4 oktober 2011

Samenvallende verkiezingen, de ultieme doodsteek voor België? (Hoegin)

De laatste jaren weerklonk vanuit bepaalde kringen regelmatig de roep om samenvallende verkiezingen. Er zouden in België immers zoveel verkiezingen zijn dat politici er niet meer toe komen rustig een beleid uit te stippelen, en bovendien zorgen al die verkiezingen alleen meer voor toenemende communautaire spanningen. Maar zullen samenvallende verkiezingen België wel kunnen redden, of eerder het einde ervan versnellen?

Het valt op dat vooral in Vlaanderen gepleit wordt voor samenvallende verkiezingen, en dan in het bijzonder in de Belgisch-gezinde ons-kent-ons-mediakringen. Zij zien met lede ogen aan hoe CD&V-politici voor elke verkiezing telkens weer een Vlaamse reflex ontwikkelen die de regeringsonderhandelingen achteraf danig bemoeilijken. Nu ja, niet voor de regionale verkiezingen, want uiteindelijk werd in 2009 zonder al te veel problemen een nieuwe Vlaamse regering gevormd. Het probleem situeert zich dan ook vooral rond de verkiezingen van 2007 en 2010, toen de CD&V telkens weer een voldoende lange «ontluizingsperiode» nodig had om die Vlaamse reflex weer van zich af te werpen. Hoeveel makkelijker was het vroeger niet, toen de CD&V zich tijdens de verkiezingsavond al, lang voor de laatste stem geteld was, opnieuw schikte naar het Belgische raison d'état?

Verder is het duidelijk dat het argument van het teveel aan verkiezingen geen hout snijdt als verklaring voor de federale impasses van 2010/11. De volgende regionale verkiezingen zijn immers pas voor 2014 gepland. En als de gemeenteraadsverkiezingen van 2012 al roet in het eten van de federale regeringsvorming van 2010/11 hebben gegooid, dan zegt dat uiteindelijk toch veel meer over de regeringsvorming van 2010/11 dan over het aantal verkiezingen in België.

Wie bovendien bereid is vanonder zijn kerktoren even naar de buurlanden te kijken, kan toch niet ontkennen dat landen als Frankrijk en Duitsland blijkbaar veel minder last hebben van hun overvloed aan verkiezingen. In Frankrijk gaat er amper een jaar voorbij zonder dat er wel ergens op één of ander niveau verkiezingen gehouden worden. (En dan vaak nog in twee ronden ook.) In Duitsland lijkt het soms wel of er om de andere maand in één of ander Land een verkiezing plaatsvindt – is het niet voor een deelstaatparlement, dan wel voor de gemeenteraden of een stadsraad. Je vraagt je af hoe ze het in die twee landen überhaupt klaarspelen om een regering op de been te brengen, laat staan om een beleid te ontwikkelen dat verder reikt dan de complete stilstand zoals in België.

Het grondprobleem is natuurlijk niet dat men af wil van al die verkiezingen, zelfs niet van asymmetrische regeringen op federaal en regionaal niveau, maar wel van de Vlaams-nationale component in het Vlaamse politieke spectrum. Niemand heeft er immers ooit over geklaagd dat de Brusselse of de Waalse regering anders samengesteld was dan de federale regering. Maar wanneer de N-VA erin slaagt lid te worden van de Vlaamse regering zonder dat ze zich ook volledig conformeert aan het Belgische staatsbelang op federaal vlak, dan is er natuurlijk een probleem. Met die situatie viel nog te leven toen ze via het Vlaams Kartel een onbeduidend aanhangsel van de CD&V was, maar wat als de N-VA morgen met afstand de dominante politieke partij in het Vlaams Parlement wordt? Vandaag reeds zit men met een levensgroot probleem omdat de Vlaamse regering zich onder druk van de N-VA niet zomaar op het signaal van Elio di Rupo (en de dreigementen van diens schandknaapje Guy Vanhengel) laat inschakelen in de federale begrotingsplannen.

