15 november 2009

Zouden we moeten treuren om het vertrek van Van Rompuy? (Hoegin)

Zouden we moeten treuren indien Herman van Rompuy, de Eerste Minister die heel Europa ons zou benijden, ons zou verlaten om de eerste vaste Voorzitter van de Europese Raad te worden? Aanhangers van de verrottingsstrategie om België te doen barsten alvast niet, want als Herman van Rompuy één ding goed kan, dan wel pappen en nathouden, ook bekend onder zijn eigen motto «rustige vastheid». En op tijd zijn eigen partij plat op de buik duwen ter wille van de Franstaligen.

Dat hij de perfecte kandidaat voor de job is, weten we al langer, maar dat Herman van Rompuy ook effectief de eerste vaste Voorzitter van de Europese Raad zal worden, staat nog lang niet vast. Dat hij naar de post dingt echter wel, zoals duidelijk bleek uit zijn reactie op een lastige vraag van één of andere Italiaan op het diner van de Bilderberggroep. Zelfs al klopt het dat hij niet voor een groene Europese belasting pleitte, maar wel voor een «meer structurele vorm van financiering op Europees niveau» in de vorm van een verkapte Tobin-taks op financiële transacties, dan nog blijft zijn verveelde reactie. Inderdaad, indien het zou kloppen dat Herman van Rompuy de post van EU-president niet actief zou nastreven, en dat hij ze enkel maar wil aanvaarden als er consensus bestaat en hij niet anders kan, dan zou de vraag van die Italiaan hem immers geen moer hebben kunnen schelen. Integendeel zelfs, een geprofileerde toespraak op dat diner zou voor hem een heel gemakkelijke manier geweest zijn om voor eens en altijd die beker aan hem voorbij te laten gaan, maar dat heeft hij dus wel heel nadrukkelijk niet willen doen. Schijnheiligheid troef dus, maar de lezer weet vermoedelijk al langer dat dat een eigenschap is die bij Herman van Rompuy bovengemiddeld ontwikkeld is.

Het foefje van de «consensus» is trouwens ronduit hilarisch wanneer het uit de mond van een Eerste Minister komt die aan Vlaamse zijde niet eens over een meerderheid voor zijn federale regering beschikt, ook al noemde hij dat zelf vóór de verkiezingen nog «staatsgevaarlijk». Als de vereiste consensus eruit zal bestaan dat Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië het onder mekaar eens zouden worden dat het Herman van Rompuy zal zijn, en dit trio vervolgens hun voorkeur door de strot van een meerderheid van de overblijvende 23 lidstaten kan duwen, dan zal dat zowel voor Herman van Rompuy als zijn CD&V al ruim voldoende zijn.

A propos standpunten vóór en nà verkiezingen: in 2004 hield Herman van Rompuy nog een pleidooi tegen een Turkse EU-lidmaatschap, maar zag hij een toetreding van de Oekraïne wel zitten – als ze het zelf vragen natuurlijk. Politicoloog Hendrik Vos zag daarin een mogelijk probleem, maar ik vermoed dat de EU-leiders ondertussen al wel zullen weten wat voor vlees ze in de kuip hebben met Herman van Rompuy. Als Turks EU-lidmaatschap even EU-gevaarlijk is als een federale Belgische regering zonder Vlaamse meerderheid staatsgevaarlijk, weten we nu al dat hij zich desnoods wel ootmoedig zal willen «opofferen» met een paar jaartjes extra aan het hoofd van de EU om de integratie van Turkije in de Europese Unie in goede banen te leiden. En als een Oekraïens aanvraag tot EU-lidmaatschap op een lastig ogenblik in de brievenbus zou vallen, zal hij zeker wel iets weten te verzinnen om eerst die aanvraag niet te hoeven ontvangen, en vervolgens die aanvraag zoveel mogelijk op de lange baan te schuiven.

Zouden we dus moeten treuren indien Herman van Rompuy de eerste vaste Voorzitter van de Europese Raad zou worden? Zoals in de inleiding reeds aangehaald, blonk hij als Eerste Minister tot nu toe vooral uit in het pappen en nathouden, en op tijd de CD&V plat op de buik dwingen om de Franstaligen hun zin te kunnen geven. «Rustige vastheid» heet dat dan in zijn jargon, maar «rustige slaafsheid» zou de lading al veel beter dekken. Van de vijf zogenaamde «werven» die hij aanduidde zijn er voorlopig nog maar drie afgewerkt. En voor één keertje ben ik het eens met Bart Eeckhout van De Morgen: zelfs die drie afgewerkte werven liggen er hoogst belabberd bij. De begroting is één grote puinhoop, onder meer, maar niet alleen, dankzij de stuitende incompetentie van Didier Reynders. De verdediging van Herman van Rompuy in Kamer –de oppositie zou geen visie hebben– was van zo'n laag niveau dat je je afvraagt of die man zichzelf in de spiegel nog kan zien. In het asieldossier hebben PS en cdH dan weer al zo vaak hun zin gekregen dat de Franstalige socialisten het gisteren zelfs aandurfden openbare gebouwen op te vorderen om hun toekomstige kiezers te herbergen. (En ik neem aan dat hun partijgebouwen en volkshuizen al vol zitten, ja toch?)

Aan twee werven is Herman van Rompuy voorlopig nog niet begonnen: de staatshervorming en Brussel-Halle-Vilvoorde. Of beter gezegd: die heeft hij tot nog toe vakkundig in de koelkast kunnen houden door ofwel dringendere zaken in te roepen, ofwel op zijn blote knieën bij de Franstaligen extra tijd te gaan afkopen. Dat is natuurlijk weinig bevredigend vanuit een Vlaams standpunt, maar anderzijds is het nog maar de vraag of een staatshervorming of een onderhandelde oplossing voor Brussel-Halle-Vilvoorde onder leiding van Herman van Rompuy dan zoveel goeds voor Vlaanderen zou kunnen brengen. Àls Herman van Rompuy erin zou kunnen slagen die twee werven op één of andere manier af te werken, moet gevreesd worden dat die afwerking er vooral uit zal bestaan de eigen partij nog maar eens plat op de buik te dwingen voor een reeks toegevingen aan de Franstaligen. De hartenkreet van Béatrice Delvaux sprak in dat verband boekdelen. Het alternatief van ongrondwettelijke federale verkiezingen met alle problemen en heisa dat met zich mee zou brengen valt dan misschien toch nog te verkiezen boven een uitverkoop van Vlaamse belangen en verworvenheden in de Vlaamse Rand en Brussel.

De ultieme vraag die dus gesteld moet worden is de volgende: op welk niveau zou Herman van Rompuy de Vlaamse zaak het meeste schaden, het Belgische of het Europese? Op Europees niveau hoeven we hoe dan ook geen Václav Klaus aan het hoofd van de Europese Raad te verwachten, en dan kan men net zo goed van de nood een deugd maken om Herman van Rompuys «rustige vastheid» uit het Belgische niveau te verdrijven. Of Yves Leterme dan wel Didier Reynders de fakkel van Herman van Rompuy zou overnemen in de Wetstraat 16 maakt in dat geval trouwens weinig uit – 2010 belooft dan hoe dan ook een boeiend jaar te worden.

Labels: , , , , , ,

Read more...

14 november 2009

Brussels belangenconflict wordt al klaargestoomd (Hoegin)

Brigitte GrouwelsHet wordt met de dag duidelijker dat mijn voorspelling van twee weken geleden wel degelijk zal uitkomen: wanneer het Duitstalige belangenconflict in de lente van volgend jaar afgelopen zal zijn, zal het Brussels Hoofdstedelijk Parlement een nieuw belangenconflict inroepen. CD&V gaf gisteren bij monde van Brigitte Grouwels –ooit nog Vlaanderens hoop in Brussel– alvast het groene licht aan de Franstaligen, en het lijdt geen twijfel dat ook Open Vld en Groen! zullen volgen, wat kandidaat-voorzitter Marino Keulen ook moge beweren.

Brigitte Grouwels was gisteren te gast in het ochtendprogramma Matin Première van de RTBf, en liet zich daar ontvallen dat ze de inroeping van een belangenconflict tegen de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde door het Brussels Hoofdstedelijk Parlement liever zou willen vermijden. Als het er echter toch van zou komen, zou dat volgens haar misschien wel tot spanningen kunnen leiden tussen de Nederlands- en Franstaligen in dat parlement, maar niet tot een crisis in de Brusselse Regering. De échte boodschap is echter dat ze daarmee de Franstaligen impliciet groen licht gaf om in de lente van volgend jaar een belangenconflict in te roepen in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement, en reken maar dat wanneer die boodschap verkondigd wordt op het eerste radiokanaal van de RTBf, zij wel degelijk zal aankomen in de hoogste regionen van de Franstalige partijen. Meer zelfs, ik zou zelfs niet meer willen uitsluiten dat de CD&V zo driest zou durven zijn om zich zelfs te onthouden bij die stemming. De smoes zal dan wel iets in de aard van een betreuring van de polarisatie binnen het Brussels Hoofdstedelijk Parlement zijn, maar waar het echt om gaat is de Franstaligen een schaamlapje te kunnen leveren zodat zij zouden kunnen beweren dat dit geen stemming Franstaligen tegen Nederlandstaligen is, precies dat wat zij de Vlamingen steeds verweten hebben in dit dossier. Wat in de Kamer niet mag, mag in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement wel, zoals N-VA-voorzitter Bart de Wever terecht opmerkte.

Ach, waar is de tijd dat Brigitte Grouwels beschouwd werd als Vlaanderens hoop in de hoofdstad? Ik herinner het me nog: het was de tijd van Jos Chabert, die niet eens in Brussel woonde maar wel Belgischer dan de koning was, en in 1999 vasthield aan zijn Brusselse portefeuille om toch maar te vermijden dat die «Vlaamsgezinde» Brigitte Grouwels zou kunnen doorstoten. Misschien was het allemaal maar een begoocheling? Of is ze vandaag, na vijf jaar staatssecretaris geweest te zijn en nu eindelijk dan toch minister voor het Brussels Gewest, van haar Vlaamsgezindheid «genezen»? En wat is dan een belangenconflictje tegen een wetsvoorstel dat de eigen partij nog mee ingediend en gestemd heeft vergeleken met nog minstens vier jaar ministerschap in dat Brussels Gewest? «Minder Frans, meer Brigitte» was haar laatste verkiezingsslogan nog, maar als meer Frans nóg meer Brigitte oplevert, kan je toch niet verwachten dat zij als CD&V'ster gaat tegenpruttelen?

