17 juli 2013

Tantra: via seks naar de Verlichting?


 


            Het septembernummer 2003 van Onkruid, tevens jubileumnummer van dit 25 jaar jonge New Age-blad, riep het de lezer toe van op de voorpagina: “Seks als weg tot God”. Het artikel in kwestie bleek gewijd aan het populaire maar nog steeds op fluistertoon uitgesproken toverwoord Tantra. Dit zou een Oosterse doctrine zijn die de spirituele dimensie van seks blootlegt: seks als middel tot Verlichting. Al neukend naar het Nirwâna!

 


 

Kâma Soetra


 

            Vooraleer nader op het onderwerp Tantra in te gaan, moeten we hier eerst een dwaalspoor afsluiten. De Onkruid-redacteur haalt er de Kâma-Soetra bij, en dat had hij beter niet gedaan. Dat veelgeroemde hoewel eigenlijk vrij saaie boek gaat wel over seks maar heeft volstrekt niets met spiritualiteit te maken. De Kâma Soetra (en gelijkaardig, de Koka Sjâstra en Ananga Ranga) wordt niet tot de Tantra-literatuur gerekend. Integendeel, Kâma is gewoon de wereldse erotiek, en het boek beschrijft alle standjes en hulpmiddeltjes die je ook in moderne voorlichtingsboeken behandeld vindt.

Niet alleen de mystieke maar zelfs de ethische dimensie ontbreekt in het Handboek der Erotiek. Een amorele visie op het nut van de erotiek voor het leven vind je bijvoorbeeld in het hoofdstuk over hoe de vrouw van je baas te verleiden. Wegens de risico’s wordt afgeraden om dit te doen omwille van zoiets onnozels als verliefdheid, maar je mag het wel doen als er een flinke kans op persoonlijk voordeel in zit, namelijk als zij via haar invloed op haar man jouw carrière kan vooruithelpen.

Het boek is complexloos seksistisch maar erkent wel de superioriteit van de vrouw in het zuiver seksuele domein, ondermeer omdat zij negen keer zo intens van gemeenschap geniet als de man. Als haar minnaar uitgeput is maar zij heeft zin in nog, dan krijgt ze de raad om de rollen om te draaien en zelf het initiatief te nemen. (Zulke dingen worden niet vermeld in de erg gekuiste versie van de Victoriaanse libertijn Richard Burton, waarop de meeste uitgaven gebaseerd zijn. Voor een volledige versie van de Kâma-Soetra, zie de editie van Alain Daniélou, ook in het Nederlands verkrijgbaar bij uitgeverij Becht.) Moet kunnen, maar met de fameuze spirituele weg heeft het weinig te maken. In contrast met deze werelds-erotische lectuur heeft Tantra wel met spiritualiteit te maken, maar dan weer niet zo veel met seks.

 

 

Tantra zonder nonsens


 

Het woord tantra, meer nog dan de westerse afleiding tantrisme, heeft een waaier aan betekenissen. Laten we vooreerst even de vaak opduikende valse en vergezochte etymologieën van deze term de kop indrukken. De wortel tan betekent “opspannen” (verwant met Latijn tendere, waarvan intens, extensie) en -tra is een instrumenteel achtervoegsel (verwant met Latijn –trum, als in aratrum, “ploeg”), dus: “opspaninstrument”, vandaar specifiek “weefgetouw”. Vandaar dan in figuurlijke zin “meerdimensionaal systeem” (bv. lokatantra, “volkssysteem”, democratie), en vandaar “gestructureerde uitleg van een vak of wetenschap”, “handboek”.

            De term beduidt een type literatuur uit de middeleeuwen, meestal in de vorm van een leergesprek tussen de god Sjiwa en de godin, die kan optreden onder diverse benamingen: Oemâ, Satî, Pârwatî, Doergâ, Kâlî. Een klassieke Tantra heeft vijf vaste bestanddelen: (1) het begin van de wereld, (2) het einde van de wereld, (3) manieren om een godheid te vereren, (4) technieken om occulte krachten te verwerven, (5) technieken om de zelfbevrijding te bereiken.

Daarnaast wordt “tantrisme” vaak gebruikt als synoniem voor “sjaktisme”, zijnde de verering van de godin of Sjakti, “kracht”, die haar goddelijke partner uit een toestand van louter potentialiteit tot leven wekt. In godenparen als Brahma/Saràswatî of Visjnoe/Laksjmî wordt de god opgevat als statisch, de godin als dynamisch, best te vergelijken met de rolverdeling in salondansen, waar de man als stabiele as fungeert die zijn vrouwelijke partner doorheen allerlei draaibewegingen voert.

