12 oktober 2009

(Europese) islam en democratie (2)

Volgens de initiatiefnemers van het project ‘Hand in hand tegen huwelijksdwang’ verbiedt de islam gedwongen huwelijken. Wel kunnen huwelijken 'gearangeerd' zijn, zolang er maar geen sprake is van dwang... Echter: "Is er sprake van een voorhuwelijkse seksuele relatie waarvan de gemeenschap op de hoogte is, dan is een huwelijk van het meisje eigenlijk de enige oplossing. In de context van eergerelateerd geweld is huwelijksdwang dus zowel een bron voor eerconflicten als een maatregel om eerverlies te herstellen." Een tweede blik in de keuken van de 'Europese' islam.

Hierbij deel twee van een reeks artikels over '(Europese) islam en democratie', die elementen willen aanbrengen voor een betere eigen oordeelsvorming. (Eerste artikel, zie hier ... ) Dit tweede artikel behandelt het al of niet onder dwang (uit)huwelijken, naar aanleiding van het project en de aansluitende campagne 'Hand in hand tegen huwelijksdwang’ die vorig jaar in zes Europese landen werd gevoerd, maar geen weerklank vond in Vlaanderen. Hiermee krijgt u de gelegenheid om het onderwerp, het huwelijk in de islam, dat uiteraard nog steeds even actueel is als vorig jaar, alsnog ter kennis te nemen.

‘Hand in hand tegen huwelijksdwang’

Het collectief 'European Muslim Network', en zijn voorzitter, Tariq Ramadan, steunden in de lente van 2008 een Europese campagne 'tegen huwelijksdwang'. De aanzet kwam uit Rotterdam, met een project van SPIOR (Stichting Platform Islamitische Organisaties Rijnmond), de koepelorganisatie van islamitische organisaties in Rotterdam en Omstreken. Het merendeel van de moskeeën in Rotterdam is aangesloten bij SPIOR, alsmede algemene sociaal-culturele organisaties, jongerenorganisaties en vrouwenorganisaties.

Uit het persbericht van SPIOR, bij de lancering van de Europese campagne op 14 mei '08 in Rotterdam:
"Het project ‘Hand in hand tegen huwelijksdwang’, een lokaal initiatief van SPIOR, richt zich primair op de moslimgemeenschap. Hoewel de islam gedwongen huwelijken verbiedt, komt het ook onder moslims nog voor. Het feit dat huwelijksdwang niet is toegestaan in de islam, is voor veel mensen een eyeopener. Dit besef is een aanzet tot gedragsverandering. De publicatie over huwelijksdwang van SPIOR is voor de Europese campagne vertaald naar het Engels, Duits, Frans, Italiaans en Spaans en wordt gedistribueerd in zes Europese landen. De publicatie bevat informatie over de antropologische achtergrond van gedwongen huwelijken, de visie van de islam, de relatie met eergerelateerd geweld en de ervaringen in Rotterdam met het aanpakken van dit probleem."

In een Engelse nota is SPIOR iets explicieter over het probleem: "For SPIOR, the Muslim umbrella organisation in Rotterdam, the Netherlands, the fact that Muslim girls were running away from home out of fear of being forced to marry, was the reason to start a project against forced marriages in 2004. The goal was the prevention of forced marriages by raising awareness about the issue, changing attitudes and promoting better communication between Muslim parents and children."

Na Rotterdam werd de campagne in diverse Europese (hoofd)steden gelanceerd: op 16 mei '08 in Brussel, en daarna in Madrid, Parijs, Londen, Manchester en in Berlijn. Zover ik kon nagaan, heeft die campagne geen weerklank gevonden in Vlaanderen. De presentatie in Brussel verliep uitsluitend in het Frans. De Belgische 'peter' van de campagne was PS-boegbeeld en burgemeester van Molenbeek, Philippe Moureaux. De 'conférence/débat' ging dan ook in zijn gemeente door, met subsidies van zijn gemeente. In de zelfde periode waarschuwde de Koning Boudewijnstichting voor het gevaar van gedwongen huwelijken voor meisjes die op vakantie vertrekken naar het land van herkomst van hun familie, vooral naar Turkije en Marokko. Dat vond wel zijn weg in de Vlaamse pers. De Boudewijnstichting herhaalde zijn actie in 2009 met een nieuwe editie van haar brochure 'Vakantietijd: huwelijkstijd?' Het onderwerp blijft dus zeer actueel. (Meer over gedwongen huwelijken in de praktijk, en hiermee samenhangend geweld, in het volgend artikel, deel 3).