Zouden de Nederlandstalige coalitiepartners in de Brussels Regering dan wel durven (of willen) tegenpruttelen bij de stemming van een belangenconflict? Van Groen! hoeven we niet veel te verwachten: wat hen betreft mag Brussel-Halle-Vilvoorde immers netjes één blijven, ja zelfs uitgebreid worden tot heel België. En de andere partner, de Open Vld, had de invoering van een federale kieskring zelfs als een uitdrukkelijke eis in haar laatste verkiezingsprogramma opgenomen. Kandidaat-voorzitter Marino Keulen liet wel optekenen dat wat hem betreft het Duitstalig belangenconflict het laatste zou moeten zijn, maar wie gelooft dat dit meer is dan verkiezingspropaganda voor 5 december, de datum voor de voorzittersverkiezingen bij de Open Vld, gelooft waarschijnlijk evenzeer in de goedheilige man die de dag nadien zijn ronde maakt. Ook de reactie van Brussels Open Vld-minister Jean-Luc Vanraes is weinig geloofwaardig, aangezien hij zelf in 2006 nog een uitgesproken tegenstander van de splitsing was. Ooit weigerde hij zich zelfs uit te spreken over een uitbreiding van het Brusselse Gewest, iets wat toch een no-brainer zou moeten zijn voor eenieder die zichzelf als Vlaming gerespecteerd wil zien.

De overtreffende trap totentrekkerij werd echter afgeleverd door de Brusselse sp.a-fractievoorzitster Elke Roex. Elke Roex heeft natuurlijk groot gelijk in haar analyse, maar dat iemand met een sp.a-lidkaart ook écht een Vlaamse reflex zou kunnen bezitten is natuurlijk een stelling zo grotesk dat zelfs iemand die in Sinterklaas en de Kerstman tegelijkertijd gelooft daar niet intrapt. Of zou er toch iemand rondlopen die wil geloven dat zij precies hetzelfde zou zeggen ook indien de sp.a wel mee aan de Brusselse vetpotten zou zitten?

Wat in ieder geval opvalt, is dat CD&V én Franstaligen op dit ogenblik een pak meer energie steken in het aanvaardbaar maken van een Brussels belangenconflict over Brussel-Halle-Vilvoorde dan het voeren van onderhandelingen of wat dan ook. (Wat uiteraard niet betekent dat ik voorstander zou zijn van zulke onderhandelingen.) Maar de verklaring waarom er zo'n groot verschil bestaat tussen het CD&V-woord en de CD&V-daden is natuurlijk eenvoudig: dit is de weg van de minste weerstand. Het is immers gemakkelijker zes miljoen Vlamingen voor het lapje te houden dan enkele CD&V-mandatarissen vijf minuten politieke moed te laten opbrengen om de Grondwet te laten toepassen. Maar dat laatste zal natuurlijk geen enkele van mijn lezers verbazen.

Labels: , , , , , ,

Read more...

13 november 2009

No More RINO's Please!

Overal in de Verenigde Staten krijgen centrumgerichte Republikeinse politici tegenkanting van meer extreme conservatieve kandidaten. Zelfs zittend gouverneur van Florida, Charlie Crist, is nog niet zeker van zijn plaats op het GOP-ticket voor de senaat. Hij moet het in de partijprimaries eerst nog opnemen tegen een veel meer uitgesproken conservatieve kandidaat, Marco Rubio, die op de steun van Jeb Bush kan rekenen en in de peilingen Crist aan het bedreigen is.

Stilaan heeft deze "anti-RINO" beweging al in enkele Amerikaanse staat wortel geschoten. Zeker na het eerste succes van deze beweging enkele weken geleden in New York waar ze de onafhankelijke ultra-conservatief Doug Hoffman met succes naar voren schoven tegen de gematigde partijkandidaat. Rand Paul, de zoon van libertarisch boegbeeld en stichter van de "Campaign for Liberty" Ron Paul, is de poster boy voor deze opstandbeweging binnen de GOP geworden. Hij wil de GOP-nominatie binnenhalen voor een senaatszetel in Kentucky. Libertarisch econoom Peter Schiff ambieert hetzelfde in Connecticut.



In dit filmpje van de "Wall Street Journal" horen we de angst van vele kaderleden van de GOP dat dit een breuk binnen de partij zou kunnen veroorzaken. Ook vrezen zij dat de extremere conservatieven (libertariërs dus) minder kans hebben om verkiezingen van de Democraten te winnen dan meer centrumgerichte conservatieven (RINO's dus). In onderstaande videoclip legt Rand Paul uit waarom hij tegen de bail-out van de Amerikaanse autoindustrie gekant is.



Een échte libertariër in mijn ogen, maar volgens de gerespecteerde Britse weblog "Conservative Home" is hij net een échte conservatief... Klinkt vreemd? Niet voor iemand die enigszins thuis is in de rijke Angelsaksische conservatieve traditie. Ronald Reagan zei dat het libertarisme de ziel van het conservatisme was, Margaret Thatcher vroeg F.A. Hayek in het begin van haar politieke carrière vaak om advies, en ook andere conservatieve boegbeelden, van een Barry Goldwater of Robert Taft tot een Dick Armey of Jack Kemp, werden vermaard omwille van hun sterke libertarische ideeën.

Ron Paul incarneerde die heropleving van authentieke libertarische of conservatieve waarden in de laatste presidentiële primaries, en nu is het aan zijn zoon, Rand Paul, om dat werk politiek verder te zetten.

Dr. Paul, I salute you!

Read more...

The Kingmakers of Lisbon (Arnaud Houdmont)

If rumours are anything to go by, the culmination of a long, outdrawn and rather undemocratic process that is shaping the future of Europe is nigh. Following a preliminary round of consultations with EU heads of state, Swedish PM Fredrik Reinfeldt decided to convene an informal summit on the 19 November during which he intends to put forward one candidate for each of the two European top posts. ‘It could be that a lengthy dinner at the European Council actually delivers someone else’ he announced, suggesting that the candidates that have been mentioned in the media so far are not the only ones vying for the positions of President of the European Council and High Representative for Foreign Affairs and Security Policy respectively.

The image it evokes is that of a bunch of statesmen enjoying a meal whilst calling out the names of the candidates they are backing. Not exactly an example of democracy in action… but arguably a fitting continuation to the ratification. On the 2nd of October, 17 months after the first referendum, Irish voters were invited to rethink their original position and ended up voting in favour of Lisbon Treaty. For the EU institutions not taking ’no’ for an answer back in 2008 eventually paid off as the last remaining obstacle was thus removed (save for the minor detail of allowing the Czech Republic to opt out of the European Charter of Fundamental Rights in return for Václav Klaus’ signature on the treaty) and European leaders could turn their attention to the real business at hand: the distribution of posts.

Whereas names of potential candidates had been circulating for a while, guessing who would come out on top suddenly became the prime occupation across Europe. Rarely has an EU issue enjoyed such media attention. The latest ‘conventional wisdom’ circulating in the European media, however, is that those who announced their candidacy early-on made a tactical mistake. Apparently external observers should be paying heed to the dark horses in the herd. While no final decision-making power is vested in either position, both will wield considerable influence in EU affairs and on the global stage.

Yet both posts will be appointed by the heads of state. The election of the President relies on a qualified majority among the members of the European Council and does not require the approval from the European Parliament. The High Representative on the other hand will be appointed by the heads of states and governments whose choice will need the approval of the Commission President. In the past there have been calls for direct elections to take place to give the President a clear mandate, but to no avail… After all, why suddenly change our habits and deprive the dining kingmakers from announcing their choice on the 19th of November?

Read more...

12 november 2009

Het helpt natuurlijk als je eerst Joke Schauvliege schoffeert en dan Guy Verhofstadt in de jury hebt

Eerst heette het dat deze jury ondermaats was en niet in staat om zijn talent te beoordelen. Daarna, bij de bekendmaking van de AKO-laureaat, liet Erwin Mortier optekenen dat diezelfde jury “hem beter begrepen heeft dan de andere”. Wat is het nu, Erwin? Is de enige kwaliteits-maatstaf van een literaire jury de Mortiergezindheid? Denk je nu echt dat de middenas van het universum door jouw navel loopt, en dat de waarheid zich verbuigt onder invloed van jouw grenzeloze gravitatie?

Wat er ook van zij, de auteur van Godenslaap wil zo snel mogelijk een gesprek met cultuurminister Joke Schauvliege (door hem eerder in De Morgen, tamelijk onsubtiel en kinderachtig, als Schouwvliegje betiteld), om nu eindelijk eens dat fiscaal statuut van de auteur aan te kaarten. Mortier wil zelf geen belastingen betalen maar wil wel graag meer belastinggeld gereserveerd om de literatuurindustrie te stimuleren.

Nu ben ik de laatste om een kunstenaar te willen zien hongeren op zijn zolderkamer. Toch lijkt het nieuwe materialisme van het schrijversgild, evenals de gretigheid waarmee er naar overheidsgeld gelonkt wordt (zie de eis van de sector om beginnelingen een soort ambtenarenstatuut te geven, om nog maar te zwijgen van het “geef ons meer geld”-geblaat van Dirk van Bastelaere in het tijdschrift nY), te refereren naar een zeer oude wortel van het schrijversschap, namelijk de boekhouding. Van in het oude China tot onder Karel de Grote waren schrijvers in de eerste plaats door de overheid aangestelde klerken, die slechts mettertijd, eerder uit verveling, naast de reguliere magazijnnotities ook persoonlijke krabbels maakten. Misschien werd dat door de hofdames wel gesmaakt, en ontstond zo het type van de hofdichter, een soort belcanto-nar die zich in zangwedstrijden mocht uitleven. Jaja, toen al regende het prijzen, waren er glunderende winnaars en mokkende verliezers.

Dit maar om te zeggen dat Mortiers gekoketteer met jury’s, zijn enorme hang naar succes en status (de gespeelde bescheidenheid van de laureaat, die gelukzalig mompelde “ach, we doen het niet voor het klatergoud”, deed dat nog frappanter uitkomen, zoals Caesar tot drie keer toe de keizerskroon weigerde), ons weer herinnert aan wat Sloterdijk schreef over het cynisme van de moderne intellectueel en zijn verslaving aan de macht. Het aura van de dichter is de verdubbeling van het aura van de politicus, die er zich achter verstopt, want politici zijn de dag van vandaag niet populair. De hang naar zekerheid en de institutionele cocon is onrustwekkend groot in het artistiek-intellectuele circuit. Ik zou graag eens een schrijver beloond zien die het establishment te kakken heeft gezet, maar dat is natuurlijk een contradictie vermits het establishment zelf de prijzen uitdeelt.

Voor de rest heeft Erwin Mortier een vlekkeloos PR-parcours gereden: het hautaine geschimp op het Schouwvliegje heeft hem de sympathie opgeleverd van juryvoorzitter Guy Verhofstadt, en het naarstige lobbywerk van diens broer Dirk. De als “voluntarisme” verklede doordrammerij van de ex-premier indachtig, zou het me niet verwonderen dat de rest van de jury hem gewoon zijn zin heeft gegeven. Daarbij blijf ik, zoals al vroeger gezegd, de verschijning van de luiers verversende moeder-minister een verademing vinden in het landschap van de kakmachines en de zelfverheerlijkende peptalk allerhande.