Het centrale symbool van het sjaktisme, dat men dus ook in alle boeken over Tantra aantreft, is de omgekeerde driehoek met een punt in. In eerste instantie is dit een primitief symbool van het vrouwelijk geslacht en de bevruchting, reeds aangetroffen in voorhistorische rotstekeningen in India. Later heeft men er schema’s uit de hogere wijsbegeerte op geprojecteerd. Als kosmologisch symbool toont het een neutraal (nirgoena) rustpunt temidden van een dynamische driepolige wereld, de mannelijke Sjiwa in de vrouwelijke Sjakti. Drie kwaliteiten (trigoena) vormen de drie polen van dit schema, namelijk (1) sattwa: het witte daglicht, het transparante, lichte, waarheidsgetrouwe, onthechte; (2) radzjas: de rode schemering, het troebele, energieke, hartstochtelijke; en (3) tamas: de zwarte nacht, het zware, donkere, dragende, inerte, onwetende. Als psychologisch schema schetst dit het bewustzijnslandschap, met het drievoud van “geabsorbeerde bewustzijnstoestanden” (waken, dromen, slapen) en de neutrale “vierde toestand” van zelfabsorptie, de meditatieve staat waarbij het bewustzijn in zichzelf rust.

De “vrouwelijke” neerwaartse driehoek wordt vaak gecombineerd met de “mannelijke” opwaartse driehoek, de berg als symbool van Sjiwa, tot een zespuntige ster of Sjrî Tsjakra, “wiel van de welzijnsgodin”. Een andere populaire variant is de verdere uitwerking tot een tekening van vier opwaartse en vijf neerwaartse driehoeken, de Sjrî Jantra, letterlijk “de machine van de welzijnsgodin”, een populair cultusvoorwerp op hindoe-huisaltaartjes.

 

 

Het belang van ritueel


 

Het tantrisme bevat allerlei praktijken die niet alleen door moderne mensen maar ook door de brahmaanse “grote traditie” als kwalijk bijgeloof afgedaan worden, of als een ongezonde manipulatie van duistere krachten. Een “tantrik” is wat wij zouden noemen een “occultist”, bv. iemand die de hand leest of die je een talisman maakt afgestemd op de vermeende invloeden van je geboortegesternte. Binnen het boeddhisme onderscheidt de Tibetaanse variant zich door een grote voorliefde voor occultisme en door een heel repertorium aan rituelen voor allerlei godjes en godinnetjes, inbegrepen voor copulerende goddelijke paartjes. Daarom noemt men hem ook wel het “tantrisch boeddhisme”.

Als spiritueel systeem contrasteert Tantra met systemen van "direct inzicht” als Vedânta of Zen. In plaats van eenvoudige meditatie of stille verinnerlijking als directe weg tot de onpersoonlijke bewustzijnszee (wat in Vedânta het Zelf heet, in Zen de Leegte), gebruikt het tantrisme een veelheid aan vermeende hulpmiddelen, inz. mantra , “mentaal instrument”, in feite een mentaal herhaald geluid, opgevat als vibratielichaam van een godheid; jantra, “machine” of meetkundige vorm ter visualisatie; moedra, “zegel”, een handgebaar of lichaamshouding die energie kanaliseert; en poedzjâ, het devotieritueel voor een afbeelding van de godheid. Tantrisme is altijd theïstisch, gericht op een persoonlijke relatie met een of meer goddelijke personen, daar waar Advaitâ Vedânta en het orthodoxe boeddhisme zich de ultieme werkelijkheid als onpersoonlijk voorstellen.

Quintessentieel tantrisch is de klemtoon op rituelen. Men visualiseert een godheid en voert daarvoor in gedachten of materieel allerlei offerandes uit, men zegt bepaalde mantra’s op en men maakt bijpassende buigingen of handgebaren. Wie dat onzin vindt, of wie zoals de meeste moderne mensen weinig om ritueel geeft, moet dus al zeker niet bij het tantrisme zijn.

 

 

“Tantra en seks”, mythe en werkelijkheid


 

Wat in het tantrisme vooral de aandacht van westerlingen getrokken heeft, is het zogenaamde “linkshandige pad” (wâma-mârga). Zoals in de meeste talen heeft ook hier het woord “links” een negatieve bijklank (vgl. Latijn sinister), zelfs voor de beoefenaars van dit “pad”. Bedoeling is hier namelijk om de neiging tot zwelgen in wereldse genietingen te transcenderen door zich er ritueel aan over te geven. Een vorm van spirituele homeopathie als het ware. Concreet gebruikt men tijdens het ritueel, dus uitdrukkelijk niét als leefgewoonte, de verboden geneugten van vlees, alcohol, en geslachtsgemeenschap. De vermeende spirituele werkzaamheid van deze praktijken ligt er precies in dat zij onrein zijn, niet alleen voor de brave burgerij, maar ook juist voor de beoefenaar zelf. Het tantrische gebruik van seksualiteit behoort dus niet tot een vrolijke tegencultuur die zich afzet tegen de brahmaanse cultuur die in de jongste eeuwen een sterk preuts karakter gekregen had (in tegenstelling met de goede oude tijd van de Kâma-Soetra toen de hindoesamenleving seksueel veel toleranter was); het vooronderstelt juist die preutsheid.

