er me alleszins rotverveeld, jammer dat ik geen ouders met een mooie zeilboot had. In “Emile, ou de l’éducation” (1762) betoogt de Franse Verlichtingsfilosoof Jean-Jacques Rousseau al dat het leven ons moet wijzer maken, niet de school en het maatschappelijk systeem (Laura in een interview op het Nederlandse jeugdjournaal: “Ik wil gewoon de levensschool volgen”). Vrijwel dadelijk belandde het boek op de index, wegens ondermijnend en staatsgevaarlijk…
In dat opzicht is er weinig nieuws onder de zon: de overheid is als de dood voor autodidactisme of voor onderwijs in kleine, oncontroleerbare circuits. In “Deschooling Society” (1971) herneemt Ivan Illich J.J. Rousseau’s ideeën, en stelt dat het geïnstitutionaliseerd onderwijs eenvoudigweg nodig is om het socio-politiek status-quo te handhaven, de reproductie van de instellingen zelf dus, waarin we braaf horen mee te draaien. De onderwijsprogramma’s zijn eigen aan een inert systeem dat zo min mogelijk wil veranderen. De school handhaaft de maatschappelijke orde ten nadele van het (naar verandering snakkende) individu.
En daarin is het begin van wat wij als de puberteit aanzien, 12-13 jaar, hét cruciale aangrijpmoment. De mythe van de puberteit is reactionair en regressief. Aankomende pubers mogen dus niet loslopen, hun hormonen moeten in een kleutertuin uitsudderen. Niet zozeer uit schrik voor pedofielen, wel omdat ze, zoals Laura, hun geslachtsrijpheid zouden kunnen vertalen in echte onafhankelijkheid die het systeem en zijn codes op losse schroeven zet.

Ik blijf het ondertussen vreemd vinden dat onze supergemediatiseerde maatschappij van de kick en de opwinding het echte avontuur uitsluit. De kick bestaat alleen binnen de grenzen van zijn stimuli,- datgene wat media en publiciteit genereren om de amusementsindustrie in gang te houden. Daarbinnen kan werkelijk alles. Ik zie dus wel piepjonge voetballertjes door hun ouders opgepept worden om de volwassen voorbeelden in het potstampen te overtreffen. Ik zie ook kind-meisjes van twaalf in hitsige korte rokjes het podium opdraven van het Euro Junior Songfestival. Hop maar, in die charades kan de volwassenheid niet snel genoeg bereikt worden, als beeld en karikatuur. Alleen een dwarse tiener die het zelf wil uitzoeken in een wereldreis-zonder-camera’s, dat kan dan weer niet,- zoiets past niet in de beeldvormingsstrategie van de société du spectacle.
Heel haar stout plannetje, weliswaar nu door de media uitgemolken, heeft dan ook niks uitstaans met de nieuwe totalitaire openbaarheid zoals die bv. in facebook wordt gecultiveerd. Ze heeft de publiciteit niet gezocht, het is veeleer omgekeerd. Ze wil het gewoon allemaal zelf uitzoeken. Haar taal en lichaamsenergie is die van het enkelvoud, de cel, de bark, dobberend op de oceaan, de spiegel van de kosmos.
Een ontdekkingsreis naar het onbekende die samenvalt met een reis naar zichzelf. Terug meester worden over zijn/haar eigen lichaam, het is een reconquista die elke prille tiener zou moeten aangaan, tegen de stroom van hypes en trends in die het individu nietig maakt. De boot in dus. Niks geloven, zelf uitzoeken of de aarde echt wel rond is. Ik zou zeggen: Go for it, Laura! Ook al wordt ze wellicht in de eerste haven onder strenge bewaking terug naar huis gestuurd, toch moet ze vertrekken. Dat alleen al is een overwinning.


Read more...

29 augustus 2009

Een geïndoctrineerd duo: Shaju&Stijn (vpmc)

Een moslimman wel, maar een moslimvrouw kan nooit of jamais met een ongelovige trouwen. Maakt niet uit of haar kerel christelijk, boeddhistisch of azteeks is, laat staan gewoon atheïst: hij is geen volgeling van de profeet en daarmee is de kous af.
Eenvoudige regel, en onze eigen Wetgever zou aan deze eenvoud een voorbeeld kunnen nemen. Goede wetten zijn kort en weinig talrijk, en behoeven nauwelijks uitvoeringsbesluiten.
Natuurlijk gaat de mohammedaanse regel tegen elk beschaafd rechtsgevoel in, maar dat is een andere kwestie.