Zal Godenslaap de eeuwigheid halen, zoals de jury het stelt? Ik weet het nog zo niet. Ik heb eerder het gevoel dat de echte eeuwigheid van morgen vandaag in de anonimiteit huist, het klodderwerk van de eenzame wroeter. Behalve een euvel is marginaliteit misschien ook wel een zegen, een schuilplek. Een auteur die door een (ex-) premier wordt gelauwerd, dat kan nooit goed aflopen. Ook Claus en Verhofstadt waren boezemvrienden, maar van Claus gelooft niemand dat hij nog een decennium langer meegaat. Kunstenaars en macht, ze trekken elkaar aan, maar het eeuwigheidsgehalte blijkt telkens weer ver van de salons, de Academie en de prijzen te liggen. Dat ziet er dus niet zo goed uit voor Erwin. Dan toch maar beter eens stevig doorbomen over dat BTW-tarief…


Johan Sanctorum
http://www.visionair-belgie.be/

Read more...

De Grauwe ambieert Nobelprijs. Stap één: liberale principes verloochenen. (Vincent De Roeck)

Professor Paul De Grauwe van de Katholieke Universiteit Leuven gold jarenlang in België en daarbuiten als een doorwinterd liberaal econoom. Zijn thesisstudenten kregen systematisch liberale thema's zoals de liberalisering van de spoorwegen, de privatisering van de nutsbedrijven, de ontmanteling van de intercommunales of de deregulering van het ondernemersschap op hun bord. De Grauwe was kind aan huis bij liberalen en libertariërs, en dit zowel in het politieke als in het academische circuit. Professor De Grauwe maakte op basis van zijn eigen mérites zelfs furore binnen het christen-democratische bastion dat de K.U. Leuven nog steeds is en schopte het tot federaal parlementslid (twee legislaturen als senator, één als Belgisch volksvertegenwoordiger) voor de Vlaamse Liberalen en Democraten.

Doorheen zijn rijke carrière kreeg hij vaste columns in prestigieuze media (recent nog in de "Financial Times") en mocht hij als "visiting professor" aan tal van internationaal gerenommeerde instellingen werken en doceren (zo bijvoorbeeld aan de "Wharton School of Business"), kreeg hij drie eredoctoraten overhandigd, en werd hij door José Manuel Barroso gevraagd om toe te treden tot diens economische adviesraad. De eertijds volbloed-liberaal werd echter door Guy Verhofstadt als politicus gedesavoueerd en nadat ook van de beloofde transfer naar een topfunctie bij de Europese Centrale Bank niets meer in huis bleek te komen, krakte er iets in zijn overtuiging.

Sindsdien blijft hij nog wel bij hoog en bij laag beweren dat hij nog steeds het liberalisme, de vrije markt en de globalisering genegen is, maar blijkt uit zijn publicaties net het tegenovergestelde. Hij ontpopte zich de laatste jaren tot een rabiaat voorstander van de loonindexering (terwijl hij vroeger zelf steeds de loonmatiging bepleitte), viel wijlen Milton Friedman daags na zijn dood af als "marktfundamentalist" (terwijl hij Friedman vroeger als één van zijn grootste voorbeelden beschouwde) en pleit voor meer activisme bij de centrale banken en meer regulering van de financiële markten (terwijl vroeger net deregulering en spontane orde zijn credo waren).

Zijn sterke econometrische benadering van maatschappelijke vraagstukken, hij is nog steeds een enorme fan van de Zweedse Nobelprijswinnaar Jan Tinbergen, was nooit helemaal liberaal geïnspireerd, laat staan gëënt op de Oostenrijkse School, maar pas nu, in combinatie met zijn hedendaagse linkse visies op de economie, wordt dat pas echt gevaarlijk. Eventueel zou ik zelfs nog kunnen begrijpen dat iemand tijdens zijn leven en loopbaan van ideeën kan veranderen. Vaak is dat ook een positieve zaak en bewijst het net de niet-dogmatische rationele kijk op dingen van de persoon in kwestie en diens bereidheid tot kritiek en luisteren, en openheid voor nieuwe winden. Bij Paul De Grauwe is dat echter niet het geval.

Zijn bekering tot het etatisch-socialisme is volgens mij helemaal geen gevolg van een intellectueel evolutieproces, maar pure volksverlakkerij. De Grauwe toont zich als een doctor in de kazakkendraaierij, want hoe kan je het anders verklaren dat hij in "De Standaard" van 31 oktober laatstleden een ongenuanceerde verheerlijking van John Maynard Keynes neerschrijft en op 7 november, net één week later dus, op een conferentie in Munchen exact het tegenovergestelde bepleit en in een paper de ideeën van Friedrich Hayek boven die van John Maynard Keynes verkiest? Met dank aan Paul Vreymans trouwens om mij beide links te bezorgen.

Verder bleek op 9 november dan weer, tijdens een lezing van hem voor het Liberaal Vlaams Studentenverbond in Leuven, dat hij opnieuw voor Keynes boven Hayek opteerde, maar deed dit wel in veel gematigdere en genuanceerde bewoordingen dan in dat bewuste artikel in "De Standaard". Ik vermoed dat Paul De Grauwe nog steeds diep in zijn hart weet dat het liberalisme de enige ware economische stroming is die niet enkel moreel maar ook praktisch-utilitair superieur is, maar dat hij nu (om "safe" te spelen en iedereen te vriend te houden) nog maar één enkele visie wil bepleiten: die van zijn publiek. In een economisch linkse krant is hij pro-Keynes, op een liberaal congres is hij pro-Hayek, en voor een divers publiek aan zijn thuisuniversiteit is hij een beetje pro-beide... Un petit monsieur.

Read more...

11 november 2009

Ludwig von Mises in wereldpers (Tuur Demeester)

Uit de Wall Street Journal, "The Man Who Predicted the Depression":

Ludwig von Mises was snubbed by economists world-wide as he warned of a credit crisis in the 1920s. We ignore the great Austrian at our peril today. (...) How curious it is that the guy who wrote the script depicting our never ending story of government-induced credit expansion, inflation and collapse remains so persistently forgotten. Must we sit through yet another performance of this tragic tale?

En ook Reuters, "For 'New Economics', Look to Old Economics":

When it comes to managing the business cycle, mainstream economics have failed rather spectacularly, their prescriptions leading to increasingly violent bubbles and busts. For this reason there have been calls for a “new economics.” To get there, perhaps we just need to rediscover forgotten economists like Hyman Minsky and Ludwig von Mises.

Twee weken geleden tenslotte, evenwel zonder diens naam te noemen, in Forbes Magazine, "Be Prepared For The Worst":

The large-scale government intervention in the economy is going to end badly (...) I fear that our stimulus and bailout programs have already done too much to prevent the economy from recovering in a natural manner and will result in yet another asset bubble. Anytime the central bank intervenes to pump trillions of dollars into the financial system, a bubble is created that must eventually deflate (...) Rather than allow the market to correct itself and clear away the worst excesses of the boom period, the Federal Reserve and the U.S. Treasury colluded to put taxpayers on the hook for trillions of dollars (...) Government intervention cannot lead to economic growth (...) The only remaining option is to have the Fed create new money out of thin air. This is inflation.

Read more...

10 november 2009

Goedele Liekens geeft Kathleen Cools les in journalistiek

Maandag 9 november, Canvas-Terzake: Kathleen Cools interpelleert Goedele Liekens omtrent een interview dat die had afgenomen van een notoire Nederlandse pedofiel, Ad van den Berg, medeoprichter van de Partij voor Naastenliefde, Vrijheid en Diversiteit,- een partij met maar één programmapunt: leve de seks tussen volwassenen en kinderen. De man heeft een tijdje moeten brommen en is nu weer op vrije voeten om zijn opmerkelijk wereldbeeld te propageren.

Ik heb me in het verleden soms wat laagdunkend uitgelaten over de media-BV Goedele Liekens. Ik neem het bij deze terug. Zelden iemand zo moedig en eerlijk iemand in de ogen zien kijken, voor wie ze toch geen enkele sympathie kon hebben. Het gesprek van de Vlaamse sexuologe met de Hollandse piemeltjeszuiger (het ging soms echt tot in de details: de man had een uitgesproken voorkeur voor 12-jarige jongentjes) ging geen enkel taboe uit de weg, maar verbloemde ook niks en ging onmiddellijk naar de essentie: “Waarom doet u dat eigenlijk, mijnheer?”

Ad van den Berg had uiteraard zijn verhaal klaar –de man is niet dom-, dat er vooral op neer kwam dat hij die kinderen sexueel genot verschafte, een nobel doel dus in dit tranendal. Doorheen het gesprek werd, dankzij de subtiele vraagstelling van Liekens, echter duidelijk dat de pedofiel vooral aan ontkenning doet en een soort libertair-hedonistische fantasie cultiveert. Dit soort gesprekken is wel degelijk verhelderend. Het Nederlandse programma heet 1/1 en duurt zowat een uur: daar kunnen wij, met de kipkap- en fastfood-journalistiek van Canvas, alleen maar van dromen.

Daags nadien zat Goedele dus zelf in de Terzake-beklaagdenbank, en werd aan de tand gevoeld door Kathleen Cools. Of dit eigenlijk wel allemaal door de beugel kon? “Als ik dat interview bekijk, krijg ik een gevoel van walg”, zo ging Cools onmiddellijk van start. Geen open vraag dus, maar meteen een eigen oordeel: een buis in het eerste jaar journalistiek. Het contrast kon niet groter: terwijl Goedele Liekens beheerst en rationeel aantoonde dat ze, vanuit haar professionele achtergrond, een gesprek had proberen te voeren met een man voor wie ze overigens geen enkele sympathie kon voelen, deed Kathleen Cools weinig meer dan met haar pruilmondje en kijvend vingertje haar eigen goede smaak en weldenkendheid etaleren. Ze trachtte daarbij Liekens in het nauw te drijven –wat van geen kanten lukte- en een soort immoralisme toe te dichten.

“Ik begrijp niet hoe je met zo iemand zo gewoontjes kan praten” probeerde Cools nog eens (Ik citeer uit het hoofd, op het moment van dit schrijven staat het interview nog niet op de Canvas-website). Antwoord van Liekens: “Ik wilde hem uit zijn tent lokken. Als je op voorhand iemand begint uit te schelden, slaat die dicht. Hij heeft die avond dingen gezegd die hij nog nooit in het openbaar heeft toegegeven.” Daarmee gaf Goedele haar ondervraagster een klets op haar dikke kont, met de vermelding: terug naar de keuken jij, amateur! Inderdaad: wie men ook voor zich heeft in de studio, de eerste regel van de objectiviteit gebiedt dat men afstand houdt, én tegelijk een soort onbevangenheid creëert die ook effectief maskers laat vallen. Anders gezegd: de kinderlijke verwondering van Liekens deed bij de pedofiele intellectueel Ad van den Berg de broek tot op de enkels zakken. Zoiets heet empathie en emotionele intelligentie.