In de vrij schaarse seksueel-gerichte passages van de Tantra’s vinden we als seksuele praktijk iets heel anders dan in de Kâma-Soetra, namelijk de ritualisering van de seksualiteit. Je moet je dan houden aan bepaalde planeetstanden, je voorbereiden met wassingen en vasten en dergelijke, vervolgens je poezeminneke als een godin eer bewijzen zoals men het in tempels voor een beeld van de tijgergodin Doergâ zou doen, en aan het eind van deze lange rit is er dan ook een beetje geslachtsgemeenschap. Kortom, iets waar de westerse New-Ager gewoon het geduld niet voor heeft noch de zin van inziet. Moderne mensen die voor eenvoudige rituelen zoals een gebed vóór het eten al geen tijd meer maken, hebben gewoon niets te zoeken in de uitgebreide ritualistiek van Tantra.

Details over seksuele technieken moet men al helemaal ver gaan zoeken, en ook die kunnen de nieuwsgierige wel eens teleurstellen zelfs als hij ze vindt. Het belangrijkste is immers, de ontlading (dus datgene wat voor de meeste mannen het einddoel van de geslachtsdaad vormt) te manipuleren, uit te stellen of zelfs helemaal te vermijden. Vele hindoes zijn ervan overtuigd dat het opsparen van zaad, door celibaat danwel door ejaculatievrij geslachtsverkeer, een bijzonder charisma verleent. Toen na de dood van de charismatische vrijheidsstrijder Soebhâsj Basoe (Bose) in 1945 uitkwam dat hij ergens een vrouw en kind had zitten, weigerden zijn fans om dit te geloven: het kón gewoon niet dat zo’n superman een ordinaire spermaverspiller geweest was.

Het voordeel van tantrische seksualiteit tegenover gewone onthouding zou erin bestaan dat men de energie die men uiteindelijk opspaart, eerst door de geslachtsdaad nog eens stimuleert en versterkt. De energie die men daardoor opwekt en weigert te verspillen, kan men dan sublimeren tot een energie die allerlei subtiele circuits in en rond het lichaam vitaliseert. Om de verering van de partner compleet te maken, stelt men zich dan een energiecircuit voor dat beide lichamen verbindt en dat men samen mentaal doorloopt, a.h.w. met de opgewekte en gesublimeerde seksuele energie als brandstof. Niet bepaald een lichtzinnig orgietje, dus.

Men kan dit hele gedoe natuurlijk bij voorbaat als onzinnig afwijzen, maar zelfs als men het met veel welwillendheid benadert, stelt men vast dat het toch wel wat minder oplevert dan bepaalde New-Age-goeroes eraan toeschrijven. De gevergde inspanning is groot, de verwachte vruchten onduidelijk. Al neukend naar de Verlichting? Dat wordt moeilijk, en wel om volgende reden.

 

 

De Verlichting


 

De notie van “verlichting” is zelf al problematisch. De term zelf, uiteraard niet te verwarren met de benaming van het 18de-eeuwse enthousiasme voor de postreligieuze rationaliteit, is eigenlijk westers; in India spreekt men van de Bevrijding (moekti, móksja), Ontwaking (bódhi) of Windstilte (nirwâna). Deze term houdt een wijsgerige interpretatie in van de meditatieve ervaring. De meditatiemeester Patàndzjali beschrijft deze ervaring gewoon in technische termen: “Meditatie is het stilleggen van de bewegingen van de geest. Dan rust de waarnemer in zijn eigen vorm.”

Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, want de geest is als een aap die zeer moeilijk te disciplineren valt en zich voortdurend weer op wat anders richt. Asceten trokken zich terug in het woud om zich voltijds op deze discipline toe te leggen. Het bekendste voorbeeld is natuurlijk Siddhârtha Gaùtama, die zich op zijn 29ste terugtrok uit de wereldse geneugten om zittend onder een boom de “Ontwaking” (bódhi) te vinden en dan als “de Ontwaakte” (Boeddha) zijn ervaringen te systematiseren en door te geven.

