17 mei 2020

Kolonisering, een begripsverheldering: 2. De koloniale slavernij


Kolonisering, een begripsverheldering


De KU-Leuvense Letterenfaculteit geeft tegenwoordig het tijdschrift Uit het Erasmushuis uit. Het jongste nummer is gewijd aan ‘kolonialisme revisited’ en is erg representatief voor de vandaag verplichte mening over het onderwerp. We zetten de vorige, huidige en twee volgende weken de puntjes op de i in het gebruikelijke postkoloniale vertoog.




2. De koloniale slavernij

(Doorbraak, 13 mei 2020)

‘Tot 1800 werden naar schatting 12 tot 14 miljoen zwarte Afrikaanse slaven naar beide Amerika’s verscheept.’ De juistheid van die cijfers stellen we niet in vraag, wel de gebruikelijke hyperfocus op dat feit. Men vereenzelvigt de slaafneming met ‘wit’ en slachtofferschap met zwart. In werkelijkheid was de slavernij vrij universeel.


Een gezaghebbende geschiedeniswebstek (https://www.history.com/topics/black-history/slavery) beweert dat deze slaven uit Afrika ‘ontvoerd’ (kidnapped) werden. Zo stelde ook Alex Haley’s verfilmd boek Roots het voor. Dat zal wel eens gebeurd zijn, maar de algemene regel was anders: slaven werden gekocht. Het ‘ontvoeren’ en tot slaaf maken was eerder al gebeurd.


In de 15de eeuw werden de Portugezen onderaannemers van de Arabische slavenhandelaars. Zo begon het Europese aandeel in de Afrikaanse slavenhandel: als deelname aan een sinds de 7de eeuw bestaand netwerk. Het Erasmushuis-tijdschrift erkent eerlijk de ‘15 tot 18 miljoen slaven naar de moslimkalifaten’ van wie ‘zwart Afrika beroofd’ werd. (En tel daarbij nog de miljoenen Europese en Indiase slaven. Voor wie in de sibbeschuld gelooft waarop eisen voor verontschuldigingen en herstelbetalingen gegrond worden: zowel Turken als Marokkanen staan dan bij ons in de schuld.) Dat die beroving ook gunstige gevolgen heeft, zoals vele zwarten toegeven die vandaag liever in de VS wonen dan naar Afrika terug te keren, doet aan dat geschiedkundige feit zelf niets af.




Eerlijk betaald


Dat Afrika ‘beroofd’ werd, is in demografische zin juist, maar niet in economische. De zwarte stammen werden meestal eerlijk betaald voor hun menselijke koopwaar. Dat valt heel geredelijk in te zien. Wanneer een handvol slavendrijvers naar Kongo of Ghana  trokken om er honderden slaven op te halen, dan hadden ze daartoe weinig kans als ze die slaven moesten ontvoeren: in vreemd gebied, zeer ver van huis, omringd door vijanden die zichzelf en elkaar tegen indringers zouden verdedigen. Nee, ze betaalden voor koopwaar, die Afrikaanse stamhoofden hen gaarne verkochten: om de winst, en om van hun misdadigers en krijgsgevangenen af te geraken. Dat handvol vreemdelingen kon met zijn lange slavenkaravaan maar veilig thuis geraken omdat het zich op het terrein van winstbewuste handelspartners bevond.


De Arabische handel in het zwarte goud begon met een vredesverdrag in Soedan, afgekocht met 360 zwarte slaven. Die had het zwarte stamhoofd in voorraad, meteen leverbaar. Toen de Britten begin 19de eeuw de slavenhandel en vervolgens de slavernij zelf afschaften, stuurden de Asjanti en andere stammen gezanten naar Londen om de voortduring ervan te bepleiten; het ging tenslotte om hun inkomen.  