De publicatie ‘Hand in hand tegen huwelijksdwang’ nader bekeken

De islam verbiedt dus volgens PRIOR en Tariq Ramadan gedwongen huwelijken. Wat leest men hierover in hun boek? Het boek van 67 blz. bevat slechts een heel kort hoofdstukje (van 5 blz.) over 'Het huwelijk in de islam'. Volgens dit hoofdstukje kan het islamitisch huwelijk "alleen worden voltrokken indien de twee partijen er vrij mee instemmen." Iets verder wordt dit herhaald: "Een van de manieren waarop de islam de vrouw eert, is door haar het recht toe te kennen om zelf een echtgenoot te kiezen. Haar ouders hebben het recht niet haar te dwingen met iemand te trouwen". Echter, daarop volgt meteen een 'MAAR': "De gelovige vrouw kent dit recht, maar zij stelt het advies en de begeleiding van haar ouders zeer op prijs bij het maken van een partnerkeuze. Dit om twee belangrijke redenen: ouders hebben het beste met hun kinderen voor en ouders hebben meer levenservaring en mensenkennnis."

In een van de hoofdstukken daarvoor, 'Gedwongen huwelijken: definities, praktijk en culturele achtergronden', gaat een antropologe in op de kwestie, onder de titel 'Uithuwelijken': "Omdat de familie zo belangrijk is in de meeste samenlevingen, kan je stellen dat die de basisorganisatie is in een samenleving. De familie heeft er dus ook belang bij dat die organisatie wordt voortgezet. En dat gebeurt via huwelijken en de kinderen die daaruit voortkomen. Aangezien het altijd gaat om twee families, is een huwelijk dus ook een manier om relaties tussen families te regelen. Een huwelijk is dus altijd een verbintenis tussen familiegroepen. Zo moet je eigenlijk ook kijken naar uithuwelijken. Omdat een huwelijk een verbintenis is tussen families, kijken de families naar de partners die het beste met elkaar kunnen trouwen, juist ook om een zo goed mogelijke verbintenis tussen families tot stand te brengen. Dat is niet slecht, dat is ook niet achterlijk. Dat is noodzaak in de meeste samenlevingen. Sterker nog: wanneer er een niet geschikte huwelijkspartner binnenkomt in een familie en er dus een verbintenis aangegaan moet worden met een familie die niet klikt, krijg je ruzie, vechtpartijen, grote problemen. Dat splitst niet alleen de families maar maakt ook de kans op overleven voor de ouderen en kinderen heel moeilijk."

'De kans op overleven is dan heel moeilijk'.. Betekent dit dat het weigeren van een door de familie uitgekozen huwelijkspartner een aanvaardbaar motief is voor geweld, zelfs voor een 'eremoord'? Tegen het eind van haar bijdrage relativeert ze de praktijk van het 'uithuwelijken' (een eufemisme voor gedwongen huwelijken, zoals uit de tekst blijkt): "In de jaren zestig van de vorige eeuw kwamen veel migranten Nederland binnen. Dat waren allemaal jonge mensen die hier in Nederland gingen werken. Veel van die mensen zijn destijds uitgehuwelijkt. Nu zie je dat de volgende generatie dat uithuwelijken niet meer wil, of in ieder geval niet meer wil zonder dat ze het zelf zien zitten. Als het gaat om uithuwelijken met een partner die je aanstaat, dan vinden we het allemaal goed. Dan wordt het ook een eigen keuze. Maar als die eigen keuze er niet is, dan zeggen we dat het niet kan. De tweede en derde generatie migranten is dus eigenlijk een overgangsgeneratie. Die generaties maken nu de overgang van uithuwelijken naar eigen keuze. De oudere generatie zit nog in het oude familiesysteem. Dat kan je hen niet verwijten. Uithuwelijken was destijds een goede manier om tot huwelijken te komen. Het gaat dus niet om een achterlijk gebruik, maar om een gebruik dat samenhangt met de samenleving waarin je woont en waar je ouders vandaan komen. Je ziet dat ook uit onderzoeken naar gedwongen huwelijken en partnerkeuze. Steeds meer migranten vinden dat jongeren hun huwelijkspartner zelf moeten kiezen en dat ze zelf ook verantwoordelijkheid dragen voor die keuze. Je ziet ook wel dat een broer een vriend aan zijn zus koppelt. Dit is een duidelijke verschuiving van gearrangeerde partnerkeuze naar een romantisch huwelijk. Natuurlijk komt het nog voor dat jongeren gedwongen worden te trouwen met iemand die ze niet zien zitten. Dat moet dan ook tegengegaan worden, vooral omdat de consequenties ernstig en groot kunnen zijn. Maar begrip voor de oudere generatie die die omslag moet maken kan geen kwaad. Dat betekent niet dat je een gedwongen keuze moet accepteren."