Tegenwoordig kan men elektro-encefalografisch vaststellen dat een diepe meditatietoestand inderdaad “iets” doet met de hersengolven, namelijk een rusttoestand bewerkt vergelijkbaar met de diepe slaap, hoewel waakbewust. Maar wat is er zo waardevol aan die toestand?

Van in de Oepanisjaden is er sprake van het Zelf, d.w.z. het bewustzijn, dat men kan ervaren door alle bewustzijnsinhouden (denkpocessen, zintuigelijke gewaarwordingen, verlangens, herinneringen) tijdelijk uit de aandacht te verwijderen. Bedoeling is dus niet om het bewustzijn uit te schakelen zoals in diepe slaap, maar het bewustzijn op niets anders te richten dan op zichzelf: “het stilleggen van de bewegingen van de geest” zodat “de waarnemer in zichzelf rust”. Hiermee bevrijdt men zich van de toestand van “onwetendheid” (avidjâ), namelijk van het feit dat het bewustzijn doorgaans zichzelf vergeet door zich te vullen met zintuiglijke indrukken, herinneringen, redeneringen en andere bewustzijnsinhouden. Vandaar de notie van “Bevrijding”, namelijk uit de onwetendheid ofte de valse vereenzelviging van het Zelf met de bewustzijnsinhouden.

Het boeddhisme en het post-vedische hindoeïsme gaan nog een stap verder. De meditatieve toestand wordt hier bekleed met een buitengewone betekenis, namelijk als sleutel tot de beëindiging van het wiel van reïncarnaties. Het idee is het volgende: telkens je sterft, zit je nog met een kluwen aan onvervulde verlangens, en die drijven je tot wedergeboorte om in een volgende incarnatie de vervulling van deze verlangens na te streven. Dit noemt men “karma”, eigenlijk een wet van behoud van psychische energie, die maakt dat niet-gebluste verlangens werkzaam blijven. Door in meditatie je aandacht terug te trekken uit alle bewustzijnsinhouden, ook uit je subtielste verlangens, honger je deze als het ware uit totdat zij afsterven. Wanneer je dan doodgaat, is er geen brandstof meer die je reïncarnatiemotor aandrijft, dus je waait uit in de grote Leegte of het kosmische Zelf. Die lage hersengolven die in het labo gemeten worden, zijn in dat geval een signaal van een sinds miljoenen jaren reïncarnerende ziel die het punt nadert waarop zij voorgoed ten hemel vaart.

Niet iedereen die in de waarde van meditatie gelooft, aanvaardt deze verregaande aanspraken. Toen het boeddhisme in China bekend werd, bekritiseerden de inheemse confucianen het “maatschappelijk nihilisme” van de boeddhisten, die als monnik niet werkten en geen gezin stichtten. Maar zij erkenden wel dat meditatie nut kon hebben om je geest te kalmeren en te concentreren, en dus geschikter te maken voor gebruik tijdens de uitoefening van je maatschappelijke plichten. Tegenover de voltijdse meditatiepraktijk van de boeddhistische monniken begonnen zij met dagelijkse meditatiestonden ’s morgens en ’s avonds, “zuiver zitten” (jingzuo), zonder hierover hoogdravende beweringen te doen. Zij geloofden doorgaans niet in reïncarnatie en schreven aan diepe meditatie dus ook niet het vermogen toe om de wedergeboortekringloop te stoppen. Het was voor hen gewoon een verkwikkende oefening om de geest scherp te houden.

Welke betekenis men ook aan de toestand van diepe meditatie geeft, het gaat in ieder geval om een verinnerlijking van de aandacht. Zintuiglijke indrukken en andere mentale inhouden worden buiten de aandacht gehouden. Welnu, de geslachtsdaad is een bij uitstek sensuele, d.w.z. zintuiglijk gerichte bezigheid. Meditatie richt de aandacht naar binnen, seksualiteit richt de aandacht naar buiten. Er is niets verkeerds met het ene noch met het andere, maar de twee zijn nu eenmaal onverenigbaar. Om die zeer eenvoudige reden is het onzin, de geslachtsdaad als een weg naar de Verlichting voor te stellen. Dat is geen reden om hem te laten, natuurlijk, wel om hem te beleven los van “tantrische” mystificaties.

 

 

(oktober 2003, geschreven op verzoek van een inmiddels opgedoekt yogatijdschrift maar vermoedelijk nooit gepubliceerd)

Labels: , , ,

1 Comments:

At 23/6/14 08:32, Anonymous Anoniem said...

Bedankt voor deze uiteenzetting.

 

Een reactie plaatsen

<< Home

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>