Het wedervaren van Joseph Cinqué, de held van de film Amistad, illustreert hoe zwart/wit hier geen optie is. Behorend tot het Mende-volk in Sierra Leone, was hij door schuldeisers uit een buurvolk in 1839 als slaaf verkocht. Na zijn avonturen in Amerikaanse wateren en uiteindelijke vrijlating door het VS-hooggerechtshof was hij teruggekeerd, maar de illegale doorvoerhaven (slavenhandel was reeds verboden) die hij in ketenen verlaten had, was door de Britse zeemacht vernield. Erger, ook zijn dorp bleek verdwenen: heel zijn familie was door de buren als slaaf weggevoerd. Hij verdween dan maar naar Jamaïca, wat toen reeds aanleiding gaf tot het vermoeden dat hij zelf slavenhandelaar geworden was, een tot vandaag terugkerende bewering. Daarvan is echter geen bewijs (mogelijk had hij informatie dat zijn familie daar naartoe gebracht was en ging hij naar hen op zoek), dus wij geven hem het voordeel van de twijfel. Het gerucht was echter op een bekend scenario gebaseerd: nadat de staat Liberia gesticht was als een kolonie (dat is het juiste woord) voor uit de VS teruggekeerde slaven, was dat ook zelf een centrum van slavenhandel geworden.


Wat was er zo uniek aan de Europese slavenhandel? Vele culturen hadden vormen van slavernij gekend, zij het niet altijd met geformaliseerde slavenmarkten. De schaal, met intercontinentale transporten, was wel uitzonderlijk, alleen overtroffen door de moslims. De wreedheid was het ook niet, daar deden de moslims veel beter (waarom heeft Irak geen zwarte minderheid, hoewel zwarte slaven daar ooit zeer talrijk waren?). Maar het echt uitzonderlijke was wel dat de meesters de slavernij zelf vrijwillig afgeschaft hebben.




Abolitionisme


Dat gebeurde onder invloed van de Verlichting. De eerste afschaffers van de koloniale slavernij waren dan ook de Franse Revolutionairen in 1794 (die verdienste moet je hen nageven, maar werd in 1802 door Napoleon teruggedraaid). Het was, ondanks latere propaganda, niet het werk van het christendom, dat in de 7de eeuw via de Merovingische regentes Balthilde alleen de slaafneming van medechristenen verboden had (maar daardoor juist de jacht op heidenen geïntensiveerd, zodat de nog heidense Slaven hun volksnaam aan deze instelling leenden). Toen het abolitionisme opkwam, verdedigden de slavenhouders hun eigendomsrecht met de Bijbel in de hand: zowel Oud als Nieuw Testament erkennen de slavernij zonder als’en of maar’en. Het christendom heeft echter een voldoende brede tekstbasis om zich aan een nieuwe tijdsgeest aan te passen, en het was missiesponsor William Wilberforce die de afschaffing door het Britse parlement kreeg. Het machtige Britse rijk zette vervolgens de toon voor de andere koloniale machten en dwong ook het Mogol- en het Ottomaanse rijk tot formele afschaffing.


Toch was afschaffing van hogerhand niet helemaal nieuw. China had in de oudheid al meermalen de slavernij afgeschaft. Maar staten wisten in die tijd niet overal duurzaam hun gezag te doen gelden tegen de sterke betrokken belangen in. Pas toen het Britse wereldrijk zijn militaire macht eronder zette, kreeg de afschaffing echt haar kans.


In het slavernijdebat doet de linkerzijde meewarig over pogingen om naast de slavernij ook de afschaffing ervan in rekening te brengen. Wie voor de VS-zwarten ‘herstelbetalingen’ eist, hoort niet graag dat de vermaledijde blanken al een hoge prijs in mensenlevens (2%) in de door de slavernijkwestie getriggerde Burgeroorlog betaald hebben. Maar die afschaffing is juist heel pertinent om de schandvlek van de koloniale slavernij juist te beoordelen. Iedereen kan de slavernij invoeren, en talloze volkeren hebben ze beoefend. Maar ze afschaffen, dat is in de geschiedenis eerder zeldzaam.    