Mensen spreken maar als ze ruimte krijgen. Elke psycholoog weet dat, elke goede journalist heeft zoiets in de vingers, maar Cools niet. Die etaleert liever, zoals haar baas Kris Hoflack, de eigen voorkeuren, antipathieën “gevoelens van walg”. Een journalist, die naam waardig, moet ook een oorlogsmisdadiger met stijl kunnen interviewen. Niet om de man zomaar “een forum te geven”, maar om inzicht te krijgen in wat hem dreef. De kennis als deugd, het gesprek als verloskunde,het oude Socratische ideaal.

Voor de rest lag er geen zweem van sensatiezucht over het interview, dat Liekens overigens uit de losse pols moest afnemen, zonder op voorhand te weten wie ze voor zich ging hebben. De truttigheid anderzijds waarmee Kathleen Cools zich trachtte te indentificeren met Vlaanderen’s moral majority (de reacties van brave huisvaders en huismoeders op de Canvas-site liegen er niet om), lag helemaal in de lijn van de politiek-correcte bewustzijnsvernauwing waar de VRT-journalistiek al decennia aan lijdt. Cools wil geen pedofielen voor zich, ook geen Vlaams Belangers of ander ongedierte, en liefst zo min mogelijk critici van het cultureel-politiek establishment. Alleen naar goede zeep ruikende witteboordcriminelen zoals Noël Slangen, als die weer een reklameboekje voor zijn eigen business klaar heeft. Of undercover-toestanden bij nazi-onthaalmoeders, ja, dat kan natuurlijk ook.

Conclusie: Goedele Liekens heeft Kathleen Cools een les in journalistiek gegeven. Het zal de bedoeling wel niet geweest zijn. Wedden dat we de flamboyante sexuologe een hele tijd niet meer zullen zien op de publieke zender?


Johan Sanctorum
Samensteller en mede-auteur van “Media en Journalistiek in Vlaanderen”
http://www.visionair-belgie.be/

Read more...

7 november 2009

Herman van Rompuy, de perfecte Europese President (Hoegin)

Herman van RompuyVolgens de bookmakers en de kranten is Eerste Minister Herman van Rompuy op dit ogenblik de grootste kanshebber om Europees President –eigenlijk «Voorzitter van de Europese Raad»– te worden. En inderdaad, wie zou er eigenlijk beter passen als voorzitter van een orgaan dat desnoods landen dwingt een tweede maal een referendum te organiseren als de bevolking de eerste keer verkeerd stemt, dan onze eigen Eerste Minister die ooit als Kamervoorzitter nog 's nachts de sloten van de plenaire zittingszaal liet vervangen om een zitting tegen te houden? Dat Herman van Rompuy uit zeldzaam hout gesneden is, is wel het minste dat gezegd kan worden.

Dat de Europese Unie niet bepaald uitblinkt door haar democratisch gehalte hoeven we de lezer niet uit te leggen. Recent was er het tweede referendum in Ierland over het Verdrag van Lissabon, omdat de Ierse bevolking de eerste keer zo vermetel was geweest Neen te stemmen. Ook aan de weinig democratische manier waarop het Europese establishment Turkije in de Europese Unie tracht te loodsen hoeven we de lezer niet te herinneren: eerst ging het alleen maar onderhandelingen over een mogelijke toetreding, en was het dus te vroeg om bezwaren te maken, daarna kwamen bezwaren te laat omdat er al zo lang met Turkije onderhandeld werd. Het spreekt dan ook voor zich dat als de Europese Unie een president wil aanstellen, die president niet rechtstreeks door de Europese bevolking verkozen zal worden of via een open proces, maar in achterkamertjes bedisseld moet worden zodat ook achterbakse figuren kans maken benoemd te worden. En achterbakse figuren misschien zelfs een streepje voor hebben.

De voormalige Britse Eerste Minister Tony Blair was lang de gedoodverfde kandidaat, maar kampte met twee grote nadelen. Het eerste nadeel was natuurlijk dat Groot-Brittannië in de EU nog steeds een buitenbeentje is, en bijvoorbeeld bedankt voor de Euro. Het tweede nadeel was de oorlog in Irak, dat vooral bij het oud-Europese gedeelte van de EU moeilijk lag. Stel je voor, een Eerste Minister die zijn troepen leende om in een ver land samen met de VS actief een bloedig dictator ten val te brengen. Dat is inderdaad onaanvaardbaar! Een andere affaire, namelijk dat hij bij de laatste verkiezingen de Britse bevolking expliciet een referendum over het Verdrag van Lissabon had beloofd, maar naliet die belofte ook in te lossen, speelde duidelijk níet in zijn nadeel. Het zal de lezer waarschijnlijk niet verbazen dat zulk gedrag hem absoluut niet euvel geduid werd in Brussel.

De Brit Tony Blair zal echter geen andere keus hebben dan in de Belg Herman van Rompuy zijn meerdere te erkennen. Enkele van de recentste exploten van onze Eerste Minister tonen duidelijk aan dat hij veel beter zou passen in de functie van Voorzitter van de Europese Raad. Zo slaagde hij er als Kamervoorzitter in 's nachts de sloten van de plenaire zittingszaal te vervangen, om zo een vergadering over Brussel-Halle-Vilvoorde te kunnen saboteren. Een andere keer weigerde hij gewoonweg een week lang op zijn kantoor te verschijnen, om te vermijden er een brief te moeten openen. Algemeen wordt trouwens aangenomen dat hij er eigenhandig voor gezorgd heeft dat zijn partij, de CD&V, haar eis over de staatshervorming en de splitsing van de Brussel-Halle-Vilvoorde als een conditio sine qua non voor regeringsdeelname inslikte op het moment dat de Franstaligen ermee dreigden overstag te gaan. Men kan zich moeilijk voorstellen hoe het verkiezingsprogramma van de CD&V uit 2007 nóg flagranter aangefloten kon worden, of het zou moeten gaan over een volledige aanhechting van Halle-Vilvoorde bij het Waals Gewest.

Zorgde hij ervoor dat de CD&V toch maar in een federale regering stapte, volledig in strijd met haar eigen verkiezingsprogramma, is het duidelijk dat hij er sinds de opvolging van Yves Leterme eigenlijk de grootste hinder is om Brussel-Halle-Vilvoorde te splitsen en de Franstaligen tot een staatshervorming te dwingen. Inderdaad, het splitsingsvoorstel, ingediend en gestemd door zijn eigen partij, zit volledig geblokkeerd door opeenvolgende belangenconflicten die hij zelf bij de respectievelijke regionale parlementen gaat afsmeken. De staatshervorming stopte hij niet in de koelkast, maar in de diepvriezer, met het slot vervangen en de sleutel al lang weggesmeten. In alle andere dossiers, de zogenaamde «werven» asiel en migratie, energie en de overheidsfinanciën, gaf hij de Franstaligen volledig hun zin. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat zij dezer dagen met een bang hartje een beslissing over dat Europees presidentschap afwachten. Hoofdredactrice Béatrice Delvaux van de krant Le Soir meende zelfs al voor alle zekerheid op voorhand al een veto te moeten stellen tegen Yves Leterme als opvolger.

Misschien nog het meest hallucinante feit is dat hij vandaag een regering leidt die aan Vlaamse zijde niet eens over een meerderheid beschikt, terwijl aan Franstalige zijde alleen Ecolo ontbreekt. Vóór de verkiezingen liet hij in een interview met De Morgen nog noteren dat zo'n constructie «staatsgevaarlijk» zou zijn: Vandaag lijkt het echter de enige garantie om België niet finaal in mekaar te doen stuiken. En dat laatste is natuurlijk het enige waar het in zijn federale regering werkelijk over gaat: België nog zo lang mogelijk draaiende te houden, desnoods tegen zijn eigen partij, bevolking en kiezers in. Het hogere belang, weet u wel. Het is daarmee duidelijk dat als de EU iemand nodig heeft die zonder scrupules desnoods ook zijn land bij de bok zal willen zetten voor een hoger, Europees belang, Herman van Rompuy daar de geknipte figuur voor zal zijn.

Labels: , , , ,

Read more...

6 november 2009

Liberale studenten zijn nog maar eens duidelijk: "Europese eenmaking geen doel op zich"

Op 3 november laatstleden, om 15u, werd het laatste obstakel naar de volgende stap op de weg naar een Europese eenheidsstaat weggewerkt. Ook Tsjechië heeft het verdrag van Lissabon geratificeerd. Daardoor kan het Europese project verder worden gestuwd op de weg die in 1987 en 1992 werd ingeslagen met de Europese Akte en het Verdrag van Maastricht. Dit is een project van uniformisering en harmonisering waar verschillen tussen lidstaten worden beschouwd als een bedreiging voor de vrede in Europa.

Het Liberaal Vlaams Studentenverbond (LVSV) Leuven is niet tegen de Europese Unie. We staan wel huiverachtig tegenover een Unie die zelf belastingen zal kunnen heffen en haar begroting wil laten vertienvoudigen. Een Unie met dezelfde arbeidsreglementering en immigratiecriteria van Griekenland tot Zweden ondanks dat de omstandigheden in de lidstaten geografisch, klimatologisch, cultureel en sociaaleconomisch mijlenver uiteen liggen.

Europa moet een project zijn van samenwerking dat alle lidstaten ten goede komt. Aanvankelijk werd de Europese Economische Gemeenschap opgericht om vrije handel mogelijk te maken. Om dichter bij deze gemeenschappelijke markt te komen werden vanuit de E.G. maatregelen genomen, maar enkel met de goedkeuring van al de lidstaten. Vandaag verliest elke lidstaat haar vetorecht in de Raad voor bijna alle bevoegdheden. We moeten beseffen dat we het risico lopen dat Europa wetten maakt waar we in België tegen zijn, maar die we niet meer kunnen tegenhouden.

België is niet consequent in haar Europeanisme. Het wil al haar bevoegdheden overhevelen en een Europese federale staat creëren. Ze denkt zo meer invloed te krijgen en haar universele waarden te kunnen verspreiden. Maar wanneer de E.U. verplicht om concurrentie toe te laten bij de spoorwegen staat de politieke wereld op de barricaden. Belgische ministers verklaarden ook de afgezwakte Bolkestein-richtlijn niet om te zetten. Zij ondergraven daardoor zelf ‘l'Union européenne, une et indivisible.’ Het Verenigd Koninkrijk staat inderdaad sceptischer tegenover het overdragen van bevoegdheden naar Europa, maar ze zijn wel de eerste om de regelgeving om te zetten, zelfs indien zij daar tegen zijn.

