27 augustus 2013

BHV: De Vlaming betaalt (Hoegin)

Verleden week bracht de krant De Tijd de resultaten van de werklastmeting in het gerechtelijk arrondissement Halle-Vilvoorde. Niet echt een primeur, want de resultaten waren eind juni ook al eens uitgelekt. Uit het KPMG-rapport blijkt echter wat iedereen eigenlijk al lang wist, namelijk dat de gehanteerde 80F/20N-verdeling voor de benoeming van de rechters langs geen kanten klopt. Iedereen, behalve de institutionele partijen natuurlijk. Die gaven deze keer eerst niet thuis, om vervolgens doodleuk te verklaren dat er eigenlijk geen probleem is. Wel een beetje merkwaardig dat diezelfde institutionele partijen de Franstaligen echter niet met de cijfers van het bewuste rapport willen confronteren, om hen niet te «bruuskeren». Als er echter één ding zeker is, dan wel dat de Vlaming alweer zal mogen betalen. Bij het kabinet van staatssecretaris Servais Verherstraeten was men er in ieder geval als de kippen bij om onmiddellijk al tegemoetkomingen… voor de Franstaligen klaar te stomen.

Bij de «splitsing» (eigenlijk een ontdubbeling zoals de Franstaligen eisten, en geen splitsing zoals de Vlamingen vroegen) van het gerechtelijke arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde werd overeengekomen dat de rechters in Brussel voortaan in een verhouding 80F/20N benoemd zouden worden. Het zou de voormalige minister van Justitie Stefaan de Clerck geweest zijn die verantwoordelijk is voor de foute verdeelsleutel, maar het feit alleen al dat aan Vlaamse zijde niemand openlijk verantwoordelijk wil tekenen voor die verdeelsleutel zegt genoeg. Veel verder dan «dit is nu eenmaal het resultaat» en «meer zat er niet in» geraakt men daar niet, en dus berust men maar in de feiten. Voldongen feiten kan men zelfs stilaan zeggen, want de Nederlandstalige uitloop bij de Brusselse rechtbanken kwam onmiddellijk na het akkoord al meteen op gang.

In het akkoord werd wel een klein veiligheidsventieltje ingebouwd: de cijfers zouden later aangepast worden aan de resultaten van een werklastmeting, en dus was er voor de Vlaamse partijen geen vuiltje aan de lucht. De Franstalige partijen noteerden vooral dat de verdeelsleutel 80F/20N binnen was, en dat het daar dan ook wel zou bij blijven.

Methode van de schuif

Het zal de lezer wel niet verwondering dat de bestelling van de werklastmeting nogal wat voeten in de aarde had. Maar wonder boven wonder, ze kwam er uiteindelijk toch, en wat misschien wel een unicum in de Belgische geschiedenis moet zijn: de Vlamingen hoefden er niet eens extra voor te betalen. Meer zelfs, eens de studie bij KPMG besteld, werd ze nog uitgevoerd ook, en de resultaten samengevat in een rapport. Om vervolgens in de schuif van staatssecretaris Servais Verherstraeten te belanden, en daar ook te blijven liggen.

Waarom bleef dat beruchte KPMG-rapport zo lang in de schuif van Servais Verherstraeten liggen? Volgens de geruchten omdat men de Franstalige partijen dus niet wou «bruuskeren» met de resultaten. En dat is op z'n minst toch een merkwaardige gang van zaken. Als er immers één zijde is die zich door de cijfers in dat rapport gebruuskeerd zou moeten voelen, dan toch wel de Vlaamse. Het is nu immers voor iedereen duidelijk dat de oorspronkelijke 80F/20N-verdeelsleutel niets anders dan een geval van platte oplichterij was. In een normale wereld zouden het dan de Vlamingen moeten zijn die verontwaardigd reageren, en de Franstaligen vervolgens met tegemoetkomingen op de proppen moeten komen. Morele schadevergoeding heet zoiets in juridisch jargon.

Belgische meerwaarde

Niet zo in België anno 2013, dat volgens de institutionele partijen nog steeds een meerwaarde betekent voor Vlaanderen. Daar zijn het immers de Franstaligen die verontwaardigd reageren op de resultaten van het rapport, en de Vlamingen die al onmiddellijk de portefeuille bovenhalen om nog eens te mogen betalen. Vooral straf is dat de Franstaligen niet alleen de resultaten van het rapport van de hand wijzen, maar ook de gebruikte methode, en bovendien uitschreeuwen dat de vertaling van het rapport een belediging voor de Franse taal zou zijn. Nog goed dat de Belgische staat nooit een rapport, wettekst of mededeling heeft afgeleverd die als een belediging aan het adres van de Nederlandse taal opgevat kon worden!

Ik vraag mij trouwens af wat dat precies wil zeggen: een te Vlaamse methode om de werklast te meten. Is het soms zo dat Vlaamse dossiers in Franstalige ogen fundamenteel minder wegen? Of hebben Franstalige rechters voor hetzelfde werk een beetje meer denkwerk nodig, kwestie van hun nobele Franstalige hersenen niet te zeer te pijnigen? Dat geen enkele Vlaamse krant bij die Franstalige politici wilde informeren hoe dat precies in mekaar zat!

«Trotse» Wouter Beke niet thuis

De reactie van de Vlaamse institutionele partijen was bijzonder treffend: men gaf gewoonweg niet thuis. Ik kan de lezer overigens aanraden eens in het archief van DeRedactie.be te duiken en er de zoekterm «BHV» in te tikken. De lijst met hoera-interviews, en dan in het bijzonder van de «trotse» Wouter Beke, zijn om van te smullen. En ook de titel van de 11 juli-boodschap van Wouter Beke in 2012, vlak voor de goedkeuring van het akkoord, kon tellen: «Voortaan moeten de speeches niet meer gaan over BHV».