Het wondermiddel waarvan men in Belgisch-gezinde kringen alle heil verwacht, is daarom dat van de samenvallende verkiezingen. Niet dat die samenvallende verkiezingen op zich de N-VA of welke andere Vlaams-nationale partij dan ook zouden kunnen uitschakelen, maar wel de daaropvolgende regeringsvorming. Of correcter: regeringsvormingen, in het meervoud, en waarbij men dan gemakkelijkheidshalve aanneemt dat de regionale regeringsvorming al snel ondergeschikt zal gemaakt worden aan de federale. Als de politici dan de eerste vijf jaar geen nieuwe verkiezingen hoeven te vrezen, en er bovendien iets meer haast zit achter het vormen van nieuwe regeringen omdat men het zich niet kan veroorloven dat België op alle niveaus geblokkeerd raakt, dan kan men zich voorstellen dat het raison d'état vooral bij de Vlaamse partijen opnieuw weer wat sneller zal kunnen werken. Vlaamse toegevingen zullen dan meteen ook, zoals in de goede oude tijd, een beetje sneller geproduceerd kunnen worden. Dat het een hoogst realistisch scenario is, daar is men het ondertussen zowel aan Vlaamse als aan Belgische zijde wel eens over, met dit verschil dat de ene het vreest, terwijl de andere het nastreeft.

Er zit nochtans een addertje verscholen onder het gras. Een Vlaams–Belgisch-symmetrische regeringsvorming kan dan wel het gevaar op de vorming van een eigen, Vlaamse dynamiek op regionaal niveau reduceren of zelfs elimineren, ze neemt tegelijkertijd ook een vrijheidsgraad weg voor de vorming van een federale regering. Concreet: de luxe die Alexander de Croo vandaag heeft om te kunnen pleiten voor een federale regering die aan Vlaamse zijde over geen meerderheid beschikt, of zoals Wouter van Besien doodleuk verklaren dat zoiets wel jammer zou zijn maar verder niet echt een probleem, zou na samenvallende verkiezingen vrijwel zeker volledig verdwijnen. Een eventuele asymmetrie tussen de samenstelling van de Belgische en de Vlaamse regering, waarbij in de Vlaamse regering de vierde partij plots wél nodig is, kan dan in de media niet meer weggemoffeld worden ergens achteraan in een politiek commentaar. Zelfs het kleinste kind in Vlaanderen zou dan begrijpen dat de federale regering in Vlaanderen geen legitimiteit kan bezitten, en de Vlaams-nationale oppositie zou dit ongetwijfeld vijf jaar lang weten uit te buiten.

Het probleem (nou ja) zit echter nog ietsje dieper. De peilingen van het laatste jaar, waaronder ook de laatste peiling van La Libre Belgique, geven echter regelmatig een zogenaamde V-meerderheid (N-VA, Vlaams Belang en LDD) in het Vlaams Parlement weer. Zo'n meerderheid zou de N-VA op het Vlaamse niveau incontournable maken. Die partij dan federaal aan de kant schuiven, en dan nog wel met een minderheid in de Vlaamse taalgroep in de Kamer, om dan op Vlaams niveau wel met haar in een regering te stappen, wordt dan een bijzonder moeilijke oefening. Ook voor de N-VA zelf trouwens, die zich dan moeilijk zal kunnen verschuilen achter een twee jaar oud regeerakkoord, zoals vandaag. Gevolg: ofwel zal men er moeten voor zorgen dat de N-VA dan ook federaal aan de bak kan komen, ofwel zit men met een totale blokkering in het Vlaams Parlement, ofwel zal de N-VA haar aversie tegenover het Vlaams Belang moeten overwinnen en zich desnoods zelfs wagen aan een kleine revolutie. Ziedaar waar we op af stevenen in 2014, of men nu samenvallende verkiezingen in de kieswetgeving gaat betonneren of niet.