Daarom dat het mij zo verwonderde dat de Standaardjournalist Shaju Hendrikx –in een obligaat ramadanartikeltje, zoals je het in elke Vlaamse krant tegenwoordig moet hebben– kon schrijven over het Gentse gezin Lesage-Kaçar, en ons daarbij vertellen dat de man des huizes géén moslim was, maar zijn vrouw wél.

"Dries mag dan geen moslim zijn, hij heeft wel respect voor het geloof van zijn vrouw."

Ik vroeg Hendrikx per mail of hij wel zeker was van zijn mededeling, want zo’n vreemde gezinstoestand achtte ik op algemene gronden niet goed mogelijk. Mijn eerste gedachte was dat de reporter hier zijn wensen, misschien voortkomend uit een mooie multiculturele maatschappijvisie, voor werkelijkheid had genomen en ze begrijpelijkerwijs aan de lezer ook als werkelijk waargenomen wilde presenteren?
Shaju antwoordde mij het volgende:

[…] Ik heb het bij de betrokkenen nog eens nagevraagd en er is mij bevestigd dat ik geen fouten heb geschreven.
Met vriendelijke groeten
Shaju Hendrikx


Goed, maar als blogger heb ik andere journalistieke opvattingen dan een reguliere journalist, en dan mag bij De Standaard het volstaan om aan dezelfde persoon nogmaals dezelfde vraag te stellen …voor een deugdelijke journalistieke double-check is er meer nodig.

Blijkt echter, uit een mail die ik aan Hendrikx (en carbon copy ook aan Vandermeersch) partieel heb laten ziendat noch de man des huizes, noch zijn vrouw, die vraag naar dat moslimzijn ooit hebben gekregen. Niet tijdens het oorspronkelijke interview, niet achteraf.
Komt nog bij dat Lesage nooit de bedoeling had, vernam ik, om zijn bekering tot Allah en de Profeet te loochenen, alleen: de vraag is hem nooit gesteld.

Dit betekent ten eerste, dat Hendrikx de mededeling in zijn artikel gewoon heeft VERZONNEN, en ten tweede dat hij koeltjes –zij het wellicht met toegeknepen billen– heeft GELOGEN bij zijn antwoord op de vraag in mijn mail. En subsidiair betekent het ook dat de Marketeer de kat uit de boom kijkt, natuurlijk zonder enige last van zijn journalistieke billen.

Ach, geloofwaardigheid! Journalistiek hier in Vlaanderen is knechtschap, dat weet het publiek. Maar dat die journalisten bij het verrichten van hun livreiwerkjes zodanig dom te werk gaan, dat gewoon met een laptopje voor je, je hen kunt zien voor wat ze zijn: dat is voor mij altijd weer een verrassing.

Maar een solidair gild vormen ze wel! Zo kwam op Facebook, naar aanleiding van mijn vorige blog, al na enkele minuten de reactie: “eikes! zoveel kromme redeneringen in één stukje!”

Die reactie kwam van zekere Stijn Aelbers, en dat is een eindredacteur van De Ochtend op Radio1 godbetert! Nu wist deze jongen van de eigenlijke kwestie niets af –heeft zo te zien ook niet al te veel lectuur over de islam achter zijn kiezen– maar dat belette Stijn niet om onmiddellijk in de houding te springen.
Hij vertelde honderduit, en kende véél van die gezinnen, “…absoluut 100 % vrijzinnige mannen die getrouwd zijn met een gelovige moslima. Mag dat van Allah? Nee. Gebeurt dat? Jazeker.”

Stijn is een jonge kerel, en zijn taalgebruik is soms nog wat onomatopeïsch, maar ongetwijfeld meent hij het goed –en dat hij in dit specifieke geval niet goed zag waar het stukje over ging, namelijk over een journalistieke kwestie, doet er niet eens toe– de echte vraag is: waarom springt zo’n jochie ongevraagd recht?

Omdat hem is geleerd dat in de multiculturele wereld Sein und Sollen mooi samenvallen?
Welja, Stijn&Shaju, zo ken ik er ook wel: “moslima's”, gehuwd of samenlevend met een ongelovige hond maar jullie mogen dat niet verwarren met een opgaan van de islam in de Europese Beschaving.
Die vrouwen zien zich namelijk gedwongen om met hun eigen familie to-taal te breken, en om andere moslims zoveel als mogelijk uit de weg te blijven.
Dat is pijnlijk voor hen, gevaarlijk soms, en de rest van hun dagen zullen zij in onrust leven. Maar inderdaad, er zijn moedige uitzonderingen die kiezen voor ...een nieuw monoculturalisme, en zelfs voor een soort clandestiniteit.
Hen zou je asielzoeksters kunnen noemen.
.