Labels: , , , , , ,

Read more...

22 mei 2016

Rechtzetting over de bevrijding van de slaven


 
 

De Tweede Wereldoorlog en de poging om die te voorkomen met het verdrag van München worden regelmatig gebruikt als rechtvaardiging om oorlogen te beginnen. Madeleine Albright, zelf afkomstig uit Tsjechië, dat na München als eerste gebied door nazi-Duitsland ingelijfd werd, haalde deze geschiedenis er voortdurend bij om de Amerikaanse interventies in Joegoslavië en Irak te verantwoorden. Je hoeft een Saddam Hoessein of een Slobodan Milosevic maar “de nieuwe Adolf Hitler” te noemen om een oorlog tegen hen te mogen beginnen. Tegenstanders van die oorlog beschuldig je gewoon van “de geest van München”. Eindigde de Eerste Wereldoorlog met een opflakkering van pacifisme (“Nooit meer oorlog”), uit de Tweede Wereldoorlog trok men de omgekeerde les: “Nooit meer vrede ten koste van ernstige vrijheidsschendingen.” Althans wanneer een gewapend ingrijpen haalbaar en winstgevend leek, want Jozef Stalin of Pol Pot zijn er nooit door verontrust.

 

 

Nationalisme

 

Er is nog een historisch conflict dat als een goede en noodzakelijke oorlog bejubeld wordt: de Amerikaanse Burgeroorlog van 1861-65. Daarin dwongen de Noordelijke Staten de afgescheurde Zuidelijke Staten terug in de Unie, en schafte president Abraham Lincoln de negerslavernij af. De "emancipator of the slaves" is daarom tegenwoordig erg geliefd, zie bijvoorbeeld het lied “Abie baby” uit de rock-opera Hair. Hij is inmiddels één van de iconen van het Bestel geworden, en dat wettigt een skeptische nadere blik.

 

Het doel van Lincoln’s Burgeroorlog was alvast niet de door velen gewenste afschaffing van de slavernij, wel het herstellen van de politieke eenheid van de Verenigde Staten. Het was immers het hoogtij van het nationalisme. In 1776 waren die VS onafhankelijk geworden (overigens elke staat op zich), maar niet als belichaming van een lang onderdrukte aparte natie, wel als Engelsen die zich tegenover de mede-Engelsen in het moederland gediscrimineerd voelden. Toch bezong hij die onafhankelijkheid in nationalistische termen. Tegen de grondwet in, ontzegde hij de Zuidelijke Staten het recht om uit de Unie te treden, het recht dat de oorspronkelijke 13 staten in 1776 tegenover het moederland hadden uitgeoefend.

 

De nationalistische uitbouw van een nieuwe grootmacht was Lincoln wel een oorlogje waard, naar het model van de eerdere veroveringsoorlog tegen Mexico. Bovendien slaagde hij erin, het eerste schot door de Zuidelijken te laten lossen, namelijk nadat hij weigerde om de legerbasis Fort Sumter, die niet langer binnen zijn Unie lag, te ontruimen. Nochtans hebben verdedigers van Lincoln ongelijk als zij beweren dat “de anderen begonnen zijn” en Lincoln tot de oorlog gedwongen was. Ten eerste schiep hij de casus belli door de soevereiniteit van de Zuidelijke Staten te miskennen, en ten tweede was hij al voor Fort Sumter vastbesloten om hen binnen de Unie te houden, goedschiks of kwaadschiks. Over de slavernij wilde hij het desnoods op een akkoordje gooien met de afscheurende slavenstaten, mits die maar in de Unie bleven of er opnieuw toe zouden toetreden. De afschaffing van de slavernij werd door hem wel gewenst, maar was binnen de oorlog slechts een strategische zet, en betrof aanvankelijk alleen de afgescheurde staten.

