29 maart 2019

Bourgeois buiten! (Paul Goossens)

(Facebook, 29 maart 2018)

Proficiat voor Joachim Pohlmann wegens zijn kalme doch besliste wederwoord aan Paul Goossens: "Ik zou verontschuldigingen van u kunnen eisen", wanneer deze de Vlaamse eis: "Walen buiten", met "Juden 'raus" vergeleek. De neiging van Hitlercentrische vunzige geesten om overal het nazisme bij te sleuren en via die criminalisering hun tegenstander te overtroeven, is een vergif. Zich door deze gewapende woorden niet laten intimideren, en ze integendeel zelf problematiseren, is een aanzienlijke verdienste.
Terzake: wanneer men de werkelijkheid rond de woorden bekijkt, is de ongerijmdheid van die vergelijking volstrekt duidelijk. Aan de ene kant een volkerenmoord, aan de andere kant helemaal niets, noch zelfs maar de flauwste zweem ervan. Ach, het was niet de sympathiekste leuze, maar alleen een verstokt lasteraar kan er een oproep tot volkerenmoord in zien. Maar om er genereus toch het goede van te erkennen: we weten nu ook op gezag van Paul Goossens wat de conservatieven zo lang gezegd hadden, namelijk dat "woorden gevolgen hebben".
We zagen een zaal onder leiding van Goossens zelf scanderen: "Bourgeois buiten!" Omdat ik zelf het hoofd koel houd, heb ik daar geen erg in (ik heb het zelf jammer genoemd dat de leuze "Boerzwa buiten" die tot recent op een muur in het Leuvense stadspark gekalkt stond, er verwijderd is), hoewel er in uitvoering van die gedachte wel degelijk miljoenen "klassevijanden" in de communistische landen vermoord zijn, meer dan in de Holocaust. Goossens genocidair? Niet volgens mij, maar volgens Goossens wel.
Die volkerenmoord was overigens geen toepassing van de geciteerde woorden. Het was geen louter "buiten" zetten van de geviseerde bevolkingsgroep waarmee de nazi's dreigden (of dat ze er in de praktijk na de Frans-Britse oorlogsverklaring van maakten), noch een louter "buiten" zetten van de klassevijanden door de communisten. Wanneer iemand met moord wil dreigen, dan zegt hij niet dat je "buiten" moet, maar dat je "dood" moet. Een klein onderscheid dat mensen verblind door haat blijkbaar over het hoofd zien.
Bijvoorbeeld, wanneer Mo de heidenen tot overgave en bekering intimideert, dan bedreigt hij hen niet met: "Buiten!", maar met de dood: "Hun plaats is het hellevuur", "Houw in op hun nek!" En aan die duidelijke woorden beantwoordt inderdaad een praktijk. We hoeven het zelfs niet over de middeleeuwen te hebben: tijdens mijn leven, in 1971, pleegde het Pakistaanse leger een meer dan miljoenvoudige massamoord op de hindoes in Bangladesj. En zelfs de jongsten onder ons hebben de recente islamitische aanslagen tegen een aantal heidense doelwitten meegemaakt, helemaal in uitvoering van Mo's eigen bevelen of voorbeeldgedrag.
Met zijn timing heeft Goossens ook al geen geluk. Juist nu heeft een moslim een hoogbejaarde overlevende van de door Goossens geïnstrumentaliseerde Holocaust, Mireille Knoll, vermoord. Wat die moslim deed, was de daad bij het woord voegen: zijn daad bij het bij alle moslims ingedrilde (en door onze overheden gefaciliteerde en gesubsidieerde) woord van Mo. Die had het nog zo ondubbelzinnig gezegd: "Strijd tegen de joden tot zelfs de rots waarachter een jood zich verbergt, u toeroept: 'Hee, strijder van Allah, hier schuilt een jood achter mij! Kom en dood hem!'"

Labels: , , , ,

Read more...

31 januari 2013

België bekent schuld

 
 