Labels: , , ,

Read more...

28 augustus 2009

Een foto die ik jullie zeker niet wou onthouden

Deze week kreeg ik via e-mail onderstaande vakantiefoto uit Burundi toegestuurd. De vriend die ze mij bezorgde, garandeerde mij dat het wel degelijk om een échte foto gaat. Photoshop was zelfs niet nodig.



Read more...

IES Summer University 2009 (Vincent De Roeck)

Pas toen Jacques Garello mij in Stockholm over de finale line-up van de IES-zomeruniversiteit in Aix-en-Provence vertelde, dit amper vier dagen voor aanvang, heb ik in allerijl toch beslist om ook daarvoor in te tekenen. En ik heb het me daar zeker niet beklaagd. Tussen de “European Resource Bank” in Marseille en de “Liberty Fund Roundtable” in Parijs organiseerde het “Institute for Economic Studies” aan de “Université Paul Cézanne” in Aix-en-Provence de 31ste editie van haar traditionele “Université d’Eté de la Nouvelle Economie”. IES-directeur Pierre Garello, naast de zoon van Jacques ook één van de bezielers van het jaarlijkse “Liberty Seminar” in Leuven, had dit jaar als thema voor “Markets and Morality” gekozen. Van 23 tot 27 augustus gaven meer dan 120 personen uit 31 landen rendez-vous in Zuid-Frankrijk voor deze jubileumeditie. Het IES zelf bestaat dit jaar immers 20 jaar en ook dat was voor velen een reden om ondanks hun drukke agenda’s naar het zonovergoten en airconditioningloze Aix-en-Provence af te zakken. De sfeer zat er zeker in en na een lange zomer van seminaries en conferenties was ik blij met het opzet: veel tijd voor sociale interacties, veel interessante én hoogwaardige sprekers, veel discussies en weinig intensieve al té academische lezingen. De zomeruniversiteit moest in de eerste plaats aangenaam en gezellig blijven en daarin zijn de organisatoren zeker geslaagd.

De zomeruniversiteit vatte aan met een galadiner in het “Grand Hôtel Roi René” waar we vergast werden met speeches van Vaclav Klaus, de president van Tsjechië, en Dan Mitchell, één van de leidende figuren binnen het Amerikaanse “Cato Institute” en als rabiate anti-belastingactivist een graag geziene gast in veel Amerikaanse talkshows. President Klaus blikte met ons terug op zijn verleden binnen het IES en gaf duiding bij zijn principiële standpunten inzake vrijemarkteconomie, klimaatsverandering en Europese integratie. Dan Mitchell becommentarieerde op zijn beurt de maatregelen van de Obama-administratie en stond hoofdzakelijk stil bij de huidige jihad tegen belastingparadijzen, de plannen voor “socialized health care” en de overheidsaanpak van de crisis. Obama kon bij Dan Mitchell op geen greintje sympathie rekenen en daar kunnen wij hem alleen maar in bijspringen natuurlijk. Verder mochten ook Marc Pena, de rector van de universiteit, en Jean-Pierre Centi, de decaan van de faculteit economie, kort hun zeg komen doen, net als de prefect van het arrondissement en de burgemeester van de stad. Leonard Liggio, één van de meest invloedrijke oud-strijders van de beweging, en Tibor Machan, één van de meest gevierde libertarische academici, werden beide ook in de bloemetjes gezet voor hun jarenlange inzet. Leonard Liggio zelf lag mee aan de basis van de oprichting van het IES in 1989, toen nog onder de werknaam “Institute for Humane Studies-Europe”, en Tibor Machan was de eerste Amerikaanse professor die gastlezingen is komen geven op de seminaries van het IES.

De zomeruniversiteit zelf werd andermaal gehouden in de gebouwen van de economiefaculteit en bestond telkens uit lezingen in het “Grand Auditoire” voor de middag en kleinere gelijklopende sessies in het Engels én het Frans in de namiddag. Omdat ikzelf nogal wat werk te verzetten had, heb ik voor de namiddagen wel doorgaans moeten passen. Ik zal de vele sprekers en hun lezingen hier dan ook niet kunnen/willen bespreken. Het spreekt natuurlijk voor zich dat de échte toppers wel telkens in de voormiddag moesten opdraven. Ik heb dan ook niet het gevoel iets wezenlijks gemist te hebben. Richard Rahn, de gewezen topman van de Centrale Bank van de Kaaimaneilanden, kwam in Aix het bestaan van belastingvriendelijke landen verdedigen en zijn ongenoegen uiten over de recente pogingen van EU-landen en de VS om Zwitserland en andere belastinghavens af te dreigen. Fred Smith is voorzitter van het “Competitive Enterprise Institute” in Washington en sprak in zijn speech over “corporate social responsibility”. Volgens hem mogen consumenten zo’n beleid zeker van hun producenten eisen, maar is het zeker niet aan de staat om bedrijven daartoe te verplichten. Professor Enrico Colombatto van de universiteit van Turijn onderwees ons in de verschillen en gelijkenissen tussen enkele grote liberale rechtseconomen zoals Coase, Epstein, Manne en Posner. Professor Mario Rizzo van “New York University” gaf een moralistische kijk op het recht en duidde de fundamentele dichotomie tussen rechtvaardigheid (subjectief individualiseerbaar) en gerechtigheid (objectief legalistisch).