Mij viel vooral op hoe de media op hun beurt reageerden op de afwezigheid van enige reactie bij de institutionele partijen: niet. Het illustreerde nog maar eens het probleem met de «Vlaamse» media: op cruciale momenten, wanneer blijkt dat een communautair akkoord op een ronduit criminele manier nadelig is voor de Vlamingen en de institutionele partijen met de broek op hun enkels gesnapt worden, pleegt wat de vierde macht zou moeten zijn weer eens schuldig verzuim. Geen enkel medium met een beetje plichtsbesef tegenover de eigen gemeenschap zou toelaten dat één van die vier institutionele partijen de ene dag niet thuis zou kunnen geven, om vervolgens een dag later al doodleuk over een ander thema geïnterviewd te worden zonder ook maar één lastige vraag. Zo láát men die vier institutionele partijen met hun crimineel bedrog wegkomen, en die institutionele partijen weten dat maar al te goed.

Franstalig geheugenverlies

Ook het opmerkelijke feit dat men de eerste dag niet wou te reageren, om zich vervolgens de tweede dag dan toch plots te herinneren dat er helemaal niet opnieuw onderhandeld dient te worden, werd nergens in de media wat meer belicht. Zou de stelling dat de resultaten van de werklastmeting automatisch de 80F/20N-verdeelsleutel teniet doen werkelijk kloppen? Merkwaardig dat de Franstaligen zich zoiets uitdrukkelijk niet kunnen herinneren. De lezer zal wel weten wat dat betekent: de Vlamingen zal betalen. Het is immers best mogelijk dat zowel de letter als de geest van de wet de Vlaamse partijen gelijk geeft, het zal uiteindelijk toch de Franstalige interpretatie zijn die uitgevoerd wordt. Vraag het maar eens na in de faciliteitengemeenten…

Maar ook minister van Justitie Annemie Turtelboom schijnt zich geen automatisch mechanisme in het akkoord te kunnen herinneren. Zoals we ['t Pallieterke] op 10 juli al schreven, stelde Vlaams Belanger Bart Laeremans haar immers op 4 juli al een kritische vraag over de eerste lekken van het KPMG-rapport. Haar antwoord, en let op de voorwaardelijke wijs wat de beslissing betreft, luidde als volgt: «Het monitoringcomité, dat is samengesteld uit de premier, de twee staatssecretarissen bevoegd voor institutionele hervormingen en de acht partijvoorzitters, zal op basis van die definitieve en gevalideerde resultaten beslissen of de kaders moeten worden aangepast.» Eén Franstalige partijvoorzitter die dwars ligt, en de kaders worden dus helemaal niet aangepast.

Zijn Vlamingen mensen?

Maar ten gronde: wat voor onzinnig akkoord was dat eigenlijk? Hoe is het mogelijk dat het aantal benoemingen van rechters afhankelijk is van één of andere onderhandelde verdeelsleutel, en niet van de reële werklast zonder meer? Dat daarvoor een werklastmeting in het akkoord ingeschreven diende te worden is op zich al een straf verhaal, maar het strafst van al is toch wel dat de Franstaligen dit blijkbaar als een punt zagen waarop zij zoveel mogelijk buit moesten binnenhalen. Dat zegt veel over hun fundamenteel gebrek aan respect voor de Vlamingen, die zij nog steeds niet voor volle mensen aanzien.

Want het is toch van twee dingen één: ofwel ziet men België als een soort betalingswerktuig waarmee men Franstaligen aan een goedbetaalde baan als rechter kan helpen, behoefte of geen behoefte. Het enige wat dan telt is dat men in Brussel vier keer meer Franstalige dan Nederlandstalige rechters heeft, desnoods om tijdens de uren maar een potje te kaarten als alle dossiers afgehandeld zijn. Ofwel vindt men gewoon niet dat de Vlamingen in Brussel recht hebben op voldoende rechtsbedeling, en is het enige wat telt dat men in Brussel vier keer minder Nederlandstalige dan Franstalige rechters heeft. De Vlamingen moeten, zo een beetje als koeien en ander huisvee, voldoende opbrengen, en voor de rest niet te veel last verkopen. Een paar rechtertjes kunnen er dus wel af, maar niet zoveel dat ze zouden beginnen denken gelijkwaardig aan de Franstaligen te zijn. En laten we eerlijk zijn: met 20% Nederlandstalige rechters waren de Franstaligen dan al zeer breeddenkend, of moeten we soms ook koeienrechters gaan benoemen, quoi?

Franstalige eisen – Vlaamse beden

Zou er trouwens ook maar ergens één enkele Vlaamse politicus gevonden kunnen worden die in Brussel iets anders zou durven eisen dan dat de rechters er benoemd zouden worden in verhouding tot de reële werklast? Was daar verleden week bijvoorbeeld Karel de Gucht niet die bij de N-VA allerlei vreselijk bloedlijnen wist te ontwaren, die nog net niet rechtstreeks naar Auschwitz leidden? Het moet voor hem toch een koud kunstje zijn om met zijn arendsblik ergens een N-VA'er (of, horresco referens, een Vlaams Belanger!) op te dissen die in Brussel een verdeelsleutel zou willen eisen om er zelfs nog maar een half procentje teveel Vlaamse rechters te benoemen? Ter vergelijking: zelfs de meest welwillende Belgischgezinde Franstalige politicus zou het nog niet invallen de Vlamingen in Brussel toe te staan wat eigenlijk de normaalste zaak van de wereld zou moeten zijn: een eerlijke verdeling. Misschien moet mensenrechtenspecialiste Eva Brems zich daar maar eens op toeleggen, in plaats van zich te gedragen als een moslima- en holebirechtenactiviste.