De senaat heeft besloten dat het koninkrijk België zich moet verontschuldigen wegens medeverantwoordelijkheid aan de Jodendeportatie. Zij heeft een bekentenis goedgekeurd waarin de Belgische staat met zoveel woorden erkent dat hij de joden niet in de mate van het mogelijke beschermd heeft.  De historici van het Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij (SOMA) hebben vastgesteld dat de Belgische overheden die door Duitse instanties gesommeerd werden om mee te werken aan de registratie en deportatie van Joden, de speelruimte die zij hadden om afzijdig te blijven niet gebruikten, en integendeel meer dan de strikt noodzakelijke gewilligheid toonden. Ook tijdens de repressie schonken zij nauwelijks aandacht aan de begane misdaden tegen het joodse volk, alleen aan echte of vermeende ontrouw jegens België. Zo, het is nu officieel: België heeft gecollaboreerd.
De Antwerpse oudstrijders kunnen voortaan de ceremonieën boycotten waar de Belgische vlag wappert en de Brabançonne gezongen wordt. Die zijn immers door collaboratie besmeurd. De Belgische symbolen werden gebruikt door het Waals Legioen van de Waffen-SS, met Léon Degrelle. Hij was, samen met zijn mede-Franstalige en mede-belgicist Léopold III en in tegenstelling tot de flaminganten, één van de weinige Belgen die de hand van de Führer geschud hebben. Veel belangrijker is dat het officiële België, in navolging van de koning, collaboreerde. Vanaf de wapenstilstand werkte heel de Belgische overheid met de Duitsers samen en ze nam hun orders aan. Dit verhinderde dat de Duitsers de volledige controle overnamen, wat doorgaans beter is (en met name ook de redding van een groter percentage joden toeliet) dan een rechtstreeks bestuur door de bezetter, zoals in Nederland. Maar het geldt wel als collaboratie.
Er is in de belgicistische pers veel te doen geweest om de “Antwerpse” medeplichtigheid aan de deportatie. De Waalse steden die een gelijkaardig beleid voerden, hebben de betreffende dossiers vernietigd, zodat de historici niet kunnen uitpakken met studie over bv. de “Luikse medeplichtigheid”. Maar het stadsbestuur van Antwerpen, overigens geleid door een christendemocraat en niet door een partijflamingant, stond onder toezicht van Duitsland en van België, niet van een onbestaande Vlaamse republiek.
Ook NV-A en VB hebben vol overtuiging vóór de Belgische schuldbekentenis gestemd. Louter academisch is er wel het bezwaar dat de tekst van de bekentenis tegen het voortbestaan van “extreemrechts” waarschuwt, een term waarmee in België doorgaans de verschillende belichamingen van het Vlaamse zelfstandigheidsstreven aangeduid worden. Geschiedenis ten dienste stellen van een hedendaags politiek project, zeker het belgicisme maar ook een ander, is fout. Een tweede bezwaar is dat bij de terechte vermelding van het “antisemitisme” onvermeld blijft dat dit zich nu vooral situeert in de moslimwereld en bij onze eigen moslimbevolking. Doch de Belgische erkenning dat (niet de Vlaamse maar wel degelijk) de Belgische overheden te gewillig met de Duitsers hebben meegewerkt, is veel belangrijker.
Dit is een grote overwinning voor de Vlaamse beweging. Zij heeft weliswaar niets gedaan. Het initiatief kwam van belgicistische anti-Vlaamse krachten, ondermeer de universitaire historici (die blijkbaar op hun anti-Vlaamse gezindheid geselecteerd worden) en de politici van de traditionele partijen. Het was ook een verlangen van de joodse gemeenschap, ondersteund door de geschiedkundige feiten: het is nu eenmaal zo dat de Belgische overheden met de deportatiepolitiek meegewerkt hebben, en dat verdiende gewoon erkenning. Er komt dus een einde aan de periode waarin België de schuld kon afschuiven op de collaboratie door de Vlaamse beweging.



 

De senaat heeft besloten dat het koninkrijk België zich moet verontschuldigen wegens medeverantwoordelijkheid aan de Jodendeportatie. Zij heeft een bekentenis goedgekeurd waarin de Belgische staat met zoveel woorden erkent dat hij de joden niet in de mate van het mogelijke beschermd heeft.  De historici van het Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij (SOMA) hebben vastgesteld dat de Belgische overheden die door Duitse instanties gesommeerd werden om mee te werken aan de registratie en deportatie van Joden, de speelruimte die zij hadden om afzijdig te blijven niet gebruikten, en integendeel meer dan de strikt noodzakelijke gewilligheid toonden. Ook tijdens de repressie schonken zij nauwelijks aandacht aan de begane misdaden tegen het joodse volk, alleen aan echte of vermeende ontrouw jegens België. Zo, het is nu officieel: België heeft gecollaboreerd.