Niet dwingen, wel arrangeren

In een ander hoofdstuk wordt het in Rotterdam uitgevoerde project besproken en de communicatie met de doelgroep in verschillende bijeenkomsten. Daar werd het standpunt voorgelegd "dat de islam gedwongen huwelijken duidelijk afkeurt". MAAR: "Dit wil overigens niet zeggen dat de boodschap was dat ouders en familie helemaal geen rol kunnen hebben in de partnerkeuze van kinderen. Een zogenoemd gearrangeerd huwelijk is, indien gewenst, mogelijk zolang er maar geen sprake is van dwang en de betrokken kandidaten echt de keuze krijgen om ermee in te stemmen of het af te wijzen." (Blz. 21). Men is dus bij PRIOR niet tegen uithuwelijken of 'gerarangeerde' huwelijken, alleen tegen gedwongen, eenzijdig opgelegde huwelijken. Maar waar ligt de grens, als in het hoofdstuk 'Huwelijksdwang en eer' er sprake van is dat "het familiehoofd aansprakelijk is en optreden van hem wordt verwacht tegen wangedrag en bedreigingen van buitenaf" (blz. 46), en "bij een conflict rond de partnerkeuze er in eerste instantie sprake is van wangedrag van familieleden omdat de hiërarchie en daarmee de eenheid in de familie in het geding is. Handelingen van een familielid die ingaan tegen de hiërarchie binnen de familie (bijvoorbeeld het ouderlijk gezag) worden vaak geïnterpreteerd als een voorbode van maatschappelijk wangedrag. De ouders zien vaak een direct verband tussen ongehoorzaamheid van hun kinderen en het verlies van de collectieve familie-eer op korte of lange termijn. Immers, het uiteenvallen van de familie wordt als een ramp beschouwd. Het gezag van de oudere generatie kan daarom niet in twijfel getrokken worden." (blz. 48)?

Kijken mag, maar aanraken niet...

In het hoofdstukje over 'Het huwelijk in de islam' is er ook sprake van de partnerkeuze, en de omgang voor het huwelijk:

"Om ervoor te zorgen dat er zich geen problemen voordoen in het huwelijk heeft de profeet aanbevolen dat een man en een vrouw bij het uitzoeken van een partner elkaar eerst moeten zien, opdat blindheid bij de keuze of een verkeerd oordeel er niet voor zal zorgen dat het huwelijk geen geluk zal kennen. De toestemming voor mannen en vrouwen om elkaar te zien met het oog op een huwelijk is niet in strijd met het gedrag dat de gelovige mannen en vrouwen is voorgeschreven om hun blikken neer te slaan en bescheiden te zijn, hetgeen in de kor'an staat vermeld. Het zien moet niet worden opgevat als plaatsvervanger van verkering. Relaties voor het huwelijk zijn verboden in de islam. Contact tussen een man en een vrouw zonder de aanwezigheid van derden is niet toegestaan, zelfs na het aanzoek. Wel nadat het huwelijkscontract is opgemaakt en ze dus voor de islam getrouwd zijn, dan mogen ze vrij met elkaar omgaan."

