23 oktober 2012

Waarover men beter niet spreken kan (vpmc)

.
Volgens zijn eigen dictum zou ik over de filosoof Wittgenstein moeten zwijgen, want ik heb van de man niets gelezen. Ja, “wovon man nicht sprechen kann, darüber muß man schweigen” kan ik uit mijn hoofd zeggen, zoals elke lapzwans over gebakjes zal beginnen als hij je een wijsheid uit zijn ongelezen Proust wil meegeven. 
Proust heb ik ook niet gelezen, en hij komt hier verder niet ter sprake, maar ik kan hem niet hebben, en Wittgenstein al evenmin, en dat komt door de slechte vrienden van die twee, die altijd zo hoog van hen opgeven.

Op mijn achttiende of negentiende, herinner ik mij, heb ik nog even overwogen om de Tractatus van Wittgenstein te stelen. Het was een klein geel boekje van Reclam en ik had het al in mijn hand, in een lang verdwenen boekhandel aan de Ajuinlei in Gent waar veel gestolen werd, een beetje zoals bij Maspero in Parijs maar vanzelfsprekend op kleinere schaal.
Ik bleef op het rechte pad die dag, niet uit morele overwegingen maar omdat die ene zin van Wittgenstein –de slotzin die ik net citeerde, en waar onvermijdelijk mijn oog op was gevallen– mij grondig tegenstond. Uitgerekend deze Ludwig dacht ik, kon blijkbaar wél nog iets zeggen over “wovon man nicht sprechen kann”
Ik plaatste zijn boekje met een zeker dedain terug en daar hield het voor mij op, al neem ik grif aan dat anderen dit probleempje lang voor mij al hadden opgemerkt, en dat zij het intussen verklaard hebben en weggewerkt onder weer nieuwe diepzinnigheden. Wellicht had ik het allemaal niet goed begrepen, ik wil dit gerust aannemen, echter: mij verder erin verdiepen doe ik niet.
Maar mijn juveniele filosofische bezwaren gelaten voor wat ze zijn, wat ik net las in The New York Review of Books bracht mij toch aan het schrikken.
.
Aan het woord is Freeman Dyson, Nobelprijs natuurkunde, die een boek bespreekt – bij de NYRev strekt het tot aanbeveling als een recensent eerst een Nobelprijs kan voorleggen, en het mag zelfs de prijs voor de Vrede zijn, men is daar niet kinderachtig in. 
Wat Dyson ons meedeelt, is dat hij als student in Cambridge ooit aan Wittgenstein, die een verdieping boven hem woonde, een vraag stelde en daar geen antwoord op kreeg. Dat mogen we misschien nog als een logisch gevolg van zijn dictum beschouwen, maar wat Dyson daarna vertelt is van een andere orde. 
Ik zou aan mijn vrouwelijke lezers willen vragen dat zij haar blikken nu even afwenden, en misschien dat boek over de vele tinten grijs weer ter hand nemen, want wat volgt is onaangenaam:

Finally, toward the end of my time in Cambridge, I ventured to speak to him. I told him I had enjoyed reading the Tractatus, and I asked him whether he still held the same views that he had expressed twenty-eight years earlier. He remained silent for a long time and then said, “Which newspaper do you represent?” I told him I was a student and not a journalist, but he never answered my question. Wittgenstein’s response to me was humiliating, and his response to female students who tried to attend his lectures was even worse. If a woman appeared in the audience, he would remain standing silent until she left the room. 




Uiteindelijk, tegen het eind van mijn verblijf in Cambridge aan, waagde ik het om hem aan te spreken. Ik zei hem dat ik van de lectuur van zijn Tractatus had genoten, en vroeg of hij nog altijd achter de opvattingen stond die hij achtentwintig jaar eerder had neergeschreven. Hij bleef een lange poos stil en zei dan: “Van welke krant bent u?” Ik zei hem dat ik student was en geen journalist, maar het antwoord op mijn vraag bleef hij schuldig. Wittgensteins reactie was een vernedering voor mij, en zijn houding tegenover vrouwelijke studenten die zijn lezingen wilden bijwonen was zelfs nog erger. Als er in zijn gehoor een vrouw verscheen, dan bleef hij stilzwijgend rechtstaan tot zij het lokaal verlaten had.
.

Labels: , , , , , ,

Read more...

23 maart 2008

Listomanie (victa placet mihi causa)

.
Ontkennen, negeren helpt niet meer: mijn Kwaliteitskrant lijdt al geruime tijd aan de ziekte der listomanie.
Bij listomanie, zoals bekend, begint de patiënt op oncontroleerbare manier lijstjes op te stellen en af te drukken. De volksmond heeft het vaak over lijstergriep. Deze ziekte – een niet-euthanaseerbare vorm van dementie – trof vroeger enkel Vrouwenbladen, en leek daar volkomen benigne. In haar oorspronklijke biotoop vertoonde de listomanie zelfs bepaald charmante trekjes.
Maar na verloop van tijd bleek ook het adolescentenblad Humo getroffen. En daar was het ziekteverloop spectaculair. In geen tijd evolueerde Humo tot een blad voor jong-bejaarden.
Verontrustender: de ziekte der listomanie leek hierna niet goed tot stilstand te brengen. Zij greep integendeel almaar wilder om zich heen, en op dit moment kunnen wij rustig spreken van een pandemie.
Er gaat geen dag meer voorbij, of in de kwaliteitskranten verschijnen er lijstjes met plus/minus, met voor/tegen, op/onder, winnaars/verliezers, stijgers/dalers.

En beperkte de ziekte zich nog tot deze simpele dichotomieën! Helaas blijkt de pathologie een stuk complexer, en een remedie niet voor morgen.
Achteraf is het makkelijk praten, maar historisch gesproken had de bekende onnozele vragenlijst van Marcel Proust ons al een voorteken moeten zijn. Met die lijst zelf was niet zoveel aan de hand, ze was niet pathologisch, eerder onnozel zoals gezegd, maar dat gedurig afdrukken ervan had ons redenen moeten geven om scherper toe te kijken.

Want het resultaat zien we nu: kranten die vier bladzijden vullen met het stellen van deze tien vragen aan massa's ministers en staatssecretarissen, en het allerenigste dat wij uit die vier bladzijden kunnen leren is dat Emma Bovary, de roturière heldin van Gustave Flaubert, in de adelstand is opgenomen. Zij mag voortaan Madame de Bovary zeggen. Tenminste, dat laat op p. 20 de Standaard Weekend verklaren door Laurette Onkelinx.
En natuurlijk heeft ons Laurette dat niet zo gezegd, of het zou mij toch verwonderen, maar wie de redacteur mag zijn die dat wél meende verstaan te hebben, dat kunnen arme Standaardlezers niet achterhalen.
.

Labels: , , , , ,

Read more...

<<Oudere berichten