De Antwerpse oudstrijders kunnen voortaan de ceremonieën boycotten waar de Belgische vlag wappert en de Brabançonne gezongen wordt. Die zijn immers door collaboratie besmeurd. De Belgische symbolen werden gebruikt door het Waals Legioen van de Waffen-SS, met Léon Degrelle. Hij was, samen met zijn mede-Franstalige en mede-belgicist Léopold III en in tegenstelling tot de flaminganten, één van de weinige Belgen die de hand van de Führer geschud hebben. Veel belangrijker is dat het officiële België, in navolging van de koning, collaboreerde. Vanaf de wapenstilstand werkte heel de Belgische overheid met de Duitsers samen en ze nam hun orders aan. Dit verhinderde dat de Duitsers de volledige controle overnamen, wat doorgaans beter is (en met name ook de redding van een groter percentage joden toeliet) dan een rechtstreeks bestuur door de bezetter, zoals in Nederland. Maar het geldt wel als collaboratie.

Er is in de belgicistische pers veel te doen geweest om de “Antwerpse” medeplichtigheid aan de deportatie. De Waalse steden die een gelijkaardig beleid voerden, hebben de betreffende dossiers vernietigd, zodat de historici niet kunnen uitpakken met studie over bv. de “Luikse medeplichtigheid”. Maar het stadsbestuur van Antwerpen, overigens geleid door een christendemocraat en niet door een partijflamingant, stond onder toezicht van Duitsland en van België, niet van een onbestaande Vlaamse republiek.

Ook NV-A en VB hebben vol overtuiging vóór de Belgische schuldbekentenis gestemd. Louter academisch is er wel het bezwaar dat de tekst van de bekentenis tegen het voortbestaan van “extreemrechts” waarschuwt, een term waarmee in België doorgaans de verschillende belichamingen van het Vlaamse zelfstandigheidsstreven aangeduid worden. Geschiedenis ten dienste stellen van een hedendaags politiek project, zeker het belgicisme maar ook een ander, is fout. Een tweede bezwaar is dat bij de terechte vermelding van het “antisemitisme” onvermeld blijft dat dit zich nu vooral situeert in de moslimwereld en bij onze eigen moslimbevolking. Doch de Belgische erkenning dat (niet de Vlaamse maar wel degelijk) de Belgische overheden te gewillig met de Duitsers hebben meegewerkt, is veel belangrijker.

Dit is een grote overwinning voor de Vlaamse beweging. Zij heeft weliswaar niets gedaan. Het initiatief kwam van belgicistische anti-Vlaamse krachten, ondermeer de universitaire historici (die blijkbaar op hun anti-Vlaamse gezindheid geselecteerd worden) en de politici van de traditionele partijen. Het was ook een verlangen van de joodse gemeenschap, ondersteund door de geschiedkundige feiten: het is nu eenmaal zo dat de Belgische overheden met de deportatiepolitiek meegewerkt hebben, en dat verdiende gewoon erkenning. Er komt dus een einde aan de periode waarin België de schuld kon afschuiven op de collaboratie door de Vlaamse beweging.

Labels: , , , , ,

Read more...

16 november 2008

De nazi’s en het neoliberalisme

Pogingen om Hitler en de nazi’s af te schilderen als een ondemocratische variant van het socialisme, bleken niet altijd even succesvol. Wat met het omgekeerde? Ik bedoel wat met de stelling dat het nazisme een vroege variant van het neoliberalisme is geweest. Hitler als een neoliberaal avant la lettre? Bespottelijk natuurlijk. Hoewel.

Wat is neoliberalisme? Neoliberalisme kan het best omschreven worden als een ideologie die voorstander is van het terugtreden van de overheid. Vrije markten en vrijhandel staan voorop. Dat kan het best worden gerealiseerd door liberalisiring, deregulering en privatizering. De heilige drievuldigheid van het neoliberalisme. De inperking van de interventies van de overheid hebben uiteraard als gevolg het verminderen van de overheidsuitgaven.

Waren de nazi’s volgens deze omschrijving neoliberalen? Op één vlak zeker wel. Het waren ijverige privatiseerders. Zeer ijverige privatiseerders. De eerste grote privatiseringsgolf in Europa dateert inderdaad niet van het begin van de jaren tachtig in het Groot-Brittannië van Margeret Thatcher. De eerste grote privatiseringsgolf vindt plaats in het Duitsland van de jaren dertig. Het Duitsland van Hitler en de nazi’s.

Onder Weimar waren er belangrijke bedrijven en banken genationaliseerd. De nazi’s verkochten ze terug aan de private sector. Het grootste overheidsbedrijf ter wereld werd verkocht: de Duitse spoorwegen. Verenigde Stahlwerke werd overgeleverd aan Fritz Thyssen, één van de twee (ja slechts twee!) grote industriëlen die toetraden tot de nazipartij voor ze aan de macht was. Mijnbedrijven, banken, scheepsbouwwerven, lokale nutsbedrijven..werden geprivatiseerd. Ook publieke diensten werden overgelaten aan de private sector. Zelfs de welvaartstaat werd geprivatiseerd, hoewel het hier niet bedrijven waren die de functies overnamen, maar organisaties gelieerd met de nazibeweging. In dit geval kunnen we dus hooguit spreken van een semi-privatisering.

