9 december 2008

Kwaliteitspers in crisis

De mediasector is in crisis. Vooral de kranten dan. En de Vrt. Maar dat heeft andere oorzaken. De persbonzen zijn maandag nog gaan praten met minister-president Kris Peeters, maar een vraag tot meer subsidies werd daar niet geformuleerd. Zo meldde althans de kwaliteitspers. Het stemt hoopvol. Anderzijds zijn er een aantal journalisten die van mening zijn dat de overheid toch moet tussenkomen om de kwaliteitspers te redden. Want hun kranten zijn niet meer of minder dan onmisbaar in een democratische samenleving.

Wat de huidige crisis in de media betreft, dient een onderscheid te worden gemaakt tussen de negatieve conjunctuur enerzijds en een aantal structurele trends anderzijds. De huidige financiële en economische crisis heeft ook een negatieve impact op de media. Het versterkt de structurele tendenzen, met name dan de dalende inkomsten uit advertenties. Dalende inkomsten die vooral pijn doen voor kranten als De Morgen en De Standaard omdat zij bijna 70% van hun totale inkomsten nu net halen uit advertenties. Populaire kranten als Het Laatste Nieuws putten slechts 30% van hun inkomsten uit de reclamemarkt. De rest komt vooral van abonnementen en los verkochte nummers.

Welke zijn nu die structurele tendensen? Er zijn er een viertal, die complementair zijn aan elkaar. Om te beginnen de opkomst van de nieuwe media. Dat betekent meer concurrentie voor de gevestigde waarden. Ten tweede is er de toenemende “gratis” content. Gratis kranten zijn een voorbeeld. En er is het internet. Consumenten zijn steeds minder bereid om voor content te betalen. Ten derde. Adverteerders kijken meer en meer uit naar alternatieven voor de traditionele printmedia. Kranten verliezen zwaar aan specifieke advertentiecategorieën: inkomsten uit de zogenaamde “classifieds” (zoekertjes voor huizen, auto’s…), personeelsadvertenties en lokale advertenties dalen fors. Cijfers zijn resp. - 80% voor de “classifieds” en - 50% voor de personeelsadvertenties. Niet min. Het internet is hier uiteraard de “boosdoener”, en de economische crisis zal het aanbod van dit soort advertenties verder doen dalen. Ten slotte hebben mediabedrijven te maken met vooral vaste kosten die niet gemakkelijk te verlagen zijn. Hoewel. Dat is nu toch wat De Persgroep doet door de redactie van De Morgen onder te brengen in hetzelfde gebouw als dat van Het Laatste Nieuws. Maar mensen ontslaan, blijft al bij al gemakkelijker om kosten te drukken.

Christian Van Thillo van De Persgroep, de man die de hakbijl heeft boven gehaald, verklaarde dat verlieslatende kranten geen beslag mogen leggen op de kranten die wel nog goed presteren en winst maken. Hij heeft gelijk. “Making good things popular”, blijft ook voor kwaliteitskranten een uitdaging.

Maar ik denk dat we de zaak nog ruimte moeten bekijken. Sommige traditionele media, zoals kranten, staan onder druk, om bovengenoemde redenen. Maar de mediasector in zijn geheel blijft zeer dynamisch, afgezien van de gevolgen van de financiële crisis natuurlijk. Wanneer journalisten de gedrukte media via een open brief aan Kris Peeters zo passioneel verdedigen als de behoeders van de democratie, moeten we dat toch met een korreltje zout nemen. Net als de stelling van Paul Goossens dat een kwaliteitspers een publiek goed is, en dat de overheid pubieke goederen moet ondersteunen.Om met het eerste te beginnen. Stel dat het beheer van het emailverkeer in ons land gebeurt door een onderneming. En stel dat door de daling van het emailverkeer met 6% die onderneming zich genoodzaakt ziet om 25% van zijn personeel te ontslaan. Nu schrijft de CEO van dat bedrijf een open brief (of eerder wellicht een open email) aan de minister-president waarin hij (of zij) verkondigt dat rekening moet worden gehouden met het feit dat email “onlosmakelijk deel uitmaakt van ons sociaal weefsel en de sociale samenhang versterkt”.

Hoe moet de minister-president dan op dergelijke smeekbede reageren? Niet, zou ik zo denken. Het emailverkeer daalt immers omdat gebruikers een beter alternatief hebben gevonden. Het dalend gebruik van email hangt samen met het toenemend gebruik van sociale netwerksites zoals Facebook. En dat is een trend die niet alleen voortvloeit uit de vrije keuze van de consument, maar ook één die wellicht beter is voor ons sociaal weefsel.

Dezelfde laissez-faire houding lijkt verantwoord naar de geschreven pers toe. Hun relatieve teloorgang betekent niet noodzakelijk een aanslag op de democratie. Want er zijn alternatieven opgedoken – zoals blogs – die het democratisch gehalte van onze samenleving kunnen versterken. In de geschreven pers wordt nog vaak meewarig gedaan over de online media maar dat is grotendeels onterecht. Hoe dan ook, als de gebruiker kiest voor de alternatieven, dan moeten we hem in zijn keuze respecteren.

In dit verband nog stelt Paul Goossens in zijn opiniestuk dat de kwaliteitspers een publiek goed is. Deze stelling behoeft enige nuancering. Als hij de pers op zich bedoeld, klopt die stelling immers niet. Kranten op zich zijn geen publieke goederen, maar gewone private economische goederen waarvoor de wetten van vraag en aanbod gelden. Onafhankelijke en kwaliteitsvolle journalistiek daarentegen is wél een publiek goed. Bepaalde trends kunnen daarom aanleiding geven tot enige ongerustheid. In Californië bijvoorbeeld heeft de televisiezender TV50 haar hele redactie ontslagen om het dagelijks nieuws te laten maken door burgers. Bij andere kranten worden bepaalde journalistieke taken verhuist naar andere landen: bij Reuters naar Indië en bij de Financial Times naar de Filippijnen.

Maar dan nog. Het heeft geen zin om, onder het mom van het vrijwaren van een zogenaamde kwaliteitspers, een model dat onder druk staat te ondersteunen. Dat getuigt van een defensieve houding die voorbijgaat aan het dynamisme van de sector in zijn geheel.

Labels: , , ,

1 Comments:

At 10/12/08 00:38, Anonymous Anoniem said...

Kwaliteitspers?
Goede wijn behoeft geen krans!

 

Een reactie posten

<< Home

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>