Vooral om de eer te redden

In het hoofdstuk over 'Huwelijksdwang en eer' wordt uitvoerig ingegaan op groeps- en familieculturen, de collectieve familie-eer (waarbij het familiehoofd moet optreden tegen wangedrag en bedreigingen van buitenaf) en aan eer gerelateerd geweld: "In een eercultuur is de partnerkeuze niet zo vrijblijvend. Wanneer men zich al te achteloos ontdoet van bezwaren rond de partnerkeuze kan dit verstrekkende consequenties hebben, voor de aanstaande echtelieden en voor de families waartoe zij behoren." Lees even verder mee, op blz. 47: "Een belangrijke vraag is hoe wordt gereageerd op wangedrag en (dreigend) eerverlies. Dit hangt sterk af van de precieze omstandigheden en de aard van de dreigende of vermeende eerschending.... Er is pas sprake van eerverlies als de sociale omgeving er weet van heeft en de druk opvoert om de eer te herstellen. Op wangedrag hoeft dus lang niet altijd een dodelijke vorm van eerherstel te volgen. In de regel wordt meestal eerst gezocht naar alternatieve oplossingen voordat iemand de schending van de eer met de dood moet bekopen. De mate van succes of falen van voorgaande correcties en oplossingen voor problemen is daardoor van groot belang. De angst voor maatschappelijke sancties wordt immers groter naarmate problemen voortduren en onopgelost blijven. In die zin kan gesproken worden van een glijdende schaal: naarmate de angst op publieke bekendheid en maatschappelijke sancties toeneemt, zullen ook de maatregelen strikter en zwaarder van aard worden."

Dan gaat het verder in dat hoofdstuk, over 'Eer, geweld en de partnerkeuze'. Hier moet uitvoerig geciteerd worden:

"In veel culturen is de partnerkeuze een zaak van de familie waarbij verschillende belangen een rol spelen. De familie van een meisje wil dat ze terechtkomt bij een goede, zorgzame echtgenoot en dito schoonfamilie. Het is ook belangrijk dat de echtgenoot en zijn familie over een geregeld inkomen beschikken en een zeker bestaan gegarandeerd kan worden. De familie van een jongen wil een schoondochter van onbesproken gedrag. Een in-trouwende schoondochter wordt immers lid van de schoonfamilie. Die familie is dan verantwoordelijk voor alles wat ze doet. Een onbesuisde schoondochter kan daardoor de familie van haar echtgenoot in groot diskrediet brengen. De partnerkeuze is daarom te belangrijk om alleen aan de kinderen over te laten. Het is wel zo dat de meeste jongens en meisjes inspraak hebben. Ze kunnen een door de ouders voorgedragen kandidaat of kandidate afwijzen, of zelf komen met voorstellen. Het recht een kandidaat af te wijzen is ook een belangrijke religieuze regel. Maar in sommige traditionele families of families waarin slecht wordt gecommuniceerd, wordt het afwijzen van een kandidaat gezien als protest tegen de hiërarchische regels en als twijfel aan de goede intenties van de ouders. Tegelijkertijd hebben ouders soms een eigen 'agenda' met een huwelijk. Ze vinden een gearrangeerd huwelijk in het belang van de familie.

Zowel jongens als meisjes kunnen in dit verband met geweld en intimidatie te maken krijgen. Bij een conflict rond de partnerkeuze is er in eerste instantie sprake van wangedrag van familieleden omdat de hiërarchie en daarmee de eenheid in de familie in het geding is. Handelingen van een familielid die ingaan tegen de hiërarchie binnen de familie (bijvoorbeeld het ouderlijk gezag) worden vaak geïnterpreteerd als een voorbode van maatschappelijk wangedrag. De ouders zien vaak een direct verband tussen ongehoorzaamheid van hun kinderen en het verlies van de collectieve familie-eer op korte of lange termijn. Immers, het uiteenvallen van de familie wordt als een ramp beschouwd. Het gezag van de oudere generatie kan daarom niet in twijfel worden getrokken. De ene familie gaat goed om met dergelijke conflicten, de andere wordt panisch. Zodoende zijn hiërarchische conflicten in een familie soms behoorlijk risicovol en kunnen leiden tot aan eer gerelateerd geweld. De partnerkeuze van iemand uit een eercultuur betekent eigenlijk altijd een betrokkenheid van meerdere families. Dat maakt een conflict rond de partnerkeuze bijzonder risicovol. Immers, er is al snel sprake van een mate van openbaarheid van het wangedrag. Bovendien betekent een voorhuwelijkse liefdesrelatie een direct risico op schending van de zedelijke eer van de familie en wordt beschouwd als een aantasting van de kuisheid en maagdelijkheid van een meisje. ledere schijn daarvan heeft verstrekkende consequenties voor de huwbaarheid van het meisje en doet afbreuk aan de positie van de familie in de sociale groep. Een zedelijkheidsschending, bijvoorbeeld een voorhuwelijkse seksuele relatie, is waarschijnlijk de grootste nachtmerrie van families omdat het onherroepelijk leidt tot verregaande maatregelen, in de familie en vanuit de sociale gemeenschap. Is er bijvoorbeeld sprake van een voorhuwelijkse seksuele relatie waarvan de gemeenschap op de hoogte is (of dreigt te geraken), dan is een huwelijk van het meisje of de vrouw eigenlijk de enige oplossing. In de context van eergerelateerd geweld is huwelijksdwang dus zowel een bron voor eerconflicten als een maatregel om eerverlies te herstellen."