Hoe belangrijk waren deze privatiseringen? Voor de tweede helft van de jaren dertig wordt de opbrengst geschat op 1,4 percent van de totale ontvangsten van de overheid. Dit is in dezelfde grootte-orde als de opbrengst van de privatiseringen die plaatsvonden in de Europese Unie tussen 1997 en 2000. Zoals gezegd, de nazi’s waren ijverige privatiseerders. En ze waren de eersten.

Betekent dit nu dat de nazi’s neoliberalen waren? Hoegenaamd niet. Voor het overige was er in nazi-Duitsland géén mars richting neoliberale hervormingen. Eerder integendeel. De privatiseringen vonden plaats in een klimaat van almaar grotere bemoeienissen van de staat met de private sector. In tegenstelling tot het Europa van eind jaren negentig was er in nazi-Duitsland sprake van méér regulering, minder liberalisering, méér overheidsuitgaven en -interventies. Dit staatsinterventionisme betekende een grote aanslag op de private eigendomsrechten in het algemeen, ook al werd door het privatiseringsprogramma de eigendomsrechten van sommige privé-kapitalisten wel goed gevrijwaard. De nadruk ligt hier op het woord sommige.

De nazi’s privatiseerden dus niet om ideologische redenen. Het waren geen neoliberalen, laat staan libertariërs. In principe stonden ze ideologische neutraal tegenover het privatiseringsvraagstuk. Van Hitler is de befaamde uitspraak dat het niet nodig was om banken en bedrijven te nationaliseren omdat de nazi’s de mensen zouden socialiseren. Toch tendeerden de economische programma’s van de NSDAP eerder naar nationalisering dan privatisering. In de praktijk echter was privatisering geen probleem omdat de staat toch de controle zou houden via strikte regulering. Wat uit de grote privatiseringsoperatie onder de nazi’s blijkt, is dat een autoritair bestuur en een private economie wel kunnen samengaan, maar autoritair bestuur en een echte geliberaliseerde vrije markteconomie niet.

Waarom privatiseerde de nazi’s dan wel? Hoofdzakelijk om politieke redenen. De nazi’s stonden zwak in het parlement en ze zochten dus buitenparlementaire allianties zoals die met "big business". Die laatsten hadden ze bovendien nodig voor de uitvoering van het herbewapeningsprogramma en voor het bestrijden van de werkloosheid (het Keynesiaans doel van volledige werkgelegenheid was ook een belangrijke doelstelling van de nationaal-socialisten). Met de privatisering van de "commanding heights" van de economie slaagden de nazi’s erin de industriëlen aan hun kant te krijgen. Het bleef dus niet bij de twee industriëlen die de nazi’s steunden voordat ze aan de macht kwamen.

Privatisering had ten slotte ook een praktische oorzaak. In directe tegenstelling tot het neoliberalisme verhoogden de nazi’s fors de overheidsuitgaven, en dit niet alleen voor de uitbouw van de oorlogsstaat. Die verhoging was uniek in vergelijking met andere landen, zelfs met de V.S., toen volop met de uitvoering bezig van de New Deal. En de New Deal kan je bezwaarlijk neoliberaal noemen. Om aan de nodige inkomsten te geraken, zagen de nazi’s zich verplicht de kroonjuwelen te verkopen.

Kortom, privatisering was een praktische noodzaak als gevolg van de toenemende controle van de economie door de staat; en had als politieke reden het zoeken naar partners voor de uitvoering van het economische programma van de nazi’s. Ironisch is het niet? Dat een anti-liberaal sociaal-economisch programma aanleiding gaf tot de massale verkoop van overheidsbedrijven aan de private sector! Dubbel ironisch eigenlijk, want het was blijkbaar geen probleem om de nodige industriële partners ook te vinden, zelfs partners die vanuit ideologische overwegingen fel tegen dat linkse programma gekant hadden moeten zijn.

De conclusie is duidelijk: voor echte (neo)liberale hervormingen moet je niet bij "big business" zijn.

Labels: , ,

Read more...

13 oktober 2007

Aan Marc Hooghe, doctor in de sociologie (victa placet mihi causa)

.
From: Marc Vanfraechem
Date: 13 Oct 2007 15:47
Subject: flauwekul verkopen is geen aparte tak van de sociologie,
To: Marc Hooghe
mailed-by: gmail.com

het is de hoofdmoot van die wetenschap !