Dit artikel verscheen op 14 augustus 2013 in 't Pallieterke.

Labels: , , , , , , ,

Read more...

23 mei 2011

Het VB-amnestievoorstel en bijhorende heisa nader bekeken

De afgelopen dagen was er in Franstalig België veel te doen rond de overweginname van een wetsvoorstel inzake amnestie 'voor collaborateurs tijdens de Tweede Wereldoorlog'. Het Vlaams-Belang-voorstel werd i/d Senaat in overweging genomen door een Vlaamse meerderheid - zonder Groen! - tegen een Franstalige 'minderheid'.

Tijd om deze zaak eens nader te bekijken. Vooraf aan een analyse van de diverse Franstalige persberichten en uitspraken van belangengroepen & Franstalige politieke partijen (+Groen!) in de pers en via persberichten bestudeer ik eerst de Amnestiewet Vermeylen (1961) gevolgd door het wetsvoorstel Laeremans (2011).

Mijn eindconclusie is dat de Franstalige partijen en de pers ogenschijnlijk het Wetsvoorstel Laeremans (2011) niet grondig gelezen of begrepen hebben.


De hele heisa lijkt te draaien op een totaal andere interpretatie van het wetsvoorstel aangewakkerd door de politieke herkomst van het voorstel (Vlaamse Belang) en het onverwacht doorbreken van een zekere continuïteit - zijnde het wegstemmen van elk voorstel dat te maken heeft met 'amnestie' en 'collaboratie' - alsook het de facto doorbreken van het Cordon Sanitaire.

De verspreking van Minister De Clerck vormde uiteraard extra olie op het vuur waarbij de diverse Franstalige partijen elk verzet tegen elk amnestievoorstel gelijkstellen aan een democratische houding en bijgevolg elke andere houding neerkomt op een antidemocratische houding.

Een zeer gevaarlijke stelling dat eigenlijk de diepte en breedte van de communautaire kloof alleen maar verder blootlegt. Het gevolg hiervan is dat een politieke koerswijziging of gedragswijziging voor de Franstaligen rondom dit thema quasi onmogelijk is en dat men vanuit Franstalige e.a. diverse belangenorganisatie (inclusief het Forum der Joodse Organisaties) een taboe plaatst op eender welke andere of afwijkende visie op het oorlogsverleden.

Door heel de heisa rond dit voorstel - dat men plots heeft verbreed naar een algemene collectieve amnestie - is een sereen debat quasi onmogelijk. Men wijkt af van de eigenlijke inhoud en beoogde doelstellingen van het wetsvoorstel Laeremans. In de context van de aanhoudende federale onderhandelingen is dit voorstel niet echt opportuun te noemen. De Franstaligen wentelen zich hiermee opnieuw in een kaakslagpolitiek en krijgen bijkomstige argumenten om wereldwijd te verkondigen dat alles wat Vlaams is het collaboratieverleden vergoelijkt.

Men moet de sereniteit van het debat herstellen in de mate van het mogelijke. Wellicht zal dit slechts lukken door de verdere parlementaire afhandeling van dit voorstel op de lange baan te schuiven.

A. De Wet Vermeylen uit 1961.

In de Franstalige media werd hier en daar verwezen naar de 'amnestiewet van 1961' - de Wet Vermeylen betreffende de epuratie inzake burgertrouw (teruggevonden op ejustice). De Wet Vermeylen deelde de burgerbevolking getroffen door epuratiemaatregelen op in 8 groepen - ingedeeld per strafmaat - met telkens de bijhorende mogelijkheden tot het herbekomen van Burgerlijke en/of Politieke Rechten.

Wie op de epuratielijst stond (dus niet veroordeeld) of minder dan 3 jaar strafmaat kreeg kreeg automatisch een eerherstel in zijn/haar burgerlijke & politieke rechten. Wie 3 tot 10 jaar strafmaat opliep kon een verzoekschrift tot eerherstel indienen bij de minister van Justitie en moest een eed afleggen van gehoorzaamheid a/d Wetten v/h Belgische volk. Diegene met nog zwaardere strafmaten moesten de rechtbanken aanspreken en konden slechts in beperkte mate eerherstel bekomen.

In 1986 kwam er een wetsvoorstel aan bod in de Kamer om de Wet Vermeylen te versoepelen. Het Wetsvoorstel Bourgeois (1986) voorzag in een versoepeling van de Wet Vermeylen, uiteindelijk niet goedgekeurd. De indieners benadrukten dat hun wetsvoorstel een individuele behandeling van de dossiers beoogde met het behoud van het systeem van persoonlijk verzoekschrift tot het bekomen van eerherstel en sloot voortvluchtigen uit (verloren blijkbaar Belgische nationaliteit).

De toelichting van dat wetsvoorstel van CVP-Kamerlid André Bourgeois [gesteund door Kamerleden Zefa De Loore-Raeymaekers, Herman Suykerbuyk, Paul Tant, Jos Dupré?, Ch. Moons] leert ons het volgende over de impact van de Wet Vermeylen:

- 20.652 personen inschreven op de lijsten van de Krijgsauditeur die niet werden veroordeeld werden automatisch en volledig hersteld in alle rechten.

- 23.114 personen veroordeeld tot minder dan 3 jaar werden eveneens automatisch hersteld in alle rechten. Daar bovenop moeten nog eens diegene met strafvermindering/genadeverzoeken komen. (In totaal waren er 20.000 genadebesluiten).

- 8 148 personen veroordeeld tussen 5 à 10 jaar straf waren in de mogelijkheid om tot tot volledig herstel van burgerrechten te komen.