 

 

Abolitionisme

 

Een oorlog was voor die afschaffing niet nodig. In de koloniale rijken was de slavernij al afgeschaft, te beginnen bij het Deense, nog in de 18de eeuw. Het Franse maakte een valse start door onder de Revolutionairen de slavernij af te schaffen, maar ze onder Napoleon tijdelijk weer in te voeren. Het abolitionistische getij werd echter onstuitbaar wanneer het Britse rijk, onder impuls van William Wilberforce, eerst de slavenhandel en vervolgens de slavernij zelf verbood.

 

Wilberforce is de échte “emancipator of the slaves”, en riep daarvoor een eigentijdse lezing van een vaag-christelijk mensbeeld in. Tegenstanders daarbij waren de meeste slaveneigenaars, die zich op de overduidelijke letter van de Bijbel (zowel Oud als Nieuw Testament) beriepen; en minder bekend, ook een aantal gezantschappen van West-Afrikaanse stammen die zich van hun belangrijkste inkomstenbron beroofd zagen. Want slavenhalen was niet: vrije mensen vangen (zoals het in Alex Haley’s roman Roots voorgesteld wordt), wat voor kleine groepen Arabieren en later ook Europeanen in onbekend terrein te midden van een enorme inheemse meerderheid ondoenbaar geweest zou zijn; wel slaven kopen van inheemse stamhoofden die het vuile karwei van slaafneming al opgeknapt hadden. Slavernij maakte de Europeanen allerminst tot uitzondering; haar vrijwillige afschaffing wel.

 

Ook buiten de kolonies deemsterde de slavernij snel weg. Zelfs het Mogol- en Ottomaanse rijk zouden ze onder Britse druk afschaffen. Rusland maakte onder invloed van het abolitionisme een einde aan de lijfeigenschap. Slavernij bestond in 1861 praktisch alleen nog in Brazilië en de Afrikaans-Arabische zone. Daar zou onder meer Léopold II ze weldra afschaffen, en er net als Lincoln een oorlog voor over hebben (que vive l'émancipateur des esclaves!). Ook in de Zuidelijke Staten was ze, net als in Brazilië, gedoemd om op korte termijn te verdwijnen.

 

 

Verheerlijking

 

Maar, zeggen de verheerlijkers van Lincoln dan, je zou de slaven niet in de ogen durven kijken als je hen tot nog eens tien of twintig jaar slavernij zou veroordelen, in plaats van hen via een oorlog onmiddellijk te bevrijden. Echt? Leven naast en met totalitaire staten werd toch ook een hele Koude Oorlog lang volgehouden. En zouden die verheerlijkers dan de nabestaanden van de talloze dodelijke slachtoffers van de burgeroorlog (een 750.000 mensen, 2% van de Amerikaanse bevolking) in de ogen durven kijken, wetend dat hun dood eigenlijk onnodig was?    

 

Een ander argument pro Lincoln is al evenzeer een projectie van latere bekommernissen op de tijd van de Burgeroorlog: als de VS geen supermacht geworden waren, wie had dan de Kaiser moeten verslaan, en Hitler? Met zulke “wat als?”-scenario’s kom je niet ver, maar goed. In dat geval hadden de Europese grootmachten, zodra zij oorlogsmoe werden, wel een vredesverdrag gesloten. Bovendien zou dat evenwichtiger geweest zijn dan de “Vrede” van Versailles, die zelf de hoofdoorzaak van het nationaal-socialistisch revanchisme werd. Dus ach, ook dan zou het leven verder gegaan zijn. Met een gefragmenteerde ruimte in Noord-Amerika valt evengoed te leven als met een grootmacht die zichzelf als “the necessary nation” bewierookt. Voor nationalisten is dat jammer, maar zelf vind ik het best kunnen.