Ik lees even wat je daar in De Morgen laat optekenen Marc:

Marc Hooghe: "Het is de eerste veroordeling waarbij racisme wordt weerhouden als verzwarende omstandigheid. Zestig jaar geleden zou het nog een verzachtende omstandigheid zijn geweest: 'Het was mààr een neger, edelachtbare.' Maar om nu te zeggen dat dit proces een einde zal maken aan het tolereren van racisme? Nee, daarvoor zou het beter geweest zijn indien hier een 'normale' mens had gestaan, iemand die je kon aanspreken. Voor een dergelijk effect heb je identificatie nodig, een negatief rolmodel, en dat is er niet. Ik denk niet dat Van Aelst gelijk had toen hij zei dat dit geen racistische moord was, maar door het totaal ongrijpbare van de persoonlijkheid van de dader is het racisme een beetje ondergesneeuwd. [...]"

Kun jij Marc,
één proces aanhalen "van zestig jaar geleden" waar jouw schandelijke uitspraak zou gevallen zijn, of zou kùnnen gevallen zijn? Of waar zij zelfs toelaatbaar zou zijn geacht? Maar misschien heb je net Tintin au Congo achter je wetenschappelijke kiezen?
Ernstig blijven asjeblief, niet álle Morgenlezers zijn stripliefhebbers of achterlijke schapen.
Verder kun je ook niet álles naar je hand zetten: Van Aelst heeft nooit gezegd dat "dit geen racistische moord was". Hij zei integendeel dat racisme een rol heeft gespeeld, weze het niet de hoofdrol.
Probeer toch even (als ethisch principe misschien?) de waarheid van iemands woorden te respecteren, zeker als ze jou nog goed uitkomen ook! ...want iets verder vertel je weer dat Van Themsche geen "normale" mens is (en dan dis je nog enkele zaken op over rolmodellen &cet. : zaken waar een ernstige, zij het onwetenschappelijke mens mee lacht ;-) ... met andere woorden jij, Marc Hooghe, was tégen een gevangenisstraf en voor internering? Voyons Tintin, un peu de suite dans les idées!
Ach man, je bent vér weg, zowel bij wat je hier vertelt over het proces, als wat jouw opvattingen over de binnenlandse politiek betreft.
Ik hoop dat je je geen illusies maakt over de impact van jouw bijdragen als bijna-vaste columnist van DS en DM.
Veel geluk,
M.

Maar ik was te kwaad om het daar bij te laten, en daarom dit:

From: Marc Vanfraechem
Date: 13 Oct 2007 18:23
Subject: meelijwekkend pseudowetenschappertje
To: Marc Hooghe

Ik vraag mij af of u wel goed beseft wat u daar allemaal hebt uitgekraamd, Marc Hooghe.
Mij, dat kan ik wel zeggen, hebt u doen walgen van uw persoontje.
"Die man staat buiten ons. Van Marc Dutroux kan iedereen perfect begrijpen dat hij een slechte mens was, maar Hans Van Themsche kun je in zekere zin niet eens haten omdat hij bijna geen mens is. Dit gaat naar de kern van de definitie die Aristoteles van 'de mens' geeft. Een mens heeft de gave tot empathie, hij of zij kan emoties delen met een ander. Van Themsche beseft zelf dat hij dat niet kan. Hij kan niet met ons communiceren, en wij kunnen hem ook niet begrijpen."
U schuwt al om te beginnen de belachelijkheid niet met dat zinnetje over Dutroux: "slechte mens"!
Bent u nu al moraaltheoloog ook ? Het gaat snel daar in Leuven. Weet echter dat ook het haten van Dutroux niet goedgekeurd mag worden volgens het christelijke adagium: odi peccatum, amare peccatorem (de vertaling zoekt u maar op).
En wat een armoedige wetenschap gaat er schuil achter de rest uw infantiele kreetjes. Ook een halfverteerde Aristoteles zal dat gestamel over "buiten ons" of. "bijna geen mens meer" niet goedkeuren vrees ik. Een socioloog gebruikt hier probleemloos "ons". Om je te bescheuren.
Entmenschlichung is een kenmerk van alle totalitaire regimes. Stalinisten hadden hun kapitalisten en joden, Nazi's hun joden en kommunisten, en Mohammedanen hebben hun joden, kaffers en afvalligen.
U bent in goed gezelschap Hooghe, maar niet meer in het mijne.
.

Labels: , , , , , , , ,

Read more...

<<Oudere berichten