28 september 2013

Het IJzerbedevaartcomité en de Afrikaners



Een probleem in de Vlaamse beweging is de verwarde hoewel begrijpelijke gehechtheid aan zowel het Vlaams-nationalisme als andere ideologieën, bv. het katholicisme of damals het totalitarisme, later het heersende progressisme. Nou ja, probleem: dat hoeft op zich niet problematisch te zijn, doch reken maar op de Vlamingen om zich daardoor in een knoop te werken.

Een voorbeeld was de houding tegenover de Afrikaners, eind jaren 80. Op de nationale Bedevaart naar de IJzergraven werd traditioneel, naast het Wilhelmus en De Vlaamse Leeuw, ook Die Stem van Suid-Afrika gezongen. De nationalistische omarming van de Afrikaners als “broedervolk” was het voorwerp van eensgezindheid onder de IJzerbedevaarders. Men had dus dat lied moeten blijven zingen zolang als het een broedervolk gold, ongeacht de politieke tendenzen. Anderzijds was het Apartheidsstelsel erg omstreden, zelfs binnen de Vlaamse beweging. Het was zondermeer juist om daar bezwaar tegen te maken.

Bezwaar maken tegen een zeer tijdelijk bestuursstelsel is echter iets anders dan bezwaar maken tegen een volk. Terwijl de anti-Apartheidsbeweging onder de zwarten en ook onder de Engelssprekenden een racistisch anti-Afrikanerkarakter kreeg, was de Vlaamse beweging in een positie om een origineel standpunt in te nemen. Ze kon het Afrikanervolk omarmen en tegelijk deze broeders zeggen dat zij zich vergisten. Als trouw broedervolk waren de Vlamingen zelfs beter geplaatst zijn om de Afrikaners voor de komende afgrond te waarschuwen. 

Echter, niets van dat alles. Rechtse Vlamingen verbonden aan hun gehechtheid aan de Afrikaners automatisch ook steun aan de racistische Apartheid, linkse Vlamingen verbonden aan hun afkeer voor de Apartheid een racistische afkeer voor de Afrikaners en hun nationaal lied. De originele middenpositie kwam er niet aan te pas; niemand betuigde zijn verwantschap met de Afrikaners terwijl hij toch de Apartheid verwierp. Ja, originaliteit en Vlaamse beweging, ze vallen moeilijk te verenigen. Het IJzerbedevaartcomité, door links als spreekwoordelijk rechts verfoeid, trachtte bij zijn vijanden in het gevlij te komen en maakte daarvoor de kwestie-Zuid-Afrika tot inzet van een georganiseerde broedertwist op zijn bedevaart. Aangezien de anti-Apartheidsbeweging zich tegen het Afrikanervolk keerde, vond het hersenloze IJzerbedevaartcomité er niet beter op dan hetzelfde te doen, ondermeer door het lied Die Stem uit het programma te weren.

Dat de agenda van het comité minder met een hooggestemde bewogenheid over een politiek stelsel in een ver land te maken had dan met ideologisch conformisme, bleek vervolgens uit zijn poging om met de anti-Vlaamse politieke wind mee te waaien. Het stelde het nochtans zeer heldere en nog altijd actuele programma dat bekend staat als het Fronterstestament in vraag. Dat luidde: nooit meer oorlog, zelfbestuur en godsvrede. Om het van zijn politieke implicaties te ontdoen, maakte het comité daarvan de nietszeggende slagzin: vrede, vrijheid, verdraagzaamheid. De Frontsoldaten hadden haar op hun tanden, en dat vertaalde zich in drie doorleefde en heldere eisen. De welgedane comitéleden slaagden erin om daar iets grijs en betekenisloos van te maken.

Of verdeeldheid zaaien de taak van de beheerders van een bedevaart is, valt te betwijfelen; het heeft de vijanden van de Vlaamse beweging alleszins veel plezier gedaan. Wel zijn de linksen, spijts de bedoelingen van het comité, nooit op bedevaart gekomen. Twintig jaar lang is de IJzerbedevaart alleen maar achteruit gebold en heeft ze zowel haar harde kern als haar meelopers weggejaagd, tot ze zichzelf in 2012 moest afschaffen. De pogingen van het comité om zijn koers te rechtvaardigen, waren een monument van gezemel en woordenkramerij, gelukkig te saai om te onthouden. De eerloosheid van de formele behoeders van de Bedevaart, die een Vlaamse manifestatie hebben laten ten onder gaan in de ijdele hoop om zo de verklaarde vijanden van de Vlaamse beweging aan te trekken, zegt helaas weer veel over de Vlamingen. Want deze mensen zijn echt niet zo uitzonderlijk.

In 2013 bezegelt de flop van het Gordelfestival de ondergang van de Gordel, samen met de feitelijke afschaffing van de IJzerbedevaart weer het verlies van een flamingantisch monument. Allebei zijn ze het gevolg van de controle over Vlaamse manifestaties door mensen die andere prioriteiten hebben. Verschil: dat de BLOSO-socialiste Carla Galle de Gordel eerst zoveel mogelijk van zijn politieke angel ontdeed en tenslotte om zeep heeft geholpen, lag misschien in de lijn der verwachtingen, maar dat de formele behoeders van de IJzerbedevaart (een moment van inkeer en eensgezindheid bij de verschillende stromingen) hun natuurlijke achterban hebben weggejaagd om bij de verklaarde vijanden van de Vlaamse beweging in het gevlij te komen, is werkelijk verachtelijk.
Ik ben nooit naar de IJzerbedevaart geweest en op zich interesseert zo'n manifestatie mij niet. Maar ik weet wel dat als ik iets dergelijks onder mijn hoede nam, ik het zou verdedigen en hooghouden, in plaats van het kapot te maken.