Het Verdrag van Lissabon draagt quasi al de bevoegdheden over naar het Europese niveau. Nu België haar vetorecht is kwijtgespeeld, kunnen enkel procedurele waarborgen zoals het subsidiariteitsbeginsel ons redden. Het subsidiariteitsbeginsel bestaat al sinds 1993 maar het heeft de Europese Commissie nog nooit kunnen stoppen om regelgeving door te voeren. In het Verdrag van Lissabon werden gelijkaardige waarborgen voor de soevereiniteit van de lidstaten ingeschreven. De effectiviteit van deze waarborgen zal zonder twijfel even succesvol zal zijn.

De incompetentie van de Europese politici maakte het Verdrag van Lissabon noodzakelijk. De Europese politici kunnen geen compromissen bereiken waar alle 27 lidstaten mee akkoord gaan. Het is net de taak van politici om tot onmogelijke compromissen te komen. In de plaats daarvan koos men ervoor om de minderheid monddood te maken. Als dat de eurocratische definitie van ‘meer democratie’ is, mag men de E.U. inderdaad een democratie noemen. Dan wel een autoritaire democratie van het type dat we in de 20ste eeuw te over hebben gekend in Europa. De stijl waarmee de eurocraten met het ‘nee’, uitgesproken door het Ierse volk, omgingen toont dit genoegzaam aan.

Als liberale studenten vragen we dat de E.U. terugkeert naar haar kerntaak: de interne en vrije markt. De diversiteit in Europa en de eigenheid van iedere lidstaat moet behouden blijven. Dit kan enkel door op de andere domeinen de beslissingen te nemen bij consensus van de 27 lidstaten of door aparte akkoorden tussen de lidstaten die verder wensen te integreren.


Kevin Wielockx, Secretaris LVSV Leuven
Jens Moens, Voorzitter LVSV Leuven

Read more...

5 november 2009

De ondergang van Europa (Hubert Jongen)



De politici hebben nu hun zin. Ze hebben Vaclav Klaus tot het tekenen van het Verraad van Lissabon kunnen krijgen (dwingen?), en daarmee hebben zij de sluizen open gezet voor totale EU-dictatuur. Gisteren heeft Klaus, die nochtans even een “rots in de branding” leek, getekend. Tekenend is dat van de tekenplechtigheid zelf heel weinig of niets in de media verschenen is. Alleen de laatste zin van de verklaring van president Klaus (“Ik heb getekend”) wordt voluit en met veel enthousiasme gepropageerd. De hele plechtigheid, de allerbelangrijkste in de hele EU dit jaar, duurde nog geen anderhalve minuut. Maar in die minuut, kreeg ik wel de koude rillingen. Vaarwel zelfstandigheid en vrijheid. De vertaling (uit het Tsjechisch) van Klaus heb ik nergens kunnen vinden, met uitzondering in kleine lettertjes op bovenstaande video. Bekijk de video. Registreer de beelden in je geheugen. Het zal een referentie zijn voor de toekomstige ontwikkelingen in de EU. Je kan daarmee aan je kinderen en kleinkinderen vertellen hoe het ging: “I told you so!”

Een snelle vertaling. Klaus komt binnen, loopt naar de microfoon en:
Goede middag. Goede triestige middag.

Laat mij een korte verklaring afleggen over de uitspraak van het Constitutionele Hof van vandaag.

Punt één. Ik verwachtte deze beslissing en ik respecteer het, zelfs terwijl ik het niet eens ben met de inhoud en argumenten.

Punt twee. Ik kan het niet eens zijn met de methode – en de juridische kwaliteit. De uitspraak van het Constitutionele Hof is niet neutraal-juridisch geanalyseerd maar een politiek tendentieus pleidooi voor het Lissabon Verdrag door zijn supporters. Duidelijk te zien in de absolute onbevredigende manier van verklaring en presentatie van deze uitspraak.

Punt drie. Boven alles kan ik niet akkoord gaan met de inhoud omdat ondanks de politieke mening van het Constitutionele Hof de Tsjechische Republiek nu zijn soevereiniteit zal verliezen. Deze verandering van vandaag en in de toekomst zal dat deel van onze bevolking legaliseren dat niet onze zelfstandigheid wil behouden.

Punt vier. Ik kan niet respecteren de formulering van het Constitutionele Hof dat de President verplicht is om dit, of welk ander internationaal contract dan ook, zonder enige vertraging te ratificeren, refererende aan de wet voor het Constitutionele Hof. Dit is een wet die betrekking heeft op het Hof, maar niet op de rechten van de President die alleen maar door de grondwet worden bepaald.

Punt vijf. Ik verklaar dat ik het Lissabon Verdrag vandaag om 15.00 uur heb getekend.
En toen draaide president Vaclav Klaus zich om en verliet onder doodse stilte de zaal... Dit was het einde van een stuk vrijheid. Onze laatste verdediging tegen totalitaire EU-dictatuur is verdwenen.

THE END.

Read more...

4 november 2009

Het Verraad van Lissabon (Vincent De Roeck)

Gisteren leed de vrijheid haar grootste nederlaag in een lange tijd. De Tsjechische president Vaclav Klaus ondertekende het Verraad van Lissabon en bewees daarmee het cliché dat elke Euroscepticus, zelfs de meest libertarisch ingestelde, eenmaal in de regering, toch Eurofiele posities aan moet nemen. Klaus leek lange tijd de uitzondering op deze regel te worden, maar quod non dus. Twintig jaar na de val van het communisme leeft Europa vanaf 1 december a.s. opnieuw onder het juk van een totalitair-collectivistisch systeem, alsof er de laatste decennia op ons continent niets veranderd is.

In de Verenigde Staten van Barack Hussein Obama wordt momenteel met een soortgelijk semi-communistisch bestel geëxperimenteerd, maar de Amerikanen lijken minder happig om dat zomaar te aanvaarden. Zelfs de Democraten van Obama weigeren zijn heel-linkse agenda in het Congres te steunen, en gisteren verloren de Democraten zelfs twee zittende gouverneurs aan de Republikeinen. De rechtse conservatief Bob McDonnell verpletterde de zittende Democratische gouverneur van Virginia en Chris Christie wipte de Obama-verheerlijkende gouverneur Jon Corzine in New Jersey, nochtans een traditioneel links bastion. Barack Obama bracht de laatste dagen zelfs twee campagnebezoeken aan New Jersey om Corzine te steunen, maar het volk moet hem daar eigenlijk niet meer.

Hopelijk zien we binnenkort een zelfde sentiment in de EUSSR opduiken, maar ik vrees het ergste. Gelukkig lijkt er nu echt wel iets in het Verenigd Koninkrijk te bewegen, iets dat we het best kunnen samenvatten als "Very well, alone!" met een dikke knipoog naar de situatie van Groot-Brittannië na de evacuatie van Duinkerken in WO-II. Als de nieuwe Tory-regering haar relatie met de Europese Unie inderdaad "volledig" gaat heronderhandelen, zoals verschillende Tory-prominenten deze week in de pers menig maal aangekondigd hebben, en zij zelfs bepaalde cruciale bevoegdheden die ze al in 1992 ten tijde van het Verdrag van Maastricht aan Brussel afgegeven hebben zouden gaan terugclaimen, is er voor vrijdenkers en liberalen naast Zwitserland en de Europese mini-staten ook nog een ander valabel alternatief emigratieland voor handen. God save the Queen!

Read more...

Interview met Roland Vaubel: "Quo Vadis Europa?"

Gelukkig zijn er nog academici die vrij en vrank hun mening blijven geven. De Duitse economieprofessor Roland Vaubel is zo iemand. Hij is niet bepaald een Euro-romanticus. In de referenda over het Verdrag van Lissabon en de EU-Grondwet was hij een uitgesproken lid van het Nee-kamp. Als lid van de Eurokritische "European Constitutional Group" publiceert hij regelmatig bijdragen om zijn bezwaren tegen een Europese grondwet uit de doeken te doen. Vaubel schreef er ook het boek "Europa Chauvinismus - Der Hochmut der Institutionen" over. Het werd een scherpe aanklacht tegen de sluipende ambitie om van Europa een superstaat te maken. Voor Vaubel is het eenvoudig: hoe meer politieke integratie in Europa, hoe meer de voordelen van de interne markt onder druk komen. Politieke centralisatie bevordert de regeldrift. En te veel regelneverij vermindert de efficiëntie van de marktwerking. Volgens de uitgesproken liberaal moet concurrentie tussen de lidstaten zo groot mogelijk blijven. Want concurrentie en interne competitie houdt de belastingen en de lonen laag, wat een positieve invloed heeft op de economische output en tewerkstelling.

Om professor Vaubel en zijn schitterende ideeën extra in de verf te zetten, herneem ik hieronder een oud interview van hem door Ine Renson dat enkele jaren geleden in "De Tijd" verschenen is.

(...)

De argumentatie dat we onze gemeenschappelijke problemen beter samen kunnen aanpakken gaat volgens u niet op?

Vaubel: 'Samenwerking heeft enkel zin wanneer er schaalvoordelen zijn. Ik zie niet in hoe je die kan bereiken door bijvoorbeeld de vergrijzing samen aan te pakken. Je kan dat veel efficiënter regelen op het nationale en zelfs subnationale niveau. Of om het anders uit te drukken: het is niet omdat u en ik allebei tandpijn hebben, dat we daar samen een oplossing voor moeten zoeken. U gaat naar uw tandarts en ik naar de mijne. Niets is logischer dan dat.'

Toen u nog maar 25 was, was u stagiair bij de Europese Commissie. Toen was u zelf nog gegrepen door het Euro-romantische gedachtegoed. Vanwaar die ommeslag?

Vaubel: 'Ik veranderde definitief van gedacht toen het Verdrag van Maastricht plots daar was. Om te beginnen was er de invoering van de euro. Ik had niets tegen de monetaire unie. Maar ik was erg ongelukkig met de manier waarop die tot stand kwam. Verschillende landen voldeden niet aan de convergentiecriteria,. maar werden toch toegelaten. Italië bijvoorbeeld. En Griekenland. Italië heeft nog steeds problemen om zich aan de Maastricht normen te houden. Ze hadden veel selectiever moeten zijn met die eurozone. En erger nog, door dat verdrag werd de Unie overladen met bevoegdheden, onder meer over het sociale beleid. Plots konden allerlei regels over de werking van de arbeidsmarkt op Europees niveau worden doorgedrukt bij meerderheidsbeslissing. Vanaf dan is het de verkeerde kant op gegaan.'

U lijkt wel allergisch voor alles wat naar politieke integratie ruikt.