- 9 844 personen eveneens veroordeeld tussen 5 à 10 jaar kwamen in aanmerking voor louter een herstel van hun burgerrechter (niet in politieke rechten.). [totaal 61.758]

Interessant gegeven is de raming van de Minister van Justitie uit 1983 weergegeven in het wetsvoorstel: 600 tot 650 personen bleven gedeeltelijk of geheel ontzet uit hun politieke & burgerlijke rechten. Terwijl een Ecolo'er het recent had over een 1000-tal personen.

Nog cijfertjes vinden we terug in de bespreking van een Wetsvoorstel tot uiwissing van veroordelingen voor bepaalde misdrijven tegen de uitwendige veiligheid van de Staat van toenmalig Senator Bert Anciaux (1995).

Toenmalig Senator Anciaux beriep zich op een verslag van André Bourgeois van 14 November 1984. Hieruit leren we dat tussen 18 September 1944 en 31 december 1949 346.283 incivieke dossiers werden geopend door de militaire parketten, 43.093 namen op de epuratielijst van de Krijgsauditeurs en 58.784 andere dossiers...een totaal van 448.160 verdachten...uiteindelijk waren er ~53.000 veroordelingen waarvan 15.575 voor intellectuele of politieke collaboratie. Kortom ~395.160 personen werden verdacht maar nooit veroordeeld wegens collaboratie.

Ik stel mij nu de vraag welke schade deze ca 395.160 personen geleden hebben. Hebben zij ooit excuses gekregen of schadevergoedingen?

B. Het Senatoriële Wetsvoorstel Laeremans (2011)

...richt zich op 'het buitensporige optreden' van de Belgische Staat, inclusief de volksrepressie en 'gebrekkige' reactie hierop vanwege de Belgische Staat. Er is sprake van het specifiek viseren van de Vlaamse beweging. In het voorstel haalt men verschillende verzachtende omstandigheden aan voor de Vlaamse collaboratie daarbij verwijst men o.a. naar de deportaties uitgevoerd door de Belgische Staat tijdens de eerste Meidagen 1940 alsook de strenge katholieke opvoeding. Na een lange tekst verduidelijkt men de verschillende getroffen 'doelgroepen' waarvoor men amnestie beoogt in het wetsvoorstel. De opsomming begint eigenlijk vanaf pagina 4 tem 9/12 (Amnestievoorstel - Wet Laeremans).

(*) Justitiële fouten/Gerechtelijke dwaling - personen die met een 'zeer magere' bewijslast zouden zijn veroordeeld geweest wegens collaboratie.

(**) Personen wiens Burgerlijke & Politieke rechten ontnomen werden zonder veroordeling (de 20.652 personen op de epuratielijst waarvan sprake was in het wetsvoorstel Bourgeois). Het Vlaams Belang komt ergens op een cijfer van 74346 personen wiens rechten vervallen werden verklaard door de epuratiewet en hierdoor schade leden (beroepsverbod, invoering van bewijs v burgertrouw). In het wetsvoorstel stelt men deze maatregelen voor als een de facto 'burgerlijke dood' (GW-verbod).

(***) Personen getroffen door maatregelen met oog op schadevergoeding. Men verwijst naar de boetes en opgeëiste schadevergoedingen door de Belgische Staat die volgens het voorstel neerkwamen op de facto verbeurdverklaring van goederen (GW-verbod) en voorts verwijst men naar een arrest v/h hof van beroep te Gent (2 Juni 1949) bevestigd door het Hof van Cassatie (14 dec 1950) waaruit voortvloeit dat "...een misdrijf tegen de uitwendige veiligheid van de Staat niet volstaat opdat een vordering tot schadevergoeding gegrond zou zijn." (pagina 8/12). Kortom, de Belgische Staat mocht geen schadevergoeding eisen. Daarnaast klaagt men het Sequester (dwangbeheer op goederen) aan dat gehanteerd werd als preventieve maatregel.

Het wetsvoorstel stelt voor een commissie op te richten "...voor de schadeloosstelling van de door de naoorlogse repressie getroffen personen of hun nabestaanden ten gevolge van veroordelingen en sancties wegens vermeende daden van incivisme gesteld tijdens Tweede Wereldoorlog.". De 'vermeende daden' slaat - mijn inziens - niet op een negatie van het collaboratieverleden maar is gericht op specifieke groepen van mensen die getroffen werden in de repressie zonder veel bewijs of die getroffen werden doch nooit veroordeeld. De gevallen waarin men kan stellen dat er sprake is van of waarvan de betrokkenen (of nabestaanden) van mening zijn dat er sprake is van gerechtelijke dwaling worden hierbij toegevoegd.

Bovendien: "Een aanvraag tot schadeloosstelling kan worden ingediend door elke persoon die de Belgische nationaliteit bezit of bezeten heeft en die financiële schade geleden heeft ten gevolge van een veroordeling of sanctie wegens vermeende daden van incivisme tijdens de periode van 10 mei 1940 tot 8 mei 1945. Indien een persoon die aan deze voorwaarden voldoet, reeds overleden is, kan een aanvraag tot schadeloosstelling ingediend worden door de rechthebbenden tot de eerste, tweede en derde graad in de zin van de artikelen 737 tot 744 van het Burgerlijk
Wetboek."(pagina 9/12 v/h voornoemde wetsvoorstel).

Het wetsvoorstel beoogt de invoering van een systeem waarbij diegene (of hun nabestaanden) die getroffen werden door de repressie zonder enige veroordeling of die hun veroordeling contesteren de mogelijkheid krijgen om een dossier in te dienen bij een commissie die de zaak (individueel) zal onderzoeken & beoordelen. Impliceert geen collectieve noch automatische amnestie voor het collaboratieverleden.

De timing van het Wetsvoorstel Laeremans is niet opportuun. In de toelichting heeft men vooral oog voor de repressie van Vlaamse vermeende collaborateurs waarna men het amnestievoorstel opentrekt naar alle Belgen.