(Doorbraak online, 23 september 2013)

Labels: , ,

Read more...

13 juli 2013

Protea

 

In het anderhalf jaar dat ik in de senaat werkte, heb ik nogal wat politici persoonlijk leren kennen. Daaronder een N-VA-senator die ik vaagweg eens ontmoet moet hebben in mijn studententijd in Leuven. Hij was naar eigen zeggen destijds ondermeer bedrijvig in Protea, de “Vlaams-Zuid-Afrikaanse contactclub”. Die telde in de jaren 80 heel wat vooraanstaande politici in haar rangen, niet alleen van de Volksunie maar ook van de CVP en de PVV. Op mijn vraag waarom die club zichzelf opgeheven had, zei hij dat weinige Vlamingen zich nog wilden associëren met de Apartheid na de afschaffing daarvan. Aangezien de eerste belanghebbenden, de blanke Zuid-Afrikanen, zelf  ingestemd hadden met de afschaffing van dat stelsel, ging het niet op dat hier nog langer te verdedigen.

Zo ontstond de vreemde situatie dat Vlamingen wel een solidariteitsfonds konden oprichten met een volk dat zichzelf verwende door een wereldwijd gehaat bewind in stand te houden , maar dat volk in de steek liet toen het een gediscrimineerde en bedreigde minderheid werd. Protea wou de Afrikaners steunen tegen de kritiek op het beleid van gescheiden ontwikkeling, maar is er niet meer om hen te steunen tegen de “plaasmoorde”, de afschaffing van het Afrikaans en het beleid van “regstellende aksie” dat veel werkloosheid onder blanken veroorzaakt. Als je dat onbevangen bekijkt en abstractie maakt van de senatoriële uitleg, stemt het wel goed overeen met de Vlaamse mentaliteit: hoera-solidariteit zolang het om een volgevreten machtsgroep gaat, maar de andere kant opkijken zodra het moeilijk wordt.

Met de wijsheid van de terugblik kan je wel stellen dat het broedervolk aan de Kaap zich met het Apartheidsbeleid (1948-94) ernstig vergist heeft. Veel van de weldaden die Protea als verdiensten van het Apartheidsbewind trachtte te verkopen, waren ook mogelijk geweest onder een ander machtsverdeling, waarbij de zwarten dan minder fel anti-blank zouden geworden zijn (“Kill the Boer”). Het was ook een huichelachtig beleid. In het begin namen enkelen het beginsel van “gescheiden ontwikkeling” ernstig en in al zijn consequenties: de zwarten zouden eigen staten krijgen en de blanken zouden hun vuile werk zelf doen (over die idealisten schreef Guy De Maertelaere in wijlen Topics en in TeKoS). In de praktijk echter werd het ondergeschikte werk wel degelijk door zwarten gedaan, die hun staatsburgerschap verloren maar als burger van het hun toegewezen thuisland voor gastarbeid naar rest-Zuid-Afrika kwamen. Bovendien was de gebiedsverdeling, met slechts 13% voor de zwarten, apert onrechtvaardig. Maar goed, dat is nu voorbij, de blanken zelf hebben in hun laatste exclusieve stembusgang democratisch voor het “nieuwe Zuid-Afrika” gestemd.  

De Engelstalige schrijfster en Nobelprijswinnares Nadine Gordimer heeft kort na de overgang in een vraaggesprek getuigenis van haar anti-Apartheidsstrijd afgelegd. De meeste Engelstaligen waren welgesteld en hadden connecties elders in de Anglosfeer, vaak ook een Brits paspoort. Zij bekeken de verhouding tot de zwarten veel ontspannener dan de Afrikaners. Erop vertrouwend dat zij geen formeel minderheidsbewind nodig hadden om toch de facto de overheersende groep te blijven, uitten zij graag hun minachting voor de veel onzekerder Afrikaners, die achter de muur van wettelijke Apartheidsbepalingen veiligheid tegen de zwarte meerderheid zochten. Het verzet tegen de Apartheid was voor de Engelstalige blanken vooral een manier om hun superioriteit tegenover de Afrikaners te bevestigen. Zoals in Vlaanderen de elite haar superioriteit uit door het proletariaat met de immigranten en alle bijbehorende problemen op te zadelen, en het vervolgens voor “racistisch” uit te schelden.

Het is natuurlijk goed en nodig om een modieuze beweging als het antiracisme en destijds de motieven achter de anti-Apartheidsstrijd te doorprikken, maar Gordimers gemeenschap had het uiteindelijk wel juist bekeken. Ook de Afrikaners hadden hun eigen overlevingskansen aanmerkelijk verbeterd door van meet af aan op een toekomst binnen een democratisch en multiraciaal Zuid-Afrika te mikken. Zij zaten in een comfortabele machtspositie en hadden een geleidelijke overgang naar een meerderheidsbewind kunnen uitstippelen met maximale veiligstelling van hun eigen belangen. In plaats van hen daartoe aan te moedigen, verdedigden de Vlamingen van Protea de heilloze Apartheidskoers. Nou goed, ook dat is voorbij. Maar nu zijn de Afrikaners sterk in de verdediging gedrukt. Nu zouden ze wel wat internationale steun kunnen gebruiken. Je zou dus zinvol een Vlaamse solidariteitsbeweging met de Afrikaners kunnen opzetten. Mocht je om een benaming voor dat steunfront verlegen zitten: de naam Protea is ter beschikking.


(Doorbraak online, 12-7-2013)

Labels: , , , ,

Read more...

<<Oudere berichten