6 juni 2011

Temper de vreugde over Mladic’ aanhouding

Voorstanders van de harde aanpak zeggen weleens smalend dat Amerikanen van Mars komen, Europeanen van Venus. Ginds kiezen ze voor de doodstraf, vrij wapenbezit en buitenlandse expedities, hier logeren we de misdadigers levenslang op staatskosten, beteugelen we de toegang van brave burgers tot wapens, en benaderen we dictators met appeasement-handschoenen. Het is pas weer gedemonstreerd: nadat VS-commando’s onuitgenodigd een soevereine staat binnendrongen en er de lang gezochte terreurverdachte Osama Bin Laden ter plekke doodschoten, is de meest gezochte terreurverdachte van Europa, de Bosnisch-Servische generaal Ratko Mladic, zonder vuurgevecht aangehouden en voor berechting weggeleid nadat zijn regering met het lokaas van welvaartbevorderende EU-toetreding murw gemaakt was. Vanuit het standpunt van de rechtsstaat is het Europese model verkieslijk. Wees fier, Europeeër te zijn.





Tot daar de manier waarop. De grond van de zaak moet onze tevredenheid echter wat temperen. Zo houdt de EU-gerichte Servische nomenklatoera haar bevolking buiten elke beslissing over het lot van Mladic, die immers evenzeer in Servië zelf zou kunnen terechtstaan, zoals gewenst door (volgens een peiling)de grote meerderheid van de Serviërs. Het Europese acquis communautaire waartoe kandidaat-lidstaten zich moeten bekennen, houdt ondermeer de miskenning van de volkswil en de nationale soevereiniteit in. Het was juist als kampioen van de wil van zijn volk, namelijk zijn overlevingswil in Bosnië, dat Mladic de dingen gedaan heeft die hem tot de meest gezochte man in Europa maakten.

De meeste duiders die ons nu even de Bosnische oorlog (1992-95) komen uitleggen, geven nog altijd dezelfde partijdige lezing van de feiten als destijds. De Bosnische Serviërs golden toen gezamenlijk als de ultieme nationalistische onmensen, in die mate dat ”Bosnische Serviër” een scheldwoord werd tegen mensen met nationaal zelfrespect, zoals Vlaams minister-president Luc Van den Brande. Nochtans hadden zij politiek het gelijk aan hun kant.

Toen Joegoslavië na de uitbraak van Slovenië uiteenviel, drong een democratische herverdeling van het land zich op. Gemeenschappen die in een deelstaat de meerderheid vormden, hadden echter geen begrip voor het separatisme van de minderheden, zelfs niet als zij zelf elders op hun beurt de minderheid vormden. De Kroaten wilden de door Serviërs bewoonde gebieden Krajina en Slavonië niet lossen, maar toen Bosnië in chaos verzonk, poogden zij daar wel aparte Kroatische sectoren veilig te stellen. De Serviërs wilden het door Albanezen gedomineerde Kosovo niet lossen, de Albanezen daar wilden de Servische delen van Kosovo niet lossen. Daarom was een supranationale bemoeienis wel wenselijk, mits zij duidelijk onpartijdig en rechtvaardig was.

Helaas, eerder dan uit te gaan van de wensen en de werkelijkheid van de volkeren ter plaatse, hield de zogenaamde internationale gemeenschap vast aan de toevallige binnengrenzen van Tito-Joegoslavië. Op die welbekende voorkeur speelde de Bosnische moslimleider Alija Izetbegovic in, met de bedoeling om heel het multi-etnische Bosnië onder moslimhegemonie bijeen te houden. In een later stadium zouden de niet-moslims tot bekering of uitwijking gedwongen worden om van Bosnië een echte moslimstaat te maken. Het was tegen dat moslimplan, en tegen de beginnende moslimterreur, dat de Bosnische Serviërs onder Mladic’ leiding in het verzet gingen.

Aanvankelijk waren zij militair in het voordeel. Izetbegovic moest beroep doen op de georganiseerde misdaad om nipt zijn hoofdstad Sarajevo te kunnen behouden, terwijl Mladic over wapentuig en getrainde manschappen van het oude Joegoslavische leger beschikte. Terwijl het grootste deel van Bosnië in Servische handen was, kwam in 1993 een EU-verdelingsplan hun dat grondgebied ontzeggen. Naast de veiligheid van een internationaal gewaarborgde gebiedsafbakening, hield het plan voor de Serviërs een groot netto gebiedsverlies in: als vooral landelijke bevolking hadden zij meer grond in bezit gehad dan de meer stedelijke Kroaten en moslims. Binnen het Servische kamp was het vooral Mladic die verkoos om door te vechten, maar met kerende krijgskansen.

De Bosnische Serviërs, beneveld door hun aanvankelijke bovenhand en door de vodka, vochten niet met focus op de overwinning maar leefden zich uit in wraakoefeningen zoals die in Srebrenica. Daar hadden moslimstrijders de zogezegd neutrale VN-enclave misbruikt als uitvalsbasis voor terreuracties tegen het Servische ommeland, dus de Serviërs waren zeker in hun recht om dat stadje in te nemen. Er was echter geen rechtvaardiging voor de moordpartij op een paar duizend krijgsgevangen moslimstrijders. Het was uiteraard geen genocide, zoals losjes beweerd wordt, want dan had hij vrouwen en kinderen niet laten vertrekken. Maar het afslachten van de mannen, ook al behoorden zij niet tot een geregeld leger en genoten zij naar de letter misschien niet de bescherming van de conventie van Genève, was onverdedigbaar, moreel zowel als publicitair.

Een moderne oorlog is immers ook een zaak van propaganda, en dat luik werd aan Servische zijde schromelijk verwaarloosd. De geheelonthouder Izetbegovic, de hoofdschuldige aan de Bosnische oorlog, deed daarentegen onmiddellijk beroep op twee New-Yorkse PR-firma’s. En hij kreeg waar voor zijn geld. Terwijl de Kroaten en Bosnische moslims normaliter tegen het oprakelen van hun nazi-verleden hadden moeten optornen (zodat de publieke opinie in Israël inderdaad eerder op de hand van de Serviërs was), schilderden de Westerse media juist de Serviërs als nazi’s af. Het resultaat: de Navo-luchtmacht vaagde in augustus 1995 de Servische weerstandposten weg zodat de Kroatische landmacht en de moslimmilities de Servische delen van Kroatië en noordwestelijk Bosnië etnisch konden zuiveren.

De nieuwe situatie werd bevestigd in de akkoorden van Dayton, waar de Bosnische Serviërs niet eens vertegenwoordigd waren; hun belangen werden er uitverkocht door de president van Servië en Montenegro, Slobodan Milosevic. Die werd later voor zijn diensten aan de Nieuwe Wereldorde bedankt met deportatie naar Den Haag om terecht te staan voor een tribunaal dat hij op goede juridische gronden als onwettig bestempelde. Daar zal nu ook Mladic het mogen gaan uitleggen.

Andere oorlogsmisdadigers hadden hetzelfde lot verdiend, ondermeer Bill Clinton, de eindverantwoordelijke voor de anti-Servische bombardementen in 1995 en nogmaals in 1999, die talloze burgers doodden en grootschalige anti-Servische zuiveringen mogelijk maakten. Vreugde over Mladic’ aanhouding is misplaatst omdat deze tot een onrechtvaardige wereldorde van twee maten en twee gewichten behoort.

Labels: , , , ,

Read more...

<<Oudere berichten