C. De Amnestie-heisa i/d actualiteit en bijhorende Franstalige politieke uitspraken.

In dit onderdeel ga ik dieper in op de Franstalige persberichtgeving en uitspraken vanwege tegenstanders van het amnestievoorstel (zowel Franstalige politieke partijen, Groen! als belangenorganisaties). Ik beperk mij tot de persberichtgeving en ga mij niet amuseren met het uitpluizen van de diverse parlementaire handelingen.

1. De aanzet: de stemming in de Senaat.

Het Forum der Joodse Organisaties reageerde onmiddellijk negatief en achtte het onaanvaardbaar dat men een amnestiedebat zou voeren. Daarbij sprak het FJO over een slag in het gezicht "...van de overlevenden en nabestaanden" en zou het voorstel de herinnering "aan de slachtoffers besmeuren" (Joods actueel, 13 Mei 2011). Men verwijst naar de herinneringseducatie. Men acht het ongehoord dat diegene die vergiffenis vroegen voor hun collaboratieverleden op dezelfde lijn zouden worden gezet als "diegenen die nog steeds hardnekkig in hun daden geloven." (Joods actueel, 13 Mei 2011). De democratische waarden van het land komen in gevaar omdat dit voorstel volgens het FJO enkel een taboe wil doorbreken want er zijn haast geen incivieken meer. Eindigend tracht men gelijkenissen te maken met illegale asielzoekers & Dutroux. Concluderend kan men stellen dat het FJO ervan uitgaat dat het wetsvoorstel slaat op een collectieve amnestie voor alle collaborateurs, daarbij betrekken ze de slachtoffers uit het verleden alsook vergiffenis-vragende collaborateurs om emotioneel hun claim te versterken...terwijl het wetsvoorstel hoegenaamd niet voorziet in een collectieve amnestie. Het gaat ook niet om het vergeven of uitwissen van het collaboratieverleden.

De 'groupe mémoire' van de oud-verzetstrijders verweet de Vlaamse partijen een panische angst ten aanzien van extreemrechts en uitte de vrees dat de collaborateurs van weleer binnenkort als helden aanzien zouden worden. Men verwijst naar het lijden van de slachtoffers van de collaboratie. Men begrijpt niet waarom men nog eens op de proppen komt met een amnestiewet terwijl de Wet Vermeylen er al is. (RTBF, 13 Mei). De uitspraken van de 'Groupe mémoire' komt eigenlijk op hetzelfde neer als deze van het FJO. Door te verwijzen naar de Wet Vermeylen verduidelijken ze dat ze het wetsvoorstel Laeremans anders interpreteren dan weergegeven in onderdeel B.

Het RTBF-journaal (19u30) van 13 Mei licht het wetsvoorstel toe als een amnestievoorstel voor collaborateurs, impliciet voor alle collaborateurs ongeacht hun daden. Het voorval is een overwinning voor extreemrechts klinkt het. Senator Francis Delpérée (CdH) was verbolgen over de overweging name van het wetsvoorstel want het voorstel is volgens hem ongrondwettelijk. Onkelinx (PS) sprak over het opnieuw openen van oude wonden en opnieuw bewijzen van een communautaire kloof. Zij alsook Didier Reynders (MR) vonden het spijtig dat het ging om een voorstel van extreemrechts dat gesteund werd door andere Vlaamse partijen. Reynders hoopte dat het voorstel niet meer verder besproken zal worden in de Commissie. In casu hebben de Franstalige politici die aan het woord kwamen het vooral moeilijk met de herkomst van het wetsvoorstel zonder expliciet zich af te zetten van de inhoud. Werden zij op snelheid gepakt in de verwachting dat het Cordon Sanitaire gehandhaafd zou worden net als de continuïteit van wegstemmen van amnestievoorstellen?

De RTBF vatte hierna aan met een reportage over de repressie en de perceptie over een verschillende 'aanpak' zonder inhoudelijk dieper in te gaan op het wetsvoorstel Laeremans. Eindigend komen het FJO en de 'Groupe Mémoire' aan bod.

CdH-Senator Delpérée licht het CdH-standpunt verder toe in het officiële persbericht. De CdH valt vooral over de term 'Prétendument commis' (vermeende daden) voorts is men van mening dat men de vastgestelde feiten door Justitie niet in vraag mag stellen : "...ce « prétendument commis » est une gifle terrible pour toutes les victimes de la seconde guerre mondiale. C’est consternant et inacceptable. Ces mots représentent également une violation de la foi donnée des décisions de justice. C’est une négation de l’Etat de droit. On peut commenter une décision de justice, on peut la critiquer, on peut s’interroger sur sa portée ou sur ses conséquences, éventuellement à long terme. On ne peut pas, dans une société démocratique, dire que les faits constatés par une juridiction ne sont pas établis." aldus Senator Delpérée. Het is duidelijk dat er een verschillende interpretatie is over de termen 'vermeende daden' aangevuld met een principiële houding van 'onfeilbaarheid van het Belgische Gerecht'.

De PS struikelt bij monde van Senator Mahoux over het feit dat men überhaupt een voorstel rond amnestie in overweging neemt, struikelt eveneens over de termen 'vermeende daden' maar ook de anderen gehanteerde woorden waardoor men i/h wetsvoorstel omfloerst oud-collaborateurs zou omtoveren tot slachtoffers ipv daders. Men gaat in dit persbericht niet dieper in op het voorstel en houdt het op een voorstel ogenschijnlijk gericht op de amnestie van alle collaborateurs.

De MR lanceert Senatrice Defraigne in dit debat. De MR spreekt van een 'spijtig tot vernietigend' signaal, een belediging voor diegenen die gestorven zijn voor onze democratische en universele waarden. Het betreurt het doorbreken van de bestaande continuïteit met name de weigering van elke overweging name van elk amnestievoorstel. De MR betreurt ook de communautaire kloof. Er is nergens een inhoudelijke commentaar te bespeuren in de initiële reactie van de MR. Ze koppelen 'democratie' met elke tegenstand aan een amnestievoorstel en hebben het vooral moeilijk met de gang van zaken in de Senaat.