 

De toejuichingen voor Lincoln zijn dan ook misplaatst. Men kan evengoed Lyndon Johnson toejuichen, die in Viëtnam voor een als nobel opgevatte zaak ging vechten, namelijk het redden van miljoenen Viëtnamezen uit de klauwen van de totalitair-communistische “slavernij”. Of George Bush, die de dictator en massamoordenaar Saddam Hoessein ging onttronen, de vermeende "liberator of the oppressed Iraqi's". Of Nicolas Sarkozy en Barack Obama, die de Libiërs zogezegd gingen beschermen tegen de dictator Moammar al-Qadhafi. In elk van deze gevallen, inbegrepen de Burgeroorlog, was oorlog niet de beste oplossing. Give peace a chance!

 

 

Manyiema

Een toemaatje. Belgen zullen wellicht geïntrigeerd zijn door de vermelding, in deze context, van Léopold II. Als Vlaamsvoelend republikein heb ik vooral leedvermaak om de wereldwijd zeer slechte reputatie van de grootste der Belgische vorsten. Maar omdat ik ooit ook getraind ben in de historische methode, frons ik wel de wenkbrauwen bij de “genocide” waarvan hij beticht wordt, met “meer dan 10 miljoen doden”. Deze algemeen aanvaarde doch verregaand fantaisistische cijfers zijn tienvoudig overdreven en komen uit de Britse propaganda, die zelf voortkwam uit de Britse begeerte naar de enorme grondstofvoorraden die in Kongo gevonden waren. Bovendien was Léopold niet zo gek, de arbeidskrachten die hij nodig had om die grondstoffen te ontginnen, te gaan uitroeien. Dus, genocidair? Nee, maar feitelijk wel massadoder als “zijdelingse schade” van zijn geforceerde exploitatie, te vergelijken met Mao Zedong’s veel grotere dodentol bij de Grote Sprong Voorwaarts.

 

Bij Lincoln was het doden een stuk moedwilliger. Maar goed, wat ook zijn beweegredenen waren, het resultaat was dat hij terloops ook de slaven in de Zuidelijke Staten bevrijdde. Iets analoogs gold echter ook voor Léopold II. Hij was van meet af verplicht, door de afspraken met abolitionisten bij de toekenning van de Vrijstaat aan hem, om de slavernij af te schaffen. En zo geschiedde: behalve een verklaring op papier liet hij zijn legertje een veldtocht tegen de Arabische slavendrijvers beginnen, die met de overwinning bekroond werd (Manyiema 1894). Kortom: net als Lincoln heeft hij een bloedig palmares gecombineerd met de afschaffing van de slavernij. Beiden zijn echt geen figuren voor de zwart/wit-moraalsprookjes die tegenwoordig rond hen geweven worden.

 

Labels: , , , ,

Read more...

2 juli 2013

Bilan van de slavernij


(Naar aanleiding van de oproep van Desi Bouterse om de spons te vegen over het Nederlandse slavernijverleden, herpubliceren we dit artikel verschenen in 't Pallieterke, april 2007)


 

In het Verenigd Koninkrijk herdenkt men dit jaar het verbod op de slavenhandel, de Abolition Act uitgevaardigd door het parlement in 1807.  Deze nieuwe politiek van de toonaangevende mogendheid zette onherroepelijk een proces in werking van universele afschaffing van de slavenhandel en vervolgens van de slavernij zelf.  Bijna onmiddellijk volgden de jonge Verenigde Staten het Britse voorbeeld, al bleef de wet in de zuidelijke staten nog lang zonder gevolg.  Het Britse rijk zou de slavernij als zodanig met de Emancipation Act van 1833 buiten de wet stellen.  Gedurende de hele 19de eeuw gebruikte het bovendien zijn militaire macht om de slavenhandel door andere mogendheden te verhinderen en vervolgens ook de afschaffing van de slavernij zelf tot in haar kernlanden af te dwingen.

