1 december 2008

Geen geklieder met drukinkt ! (vpmc)

Beste lezer,
al sinds enkele dagen is het mij onduidelijk of Arthur Schopenhauer wel gelijk had in §283 van zijn Über Schriftstellerei und Stil: “[…] so lese ich aus einem Autor ein paar Seiten und weiß dann schon ungefähr, wie weit er mich fördern kann.
[laat mij van een auteur een paar bladzijden lezen, en dan weet ik ongeveer wel tot waar die mij vooruithelpen kan]

Mijn twijfel aan de uitspraak van Arthur Schopenhauer kwam, omdat ikzelf al geruime tijd de geschriften van Peter Vandermeersch lees –meer dan eens heb ik u deze lectuur deelachtig gemaakt– maar daarbij toch een valse indruk van de auteur moet hebben opgedaan.
Vandermeersch schreef vrijdag namelijk een stuk –deels als antwoord aan zekere Thomas Siffer, deels ook als wraakoefening op Van Cauwelaert van Knack– en wat mij opviel in zijn stuk was dat het zo duidelijk en goed geschreven was. Vandermeersch sprong
met zijn inkt zuinig om. Schopenhauer zou gezegd hebben: van gewissenlose Tintenklexerei is hier geen sprake. Het was een moedig stuk.
De uitleg voor deze stijlbreuk bij Vandermeersch is eenvoudig: “Daher nun ist die erste, ja, schon für sich allein beinahe ausreichende Regel des guten Stils diese, DASS MAN ETWAS ZU SAGEN HABE: o, damit kommt man weit!
[Vandaar dat de eerste, ja, op zich al bijna voldoende regel van de goede stijl deze is: DAT MEN IETS TE VERTELLEN HEEFT : o, daar kom je een eind mee!]

En Vandermeersch hád iets te vertellen, en zelfs extra nog iets te vertellen dat ook mij wat op de lever had gelegen, al had die kleinigheid mij geen moment belet om de petitie van dr.
Frank Thevissen te ondertekenen.
Vandermeersch merkt in zijn artikel terecht op dat Draulans bijna verwijtend werd toegevoegd dat hij "van origine bioloog" was. Ik ging er onmiddellijk van uit dat die toevoeging niet zo bedoeld was, maar dat neemt niet weg dat zij er beter niet had moeten staan, immers: “Alles Entbehrliche wirkt nachtheilig.
En er zijn ook zóveel biologen die schitterend schrijven, altijd een stuk beter, spannender en zinniger dan sociologen, politicologen, zelfs filosofen en tutti quanti.
Biologie is een precies bèta-vak, misschien niet even precies als fysica, maar wel dichter bij onze wereld op menselijke schaal.
Om een paar biologen-schrijvers te noemen die ik voor geen geld had willen missen, en ik noem expres Leo Vroman niet: Jacques Monod, Stephen J. Gould, Edward O. Wilson, en iets verder terug de grote J.B.S. Haldane.
Deze laatste schreef ooit een prachtig essay: "On the Importance of Being the Right Size", ik meen eind jaren dertig.
Haldane wees erop dat als je in een put valt, het veel verschil maakt hoe groot je bent, en dat (als ik me de voorbeelden goed herinner) een muis een diepe val in zo'n put met gemak zal overleven, een hond ook nog, wel met pijn in zijn botten, terwijl een mens gebroken blijft liggen en een paard zelfs uiteenspat.
Vooral de val van die hond en dat paard zal bij zijn Engelse lezers hard zijn aangekomen, maar het essay zelf werd een stukje Engelse Literatuur – dat helaas aan de nochtans anglofiele graafkikker Lippens voorbij moet zijn gegaan.
.

Labels: , , , , ,

4 Comments:

At 2/12/08 14:41, Blogger Marc Vanfraechem said...

Een attente anonieme lezer op victacausa schreef me:
De hond is hier een rat.
Dank zij u deze tekst voor het eerst gelezen, en inderdaad, boeiend geschreven.

________________
Bedankt voor de reactie en zeker ook voor de verwijzing, anonieme, want ik vind het boekje met dit essay niet meer terug (al moét het wel ergens nog liggen: in het heelal gaat niets verloren).
Ook had ik, behalve de beesten, nog eens de titel verkeerd onthouden... contaminatie met The Importance of Being Earnest. Bedankt nog eens.
_______________
....en ook nog eens eind jaren twintig ipv dertig. Grrr !

 
At 5/12/08 21:17, Anonymous fcal said...

Es sind nicht alle Heilige, die in aller Heiligen Kirchen gehen. Die Nachtheiligen jedoch soll man anflehen bei Wortblindheit. (überhaupt nicht nachteilig!)

 
At 5/12/08 22:29, Blogger Marc Vanfraechem said...

@ fcal : in ónze tijd zou u gelijk hebben, maar Schopenhauer schreef het wel degelijk zo, met die "h". En hij was toen niet de enige om dat te doen ;-)
Ik volg de Haffmans-uitgave, 1988, bezorgd door Ludger Lütkehaus, en die is wort- und zeichengetreu, zoals dat hoort, want S. vervloekte iedere uitgever die zelfs maar een komma, een punt of een streepje uit zijn tekst zou hebben weggelaten ...laat staan een hele letter!

 
At 8/12/08 01:15, Anonymous fcal said...

„Heiraten heißt das Mögliche thun, einander zum Ekel zu werden.“

een citaat van Arthur Schopenhauer en zoals hiervoor schrijft hij "thun" en niet "tun", zoals nu gebruikelijk is.

Ik ben onvoldoende belezen in deze taal om te bepalen of dit in de eerste helft van de 19de eeuw aanvaard werd. Ook in het Nederlands van toen schreef men soms "regt" i.p.v. "recht".

 

Een reactie plaatsen

<< Home

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>