Vaubel: 'Vooral het streven naar sociale of fiscale harmonisatie, het zogenaamde politieke antwoord op de economische eenmaking, kan bij Vaubel op geen genade rekenen. Ik ben tegen overheidsinterventie op de arbeidsmarkt En zeker op Europees niveau. Dat is buitengewoon onproductief. De inkomensniveaus in de lidstaten liggen te ver uiteen. Je kan de verzuchtingen van de respectieve onderdanen nooit met elkaar verzoenen. De Duitsers willen minder werken en willen meer vrije tijd. De Slovaken of de Tsjechen echter willen meer werken en meer verdienen . En dan vaardigt de EU een richtlijn uit die de arbeidstijden in de hele Unie gelijkschakelt. Vanuit een economisch standpunt is dat gewoon absurd.'

De vakbonden pleiten nochtans voor Europese vakbondsstructuren en CAO's, om een vuist te maken tegen multinationals en de uitwassen van de globalisering.

Roland Vaubel: 'Slecht idee. De lonen in Europa zijn nu al te hoog. Dat verklaart voor een deel de hoge werkloosheid. Het is een vergissing het loonbeleid te centraliseren, want dat geeft meer macht aan de vakbonden. Ze weten dat als ze druk uitoefenen op het centrale overheidsorgaan, de lonen overal in de Unie zullen stijgen. Een eenheidsvakbond zou een te sterke lobby vormen. Het is beter dat de vakbonden met elkaar in concurrentie gaan, dan krijg je vanzelf een loonmatiging. Dan moeten ze zich ervoor hoeden geen looneisen te stellen die in de andere lidstaten niet gevolgd worden?'

Is het dan geen goede zaak dat de lonen overal in Europa op gelijke basis kunnen stijgen?

Vaubel: 'Lonen moeten overeenkomen met de productiviteit. En die is overal verschillend. Het is dus niet meer dan logisch dat de lonen in Europa gedifferentieerd zijn. Maar akkoord, mochten we een perfecte arbeidsmobiliteit hebben in Europa, dan zou je een tendens hebben naar gelijkschakeling van de productiviteit én van de lonen. Die mobiliteit is er nu niet Het zou ook geen slechte zaak zijn. Maar het is de markt die daarvoor moet zorgen, niet de overheid?'

In ons land gaan nogal wat stemmen op, ondermeer van de werkgeversfederatie, om werk te maken van een doorgedreven Europees industrieëel energiebeleid. Is het inderdaad niet verstandig om een gezamenlijke politiek te voeren tegen de monopolies op de energiemarkt?

Vaubel: 'Nee, ik ben voorstander van een verdere liberalisering van de energiemarkt, zodat we goedkopere energie kunnen invoeren van buiten Europa. Bovendien geloof ik erg in het Europese concurrentiebeleid. Dat impliceert regels tegen machtsmisbruik. We hebben een performant concurrentiebeleid. Ik zie niet in waarom meer politieke inmenging nodig zou zijn.'

Een gecentraliseerd industrieel beleid zou bijvoorbeeld kunnen samengaan met een stevig onderzoeksbeleid dat vernieuwing stimuleert. Vandaag gaat veel energie verloren omdat het onderzoek in Europa zo gefragmenteerd is.

Vaubel: 'Ook daar geloof ik dat competitie leidt tot betere prestaties. Het zou leuk zijn om in Europa een gerenommeerd onderzoeksinstituut te hebben zoals het MIT in de Verenigde Staten. Maar dat kan je niet artificieel creëren. Zoiets moet organisch groeien. Eloquentie krijg je door competitie tussen de instellingen. Ik ga daar erg ver in: de betere universiteiten zouden meer middelen moeten krijgen en dus betere studenten en professoren moeten kunnen aantrekken. Ze moeten hun eigen inschrijvingsbeleid kunnen volgen, waarbij ze het recht hebben studenten te weigeren op basis van hun niveau?'

U trekt uw redenering door op verschillende terreinen: telkens ziet u competitie als hefboom voor efficiëntie en betere prestaties.

Vaubel: 'Het dwingt bedrijven, politici of vakbondsmensen rekening te houden met de markt waarop ze ageren. Bij excessen in taxatie of regelgeving trekken creativiteit en kapitaal weg. In Duitsland bijvoorbeeld, zien we een netto kapitaalvlucht, omdat de belastingen te hoog zijn. Maar het punt is nu: die Duitse ondernemers trekken niet langer naar de andere Europese landen. Ze trekken naar Canada of naar de Verenigde Staten. De verstikkende regelgeving en belastingtarieven zijn stilaan overal in Europa aan de orde, omdat de competitie tussen de Europese landen te zwak is. En dat is net het verontrustende aan die sluipende overdracht van bevoegdheden naar het Europese niveau. We worden hoe langer hoe meer gegijzeld door de Europese bureaucratie en zijn niet aflatende regeldrift. En dat terwijl Brussel de legitimiteit ontbeert om zich zo ingrijpend met het leven van 350 miljoen Europeanen te bemoeien. De Commissie heeft bevoegdheden die geen enkele bureaucratie ter wereld heeft. Ze heeft het monopolie over het wetgevende initiatief. liet Europees Parlement is het enige parlement in de democratische wereld dat zelf geen voorstellen tot wetgeving kan doen. Dat is toch onbegrijpelijk? We weten allemaal, vervolgt Vaubel, dat ambtenaren meer dan politici geneigd zijn zich te verliezen in een hopeloze regelneverij. De Commissie heeft namelijk veel macht, maar weinig geld. De enige manier om die macht te exploiteren zonder geld te moeten uitgeven, is door regels uit te vaardigen. Dat is wat ik noem de hoogmoed van de Europese instellingen.'

Dragen de lobby's in Brussel bij tot die regeldrift?

Vaubel: 'Absoluut. Daar schuilt het grote gevaar: studies tonen aan dat ambtenaren veel gevoeliger zijn voor de druk van lobbyisten dan politici. Politici moeten herverkozen geraken en kunnen het zich dus minder permitteren toe te geven aan de belangen van zeer specifieke groepen. Bureaucraten hebben geen achterban en zijn dus veel vrijer om daarop in te gaan.'

Hoeveel procent van de Europese regelgeving is direct of indirect toe te schrijven aan de lobbygroepen?

Vaubel: 'Een Amerikaanse econoom heeft becijferd dat 74 procent van de pagina's in het Europese officiële publicatieblad gewijd is aan het tevredenstellen van lobbygroepen. In Brussel zitten zo'n 15.000 lobbyisten, van wie de meerderheid lobbyt voor de landbouwsector. Niet te verwonderen dus dat de helft van het Europese budget wordt gespendeerd aan landbouwbeleid. Die lobbygroepen ondergraven sterk het democratische karakter van de Unie.'

Heft de diversiteit aan lobby's dat democratische tekort in de praktijk niet op ? Een milieuambtenaar ziet 's morgens iemand van de chemische industrie, maar zit in de namiddag samen met vertegenwoordigers van de milieubeweging.

Vaubel: 'Meer lobbygroepen vormen helaas geen garantie voor een meer democratische besluitvorming. Wat je krijgt is dat ze coalities vormen en overeenkomen ten nadele van een derde partij. Zo kan het zijn dat de lobby van de vakbonden en die van de werkgevers een compromis vinden en samen druk uitoefenen voor maatregelen ten koste van de belastingbetaler. Ze zullen altijd hun eisen doordrukken op de rug van hen die niet goed georganiseerd zijn. In dit geval; de kiezer, de burger.'

Hoe kan Europa de kloof met zijn burgers dichten? Zal dat lukken met minder Europa ?

Vaubel: 'De mensen zijn verontrust. Ze zien alsmaar méér bevoegdheden naar Europa gaan, zonder dat ze daar iets te zeggen hebben. Die dynamiek moet absoluut stoppen. Het antwoord op de crisis tweevoudig: meer bevoegdheden voor het Europees Parlement en minder voor de Commissie. En vooral: decentralisatie. Wanneer je het beleid decentraliseert, breng je het dichterbij de mensen. We zijn op een punt gekomen waarop de drang naar steeds meer eenheid de zaak verlamt. Ik geloof, net als David Hume of Immanuel Kant voor mij, dat competitie tussen, kleine eenheden het geheim is geweest van het succes in Europa de voorbije 500 jaar. Dat in tegenstelling tot China of India of het Ottomaanse Rijk, waar centralisatie en een gebrek aan vrijheid gepaard gingen met een zwakke economische ontwikkeling.'

Hebben net de kleine landen niet erg gewonnen bij de Europese integratie?

Vaubel: 'Dat klopt. Maar zij winnen bij meer marktintegratie, niet bij politieke integratie. De grote succesverhalen zijn Nederland, België, Luxemburg, Denemarken en Ierland. Door de liberalisering konden zij grote landen forse concurrentie aandoen. Daardoor daalden ook de prijzen, wat de consument ten goede kwam. En waardoor Europa kon concurreren op de wereldmarkt Nu zien we een omgekeerde spiraal; de toenemende invloed van Brussel beperkt de mogelijkheden tot onderlinge concurrentie. De landen met een hoge graad aan van regelgeving slagen erin hun regels met betrekking tot arbeidstijden, lonen, belastingen aan de andere op te leggen. Denken we maar aan Spanje, Frankrijk of Italië. Dat heet de strategy of raising rivals'. Je dwingt de andere jouw hoge standaarden over te nemen, waardoor je hen op hogere kosten jaagt.'

Anderzijds zien we in België toch hoe verlammend verschillende bestuursniveaus kunnen werken. Er is geen duidelijk aanspreekpunt voor buitenlandse investeerders, om maar iets te zeggen.

Vaubel: 'Wat de informatiekosten betreft, is dat inderdaad een nadeel. Maar dat weegt niet op. Laat mij een analogie trekken. Je zou ook kunnen argumenteren dat het monopolie het economische systeem is dat de informatiekosten minimaliseert. Maar is monopolievorming goed voor de consument? Nee. In de politiek is dat hetzelfde. Hoe meer centralisatie, hoe slechter voor de burger.'

U hebt nogal wat kritiek op de gang van zaken in Europa. Hebt u er een probleem mee wanneer men u een euroscepticus noemt?

Vaubel: 'Ik ben niet sceptisch tegenover Europa. Kritisch, dat wel. In feite ben ik een optimist. Een kritische optimist Omdat het duidelijk is dat de dingen zo niet verder kunnen. De ontgoocheling is te groot. De mensen zijn hun respect voor Europa verloren. De politieke klasse zal het signaal van de burger wel moeten in acht nemen, dat kan niet anders. Het zou pas een echte ramp zijn mocht die hele grondwet binnen een jaar of twee doorgedrukt worden alsof er niets aan de hand is?'

Denkt U dat de Unie door de uitbreiding niet vanzelf uit elkaar zal spatten?

Vaubel: 'Ik ben een voorstander van de uitbreiding. Ik vind dat Turkije en Ukraïne lid moeten worden. Hoe heterogener de Unie wordt, hoe moeilijker om te centraliseren. Bovendien vergroot dan de markt Dat kan alleen maar positief zijn?'

U ziet de uitbreiding dus als de beste verdediging tegen de door u gewraakte politieke integratie?