U heeft goed gelezen: "In de context van eergerelateerd geweld is huwelijksdwang dus zowel een bron voor eerconflicten als een maatregel om eerverlies te herstellen." Het mag dus toch, dwingen, om het eerverlies te herstellen?... (Ramadan spreekt in zijn inleiding trouwens van - al of niet gedwongen - 'uithuwelijking'..).

Een kleine leesoefening

Lees volgende passage uit het hoofdstukje over 'Het huwelijk in de islam': "Wanneer een vader zijn dochter uithuwelijkt terwijl zij er een afkeer van heeft, dan zal het huwelijk ongedaan worden gemaakt. Een van de manieren waarop de islam de vrouw eert, is door haar het recht toe te kennen om zelf een echtgenoot te kiezen. Haar ouders hebben het recht niet haar te dwingen met iemand te trouwen. De gelovige vrouw kent dit recht, maar zij stelt het advies en de begeleiding van haar ouders zeer op prijs bij het maken van een partnerkeuze. Dit om twee belangrijke redenen: ouders hebben het beste met hun kinderen voor en ouders hebben meer levenservaring en mensenkennnis." Volgens arabist Hans Jansen is "het sharia-recht ten aanzien van huwelijken gecompliceerd en kent het zoals elk recht tal van uitzonderingen, maar in principe is het huwelijk een contract tussen de bruidegom en de vader van de bruid. Dit komt neer op uithuwelijken. De folklore kent tal van methoden om de macht van de vader in kwestie te omzeilen. Maar uithuwelijken is het principe." ('Islam voor varkens, apen, ezels en andere beesten', uitgeverij Van Praag, 2008).

Als u nu, met de informatie van Hans Jansen de eerste passage van deze alinea opnieuw leest, klinken die zinnen dan niet plots helemaal anders? Men zou ze ook zo kunnen formuleren: "Wanneer een vader zijn dochter uithuwelijkt terwijl zij er een afkeer van heeft, dan zal het huwelijk ongedaan worden gemaakt. De islam kent de vrouw het recht toe om een echtgenoot te weigeren, want haar ouders mogen haar niet dwingen. De gelovige vrouw kent dit theoretisch recht, maar zij zal voor alle veiligheid wel op de eis van haar vader ingaan. Zij moet best de toekomstige echtgenoot aanvaarden, voor de eer van haar ouders, want deze hebben het toch het beste voor met hun kinderen en ze zou anders hun grotere levenservaring en mensenkennnis misachten. Als ze niet akkoord gaat, besmeurt zij de eer van haar vader en van heel de familie, wat tot geweld kan leiden." Dus, volgens de islam is het de vader die zijn dochter uithuwelijkt, en kan deze, om het juridisch uit te drukken, alleen 'verzet aantekenen'. Wat betekent in deze context 'ongedaan maken'? Moet de dochter tegen haar vader ingaan nadat het huwelijk afgesproken werd tussen de vader van de bruid en de bruidegom, om te proberen het huwelijk ongedaan te maken? Is zijn eer dan niet fataal geschonden?