2. De escalatie: Stefaan De Clerck verspreekt zich.

De uitspraken van Minister van Justitie Stefaan De Clerck afgelopen zondag 15 Mei op RTBF vielen helemaal niet in goede aarde bij de Franstaligen. De Minister zei tijdens een interview dat men het collaboratieverleden moest vergeten...achteraf werd verduidelijkt dat de Minister Vergeven (pardoner) bedoelde en niet Vergeten (oublier). Een zeer ongelukkige woordkeuze vermoedelijk een slip of the tongue door het taalverschil (Le Soir, 18 Mei). Het Simon Wiesenthal Centrum eiste het ontslag van Minister De Clerck (LLB, 17 Mei).

In Le Soir (19 Mei 2011) bracht men 'de thesis' van Koen Aerts (UGent) ter sprake als bewijs dat de Belgische Staat niet specifiek de Vlaamse collaborateurs viseerde. Le Soir schreef dat de Belgische Staat in totaal 20 miljard Belgische franken aan schadevergoedingen & boetes eiste van veroordeelden maar slechts 4 miljard befr. inde...zonder verder het belang hiervan toe te lichten in het kader van het wetsvoorstel. Op 10 Juni 2011 organiseert CEGESOMA een seminarie rond het doctoraal proefschrift van historicus Koen Aerts.

De MR (officieel persbericht) heeft plannen om een wetsvoorstel in te dienen om de weeskinderen van verzetslui en politieke gevangenen te vergoeden (LLB, 16 Mei 2011). In de Franstalige pers was ook het verhaal te lezen over een Waalse collaborateur die na de oorlog werkte voor een organisatie van de Verenigde Naties (LLB, 17 Mei 2010). Men rakelde ook het verhaal van Oswald Van Ooteghem terug op (LLB, 14 Mei 2011), een vergeven ex-SSer die in het Vlaams Parlement zetelde...Men zweeg zedig over Toon Van Overstraeten - vergeven Oostfronter - gewezen Senator die verwijderd werd uit het Waals Parlement & Franstalig Gemeenschapsparlement desondanks zijn mandaat.

De Joodse gemeenschap van haar kant zal aanstaande Maandag overleggen met Minister De Clerck...blijkbaar wensen zij de oprichting van een parlementaire commissie om de medewerking van de Belgische Staat a/d deportaties van Joden (Shoah) te onderzoeken en een wetswijziging zodoende dat alle slachtoffers van de shoah wonend in België en houder van de Belgische nationaliteit een vergoeding zouden krijgen (LLB, 20 Mei). Dat is hun volste recht maar ik zou hen aanmanen om eens nuchter het wetsvoorstel Laeremans te herlezen.

3. Initiatieven in het Waals en Brussels Hoofdstedelijk Parlement.

Ondertussen wil het Waals Parlement (LLB,18 Mei) noch de Franstalige parlementsleden van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement (LLB, 20 Mei) weten van een collectieve amnestie dus komt men op de proppen met resoluties hierover. In beide gevallen verwijst men naar het amnestievoorstel in de Senaat.

In het MR-persbericht over de handelingen in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement stelt Didier Gosuin: "il est important de réaffimer le rôle majeur que doit jouer toute assemblée parlementaire, comme haut lieu symbolique de la démocratie, dans son combat historique pour la sauvegarde de ses principes fondamentaux. Nous devons insister sur l'impérative nécessité d'une mobilisation sans faille des partis démocratiques contre toutes les formes d'extrémisme, de racisme, d'antisémitisme, de haine et d'exclusion.".

Kortom, de democratische partijen moeten zich mobiliseren tegen alle vormen van extremisme, racisme, antisemitisme, haat en uitsluiting... - O ironie. Voorts geeft men de resolutietekst weer waarbij men verwijst naar het wetsvoorstel Laeremans en de uitspraken van Minister De Clerck alsook een eerdere Brusselse resolutie ivm de herdenkingen van de holocaust/oorlogsverleden als zijnde de aanleiding voor deze resolutie waarin men elk wetsvoorstel voor algemene amnestie voor collaborateurs verwerpt & de nood aan herinnering belangrijk acht. Het verwerpen van ieder amnestievoorstel koppelt men hier aan een noodzakelijke en uitsluitend democratische houding...een andere mening is onaanvaardbaar.

Bij de CdH kan men een persbericht terugvinden over de parlementaire handelingen in het Waals parlement. Hier benadrukt men de nood aan blijvende herinnering, sensibilisering en promotie van de democratie. Men verwerpt de uitspraken van Minister De Clerck en een algemene amnestie verwijzend naar het wetsvoorstel.

In beide gevallen lijkt het er sterk op dat men het Wetsvoorstel Laeremans interpreteert als een collectieve amnestie. Telkens verwijst men naar de noodzaak aan 'herinnering' en benadrukt men het democratische gehalte van hun handelingen waardoor impliciet andere handelingen ondemocratisch zouden zijn. Alle Franstalige partijen blijken zich te kunnen vinden in de Brusselse en Waalse resoluties.

Opvallend is dat op de websites van Ecolo noch Groen! enig officieel persbericht terug te vinden is over de amnestie-heisa.

4. concluderend.

De Franstalige pers heeft het steeds over een wetsvoorstel tot het verlenen van amnestie voor de collaboratie tijdens de Tweede wereldoorlog dat men voorstelt als een soort van collectieve amnestie. Nergens heb ik enige inhoudelijke verduidelijking gezien noch nuances rond het wetsvoorstel Laeremans. Eerlijkheidshalve dien ik op te merken dat de Vlaamse media het wetsvoorstel ook veralgemeende tot een algemeen amnestievoorstel, zo heb ik het althans de berichtgeving hierover geïnterpreteerd.