Vaubel: 'Inderdaad. Hoe moeilijker werkbaar die politieke unie, hoe beter. De klacht dat de Unie onbestuurbaar wordt door de uitbreiding, kan voor een econoom alleen maar een fantastische kans zijn?'

(...)

(Met dank aan Paul Vreymans om
mij dit interview door te sturen.)


Read more...

3 november 2009

De kleine Douglas wil niet groot worden (vpmc)

Het blijft verbazen dat een stuk gepeupel, of gespuis, of geboefte, of schorem, of crapuul als u wil, kortom een stuk tuig als de journalist Douglas De Coninck, zomaar wegkomt met een opmerking als de onderstaande, die hij op Facebook maakte toen Luckas Vander Taelen zijn intussen beruchte stuk in De Standaard had geschreven:

Douglas De Coninck

Luckas is gewoon een akelige racist en geen verdere aandacht waard

October 13, 1:18am



Ik heb geduldig gewacht, en stilaan vraag ik me af: heb ik iets gemist, en heeft er toch iemand, ergens, aan die snotneus een paar oorvijgen verkocht?

Labels: , ,

Read more...

Stop de tirannie, steun Vaclav Klaus!

Als overtuigd Euroscepticus kon ik de afgelopen weekends gewoon niet anders dan de Eurofilie de rug toe te keren. Na het onverklaarbare Ja in Ierland van drie weken geleden heb ik twee weekends in Zwitserland - één op Mont Pélérin aan het Meer van Genève en één in Zurich - en een weekend in Londen doorgebracht. Zeker nu ik werkzaam ben in het hol van de leeuw en gedwongen word elke maand minstens één week mee te doen aan de professionele verspilling van belastinggeld in Straatsburg, moet ik mijn weekends echt wel buiten de EUSSR, of tenminste buiten het Eurofiele deel van het oude continent, doorbrengen om mijzelf niet helemaal te verliezen in een roman van Franz Kafka of Ayn Rand.

Vanop Mont Pélérin - waar F.A. Hayek in 1947 de klassiek-liberale economistenclub "Mont Pélérin Society" oprichtte - hebben Benjamin Harnwell, een libertarische collega van mij, en ikzelf een fax ter ondersteuning naar President Vaclav Klaus gestuurd om hem op te roepen het Verdrag van Lissabon nooit te ondertekenen. In augustus laatstleden had hij mij dat op een diner in Aix-en-Provence trouwens ook beloofd. Vaclav Klaus is - net zoals ook Margaret Thatcher trouwens - een trouw lid van die "Mont Pélérin Society" en zal de symboolwaarde van onze fax dan ook zeker geapprecieerd hebben.
Your Excellency,

We, co-chairmen and joint founders of the Mises Circle in the European Parliament, are sending you this communication from the historic Swiss town of Mont Pelerin to thank you for your heroic stance in defending the same values of individual liberty, limited government, free enterprise, and freedom from State coercion, that inspired F.A. Hayek and his colleagues in 1947. These men were opposing a profound and near universally accepted ideology which places the State at the centre of public life, and the individual no more than a function of the collective. In the same way today, destiny has settled her hand on your shoulder, and called you to stand against the same prejudice and fear. We therefore urge you to remain resolute and keep the lantern of liberty held high aloft, and never sign the Treaty of Lisbon.

Yours sincerely,

Vincent De Roeck
Benjamin Harnwell
Ook een andere persoonlijke kennis van mij, de Anglicaanse priester David John Bolton, nam contact op met Ladislav Jakl, de persoonlijke adviseur van Vaclav Klaus die belast is met het Lissabon-"dossier".
Dear Ladislav Jakl,

As the President's political advisor concerning the Treaty of Lisbon, please receive this email.

Dear President Vaclav Klaus,

As a concerned citizen of Europe, I wish to express my gratitude and thanks for your courageous stand against the Treaty of Lisbon. Due in part to your country's past history, you have gained real wisdom and insight that seems to be badly lacking elsewhere regarding the true nature of democracy, prosperity and freedom. I am convinced that you have the best interests of Europe at heart and that you are a perfect man for such a time as this.

I applaud your efforts, and as one voice among many, offer my full support to your cause. We look to you to teach us all the truth of the phrase "O nás bez nás" (about us, without us). We do not want the European Union to become another pseudo-democratic empire that acts in our name, while we, the people, remain nameless before them.

I, as many others, am aware of the tremendous pressure being put upon you to sign and be silenced. But as people of freedom, we know that all forms of totalitarianism, no matter how subtle, need to be challenged and unmasked.

In this hope, I wish you every success.

David John Bolton
Een andere gelijkgezinde vriend van mij, Tomaz Slivnik, een Sloveens libertarisch banneling die momenteel op één van de Kanaaleilanden, vertoeft, nam de moeite om President Klaus te contacteren en om ook anderen aan te zetten en op te roepen hetzelfde te doen.
Dear Friends of Liberty,

As you are aware, Vaclav Klaus is the last obstacle standing in the way of ratification of the Lisbon Treaty. Whether he signs or not will make a huge difference not only to the future of Europe, but to individual freedom in the world as a whole. While Klaus is surely as faithful to his principles, and as aware of the consequences of him signing as any of us, the pressure on him to sign must be enormous. As is common in these sorts of situations, those with a vested interest in him signing are piling on the pressure wholesale, but those of us who are on his side are probably mostly doing nothing. As a result, it looks likely that Klaus will cave in.

Nobody knows what the future will hold if Klaus signs. (...) What follows then is unknown: it could be that we have a new millennium of neo-Holy Roman Empire, we could end up in the American scenario (attempted secession by some member states, civil war and its suppression by the others), or we could have the Yugoslavian scenario. What I think we can be sure of is it will not be a serene union of member states, happily coexisting with each other. It has been tried before - in Yugoslavia and in the Soviet Union - and it failed miserably. If Lisbon comes into effect, it will be the first time in history for Britain to be a vassal state of "the Holy Roman Empire": not even in the pre-Christian ancient Roman times was Britain a Roman province.

The Taxpayers Alliance has a petition which you may wish to sign but I would also like to encourage you to consider writing a short personal postcard/note of support to President Klaus. A few (or even better, many) individual postcards can make the difference between him caving in and him continuing to stand our ground in this critical moment of our time.

His contact details are:
The Office of the President of the Czech Republic
Prague Castle, 119 08 Prague 1, Czech Republic


If you think this is a good idea, please ask your like-minded friends to do the same. Thank you and best wishes,

Tomaž Slivnik
Het Tsjechische Hooggerechtshof liet vandaag per vonnis verstaan dat het geen grondwettelijke graten ziet in de ratificatie van het Verdrag van Lissabon. President Vaclav Klaus eiste een opt-out voor het Sociaal Handvest van de Europese Unie en groen licht van het gerecht alvorens hij het Verdrag zou willen tekenen. Vrijdag kreeg hij zijn opt-out, vandaag zijn positief vonnis. Niets lijkt hem nu nog toe te laten het Verdrag alsnog te blijven afwijzen. Als jullie je steentje willen bijdragen, kan ik jullie alleen maar vragen om contact op te nemen met Vaclav Klaus en jullie steun voor zijn hardnekkigheid uit te spreken. President Klaus staat immers niet alleen met zijn grieven. Het is aan ons om hem dat duidelijk te maken. De tirannie van Brussel is nog niet onafwendbaar. Lissabon kan nog gestopt worden.

Dit kan op de volgende manieren:
Per fax naar de presidentiële kanselarij: +420 224 373 300
Per e-mail naar zijn EU-adviseur: ladislav.jakl@hrad.cz




Een fotootje van uw dienaar met President Vaclav Klaus in augustus 2009 na ons diner in het "Grand Hôtel Roi René" in Aix-en-Provence.

Read more...

Heilzame deflatoire correcties en inefficiëntie van Keynesiaans relancebeleid (Martin De Vlieghere)

Het Keynesiaans relancebeleid van de overheden wordt steeds brutaler en is nauwelijks effectief. De Duitse schrootpremie was een groteske manier om mensen nog eenmaal te snel van auto te doen veranderen en heeft autofabrikanten nog langer doen treuzelen met hun onafwendbare saneringen. Ook de ongeziene expansie van de monetaire basis in de euro- en dollarzone helpt niet meer om het krediet aan de nijverheid te versoepelen, maar leidt er alleen toe dat de insolvabele banken in een poging om zichzelf overeind te houden, staatsobligaties kopen en nog meer krediet verschaffen aan noodlijdende ondernemingen waaraan ze al veel te veel krediet hebben verschaft... Door telkens voor de snelle Keynesiaanse uitweg uit een recessie te kiezen, wordt de volgende crisis alleen maar onbeheersbaarder. Duurzaam herstel kan maar komen nadat deflatie de buitensporige prijzen voldoende heeft verlaagd en de ‘spread’ tussen productiekosten en verkoopsprijzen is hersteld en zulkdanig winstpotentieel is geschapen, dat ondernemers willen aanwerven.

De comeback van John Maynard Keynes is opmerkelijk. Prof. De Grauwe zit er zelf mee verveeld dat daardoor de discussies van de jaren dertig van de vorige eeuw zich helemaal herhalen. 'Eigenlijk is dat ontmoedigend' zegt hij in De Standaard van 31 oktober. Maar wie is hier hardleers? Degenen die Keynes uit de handboeken hebben verbannen of degenen die volharden in het politiek en monetair manipuleren van individueel consumptie- en investeringsgedrag? Paul De Grauwe was zelf de luidste roeper om tijdens de hoogconjunctuur de geldkraan nog meer open te draaien. De centrale banken mochten zich niet blindstaren op de inflatie. Een beetje meer inflatie was in sommige gevallen geen te hoge prijs voor meer jobs en groei. Door dit te zeggen tijdens de laatste hoogconjunctuur, heeft De Grauwe elk gezag verloren om ons nu de weg uit de crisis te wijzen. Je kunt niet tegelijk beweren dat de laatste hoogconjunctuur op een consumptie- en kredietzeepbel was gebaseerd en dat we tijdens die hoogconjunctuur nog kwistiger met krediet moesten omspringen.

Die tegenspraak is zo flagrant, dat die zelfs De Grauwe niet kan ontgaan. Daarom probeert hij zichzelf wijs te maken dat de Amerikaanse economie op een consumptie- en kredietzeepbel was gebaseerd en de Europese niet. Destijds gaf hij inderdaad alleen aan de Europese Centrale Bank de raad om een lossere monetaire politiek te voeren, zij het wel naar het voorbeeld van…de Amerikaanse Fed. Dit lost dus de contradictie niet op en er komt er meteen een tweede bij. In hetzelfde interview van zaterdag herhaalt hij dat hij naar aanleiding van de crisis heeft ontdekt dat de Europese sociale zekerheidsstelsels een stabiliserende werking hebben door de consumptie op peil te houden. Net alsof de uitkeringen in ons stelsel en de daaruit voortvloeiende consumptie ook niet op krediet was en meer dan ooit is gebaseerd. De sociale zekerheid is in de eerste fase van de crisis een buffer geweest door… de consumptiezeepbel nog meer op te blazen. De Belgische federale overheid moet daartoe elke dag meer lenen om haar sociale zekerheidsverplichtingen te kunnen nakomen. Het ‘businessplan’ van de N.V. België is dus gebaseerd op ongebreideld en permanent goedkoop krediet. Het is een kwestie van tijd vooraleer de Belgische staatsbons de status van ‘rommel’ krijgen.