Een heel vreemd boek

Het boek van 67 blz. bevat dus slechts één heel kort hoofdstukje (5 blz.) dat specifiek 'het huwelijk in de islam' behandelt. Bijna de helft van het boek (van blz. 31 tot 37 en van blz. 43 tot blz 67) behandelt de eer, eerverlies en het geweld dat hiermee samenhangt, een 'stappenplan voor het signaleren en handelen bij eergelateerd geweld', en 'aandachtspunten bij het opzetten van een preventief project rond huwelijksdwang'. Vreemd dat een boek dat bedoeld is om huwelijksdwang af te keuren veel meer plaats inruimt om gedwongen huwelijken te verklaren en geweld in deze context, dan voor de hoofdboodschap die men zegt te willen verkondigen. Welk verband is er tussen 'het recht in de islam om een huwelijkspartner te kiezen' (eigenlijk: het recht om een door de vader gekozen bruidegom af te keuren) en al de andere onderwerpen? Het boek is dus één dubbelzinnigheid, een ratatouille van meningen waar elk kan uithalen wat hem past. Huwelijksdwang is volgens de islam dan wel verboden, MAAR toch kan er - in 'eerculturen' - geweld aan te pas komen. Is de islam een 'eercultuur'? Wel moet dit geweld liefst vermeden worden door bemiddeling, en desnoods kunnen "vermoedens en concrete gevallen van eergelateerd geweld gemeld worden aan het Advies- en Steunpunt Huiselijk Geweld". Zolang er nog geen geweld gebruikt werd, moeten hulpverleners/bemiddelaars proberen "mee te denken over creatieve oplossingen om gezichts- en eerverlies te voorkomen." (Blz. 59). Wat die oplossingen kunnen zijn, komt men in het boek nergens te weten.

Wellicht is een 'creatieve oplossing' dan toch huwelijksdwang, die "een maatregel is om het eerverlies te herstellen"? Want men leest in het 'Stappenplan' dat men begrip moet hebben voor de familie bij gevallen van eerverlies, om eergelateerd geweld te voorkomen: "Aangezien eerverlies voor de familie desastreuze gevolgen kan hebben, zien alle betrokkenen zich vaak ook als slachtoffer van de gang van zaken. Daar hebben ze volgens hun redenering niet helemaal ongelijk in, zeker niet als het feit, bijvoorbeeld het weglopen van de dochter, voor hen als een volslagen verrassing kwam. Het kan ook goed zijn dat er wel conflicten vooraf gingen aan het huidige probleem, maar er geen sprake is geweest van (structurele) mishandelingen. Bedenk dat bij eergerelateerd geweld er geen opeenvolgende stadia zijn zoals binnen de spiraal van geweld. Een op eermotieven gebaseerde handeling kan heel goed op zichzelf staan. Uw cliënt, doorgaans het slachtoffer, is in de visie van de familie egoïstisch bezig en kan de familie in grote problemen brengen. Het is daarom van groot belang om de familie met tact te blijven benaderen. Neem hun standpunt serieus, ook al deelt u het niet.... Wees pragmatisch: straks moet er met de familie wellicht over een terugkeer van het slachtoffer worden overlegd, of wil u voorkomen dat er repercussies komen jegens andere gezinsleden." (blz. 58-59).

In plaats van 67 blz., had men kunnen volstaan met een brochure van een achttal bladzijden, met volgende kernachtige boodschap, zonder 'MAAR': "de islam is voor de vrije keuze van een huwelijkspartner. Door een huwelijk met een partner naar eigen keuze wordt niemands eer gekrengd. Eender welke actie van vaders, broers of wie dan ook om zijn zogenaamd aangetaste eer te wreken door druk of geweld is niet islamitisch, en moet ten stelligste afgekeurd worden." Dat zou duidelijk zijn. Niet dus.. Het boek gaat ook niet over 'het recht volgens de islam om volledig vrij een partner te kiezen', maar zegt 'tegen huwelijksdwang' te zijn. Een zee van verschil. De islamitische regel dat de vader de bruidegom kiest, en niet de dochter, blijft in het boek overeind: "Wanneer een vader zijn dochter uithuwelijkt..."

Een project met een verborgen agenda?

Ik werd op het project ‘Hand in hand tegen huwelijksdwang’ attent gemaakt door blogger Marc Vanfraechem, die een artikel hierover vertaalde uit de Frankfurter Allgemeine Zeitung (FAZ, 29 juli '08), geschreven door Necla Kelek, een Duitse van Turkse afkomst, schrijfster van ondermeer het boek 'Die fremde Braut', uitgegeven in 2005. Necla Kelek heeft over dit Europees project een duidelijke mening. En die is niet mals. Uit haar artikel:
"Nu poogt Tariq Ramadan, pionier van een “Europese islam”, dit tij te keren voor de moslims. Samen met de Rotterdamse islamverenigingen, en met de Berlijnse vereniging “Inssan” – die dicht bij de Moslimbroederschap staat – én met de steun van de Berlijnse integratieambtenaar Günter Piening draagt hij zijn steentje bij tot het initiatief “Hand in hand tegen huwelijksdwang”.
Het betreft hier een poging om intussen zelfbewuste moslimmeisjes onder controle te krijgen, en hen moslimadvies te geven, zodat zij niet langer hun toevlucht zoeken in officiële adviesbureaus of vrouwenhuizen, en aldus voor Allah verloren gaan.....Op die manier wordt onder het motto “Tegen huwelijksdwang” eenvoudigweg aan islamitisch huwelijksadvies gedaan. Daarbij wordt uitdrukkelijk het gearrangeerde huwelijk als model aangeprezen, ook al erkent men dat dwang daar vaak bij te pas komt."