Christine Henderson, de Jennifer Anniston van de beweging en als “senior fellow” verbonden aan het “Liberty Fund”, gaf ons in Aix een historische schets van “suspicion about markets”. Zij toonde meesterlijk aan dat het kapitalisme altijd en overal bestreden en geweerd geweest is. Professor Steven Davies van de universiteit van Manchester schetste de plaats van het kapitalisme in de populaire media en stelde dat kapitalisten tot zekere hoogte de nieuwe joden zijn. In boeken, films en televisieprogramma’s worden kapitalisten steevast als hebzuchtige asociale wezens, vaak zelfs als criminelen, afgebeeld. Geheel onterecht natuurlijk. Professor Stefano Adamo van de universiteit van Banja Luka kwam ons vertellen over de geschiedenis van het geld en over de gelijkenissen tussen “debasement” in de 16de en 17de eeuw en de monetaire expansie van het fiatgeld vandaag door centrale banken. Een essay van onze LVSV-trots, Nicolas Bas, werd door het IES uit alle inzendingen weerhouden en Nicolas mocht in Aix zijn werk komen voorstellen. Hij analyseerde voor ons de structuren van Fannie Mae en Freddy Mac, hun impact op de vastgoedbubbel en de ontsporing van de ganse financiële sector als gevolg daarvan. Gia Jandieri is voorzitter van de “New Economic School” uit Georgië en een oude bekende van ondergetekende. Hij gaf ons op de zomeruniversiteit enkele fundamentele inzichten in het moderne sociaal-paternalisme en de onmogelijk te negeren gelijkenissen met het oude communisme. Beide hebben dezelfde ingenieursdrang tegenover de maatschappij en beide miskennen de menselijke waardigheid, de verschillen tussen personen en - vooral - de keuzevrijheid van vrije burgers.

Professor Victoria Curzon-Price van de universiteit van Genève analyseerde de armoede in bepaalde samenlevingen aan de hand van de afwezigheid van marktmechanismen en maakte voor eens en altijd komaf met de politiek-pragmatische verwarring tussen welvaartscreatie en welvaartsherverdeling. Toine Manders is voorzitter van de Libertarische Partij in Nederland en fiscalist bij het “Haags Juristen College”. Hij kwam in Aix belastingontwijking verdedigen en de aanwezigen tips en advies geven over de te volgen strategie. Parth Shah is voorzitter van het “Center for Civil Society” in New Delhi en gaf ons een lezing rond het thema “defending the undefendables”. Hij trok in die speech de kaart van smokkelaars (alles moet maar legaal zijn) en insider-traders (zij brengen gewoon informatie naar de markt) en zette ook tal van andere politiek incorrecte “beroepen” uit de wind. Daniel Ikenson, een “senior fellow” van het “Cato Institute”, had het dan weer over de “protectionistische pandemie” die globalisering en vrijhandel moeilijker maakt en zo de levensstandaard van alle betrokken omlaag haalt. Ook hekelde hij het misbruik van de Mexicaanse griep vandaag, en SARS enkele jaren geleden, om een achterliggende protectionistische agenda door te drukken. Professor Pascal Salin van de Sorbonne viel de slechte bankiers op ethische gronden aan, maar maakte duidelijk dat vooral de overheid (omwille van “moral hazard”) met de vinger gewezen moet worden. Professor Jacques Garello van de universiteit van Aix-Marseille behandelde op zijn beurt het vraagstuk van de vergrijzing en verdedigde de volledige privatisering van het pensioensysteem. Tom Palmer is momenteel vice-voorzitter van de “Atlas Foundation” en hij kwam bij ons zijn laatste boek “Realizing Freedom” voorstellen. Zijn presentatie bestond uit het reciteren van alle bekende vooroordelen, zeg maar gerust mythes of waanideeën, over de vrije markt en daarna uit het één voor één weerleggen van al deze naïef-linkse nonsens.

