27 december 2009

Joelfeest voor inflatie

Inflatie is goed voor "de economie" — werkelijk?

In heel wat kranten en andere publicaties stond onlangs het volgende bericht te lezen: "In België is deze maand sprake van een inflatie van 0,26 procent... Het is de eerste keer in acht maanden dat zich in België geldontwaarding voordoet ... Over heel 2009 gemeten is er in België sprake van een zeer lichte 'negatieve inflatie' van 0,04 procent. Een langdurige periode van zogeheten deflatie, waarbij de prijzen dus dalen, is slecht voor de economie."

Het deed me denken aan een uitspraak van Paul D'Hoore eerder dit jaar:

"Inflatie is goed voor de economie maar slecht voor de portemonee, deflatie is goed voor de portemonee maar slecht voor de economie"

Volgens beide bronnen zou geldontwaarding op een of andere manier goed zijn voor "de economie". Een belangrijke vraag echter is: goed voor wie in de economie?

Geldontwaarding is duidelijk slecht voor mensen die geld bezitten, voor spaarders. Dat begint men in Engeland bijvoorbeeld al te merken. Hetzelfde fenomeen is daarentegen voordelig voor de mensen die aan de andere kant van de tafel zitten, voor schuldenaren. Laten we bij deze het plaatje van de grootste schuldenaar van ons kleine landje even bekijken: de staat.

De Belgische Staat houdt van inflatie

De Belgische staat zit, zoals bekend, zwaar in de financiële penarie. Zo staat volgens haar eigen berichtgeving de overheid voor 324.633.169.187,51 euro in het rood (dat is meer dan 50.000 euro voor elke belastingplichtige Belg).

En dat zijn nog maar de rentende schulden.We mogen er van uit gaan dat de niet-rentende betalingsbeloftes van onze overheid, zoals pensioenen, uitkeringen, enzovoort, samen een bedrag vormen dat nog vele malen hoger ligt.

Het inflatieverhaal is voor de overheid als bedrijf dus in feite een positief verhaal. Na een vermindering in de waarde van het geld blijft de schuld in nominale termen weliswaar staande (in euro's), maar gaat die in reëele termen wel dalen. Dat betekent dat indien die schuld in vastgoed, edelmetaal, of andere activa wordt uitgedrukt, de overheid dan minder zal moeten terugbetalen. En deze wet geldt niet alleen voor de overheid, maar voor alle schuldenaren in een economie.

Als je dus nog eens de krant openslaat en je leest er dat geldontwaarding een goede zaak is, vraag je dan altijd af voor wie dat zo is.

Van harte prettige feesten toegewenst!

Tuur

Achtergrond:

> Frank op Econoshock: Inflatie versus deflatie

> Thorsten Polleit: Inflation breeds even more inflation

Labels: ,

3 Comments:

At 28/12/09 00:07, Anonymous Nexer said...

"negatieve inflatie"

Bestaat er dan ook "positieve inflatie"? En positief voor wie? Dat is waarschijnlijk wat uitgelegd wordt met Paul D'Hoore zijn uitspraak begin dit artikel.

Ik neem aan dat ze bedoelen: negatief voor de bedrijven, want die krijgen minder geld voor evenveel koopwaar dat ze uitbrengen.

 
At 28/12/09 03:01, Anonymous Marc Huybrechts said...

1) Ik zie verwarring hier. Enerzijds wordt er geklaagd over inflatie als "geldontwaarding" (dat vereist een verhoging in het algemene prijspeil), maar anderzijds in de achtergrond referenties wordt inflatie gedefinieerd als "verhoging in monetaire aggregaten", i.e. het geldaanbod. Het is dus niet duidelijk wat met inflatie en deflatie bedoeld wordt.

2) Het probleem wordt ook te algemeen geformuleerd. De relevante vraag is niet of inflatie, noch deflatie, goed zou zijn voor de economie, maar wel WELK niveau van inflatie (eventueel deflatie) in gegeven economische omstandigheden zo zou zijn. Het is ook noodzakelijk om OP VOORHAND te stellen hoe men "goed" (of eventueel "slecht") in deze contekst gaat meten.

3) ALS men inflatie definieert als een gestage toename in het algemene prijsniveau binnen een economie, en ALS men "goed" zou meten via concomitante toename in het reele per capita inkomen (real GDP per capita) van de betrokken economie, dan is er veel empirische evidentie dat een kleine gestage toename in het algemene prijsniveau doorgaans samengaat met hogere per capita BNP groei (vergeleken met allerlei andere combinaties). Japan, met de 'lost decade' van de 1990's, is natuurlijk het grote recente voorbeeld van deflatie-gecombineerd-met-trage(of zelfs negatieve)-groei.

4) Er is weinig of geen twijfel dat hoge inflatie (meer dan een paar procentpunten) slecht is voor een economie in de zin van trage reele inkomensgroei genereert over een periode van minstens enkele jaren, en ook dat deflatie doorgaans algemene inkomenstoename bemoeilijkt. Er is natuurlijk ook geen twijfel dat in vele landen hoge inflatie veroorzaakt wordt door de overheid, ondermeer om de last van de overheidsschuld relatief te verminderen.

 
At 28/12/09 11:09, Anonymous Anoniem said...

Een wijziging in de omvang van de geldcirculatie is het ongewenste nevengevolg van het optreden van de staat, nl. wanneer hij credieten opneemt. De uitgaven die de staat niet uit belastingen kan dekken worden gewoonlijk gedekt door de uitgifte van schatkistpapier. in dit geval verandert er niets aan de geldcirculatie: het geld dat vroeger in handen van particulieren was komt nu in handen van de overheid, die het weer spoedig uitgeeft. Hoogstens wordt misschien de 'omloopsnelheid' wat opgevoerd.

Maar wanneer de overheid méér wil lenen dan de burgers beschikbaar hebben, kan zij bij de centrale Bank terecht door het verdisconteren van schatkistpapier. In dit geval kan de Bank de voorschotten slechts verlenen met NIEUW-GECREËRD geld. Dit betekent een zuivere vergroting van de geldomloop.

Intussen - en dit is zeer belangrijk! - kan de uitbreiding van de geldcirculatie veel groter zij dan het crediet, opgenomen door de staat. De staat brengt het geld in circulatie, en dit geld komt voor een belangrijk deel terecht bij de banken die daardoor over meer contant geld beschikken dan te voren, zodat zij hun credietverlening kunnen uitbreiden. Op de eerste geldcratie door de centrale bank, die door de staat wordt opgenomen, volgt dus een tweede, GROTERE geldcreatie door de particuliere banken, die rechtstreeks voor het publiek toegankelijk is.

Een tijd waarin de overheid op ruime schaal geld leent - en dus ook uigeeft! - is als regel een tijd van voorspoed voor het bedrijfsleven en daarom ook naar uitbreiding gaat streven, waarvoor het evenals geld zoekt te lenen. Deze expansie van het bedrijfsleven, die gepaard gaat met een vergrote vraag zowel naar crediet als naar goederen, heeft voorts de strekking om zowel de rentevoet als de goederenprijzen op te drijven waardoor de staat, die toch reeds zijn budget niet sluitend kon krijgen, voor nog grotere tekorten zal komen te staan en opnieuw geld zal moeten lenen. Waardoor de uitbreiding van de geldomloop een nieuwe impuls krijgt. Dit is dan het begin van het "hellend vlak" der inflatie, waarlangs de regering die méér zoekt te lenen dan uit besparingen der burgers beschikbaar is, steeds dieper zal afglijden.

 

Een reactie plaatsen

<< Home

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>