Het is dan ook zeer de vraag of samenvallende verkiezingen ervoor zullen kunnen zorgen dat de Vlaams-nationale geest weer in de Belgische fles raakt. Het zou immers best wel eens kunnen dat ze net de finale doodsteek voor België zullen vormen. De Belgische leerling-tovenaars, die denken dat ze een politieke stroming kunnen tegenhouden door wat aan de kieswetgeving te prutsen, lopen het gevaar zich lelijk te vergissen. Samenvallende verkiezingen zullen de Vlaamse onafhankelijkheid niet tegenhouden, net zomin als federale kieskringen, maar het proces misschien zelfs nog kunnen versnellen. Ironisch misschien, maar we zullen er zeker niet rouwig om zijn.

Labels: , , , ,

Read more...

1 augustus 2009

Naar een tsjevenoplossing voor Brussel-Halle-Vilvoorde? (Hoegin)

Recent is in federale en belgicistische kringen de hoop ontstaan dat er alsnog iets mogelijk zou zijn rond de staatshervorming en het beruchte dossier Brussel-Halle-Vilvoorde vóór de verkiezingen van 2011. Eerste Minister Herman van Rompuy liet zich in ieder geval in die zin uit in een interview met De Morgen, snel opgevolgd door Senaatsvoorzitter Armand De Decker in diezelfde krant. Waar is die hoop op gebaseerd, en is ze gewettigd?

In het interview legt Herman van Rompuy uit dat er voor de zomer van 2010 een oplossing moet komen voor het probleem Brussel-Halle-Vilvoorde, want anders zouden de communautaire problemen het Belgische voorzitterschap van de Europese Unie wel eens kunnen doorkruisen. Bovendien ziet hij ook mogelijkheden voor een staatshervorming, maar die zou dan wel in stappen uitgevoerd moeten worden. Dat een eerste stap reeds meer dan een jaar geleden uitgevoerd had moeten zijn –de zogenaamde «borrelnootjes» voor de N-VA– schijnt de Eerste Minister ondertussen wel al vergeten te zijn. Senaatsvoorzitter Armand De Decker, die blijkbaar graag ook nog eens in de pers kwam, volgde de Eerste Minister onmiddellijk op door te stellen dat hij verwacht dat reeds voor het einde van het jaar een akkoord over Brussel-Halle-Vilvoorde bereikt zou kunnen worden. Bovendien zouden de Franstaligen bereid zijn met de Vlamingen over een staatshervorming te praten, in het bijzonder justitie en kinderbijslag.

Kinderbijslag? Het is merkwaardig dat de Vlaamse pers dit bericht zomaar plaatste zonder enige kanttekening, want precies het dossier van de kinderbijslag is toch wel bijzonder. Een bijkomende Vlaamse kinderbijslag was immers een eis van de N-VA om in een Vlaamse regering te stappen, maar… hoewel die bijkomende kinderbijslag volledig binnen de bevoegdheden van de Vlaamse Regering lag, verzetten de Franstaligen er zich tegen, met Joëlle Milquet en Elio di Rupo op kop. Je zou je afvragen of men in Franstalig België soms niets beters te doen heeft dan zich te bemoeien met interne Vlaamse aangelegenheden, maar het ironische is dat die Vlaamse aanvullende kinderbijslag wel degelijk iets is waar de Franstaligen zich zorgen over dienen te maken. Maar het is dus jammer dat de Vlaamse pers die analyse niet maakte, en verder naliet te preciseren of de geciteerde opmerking van hierboven nu betekende dat de Franstaligen dan toch zullen toelaten dat de Vlaamse Regering haar bevoegdheden volledig uitoefent, zonder haar beleidsmaatregelen eerst te moeten voorleggen aan een of andere Franstalige jury. Als dit het soort van staatshervorming is waar Herman van Rompuy en Armand de Decker denken de Vlamingen mee te kunnen paaien, zegt dit vooral veel over de kwaliteit van onderhandelaars die ze aan Vlaamse kant verwachten aan te treffen.