Het eerste land dat maatregelen nam tegen de slavenhandel was echter Denemarken, dat ook een West-Indische kolonie had, namelijk de Maagdeneilanden.  In 1792 stemde het een wet tot verbod op de slavenhandel, weliswaar pas met ingang van 1803.  De opgegeven reden was het welzijn van de reeds aanwezige slaven: zij zouden beter behandeld worden als de eigenaars hen niet meer door nieuwe import konden vervangen.

Voor de Franse kolonies had de Nationale Conventie in 1794 de slavernij zelf afgeschaft, maar Napoleon voerde haar in 1802 weder in.  Pas in 1815 schafte Frankrijk definitief de slavenhandel af, in 1848 (tegelijk met Denemarken) de slavernij zelf.  Een ander verschil met de Britse situatie was dat in Frankrijk deze beslissingen van bovenaf gedecreteerd werden, daar waar de Britse media en volksvertegenwoordiging jarenlang hartstochtelijk over de kwestie gedebatteerd hadden.  De zaak werd openbaar en tegensprekelijk ontleed vanuit moreel, religieus, geopolitiek en economisch standpunt, en uiteindelijk kwam het collectieve geweten er tot een omwenteling die in de geschiedenis geen voorgaande had.  Daardoor werd deze een triomf niet alleen van de vrijheidsgedachte maar ook van de levende democratie als basis voor morele vooruitgang.

Het abolitionisme bleek besmettelijk, althans binnen de Europese beschavingskring.  In 1814 verbood het pas bevrijde Nederland de slavenhandel met ingang in 1818, het verbod op de slavernij zelf volgde in Suriname in 1863.  Mexico verbood de slavernij in 1829, de VS in 1865, Cuba in 1886, en tenslotte Brazilië in 1888 met de “Gouden Wet”.  Op hetzelfde élan voortgaand schafte Rusland in 1861 binnenlands de lijfeigenschap af.

De niet-Europese wereld had meer moeite met deze hervorming.  In de Maghreb bleven de Barbarijse zeerovers doorgaan met slaafnemingen op Europese kusten en buitgemaakte schepen totdat de Fransen Algerije in 1830-43 koloniseerden, wat dus begon als defensieve maatregel tegen de slavenhalers.  Het wegdeemsterende Mogolrijk in India beëindigde de slavernij onder Britse druk in 1843.  Het Ottomaanse rijk liet zich in 1856 tot de afschaffing dwingen nadat een Frans-Britse interventie het gered had in de Krim-oorlog tegen Rusland.  In de Arabische rijksdelen bleef deze wet echter dode letter.  Met name de Hedjaaz, de streek van Mekka en Medina, bleef nog tot ver in de 20ste eeuw een draaischijf van de slavenhandel.  In Zanzibar kwam een einde aan de slavernij toen het een Brits protectoraat werd in 1890.  Pas in 1962 schafte Saoedi-Arabië de slavernij af, en in het Arabisch-Afrikaanse overgangsgebied in de Sahel komt zij informeel nog steeds voor.

Een andere haard van tegenstand tegen de afschaffing was zwart Afrika.  Als u een Jamaïcaanse of Amerikaanse neger ziet, hebt u zeker met een afstammeling van slaven te maken.  Een Afrikaanse zwarte daarentegen is waarschijnlijker de nakomeling van slavenverkopers.  Wanneer Arabische en later ook Europese slavenhandelaars per handvol naar het verre wilde binnenland van Afrika trokken, waren zij daar uiterst kwetsbaar en hadden zij onmogelijk hele karavanen slaven kunnen wegvoeren zonder de medewerking van inlandse vorsten.  Dezen waren het die lastige stamgenoten of mensen uit andere stammen gevangen namen en aan de handelaars uit het noorden verkochten.  Toen de Britse campagne voor de bevrijding van de slaven op gang kwam, stuurden zij gezanten naar Londen om tegen de afschaffing van de slavenhandel te pleiten, hun belangrijkste bron van inkomsten.  Jawel, zwarten kwamen blanken smeken om de negerslavernij in stand te houden.