Initieel hadden de diverse Franstalige politieke partijen blijkbaar meer last met de politieke herkomst van het voorstel en het doorbreken van een zekere continuïteit van verwerping van elk amnestievoorstel. Men zou de informele overeenkomst om amnestievoorstellen systematisch te weigeren kunnen bestempelen als een verrottingsstrategie, een wel vaker toegepaste oplossingsstrategie in België.

In reactie op de uitspraak van Minister De Clerck benadrukten PS,MR, CdH en FDF dat men nooit het collaboratieverleden mag vergeten. Ook zij spreken over algemene amnestie voor collaborateurs. Bijkomstig koppelen ze een verwerping van iedere vorm van algemene amnestie aan een democratische houding, een ander standpunt zou dan impliciet moeten neerkomen op een ondemocratische houding. Ecolo en Groen! die tegen deze voorstellen stemden hebben blijkbaar geen officiëel persbericht gepubliceerd.

De Joodse en andere belangenorganisaties interpreteren het wetsvoorstel Laeremans blijkbaar eveneens als een voorstel tot collectieve amnestie. Beiden beroepen zich op emotionele argumenten (slachtoffers) om ieder amnestievoorstel te verwerpen en verwerpelijk te achten zonder enige nuance. Het is volstrekt het recht van de Joodse gemeenschap om in het zog van deze polemiek aan te dringen op een voorstel tot vergoeding voor slachtoffers van de holocaust...maar daar draait het hier niet om.

Het is opvallend dat men nergens tracht de houding van de Vlaamse partijen in de Senaat te verklaren. Meest opvallend is dat tegenover de SP.a geen zware uitvallen plaatsvonden gezien haar goedkeuring i/d Senaat en haar afhankelijkheid van de PS in de Belgische politiek. Het was overigens uit Vlaams socialistische hoek dat de amnestiekwestie opnieuw op tafel werd gegooid eerder dit jaar (artikel 'Collabo...'). De houding van de VLD lijkt mij eveneens nieuw. Misschien moeten we het kaderen in wat N-VA Kamerlid Theo Francken omschreef als een herboren parlementaire democratie. Bart De Wever van zijn kant tracht de N-VA door de polemiek te loodsen wellicht door hun belangrijke positie i/h kader van de huidige federale onderhandelingen (DS, 18 Mei 2011).

Post Scriptum: Dit artikel dateert van 21 Mei 2011 (gepubliceerd op eigen blog en op IFF geplaatst naar aanleiding van het debat in De Zevende Dag).

Labels: , , , , , , , , , , ,

Read more...

12 augustus 2009

Liga voor Allochtonenrechten? (Hoegin)

Liga voor MensenrechtenWie de berichtgeving van de laatste weken over de nieuwe regularisatieronde een beetje gevolgd heeft, kan niet anders dan versteld staan door de tendentieuze leugenachtigheid en achterbaksheid die het establishment daarbij aan de dag gelegd heeft. Inderdaad, de samenwerking tussen pers, elite en politici om deze nieuwe ronde door de strot van de bevolking te duwen is stuitend voor wie zich nog herinnert wat een «illegale vreemdeling» eigenlijk is.

Vandaag kwam het bericht binnen dat de Liga voor Mensenrechten naar de Raad van State trekt om een recente rondzendbrief over de identificatie van illegale vreemdelingen te laten intrekken. Stel je voor, die rondzendbrief vroeg expliciet dat onder meer buren illegalen zouden gaan aangeven bij de politie, en volgens de Liga zou dat een «gevaar voor de democratie» betekenen. Maar wat zou die Liga ervan denken als diezelfde buren de overburen bij de politie zouden aangeven wegens een racistische opmerking over diezelfde illegalen, hun armen niet breed genoeg openhouden om de illegalen te verwelkomen of niet hoog genoeg in de lucht springen om hun vreugde uit te drukken over zoveel multi-culturele rijkdom in hun straat? Hun verdomde burgerplicht?

Voor wie het alweer vergeten was: de Liga voor Mensenrechten was één van de initiatiefnemers voor het proces tegen het Vlaams Blok, en het de facto verbod dat die partij toen opgelegd kreeg was uitdrukkelijk geen gevaar voor de democratie, integendeel. Meer zelfs, als het over de verklikking van racisten gaat, gaande van bedrijven die hun quota allochtonen niet snel genoeg opvullen –het woord «competentie» in dat verband nog maar aanhalen getuigt al van een ingebakken racisme bij de bedrijfsleiding– tot cafés en dancings waar de buitenwippers niet breed genoeg glimlachen wanneer een groepje Noord-Afrikanen zich aandient, ook al zorgde een gelijkaardig indien niet hetzelfde groepje de avond voordien alleen maar voor problemen, dan kunnen er niet genoeg call centers en gratis telefoonlijnen ingericht worden. Dan mag er zelfs uitgelokt worden, wat zeg ik, móet de overheid zelfs nietsvermoedende bedrijven, cafés en dancings teisteren met fictieve werkzoekenden en klanten om na te gaan of er misschien toch geen racismeproces uitgewrongen kan worden. Misschien kan de Liga voor Mensenrechten nu al een task force oprichten, om na te gaan of ze in bepaalde buurten geen fictieve illegalen kunnen laten neerstrijken om een pand te kraken, om dan te wachten tot één van de buren het in zijn hoofd haalt de politie op te bellen. Om de democratie te redden, dat spreekt voor zich.