Volledige Nederlandse vertaling van de tekst op de blog (Victa Placet Mihi Causa) van Marc Vanfraechem:

Meer over Necla Kelek in Wikipedia, in het Duits, en dezelfde tekst in het Engels

Gedwongen huwelijken zijn niet islamitisch, MAAR..

In een preambule tot de tweede druk van het boek 'Hand in hand..', ondertekend door Tariq Ramadan, kan men lezen: "Moslims en niet-moslims moeten samenwerken, duidelijk aangeven wat er mis is met gedwongen huwelijken en tegelijkertijd zo verstandig zijn om de noodzaak van psychologie en tijd te erkennen om opvattingen te veranderen. Het is belangrijk om de islamitische principes in herinnering te roepen, om te herhalen dat gedwongen huwelijken niet islamitisch zijn en om op te treden tegen zulke gebruiken, maar het is niet minder belangrijk om te luisteren naar zowel de ouders (hun hoop en hun zorgen) en de jongeren (hun vragen en hun lijden) en te trachten de hervormingsbeweging in gang te zetten door wijsheid en vastberadenheid met elkaar te verbinden." Het is dus opnieuw dezelfde dubbelzinnigheid die herhaaldelijk bij Tariq Ramadan door velen wordt becritiseerd. (Zie deel 1 van deze reeks artikels) Hij begint een bepaald principe uit te leggen, dat dan meteen wordt verzwakt of ontkracht: "daarom moeten we juist in naam van de islam zeggen dat gedwongen huwelijken niet acceptabel zijn", MAAR ... men moet 'de noodzaak en de tijd erkennen om opvattingen te veranderen', MAAR... 'men moet luisteren naar de ouders'. Wie daar nog niet aan toe is, mag dan rustig verder gaan met gedwongen huwelijken, en blijft toch een goede moslim? Het is zoals zijn standpunt over de hoofddoek: het is een plicht, MAAR niemand kan ertoe gedwongen worden, of het stenigen: hij veroordeelt het niet, MAAR stelt een moratorium voor. In Le Vif/L'Express van vrijdag 25 september '09 verscheen een uitgebreid interview met de ambassadeur van Marokko in België (Zie het artikel: 'Hoofddoek niet islamitisch') waarin deze zegt dat Tariq Ramadan "een dubbel discours houdt. Wat hij zegt voor een gehoor dat uitsluitend uit moslims bestaat is verschillend van wat hij daarbuiten laat verstaan..."

Dat dubbel discours noemt men ook 'takiyya'. Wikipedia : "In het Westen wordt takiyya vaak geassocieerd met 'met dubbele tong praten'. Moslims worden er wel van beschuldigd andere standpunten in te nemen afhankelijk van hun publiek. Fouad Ajami (een Libanees Amerikaanse professor) beschuldigde bijvoorbeeld Tariq Ramadan van het gebruik van takiyya. Ramadan zou zijn Westerse publiek andere dingen voorhouden dan zijn Arabische publiek... In de islamitische traditie van sjiieten, ismaëlieten en Druzen geldt 'takiyya' (vrees, verdediging) als een toegestane gedragsregel om het geloof onder bedreiging of dwang te verbergen.... Tegenwoordig wordt taqiyya door sommige moslims breder uitgelegd, zo zou het volgens hen toegestaan zijn om tegen niet-moslims onwaarheden te spreken."

Is het besproken boek daar een voorbeeld van?

1 Comments:

At 13/10/09 09:59, Blogger Marc Vanfraechem said...

Een vertaling van een artikel van de Duitse journaliste Necla Kelek
hier.

 

Een reactie plaatsen

<< Home

<<Oudere berichten     Nieuwere berichten>>