Bijgevolg is het wel erg ongerijmd dat men vandaag uitgerekend de Europeanen als de grote schuldigen van de slavenhandel voorstelt.  Goed, we hebben er een tijdje aan meegedaan.  Maar de Europeanen hebben vooral, als enigen in de geschiedenis die de macht hadden om anderen tot slaaf te maken (en in de 19de eeuw was Europa op het toppunt van zijn macht), zelf de slavernij beëindigd.  Ze hadden daar economisch geen voordeel bij.  Marxisten beweren het tegendeel: “Vaak zegt men dat de slavernij werd afgeschaft vanwege de wreedheden die ermee gepaard gingen, maar cynici en marxisten beweren dat loonarbeid gewoon goedkoper uitkwam dan slavernij.” (Lucas Catherine: Manyiema, p.79)  Uit recent onderzoek blijkt echter dat de slavernij als instelling nog niét door de industrialisering achterhaald was.  Dat zou immers tot een prijsdaling geleid hebben, terwijl de slavenhandel in werkelijkheid meer dan ooit winstgevend was.  Het is, naast de morele reden, mede daarom dat het Britse rijk de andere mogendheden onder druk zette om ook tot afschaffing over te gaan: omdat het behoud van de slavernij hun anders een groot concurrentievoordeel opleverde. 

Wat de Denen, de Britten en tenslotte de andere Europeanen gedaan hebben voor de slaven in Amerika, zwart Afrika en de moslimwereld, was niet ingegeven door eigenbelang, en mag wel degelijk uniek heten.  Ook Vlaanderen heeft hieraan een bescheiden bijdrage geleverd.  “De Belgische militaire heldenmoed verdelgt den Araabschen slavendrijver”, zo zegt het Vinçotte-monument in het Jubelpark, althans voor zover moslims uit de nabije Grote Moskee het opschrift niet weggebeiteld hebben.  Het gaat dan ondermeer over de Vlaamse officieren Lippens en Debruyne, die in Kongo hun leven gaven in de strijd tegen de Zanzibari slavenhandelaars.   

De Britse herdenkingen zijn inmiddels een aanleiding geworden om verontschuldigingen en zelfs “herstelbetalingen” te eisen.  Nou, als het echt moet, goed dan.  Maar aan wie?  Aan de Afro-Amerikanen?  Die zijn blij genoeg dat hun voorouders over de oceaan gebracht zijn, zodat zij nu aan de Amerikaanse welvaart kunnen deelnemen in plaats van in Afrika te verhongeren.  Of aan de Afro-Irakezen, Afro-Iraniërs en Afro-Turken?  Jammer, maar die zijn er niet.  De zwarte slaven werden in het Midden-Oosten immers lang niet zo goed behandeld als in Amerika, waar ze zich tenminste ruim konden voortplanten.  Aan de Afrikanen dan?  Nee, want die hebben eeuwenlang goed verdiend aan de uitvoer van hun ongewenste volksgenoten.  Uiteindelijk is Europa een betere kandidaat, want dat heeft niets verdiend aan de roof van zijn burgers door Barbarijse en Ottomaanse slavenhalers.  Integendeel, gespecialiseerde monnikenordes moesten grote bedelcampagnes organiseren om slaven weer vrij te kopen. 

Wij zouden dus herstelbetalingen kunnen eisen van de Maghrebijnen en de Turken.  Bovendien heeft Allah het heel mooi geregeld dat de Arabieren bovenop een winstgevende olievoorraad zitten.  Na meer dan duizend jaar handel in Europese en Afrikaanse slaven kunnen zij vandaag hun geweten zuiveren door af te dokken.

 

Labels: , , ,

Read more...

<<Oudere berichten