Douglas Den Uyl en Douglas Rasmussen, respectievelijk de vice-voorzitter van het “Liberty Fund” in Indianapolis en een filosofieprofessor aan “Saint John’s University” in New York, analyseerden voor ons de morele en ethische grondslagen van de markteconomie. De twee Dougs schreven daarover vorig jaar trouwens ook het boek “Norms of Liberty”. Volgens hen is de vrije markt niet enkel op utilitair vlak superieur maar ook op ethisch vlak omdat er nergens enige vorm van dwang of coërcie aan te pas komt. Gregory Rehmke is bestuurder van de “Foundation for Economic Education” en legde op de zomeruniversiteit uit waarom zoveel academici sociaal-democraten zijn en zo weinig studenten nog kritisch en zelfstandig willen of kunnen nadenken. Professor Randy Barnett van “Georgetown University” behandelde het rechtsfilosofische kader waarbinnen het marktproces het beste zou kunnen gedijen. Barnett haalde ook even het natuurrecht aan, maar het was vooral de volgende spreker, pater Marcel Guarnizo, de voorzitter van het “Educational Initiative for Central and Eastern Europe”, die daaraan een ganse lezing wijdde. Guarnizo is een katholieke priester maar tegelijkertijd een aanhanger van economische laissez-faire. Volgens hem vertaalt de zuivere christelijke moraal zich het best in de vrije markt. Guarnizo verwierp de legalistische ideeën van de huidige mensen waarbij ze enkel vrij schijnen te zijn als die vrijheid hen expliciet door de overheid toegekend is, en deed een oproep om terug te keren naar een natuurrechterlijke toestand waarbij mensen vrij zijn puur omwille van wat ze zijn: vrije individuen.

Tenslotte was er op deze conferentie ook nog ruim de tijd om met twee wel zeer bijzondere personen kennis te maken: Mamadou Koulibaly en Vladimir Bukowsky. Koulibaly was jarenlang actief binnen het IES en schittert momenteel in de functie van parlementsvoorzitter in Ivoorkust. Koulibaly verwierp in zijn speech elke traditionaal-Afrikaanse kritiek op het “neo-kolonialisme” van het Westen of op de koloniale erfenis van het Westen in het algemeen. Verder legde hij in geuren en kleuren uit dat het kapitalisme wel degelijk ooit zal triomferen in Afrika en weerlegde hij alle anti-kapitalistische vooroordelen die in Afrika bestaan. Hij wees ook met de vinger naar de wijdverspreide corruptie in Afrika en naar het feit dat vele Afrikanen het kapitalisme de schuld geven van de uitverkoop van staatsbedrijven aan de politieke vrienden van de leiders, terwijl het ene natuurlijk niets met het andere te maken heeft. Bukowsky, zonder twijfel de bekendste oud-Sovjetdissident die vandaag nog steeds actief is, overleefde de strafkampen van de Sovjet-Unie en bouwde na de val van het communisme vanuit ballingschap in Engeland een mini-carrière in de politiek en het maatschappelijk debat uit. Hij doceert momenteel aan Cambridge en is één van mijn grootste helden. Hij lanceerde de term “EUSSR” en van hem komt het cynische citaat: “Europa, ik leefde in uw toekomst, en ik vond het niet leuk.” Bukowsky kreeg op een ingetogen ceremonie in de tuinen van het “Pavillon Vendôme” in Aix-en-Provence trouwens ook de sleutels van de stad en de Paul Cézanne-medaille overhandigd als eerbetoon voor zijn decennialange inzet tegen totalitarisme en collectivisme, zowel in de voormalige Sovjet-Unie als vandaag in de Europese Unie. Hij verblijdde ons in Aix eveneens met een emotionele speech over de opvallende gelijkenissen tussen het oude Sovjet-totalitarisme en de recente ontwikkelingen binnen de Europese Unie. Zalig gewoon. Als het IES volgend jaar een gelijkaardige line-up kan aanhouden, kunnen ze er zeker van op aan dat ik er ook dan opnieuw bij zal zijn.



Bovenaan op foto zien jullie de huldiging van Vladimir Bukovsky door Tom Palmer in de tuinen van het Pavillon Vendôme. Onderaan zien jullie uw dienaar poseren met respectievelijk Vaclav Klaus, de president van Tsjechië, en oud-Sovjetdissident Vladimir Bukovsky.

Meer over deze zomeruniversiteit op www.ies-europe.org.
Meer teksten van Vincent De Roeck op www.libertarian.be.


Read more...

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>