Mogen we ondertussen eens even terugspoelen, en een beetje stilstaan bij wat een «illegale vreemdeling» ook al weer was? Laten we er geen doekjes om winden: wie een beetje kan aantonen dat hij in zijn thuisland vervolgd wordt, of vervolgd zou kunnen worden, krijgt wel degelijk en zelfs zonder veel problemen asiel in België. Wie dat niet krijgt, heeft vaak al van in het begin de vertragingsmanœuvres ingezet, met alle bekende en onbekende truken van de foor, om de zaak zo lang mogelijk te kunnen rekken en zich ondertussen zo veel mogelijk te «verankeren» in het nieuwe vaderland. Sommigen doen zelfs de moeite niet om asiel aan te vragen, en duiken onmiddellijk onder in de illegaliteit omdat ze weten dat ze geen schijn van kans maken asiel te verkrijgen – niet omdat de Belgische staat zo onbarmhartig zou zijn, maar omdat ze gewoonweg helemaal niet vervolgd werden in hun thuisland. Ik zou ze trouwens niet te eten willen geven, de asielzoekers die pas politiek actief werden nadat hun asieldossier afgewezen werd, en dan nog alleen maar ageerden tegen… de Belgische staat, of wat dacht u? Ondertussen trachten de media echter een sfeer te scheppen waardoor het lijkt alsof zelfs de dalai lama in België nog geen asiel zou kunnen verkrijgen – al moet ik wat dat concrete geval betreft misschien toch mijn woorden wat wikken en wegen omwille van de zo belangrijke handelsrelaties met Rood-China…

Liegen de media er op los, dan zorgt de «elite» voor een stemmingmakerij waar diezelfde media dan gretig over kunnen berichten. Zo een kardinaal Godfried Danneels bijvoorbeeld, die de nieuwe regularisatieronde begroet omdat ze «een einde maakt aan de onzekerheid en kwetsbaarheid van heel wat mensen». Onzekerheid? Kwetsbaarheid? Als ik morgen op de autosnelweg geflitst word omdat ik bewust de gaspedaal stevig heb ingedrukt, zit ik ook met een enorme onzekerheid. Zou de flitspaal mijn nummerplaat hebben kunnen lezen? Welke snelheid werd er geregistreerd? Hoe hoog zal de boete zijn, of verlies ik mijn rijbewijs? Niet dat ik veel sympathie heb voor laagvliegers, maar de ene bewust gezochte onzekerheid is blijkbaar de andere niet. Misschien heb ik als blanke katholiek wel de verkeerde huidskleur of het verkeerde geloof om op de sympathie van de kardinaal te mogen rekenen?

En tot slot zijn er dan nog de politici van de meerderheidspartijen. Sommigen, in het bijzonder cdH en PS, kunnen hun euforie over het bereikte akkoord amper onderdrukken. Bij CD&V denkt men dan weer blijk gegeven te hebben van het toppunt van moed en verantwoordelijkheidszin tegelijk door de Franstaligen partijen volledig op hun wenken te bediend te hebben, een voorafspiegeling trouwens van wat men daar van plan is te doen in de dossiers staatshervorming en Brussel-Halle-Vilvoorde. Open Vld is plat op de buik gaan liggen, en de kleine schare kiezers die de partij nog rest heeft opnieuw kunnen constateren dat de partij werkelijk tot alles bereid is om er toch maar bij te mogen blijven. Guy Verhofstadt hoopt dan weer dat PS en cdH zijn persoonlijke bijdrage tot de «doorbraak» in het dossier ten gepaste tijde zullen herinneren, dat wil zeggen, wanneer er één of ander goed betaald prestigieus Europees postje bezet moet worden van waarop hij de wereld kan afreizen op kosten van de belastingbetaler om met zijn gek brilletje overal zijn wereldvreemde onzin te kunnen rondspuien, en waarop België misschien wel aanspraak zou kunnen maken. Bij de MR trekt men zich van het hele dossier weinig aan: niet dat men er zo dol is op illegale vreemdelingen, maar men heeft er aan de rechterzijde toch geen concurrentie van beduidende omvang, en bovendien helpen alle beetjes om Brussel verder en blijvend te ontvlaamsen. Alle vragen van de oppositie over hoeveel illegalen geregulariseerd zullen worden, of nog, hoeveel dit allemaal gaat kosten, worden ondertussen afgewimpeld. Vragen over hoe het na de vorige –wie herinnert het zich nog, «eenmalige»– regularisatieronde worden zelfs koudweg onontvankelijk verklaard. Opmerkelijk, en waarschijnlijk daarom ook dat de media er met geen woord over repten.

Dat PS en cdH opperbest tevreden zijn met hun Vlaamse regeringspartner CD&V, bleek trouwens vandaag op een wel heel subtiele wijze: Laurette Onkelinx die in La Libre Belgique haar opvolger Stefaan de Clerck in verband met de vele recente ontsnappingen wat uit de wind probeerde te zetten, en iedereen opriep tot «kalmte». Iedereen weet natuurlijk dat de verantwoordelijkheid van Laurette Onkelinx voor het falen van justitie op alle mogelijke vlakken oneindig veel groter is dan die van Stefaan de Clerck, maar zij had natuurlijk even goed de kiezen stevig op elkaar kunnen houden en van de vakantie gebruik kunnen maken om een complete radiostilte in te lassen. Niets daarvan dus: en de PS roept zelfs op tot kalmte. De partij zit immers op rozen: op één maand tijd tienduizenden nieuwe kiezers bijgeproduceerd en het vooruitzicht dat ze de komende twee jaren zonder veel moeite alles gedaan zal kunnen krijgen van de Vlaamse regeringspartners, dan kan er wel een kleine vriendendienst van af voor een veelgeplaagde sukkelaar als een Stefaan de Clerck.

Labels: , , , , ,

Read more...

<<Oudere berichten