En het is natuurlijk precies daar dat het probleem zit. Wie zal de Vlamingen nog willen vertegenwoordigen aan de communautaire onderhandelingstafel? Kris Peeters gelooft nog steeds in de gemeenschapsdialoog, ook al werd en wordt die nadrukkelijk afgewezen door de Franstaligen. Het valt af te wachten of hij zelfs nog maar binnen zijn eigen regering zoveel steun zal kunnen vinden voor die gemeenschapsdialoog, met een N-VA die onder leiding van Bart de Wever de zogenaamde Maddens-doctrine belijdt. Verder is er nog de sp.a, die er geen enkel belang bij heeft dat welke staatshervorming dan ook zou slagen, laat staan dat ze er überhaupt al enige interesse voor zou hebben. Integendeel zelfs, nu Frank Vandenbroucke ingeruild werd voor een Pascal Smet. Blijven nog de federale regeringspartners over, met name de CD&V en de Open Vld, en het is duidelijk dat onderhandelingen over Brussel-Halle-Vilvoorde en de staatshervorming voor Vlaanderen niet veel goeds zullen kunnen brengen. De opmerking van Steven Vanackere in Knack dat het dossier alleen maar opgelost zou raken door er zoveel mogelijk over te zwijgen was ook al niet van die aard om veel vertrouwen op te wekken.

Wat de Open Vld betreft kunnen we trouwens kort zijn. De recentelijke affaire rond asiel en migratie illustreerde goed wat de agenda is van de top van de partij: er op federaal niveau bij zijn, koste wat het kost. Wat voor vlees we in de kuip hebben met Annemie Turtelboom werd pijnlijk duidelijk, toen ze voor de keuze gesteld werd ofwel de Franstalige oekazes volledig te slikken, ofwel ontslag genomen te worden, ofwel een bord linzensoep te gaan verorberen op het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Verder is een Guy Vanhengel er de man niet naar om de Vlaamse zaak, of welke zaak dan ook te verdedigen, als hij maar ergens minister mag spelen. Wat dat betreft zit de partij dus volledig in de binnenzak van de Franstaligen, meer zelfs, de partij bestaat het zelf toegevingen van de Vlamingen te eisen voor een nieuwe staatshervorming.

Bij de CD&V daarentegen zal men alle truken van de foor gebruiken om het verraad van de partij tegenover haar kiezers en de Vlaamse bevolking te verpakken als een stap vooruit, een teken van moed , het opnemen van de verantwoordelijkheid, afijn, de lezer kent het tsjevenvocabularium ongetwijfeld zelf ook goed genoeg. Waarschijnlijk is men nu al bezig één of ander te bekokstoven, waarna men een ledencongres in het begin van 2010 voor het blok zal plaatsen, met de keuze enerzijds tussen de val van de federale regering (en al het gezichtsverlies dat dat meebrengt in verband met het EU-voorzitterschap) waardoor Brussel-Halle-Vilvoorde trouwens hoe dan ook niet meer gesplitst kan worden, het avontuur om naar nieuwe verkiezingen te gaan met de huidige kieskringen, of anderzijds een oplossing die met de dood in het hart goedgekeurd zal worden. Met de dood in het hart? Er zal op dat ledencongres geapplaudisseerd worden, tot de handen er pijn van doen, voor zoveel moed en doortastendheid van de partijleiding, want zo gaat dat nu eenmaal wanneer men verraad pleegt.