Er is misschien nog een uitweg door drastisch op andere overheidsuitgaven te besparen en zo de kredietbehoefte van de Belgische staat te verminderen. Maar daar is De Grauwe dan weer mordicus tegen omdat hij inmiddels als bekeerde Keynesiaan vindt dat als de mensen besparen, de overheid meer moet uitgeven. Anders worden we het slachtoffer van de ‘spaarparadox’ waar De Grauwe ons de laatste tijd voortdurend mee om de oren slaat. Het is inderdaad ‘vermoeiend’ dat men nu al sinds de jaren dertig steeds opnieuw moet uitleggen dat de spaarparadox niet bestaat. We kunnen ons geen uitweg uit de schuldencrisis consumeren. Of nog: als je in de put zit, moet je stoppen met graven.

Een recessie of zelfs een Grote Depressie ontstaat niet zozeer omdat mensen minder consumeren, maar omdat hun consumptiepatroon zodanig verandert, dat de ondernemingen bijna allemaal tegelijk moeten herstructureren. De daaruit voortvloeiende crisis is beangstigend en lijkt uit de hand te lopen, waardoor de roep om overheidsinterventies luider klinkt. En machtswellustige politici gaan daar graag op in. Nu weet ik ook wel dat de crisis sinds vorig jaar zo gevaarlijk is, dat zelfs goedmenende politici geen alternatief zagen voor de redding van de slechte banken. Maar hoe zijn we in een dergelijke situatie terechtgekomen? Door de perverse bonussenpolitiek bij de banken, zegt iedereen. Maar indien hetzelfde klaarblijkelijke marktfalen zich eerder in de geschiedenis had voorgedaan, dan zou de daaruit voortvloeiende kredietcrisis geen systeemcrisis zijn geweest.

Zelfs in de jaren dertig was het systeem sterker dan nu. De ultieme redders van falende banken – de overheden – zaten toen nog niet zelf tot over hun oren in de schulden. Maar vooral, zelfs indien de overheden in de jaren dertig in staking van betalingen zouden zijn gegaan, raakte dat slechts weinig mensen. Toen was 10% van de bevolking voor zijn inkomen afhankelijk van de overheid en de door de overheid noodzakelijk gemaakte bureaucratische privé-industrie, vandaag is dat 80%. Juist door telkens voor een snelle uitweg uit een recessie te kiezen, zijn steeds meer inkomens afhankelijk van uitkeringen, subsidies en monetaire groei, waardoor elke volgende crisis onbeheersbaarder wordt.

Het relancebeleid van de overheden wordt steeds brutaler en is nauwelijks effectief. De schrootpremie in Duitsland is een groteske manier om mensen nog eenmaal te snel van auto te doen veranderen zodat de autofabrikanten nog een paar maand langer kunnen treuzelen met hun noodzakelijke saneringen. De ongeziene expansie van de monetaire basis in de dollar- en eurozones helpt zelfs niet meer om het krediet aan de nijverheid te versoepelen, maar leidt er alleen toe dat de insolvabele banken in een laatste poging om zichzelf overeind te houden, verder krediet verschaffen aan de noodlijdende ondernemingen waaraan ze al veel te veel krediet hebben verschaft.


Helemaal hallucinant is, dat de allerslechtste bedrijven – de overheden – bij de banken moeten lenen om de banken overeind te houden. Dat is wat De Grauwe wil als hij zegt dat hij gewonnen is voor meer overheidsingrijpen. En waarom? Allemaal om deflatie te vermijden. Een deflatoire spiraal van afdankingen, dalende vraag en nog meer afdankingen hoeft helemaal niet uit de hand te lopen. Indien De Grauwe werkelijk nog enig vertrouwen in een markteconomie heeft, zoals hij beweert, dan zou hij toch minstens de wetten van vraag en aanbod moeten begrijpen. Die wetten zeggen dat de verhouding tussen vraag en aanbod de marktprijs bepaalt, maar dat impliceert natuurlijk ook dat prijzen ten opzichte van elkaar zullen fluctueren.

Zelfs tijdens een ‘helse deflatierit’, dalen niet alle prijzen even snel. Omdat er geen theoretisch standpunt is van waaruit men goede van slechte producten kan onderscheiden, hebben we marktwerking en ondernemerschap nodig. Maar we weten wel dat er altijd goede producten zullen zijn. Er is nooit een algehele overproductiecapaciteit. Er zijn dus altijd producten waarvan de prijzen sneller zullen stijgen of minder snel zullen dalen dan hun productiekosten. Het duurzaam herstel komt er wanneer de slechte producten voldoende uit het systeem weggewerkt zijn. Of nog: algeheel consumentenpessimisme kan niet tegenhouden en werkt zelfs in de hand dat voor sommige producenten de ‘spread’ tussen hun productiekosten en hun verkoopsprijzen en dus hun winstpotentieel zo groot wordt, dat ze wel terug zullen aanwerven.


Dr. Martin De Vlieghere
http://www.workforall.net

Read more...

2 november 2009

De ingehouden peiling van RTBf–Vers l'Avenir (Hoegin)

Donderdag beweerde La Libre Belgique in een artikel dat RTBf en Vers l'Avenir in juni, vlak voor de regionale verkiezingen, een peiling achtergehouden zouden hebben. Reden: de resultaten weken teveel af van de vorige peilingen. Achteraf bleek echter deze peiling de meeste «correcte» van allemaal te zijn…

In hoeverre de achtergehouden peiling van RTBf–Vers l'Avenir werkelijk de meest correcte peiling van allemaal was, valt natuurlijk moeilijk in te schatten zolang we de cijfers niet kennen. De bronnen die in La Libre Belgique aangehaald worden beweren dat de peiling géén zwaar verlies voor de PS aangaf, in tegenstelling tot de verliezen van ongeveer vijf procent die voorspeld werden in de peilingen die wel gepubliceerd werden. In dat geval is het duidelijk dat de achtergehouden peiling, uitgevoerd door Dedicated Research, een gemiste kans was voor de RTBf en Vers l'Avenir.

Het spreekt voor zich dat RTBf en Vers l'Avenir met de zaak lichtjes verveeld zitten, zeker omdat de twee vlak voor de verkiezingen uitpakten met een hele rist peilingen per provincie. Zoals een bron vertelt, werd dag na dag de ondergang van de PS voorspeld, terwijl de partij op 7 juni gewoon status quo noteerde. Het is dan pijnlijk wanneer achteraf blijkt dat men ook over een peiling beschikte die een heel ander beeld gaf. Mogen we er echter ook even aan herinneren dat de krant die nu met de geruchten op de proppen komt, La Libre Belgique, er al bij al even ver naast zat als RTBf en Vers l'Avenir, en het artikel daarom ongetwijfeld een hoge graad van Schadenfreude in zich draagt?

Maar er is meer. Een maand geleden hadden we het al over het onzinnige wetsvoorstel van Philippe Mahoux, die opiniepeilingen met een te grote foutenmarge en te dicht bij de verkiezingsdatum zou willen verbieden. Dat wetsvoorstel moet in het licht van de hierboven reeds vermelde peilingenreeks van RTBf en Vers l'Avenir gezien worden, want de partij van Philippe Mahoux, de PS, ergerde er zich toen dood aan. Om begrijpelijke redenen, overigens, maar dat gaf Elio di Rupo natuurlijk nog niet het recht om RTBf de huid vol te schelden en hen te «herinneren» aan hun openbare functie. In zijn wetsvoorstel veinst Philippe Mahoux echter bezorgdheid over eventuele beïnvloeding van de publieke opinie door onzorgvuldige peilingen. Niemand wordt natuurlijk graag bestempeld als een verliezer, maar de vraag moet toch gesteld worden of de PS werkelijk zo'n slechte zaak zou gedaan hebben aan al die voor haar negatieve peilingen. Zou het kunnen dat die peilingen er net voor gezorgd hebben dat kiezers die anders misschien wel voor Ecolo of cdH zouden gestemd hebben, het toch maar op de PS hielden om de schade een beetje te beperken? Zou het ook kunnen dat de PS, precies door die voorafgaande negatieve peilingen, psychologisch veel beter door de verkiezingsnacht is gekomen dan anders wel eens het geval had kunnen geweest zijn?

Een andere vraag is natuurlijk wat er zich eigenlijk in het hoofd van een peiler of medium afspeelt wanneer er besloten wordt een peiling niet te publiceren. «Ça fait trois semaines qu’on annonçait des moins 5 % pour le PS. On n’allait quand même pas changer notre fusil d’épaule. Personne n’a eu envie de se décrédibiliser.» En nog: «Ce n’était pas très heureux d’arriver la veille ou l’avant-veille du scrutin avec un sondage et des résultats différents du sondage initial.» Achteraf zit men dan natuurlijk met de gebakken peren. Maar het is toch wel merkwaardig dat men in dit land de kleinste verschuiving, al valt ze ruimschoots binnen de foutenmarge, uitvergroot om er ellenlange artikels over te kunnen schrijven, maar wanneer een peiling te veel verschilt van de vorige, dan houdt men ze toch maar liever achter omwille van… de geloofwaardigheid. Ik had het zelf nooit kunnen verzinnen.

In het hoofdstuk «Mag het ietsje meer zijn» in Media & Journalistiek in Vlaanderen schreef ik nog dat Vlaanderen niet bepaald hoeft te snoeven over het aantal peilingen dat er uitgevoerd wordt, maar dat de toestand in Wallonië zo mogelijk nog slechter is. Ik zou echter niet durven beweren dat het bovenstaande voorval in Vlaanderen onmogelijk zou zijn. Stel je inderdaad eens voor dat één van de kranten een week voor de verkiezingen plots met de resultaten van een peiling geconfronteerd zou worden waarin een «verkeerde» partij plots vijf procent naar boven zou springen. Publiceren, of toch maar doen of de neus bloedt? Wat in ieder geval vaststaat, is dat het wetsvoorstel van Philippe Mahoux niet bepaald voor veel verbetering zou zorgen. Integendeel, in plaats van peilingen te verbieden, zou het misschien beter zijn indien de media verplicht zouden worden àlle peilingen te publiceren, of de resultaten hen nu aanstaan of geloofwaardig overkomen of niet. Misschien toch eens iets om over na te denken.

Labels: , , , ,

Read more...

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>