Hoe de oplossing er precies zal uitzien valt moeilijk in te schatten. Eén mogelijkheid is een terugkeer naar de oude arrondissementen, al lijkt de hinderpaal daar eerder een persoonlijk gezichtsverlies van Guy Verhofstadt te zijn dan tegenstand onder de bevolking of wat dan ook. Waarschijnlijker lijkt het me daarom dat er een splitsing-die-geen-splitsing-is doorgevoerd zal worden, met bijvoorbeeld een inschrijvingsrecht en een uitbreiding van de faciliteiten op zo'n manier dat de Franstaligen bij een eventuele Belgische boedelscheiding nog steeds aanspraak zullen kunnen maken op minstens een deel van Halle-Vilvoorde. Dat zo'n inschrijvingsrecht opnieuw niet bepaald zou stroken met de Grondwet hoeft trouwens geen probleem te zijn: een nieuwe uitspraak van het Grondwettelijk Hof kan ongetwijfeld lang genoeg uitgesteld worden tot het te laat is om er nog iets aan te doen vóór de volgende federale verkiezingen, en daarna kunnen de Franstaligen desnoods opnieuw vijf belangenconflicten inroepen –met niet alleen de medewerking van de CD&V en Herman van Rompuy, maar zelfs smeekbedes als het moet!– om alles minstens tot in 2014 uit te stellen. En dat dan enkel nog onder de voorwaarde dat de Vlamingen het in hun hoofd zouden halen in een of andere commissie opnieuw een wetsvoorstel eenzijdig goed te keuren, een scenario dat in 2007 alleen maar mogelijk was omdat er toen nog geen federale regering gevormd was.

Deze analyse mag dan al pessimistisch zijn, maar het gekuip dat de CD&V de komende maanden aan de dag zal leggen om de Franstaligen op alle mogelijk manier op hun wenken te bedienen zonder dat de Vlaamse kiezer te weten komt hoe hij in het ootje genomen wordt zou niet mogelijk zijn zonder de volledige afwezigheid van een Vlaamse pers die haar plicht doet. De in Noord-België verschijnende Nederlandstalige pers draagt inderdaad een verpletterende verantwoordelijkheid voor het feit dat het zover is kunnen komen, en dat het scenario van hierboven realistisch is. Hoe is het bijvoorbeeld mogelijk dat een Steven Vanackere kan opmerken dat Brussel-Halle-Vilvoorde opgelost zal worden voor er vooral veel over te zwijgen, zonder dat de pers daarover op haar achterste hielen gaat staan? Waar zijn trouwens de ramingen over hoeveel sans-papiers de komende maanden geregulariseerd zullen worden om Brussel nog meer de verfransen? Hoe is het ook mogelijk dat de reacties van de Franstalige partijen op de domme Guy Vanhengel die voor budgettaire matiging pleitte amper weerklank vonden in Vlaanderen? Voor een echte en correcte analyse moest men, zoals zo vaak, bij La Première van de RTBf zijn, die de kreten van PS en cdH kort en goed omschreef als «touche pas à ma sécu» (en voor wie een kort geheugen heeft: het waren dus ook de PS en cdH die tegen die Vlaamse aanvullende kinderbijslag waren). De groeinorm van 4,5% bovenop de index voor de Sociale Zekerheid is –bijna letterlijk– van levensbelang van de Franstaligen om België en Vlaanderen zo lang en zo efficiënt mogelijk te kunnen uitmelken, maar kwaliteitsmedia als De Standaard en De Morgen, om over de VRT nog maar te zwijgen, onderhouden liever hun publiek met Belgolese sprookjes. Prins Laurent die Jean-Marie Dedecker als Eerste Minister wel zou zien zitten bijvoorbeeld – je vraagt je af hoe ze het durven!

En wie het bovenstaande niet gelooft, kan altijd nog de VRT-column van Carl Devos van vandaag eens nalezen. Hij verwacht dat de regering-Van Rompuy I na de zomer uit de startblokken zal schieten, om de enige reden dat er geen excuses meer zouden zijn om dat niet te doen. Betekent de term «politicoloog» soms dat je nog minder dan gemiddeld afweet van politiek? Herman van Rompuy roept nu al het Belgische EU-voorzitterschap als excuus in om vrijwel heel 2010 niets te hoeven doen, maar Carl Devos heeft daar in het interview van de Eerste Minister waarschijnlijk overgelezen. Of wil het daar misschien niet over hebben, om de bevolking rustig te houden. Van een régimepop van de Paviagroep mag men misschien nu eenmaal niets anders verwachten dan dat hij de bevolking wat zand in de ogen strooit in plaats van de waarheid te zeggen over Brussel-Halle-Vilvoorde of de toestand van de Sociale Zekerheid.

Labels: , , , , , , , , , ,

Read more...

<<Oudere berichten